Archive | onderwijs RSS feed for this section

How to be an artist. The End.

26 dec

howtobeanartist_theend.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

Les 22 hier.

Les 23 hier.

Les 24 hier.

Les 25 hier

en hier

Les 26 hier

Les 27 hier

Les 28 hier.

Stap Zes: Attain Gallactic Brain

Jerry’s kosmische epigrammen. (dat moest ik even opzoeken: epigram (puntdicht, sneldicht) is een kort en bondig gedicht met een woordspeling of pointe.)

Les 29: Kunst is zelfkennis.

Kunst is geen optie, geen siertuin voor het kasteel van beschaving. Het is niet meer of  minder belangrijk dan filosofie, religie of psychologie.

Les 30: “Kunstenaars bezitten niet de betekenis van hun werk.” — Roberta Smith

Onthoudt: iedereen mag jouw kunst – elke kunst – op elke manier die voor ze werkt gebruiken. Jij kan dan wel zeggen dat je werk over het vluchtelingenprobleem gaat maar anderen zeggen misschien wel dat het over klimaatverandering gaat of dat het een natuurstudie is. Cool. 

Les 31: Alle kunst is subjectief.

Wat dit betekent? We zijn het eens dat sommige kunstenaars goed zijn, maar je kan zomaar voor een Rembrandt staat en denken….Het is best bruin. Prima! Het betekent niet dat je dom bent.

Het betekent dat ondanks dat er maar een tekst van Hamlet is, iedereen die het stuk ziet een andere Hamlet ziet. Bovendien zie je, elke keer als je Hamlet opnieuw ziet, een andere. Dit geldt met bijna alle goede kunst. Het verandert constant en elke keer als je het opnieuw ziet, vraag je je af Hoe kon ik dat de vorige keer missen? Nu zie ik het eindelijk echt! Tot een volgende keer en het werk je denken weer omgooit en je waarneming verrijkt en verdiept.

Kunst voert je mee in een ander soort werkelijkheid: Kunst is een statisch, onveranderd ding dat nooit hetzelfde is. Een soort virtual reality die iedereen anders beleeft.

Les 32: Prijs Kwetsbaarheid

Radicale kwetsbaarheid. 

Wat dat betekent? Dat je je werk durft te volgen in de verste hoeken en donkerste plekken. Dingen over jezelf onthullen die je pas kunt onthullen als het werk dit toelaat en niet te falen in middelmatigheid en laffe, halfslachtige pogingen.  Je moet bereid zijn om flamboyant te falen, dingen te doen die dom lijken en anderen je wellicht als slecht persoon zullen beoordelen. Als het eng wordt, blijven kijken en verder werken.

Kun je dat?

Durf je dat?

Les 33: Wees Waanzinnig

Om drie uur ‘s-nachts hebben we allemaal bezoek van onze demonen. Saltz is oud maar hij wordt elke nacht toegesproken. En overdag.

Ze vertellen je dat je niet goed genoeg bent, niet naar de goede school ging, dom bent, onbekwaam, veel te duur bent (of te goedkoop), niet origineel bent, niemand het iets kan schelen wat je doet, dat je HE LE MAAL niets toevoegt. Ze vertellen je dat je maar doet alsof, nep bent, lui, dat mensen dwars door jou en je werk kijken, je geen idee hebt waar je mee bezig bent en dat je het alleen maar doet voor aandacht en geld.

Saltz heeft een oplossing om je demonen de rug toe te keren; luister met aandacht naar je demonen en moedig ze aan om met nog meer te komen. Nog erger. Nog pijnlijker. Zo’n half uur tot een uur om vervolgens keihard “Jaaaa, maar ik ben een fucking genie.”

Dat ben je…..nu. Kunst is voor allen maar niet voor iedereen. Deze 33 regels zijn je tools. Gebruik ze en verander je wereld……de wereld. Aan het werk!

ps

Alle lessen in pdf? Download ze hier:

howtobeanartist

How to be an artist. LES 27. Familie hebben is OK. of doe er iets mee…of aan

24 dec

FAMILIEISOK.001.jpeg.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

Les 22 hier.

Les 23 hier.

Les 24 hier.

Les 25 hier

en hier

Les 26 hier.

Les 27: Een familie hebben is ok……of doe er iets mee….OF AAN.

Er is een ongeschreven reden dat, met name voor vrouwen in de kunstwereld, kinderen hebben slecht is voor je kunstcarrière. Dat is belachelijk.

Waarschijnlijk had 90% van alle kunstenaars kinderen. Deze kunstenaars waren meestal mannen en het was niet slecht voor hun carrière. Vrouwen waren aan huis en kind gebonden, werden niet toegelaten op scholen en academies, mochten geen naakten schilderen, laat staan leerling zijn van kunstenaars. Dat is voorbij.

Laatst luisterde ik de podcast van Lynn Berger bij de Correspondent. Ze schrijft over cultuur en cliches. Ze is gefascineerd door de sleutelwoorden van deze tijd. “Misschien ken je ze wel, woorden als innovatie, of impact of ambitie. Die lijken vanzelfsprekend maar wanneer je ze tegen het licht houdt, blijken ze stiekem heel veel te zeggen over wie we denken, hopen en vrezen te zijn.”

In de derde aflevering van 29 november 2018 brengt “ze een ode aan een woord dat geen sleutelwoord is, maar dat wel zou moeten zijn. Namelijk onderhoud.”

Beluister de podcast hier.

In de podcast vertelt Berger het mooie voorbeeld van Mierle Laderman Ukeles.

“New York 1969. Ze is net moeder geworden. Een dochter, een zegen, maaaaarrr er is een probleem. De zorg voor de baby en het huishouden slokken al haar tijd op. Wanneer moet ze nu kunst maken. Omdat het 1969 is, en New York en omdat Ukeles een kunstenaar is, doet ze wat ieder ander in haar positie zou hebben gedaan, ze schrijft een manifest; I do a hell of a lot of washing, cleaning, cooking, renewing, supporting, preserving, etc. Staat erin en also up to now separately I DO ART.

manifesto_Ukeles

In haar manifesto for maintenance art formuleert Ukeles ook meteen de oplossing voor haar probleem. Niet langer zal kunst een aparte activiteit zijn naast al het andere dat ze moet doen, nee, voortaan zal ze van haar dagelijkse onderhoudswerkzaamheden Het Werk maken. Kunst dus. Onderhoudskunst. Immers als Marcel Duchamp een urinoir in een sculptuur kon veranderen door het te signeren en in een museum te plaatsen, dan kan zij van het huishouden best een performance maken. En dat doet ze. Haar performances beginnen klein met alleen haarzelf en haar kinderen, de tweede dienst zich al gauw aan, als publiek en uitvoerder in een. Het aankleden van haar kinderen, het sorteren van de sokken, het poetsen van de badkamer, Ukeles fotografeert het, geeft het een titel mee, maakt het tot kunst. Later boent ze ondermeer de trappen van een museum, stoft sculpturen af, harkt bladeren bijeen op een universiteits campus en schrobt de stoepen van kunstenaarswijk Soho.

MierleLaderman

Met zulke ‘performances’ geeft Ukeles commentaar op de soms absurde logica van de kunstwereld. Maar haar boodschap gaat verder dan dat. Voor het werk ‘touched sanitation’ bijvoorbeeld reist ze in 1979 elf maanden lang door New York om alle 8.500 vuilnismannen van de stad de hand te schudden; Thank you for keeping New York city alive, zegt ze dan. Want zoveel is Ukeles wel duidelijk. Huizen, musea, steden, zelfs samenlevingen zijn nergens zonder onderhoud. Of zoals ze het formuleert in haar manifesto for maintenance art; after the revolution, who is going to pick up the garbage on Monday morning”

Dankjewel Lynn Berger voor je geweldige podcasts. Ik geniet er met volle teugen van. Ik luister ze ‘s-ochtends vroeg als ik met mijn oude Alfa Romeo Spider om 6.00 richting Utrecht rijd om de files te vermijden om vervolgens toch nog iets aan mijn conditie te doen als ik om 7.00 in Utrecht aankom bij Fit For Free. De kunst van het combineren. Ik wordt er steeds beter in.

Laten we Jerry nog even aan het woord. Hij zegt dat kinderen niet slecht zijn voor je carrière. Maar het betekent dat je minder tijd, geld of plek hebt. Ja dus?? De meeste kinderen die in de kunstwereld zijn opgegroeid hebben een geweldig leven.

(De kinderen van Picasso buiten beschouwing gelaten. Om van de kinderen van Gauguin maar te zwijgen.)

Saltz haalt kunstenares Laurel Nakadate aan. Zij vindt dat ouder zijn erg veel lijkt op kunstenaar zijn. Het betekent spullen overal heen slepen, in chaos leven, mysterieuze, onmogelijke en enge dingen doen. Net als kunst kunnen kinderen je heel de dag gek maken, jezelf wensend dat deze dag maar snel voorbij gaat. Maar dan in een fractie van een seconde, op enig moment, wordt je beloond met een moment van intense, allesomvattende liefde.

Afgelopen donderdag was ik bij mijn familie in Groningen; de Noorderlingen. De Noorderlingen is een TopProgramma Ondernemerschap, voor ambitieuze en ondernemende studenten uit Noord-Nederland. Maar ook studenten buiten het Noorden kunnen zich inschrijven! Het is een uitdagend onderwijsprogramma voor studenten die tijdens hun studie al een eigen bedrijf of business idee hebben en dit willen laten groeien tot een succes.  Hierbij worden ze gecoacht en geadviseerd door succesvolle ondernemers en experts uit de regio. Met workshops, trainingen, inspirerende bedrijfsbezoeken en toegang tot een groot netwerk helpt De Noorderlingen je bedrijf groeien!

Ik ben geen ‘succesvolle ondernemer en expert uit de regio’ want ik stapte donderdag om 05.30 in Papendrecht uit bed om de trein van 06.37 in Dordrecht te halen richting Groningen. Ik had mijn spullen meegesleept om weer eens iets onmogelijks en eng te gaan doen. 20 ondernemers in 5 minuten p.p. van persoonlijk advies voorzien en ze de, voor sommige vage en zweverig theorie van Design Thinking uit te leggen.

Ter ondersteuning beloofde ik ze de slides.

Noorderlingen_20122018

Alsjullieblieft. Ik ben blij dat ik familie in het Noorden heb.

(Maarten wist dat al)

Fijne Kerst.

Cor Noorderling Noltee

How to be an artist. Deel 5

4 dec

howtobeanartist5.001

Angelina Reijkers bleek mijn blog al jaren te volgen en leek het een goed idee als ik aanstaande donderdag een Design Thinking workshop geef op NRC Live, waar zij marketeer is. Angelina was een (hele goede) student van mij op HKU Kunst en Economie waar ik sinds 2006 part-time werk. (daarover later meer). Dankjewel Angelina Reijkers!

nrclive_advertentie

Bekijk het NRC Live programma hier.

Maar terug naar het artikel van Jerry Saltz waar ik, via Wies Bronkhorst en wederom het NRC, terecht kwam; How to be an artist. Bekijk het origineel  hier. 33 lessen die je van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.)

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal. Eigenlijk gebruikte ik zijn lessen als vragen aan mezelf. Dat is heel interessant schrijfexperiment en levert veel schrijfplezier en soms gewoon geknip en geplak op uit mijn eigen, oudere posts.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20. Accepteer dat je hoogstwaarschijnlijk arm zult zijn.

Ook al zien en horen we over astronomisch bedragen, glitter en glamour, rockster achtig gedrag en kunst dat meer waard wordt als het voor de helft wordt versneden, vergeet niet dat slechts 1 procent van 1 procent van 1 procent van alle kunstenaars rijk wordt van hun kunst. Je zult je misschien miskent voelen, ondergewaardeerd en niet gezien. Jammer dan. Stop medelijden met jezelf te hebben. Daarom was je niet begonnen.

Ik ben zelf ooit begonnen met schrijven om me weer te verbinden met mijn kunstenaar. Een verbinding die ik sinds de kleurschool kwijt was geraakt.

Als ventje in de eerste klas van de kleuterschool was ik verslaafd aan de waterbak. Ken je die nog? Zo’n grote bak met water waar je met allerlei obstakels, radartjes, dammetjes en sluisjes controle over het water probeert te krijgen. En das belangrijk als je op een eiland (Dordrecht) en in Nederland (onder NAP) woont. Ik vond de waterbak zo fascinerend dat ik een heel slim systeem had bedacht waardoor ik ongeveer 3 keer zoveel met de waterbak speelde als mijn minder frauduleuze mede kleuters.

Als een volwassene mij in die tijd vroeg: “Corretje, wat wil je later worden?”, antwoordde ik steevast, vol enthousiasme en met gepaste trots: “Waterbakker!” Het merendeel zei dan doodleuk: “Oh wat leuk.” Om het vervolgens weer snel over voetbal en auto’s te hebben met leeftijdsgenoten.

De waterbak was mijn lust en mijn leven en ik droomde van een succesvol leven als de beste en jongste waterbakker op aarde. (ik heb het altijd gek gevonden waarom onze planeet geen Water heette btw). Want voor een goede waterbakker is altijd werk. En ik zou, als ik van school af zou gaan meer ervaring hebben dan menig ander. Mijn politie, brandweer en piloot wordende vriendjes begrepen er ook weinig van. Gelukkig kon ik aardig voetballen.

En toen gebeurde het. Het was de zomer van 1973. Juf Jansen vertelde dat het laatste dag voor de grote vakantie was. “Jullie zijn 6 weken vrij.”

“Maar ik kan toch wel gewoon naar school komen om met de waterbak te spelen?” vroeg ik hoopvol.

Het antwoord deed mijn ogen branden en bijtend op mijn lip rende ik naar huis. Thuis kreeg mijn moeder het “grote vakantie concept”, wat natuurlijk ook hopeloos ouderwets was/is, ook niet uitgelegd aan deze kleine werkloze waterbaker. Maar ze had wel een idee. We gingen naar de HEMA en kochten daar een emmer met allerlei waterbak attributen. En ze beloofde me dat we heel vaak naar het strand zouden gaan. Nou is het strand best leuk maar nadat de zoveelste kleuter in mijn waterbak stond te pissen was ik klaar voor de tweede klas van de kleuterschool. Zouden ze daar een nog grotere waterbak hebben, dacht ik, toen ik in de rij stond om de nieuwe juf een handje te geven. In de deuropening keek ik langs de benen van de juf op zoek naar de waterbak. “Hallo Cor. Ik ben juffrouw Jannie. Heb je een leuke vakantie gehad?”

“Ja” antwoordde ik. “Maar waar is de waterbak?”

En wat de juf toen zei, is voor altijd in mijn geheugen gegrift en mijn ziel gekrast. Ze zei:

“Corretje, daar ben je nu toch wel een beetje te oud voor geworden”

Te oud? Ik was 6!

Vanaf dat moment is het downhill gegaan met mijn schoolprestaties. Op die dag verloor ik de verbinding met mijn Kunstenaar. Ik heb er jaren over gedaan om er weer achter te komen wat ik leuk vond en waar ik goed in was. De oefening ‘Het ochtendschrift’ uit het boek ‘The Artist Way’ van Julia Cameron herstelde die verbinding. Twee en half jaar lang schreef ik elke ochtend met de hand een A4tje mijn ongefilterde gedachten in mijn ongelinieerde schrift zonder de pen los te laten. Eenmaal klaar verbrandde (of verscheurde als ik in een hotel zat) mijn schrijfsels. Ook als ik het idee had dat ik net iets geniaals, briljants, unieks of wat mijn ego dan ook bedacht om het te bewaren. Heel bevrijdend. Daarna ben ik gaan bloggen en kon ik die opgebouwde discipline goed gebruiken.

 

Les 21. Definieer Succes.

Maar wees voorzichtig. Typische antwoorden zijn geld, geluk, vrijheid, “doen wat ik wil”.

Maar….als je een rijk iemand trouwt met veel geld, zou je dan tevreden zijn met al het geld. Subway verkoopt heel veel broodjes maar dat maakt ze nog niet goed.

Ok. Gelukkig zijn dan? Doe niet zo raar! Veel succesvolle mensen zijn ongelukkig en heel veel gelukkige mensen zijn niet succesvol. Ja in het gelukkig zijn.

Ik ben “succesvol” en onzeker, bang en blunder constant. Succes en geluk bevinden zich op andere plekken van het spectrum.

Wil je de echte definitie van succes? De beste is ‘tijd’, de tijd om je werk te doen. Maar hoe maak je tijd als je geen geld hebt? Je werkt full time. Je komt tijd tekort. Je hebt spijt, bent gefrustreerd, jaloers. Sorry. Maar dat is wat het is. Over een paar jaar mag je met pensioen….als je dat hebt. Over een paar jaar heb je tijd. Tijd om je eigen werk te maken.

Maar stel je nu eens voor dat je vier dagen per week gaat werken. Dan zou je je al een stuk beter voelen. Helaas daalt de depressie weer op je neer op zondagavond wetende dat je morgen weer naar die baan zonder bestemming moet die zoveel van je kostbare tijd inneemt.

De kunstenaar in je pikt het niet meer en gaat een strijd op leven en dood aan met de loonslaaf en vindt een manier om nog maar 3 dagen per week te ‘werken’. Iets wat 80% van alle kunstenaars die Saltz kent doen. Ze werken in een museum, gallery, voor een kunstenaar, als docent (zoals ik), als een kunstcriticus (zoals Saltz ;-), bij een boekhandel (zoals Levi bij De Bengel), vertaler enz.

En dan is de depressie over. Je hebt meer tijd om je werk te maken. Succesvol te zijn.

En dan?

Aan het werk. Of stoppen met kunstenaar zijn.

 

 

GRLPWR

9 okt

GRLPWR.001

On January 26, 2013 at 05.39 I started to write, not a book but this blog. I started to write about Design Thinking, Human Centered Design. About empathy, creativity and prototyping. I shared everything I ever did with DT, everything I knew about DT and everything I wanted with DT. But maybe even more what I still did not knew, did and could do. And by writing and sharing I found my way in life…..and work. This is post number 1.367 and it is time; AGAIN. Just like that Saturday morning in January 2013 I feel this is a turning point.  And like Usain Bolt would not stop halfway at 50 meter I will not stop at 51.

A week ago I was in Riyadh at the Glowork Career Fair:

‘It is the number one female career fair and recruitment related conference in Saudi Arabia that is endorsed by The Ministry of Labor and the Human Resources Development Fund.

The Glowork Career Fair is a Saudi-centric, three-day program designed to empower women with all educational backgrounds and experiences. The program effectively aids women in becoming active agents in today’s booming workforce by enriching their job-hunting opportunities, soft, and personal skills.

The career fair is composed of three major parts

Conference, we invite the top 200 student from universities around the Kingdom to listen to speakers coming from around the world

Workshops, more than 40 workshops that aims to develop personal and soft skills for job seekers.

Exhibition, where more than 80 company gather under one roof to showcase their opportunities.’

The Dutch Embassy had asked me to give a lecture on creative thinking at the conference and a workshop on Design Thinking. After the lecture I met several women who were interested in the slides I shared. And two of them asked me if I had the time to discuss a project they were working on. So the day after we had coffee and I listened to their stories. And it was not their project that made the biggest impact on me. It was their personal situation. It made a big impact. When we walked towards the exit I saw this sign saying “Give A Shit” and asked the waiter to take a picture. I made their faces black. I don’t want put their lives in danger. They already took a huge risk talking and having coffee with me.

That night I couldn’t sleep and finally got up in the middle of the night. I threw away the format for the Design Thinking workshop I made earlier. Kill your darlings. Game over. I decided to make something the participants of the workshop could work with themselves. To inspire them and facilitate them with the tools they could use to change things. One part inspiration and supporting information and one part activation; a design thinking by doing workshop on Women Empowerment.

That night I found out about the 17 Sustainable Development Goals of the United Nations and the 2030 Vision Statement of Crown Prince and Chairman of the Council of Economic and Development Affairs Mohammad bin Salman bin Abdulaziz Al-Saud:

The Design Thinking workshop was attended by 17 women and I started the workshop with this song:

Followed by:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.001GRLPWR_STEPAHEAD2018.002GRLPWR_STEPAHEAD2018.003GRLPWR_STEPAHEAD2018.004

 

 

 

 

 

 

 

 

The World’s Largest Lesson pt 2 – with thanks to Sir Ken Robinson and Emma Watson from World’s Largest Lesson on Vimeo.

GRLPWR_STEPAHEAD2018.008GRLPWR_STEPAHEAD2018.009GRLPWR_STEPAHEAD2018.010GRLPWR_STEPAHEAD2018.011GRLPWR_STEPAHEAD2018.012GRLPWR_STEPAHEAD2018.013GRLPWR_STEPAHEAD2018.014

That would be the Challenge for the workshop. I warned them there would be hurdles on the way ahead.GRLPWR_STEPAHEAD2018.015

 

 

 

 

 

 

So they needed:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.018

I gave them background info I copied and pasted from the UN SDG site.

Goal5_genderequaility

GRLPWR_STEPAHEAD2018.019GRLPWR_STEPAHEAD2018.020GRLPWR_STEPAHEAD2018.021GRLPWR_STEPAHEAD2018.022GRLPWR_STEPAHEAD2018.023GRLPWR_STEPAHEAD2018.024GRLPWR_STEPAHEAD2018.025GRLPWR_STEPAHEAD2018.026GRLPWR_STEPAHEAD2018.027GRLPWR_STEPAHEAD2018.028GRLPWR_STEPAHEAD2018.029GRLPWR_STEPAHEAD2018.030GRLPWR_STEPAHEAD2018.031Schermafbeelding 2018-10-09 om 07.35.28GRLPWR_STEPAHEAD2018.034GRLPWR_STEPAHEAD2018.035GRLPWR_STEPAHEAD2018.036GRLPWR_STEPAHEAD2018.037GRLPWR_STEPAHEAD2018.038GRLPWR_STEPAHEAD2018.039GRLPWR_STEPAHEAD2018.040GRLPWR_STEPAHEAD2018.041GRLPWR_STEPAHEAD2018.042GRLPWR_STEPAHEAD2018.043

I showed them this ad about invisible barriers:

 

 

 

 

 

 

 

 

And changed “Always Coca Cola” into “Always Girlpower” and used Google translate to translate it into Arabic.

GRLPWR_STEPAHEAD2018.045

And that they can make a difference:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.056GRLPWR_STEPAHEAD2018.057GRLPWR_STEPAHEAD2018.060GRLPWR_STEPAHEAD2018.061GRLPWR_STEPAHEAD2018.062GRLPWR_STEPAHEAD2018.063

I felt welcome because of this quote from Crown Prince  Mohammad bin Salman bin Abdulaziz Al-Saud:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.064

But that they were also supported by his 2030 vision statement. I showed some quotes and asked them from who the quotes were:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.065GRLPWR_STEPAHEAD2018.066

The last quote of part one of the workshop was:

Schermafbeelding 2018-10-09 om 06.36.21

I asked them from who it was. They replied in choir “Crown Prince  Mohammad bin Salman bin Abdulaziz Al-Saud.”

But it is not.

GRLPWR_STEPAHEAD2018.067

We ended part one with:

 

 

 

 

We were halfway. So why stop:

 

 

 

 

 

After the break we started with part 2:

I asked them their definition of Design and we shared and learned from all the different perspectives on Design:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.072GRLPWR_STEPAHEAD2018.073GRLPWR_STEPAHEAD2018.074GRLPWR_STEPAHEAD2018.075GRLPWR_STEPAHEAD2018.076GRLPWR_STEPAHEAD2018.077

To support this mentality I showed them this:

 

 

 

And explained them that every design starts with a desire to change something:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.079

 

 

That in this workshop we would be working with this challenge:

GRLPWR_STEPAHEAD2018.083

…using the Triple Diamond Model to work with:

Schermafbeelding 2018-10-09 om 06.56.27

They zoomed out, discussed what worked well and what could be improved.

We formulated ‘How Could We……? questions, Brainstormed and Prototyped……and ended with asking what was Good, Bad and Unexpected.

At the end I promised to share alle the video’s and material.

So here you are ladies. Let’s take it further.

Schermafbeelding 2018-10-09 om 07.08.47

….and

GRLPWR_STEPAHEAD2018.059

Download the whole presentation here:

GRLPWR_STEPAHEAD2018

 

 

Alles Goed?

23 jun

ALLESGOED.001

Wow what a week. Dit was de drukste week van dit jaar.

Schreef ik ‘druk’? Schreef ik ‘dit jaar’?

Laat ik beginnen met die laatste. Ik denk van de afgelopen 51 jaar. En ik schreef ‘druk’. Wat een raar woord eigenlijk, druk. Ik heb iets met dat woord. Ik krijg het vaak te horen als antwoord als ik mensen vraag hoe het met ze gaat. Ongelooflijk hoeveel mensen dan zeggen ‘druk’. Ik vind het een ongelooflijk stom antwoord. Want wat wil je daarmee nu eigenlijk zeggen? Dat je (te) veel te doen hebt? Dat je je zaakjes niet op orde hebt? Zeg je met ‘druk’ dat je dat fijn vindt, druk zijn, of juist niet en vind je eigenlijk dat iemand anders wat van die druk van jou zou moeten overnemen? Of denk je misschien dat ik het interessant vind als jij zegt dat je druk bent. Denk je misschien dat ik denk dat je een beetje uit je neus zit te eten, dat je te weinig doet, lui bent of te weinig carrière maakt? Of zeg je dat je druk bent in de hoop dat ik ook zeg dat ik druk ben zodat we allebei een reden hebben om weer snel druk te gaan zitten doen.

Druk dus.

Het kan ook gebeuren dat iemand mij eerst vraagt. Ik krijg dan vaak de vraag ‘Alles goed?’ Een vriend van mij vraagt het me al jaren, echt al meer dan 10 jaar en steevast is mijn antwoord ‘Veel maar niet alles’.

Alles goed? Ja druk.

Gelukkig heb ik een oplossing gevonden in het boek van Jane McGonigal ‘SuperBetter’ The Power of Living Gamefully. Gefundeerd op wetenschappelijk onderzoek en gebaseerd op de ervaringen van meer dan een half miljoen mensen. Het kern van het boek is een simpel en transformatief idee; we kunnen dezelfde psychologische krachten, die we tonen als we games spelen, inzetten bij uitdagingen in het echte leven. Denk daarbij aan trauma’s, ziekten of gewoon een betere versie van jezelf worden. Kortom, de principes die in games werken, werken ook in het echte leven.

Ik ben groot fan van haar werk. Haar boeken en TED talks zijn een belangrijke inspiratie bron. En het leuke aan haar laatste boek is dat ze ook vol staan met zogenaamde Quests waarmee je op zeer eenvoudige wijze zelf kunt ervaren wat het is om te werken aan je

  • mentale
  • fysieke
  • emotionele en
  • sociale

weerstand.

Ik zal dat even kort toelichten. Deze slides komen uit een presentatie over Speelsheid die ik gaf aan docenten op HKU en leggen de 4 krachten uit.HKU_playfulness_29012018.001HKU_playfulness_29012018.002HKU_playfulness_29012018.003HKU_playfulness_29012018.004HKU_playfulness_29012018.005HKU_playfulness_29012018.006HKU_playfulness_29012018.007HKU_playfulness_29012018.008HKU_playfulness_29012018.009HKU_playfulness_29012018.010HKU_playfulness_29012018.011

Heb je er een geprobeerd?

Maar even terug naar mijn verhaal over druk  als antwoord op de vraag hoe het met je gaat.

Als iemand mij tegenwoordig vraagt hoe het met me gaat dan is mijn antwoord “ik geef mijn dag tot nu toe een (hier vul ik een cijfer tussen 0-10 in) en vraag vervolgens direct wat hun cijfer is. Om na het gegeven cijfer vervolgens te vragen “Is er iets wat ik kan doen om dat cijfer met 1 punt te verhogen?” Enigszins realistische verzoeken voer ik direct uit. Zo gaf ik de afgelopen tijd een massage, stuurde ik een hilarisch filmpje, rende ik de trap op en af en haalde ik voor een de garderobe dame in Tivoli een bakje thee.

De eerste keer dat ik dit uitprobeerde was uit het boek van Jane en heet Plus-One Better (pagina 71)

Hoe deze werkt?

Ik leg hem uit als je het NU probeert.

OK?

Mooi.

Gaat ie.

Kies drie mensen.

  1. iemand die graag iets van je hoort
  2. iemand waar jij graag iets van hoort
  3. iemand die verbaasd zal zijn als ie iets van je hoort

Nu heb je een keuze.

Easy is keuze 1

Medium is keuze  1 en 2

Hard is alle drie.

Vervolgens stuur je ze NU een WhatsApp, sms, mail, FB bericht of postduif en vraag je:

“Als je je dag tot nu een cijfer zou moeten geven tussen 0-10 wat zou dat cijfer dan zijn?”

Het grote wachten ia aangebroken. Heb je al antwoord?

Reageer op de antwoorden met het volgende bericht:

“Is er iets wat ik kan doen om dat cijfer met een punt te verhogen?”

Ik las net deze post voor aan mijn hele goede (fiets) vriend Jacco die met keelontsteking op bed ligt. Hij gaf ondanks die keelontsteking de dag een 8 en ik kan daar een 9 van maken als ik van deze post een podcast maak.

Dus is stop nu even met schrijven want ga nu druk doen met hoe ik een een podcast kan maken.

 

 

Oh I’m Free

7 jun

OHIMFREE.001

Ken je dat gevoel? Zeker nu het zulk lekker weer is. En zeker als je eindelijk een goed lopende luchtgekoelde 2 liter Volkswagen T2 uit 1979 hebt om lekker weg te gaan? Misschien wel echt helemaal weg, gewoon de wijde wereld in? Om vervolgens weer terug te komen in je, voor je trip helemaal schoongemaakte huis waar je goede vriend die ene cactus geen water hoefde te geven maar wel netjes de post op de keukentafel heeft gelegd met een post-it erop “Ben blij dat je weer thuis bent”.

Het mooie aan weg gaan zijn voor mij ook de voorbereidingen. Goed nadenken over wat je allemaal (niet) meeneemt. Eigenlijk is het schrijven op dit blog ook een mentale minivakantie. Ik bepaal met welke woorden ik vandaag op vakantie ga. Want dat is me weer duidelijk geworden de afgelopen dagen. Het publiceren op dit blog zorgt ervoor dat ik elke dag op vakantie ga in mijn  eigen verhaal. Ik kom ook weer allerlei mensen tegen die met me mee gaan en net als wanneer ik in mijn Blauw Witte Volkswagen T2 rijd even een duimpje opsteken of een glimlach toewerpen. Anderen maken even een praatje, zeggen lieve woorden of geven een compliment. Ja schrijven op dit blog is te vergelijken met rijden in een oude Volkswagenbus.

Het schrijven van en de feedback op een verhaaltje doet me nadenken over wat ik geschreven heb en geeft me soms inspiratie voor het volgende. Zo kan het zomaar gebeuren dat ik de avond van te voren echt weet wat ik ga schrijven en dat toch niet doe omdat ik al schrijvende een ander weg insla. Dat toestaan is vrijheid.

Ik vind dit eigenlijk wel een mooie afsluiter voor vandaag.

Ik rijd toch nog even door.

Een lezer van mijn blog vertelde me ooit dat het leuke aan dit blog was dat hij nooit wist waar hij ’s ochtends weer naar toe ging.

Ik wel. Met het FAN TAS TISCHE boek van John Thackara, How to Thrive in the Next Economy op het dashboard rijd ik naar Amsterdam en ontmoet ik Claud Biemans (niet Claudia John). Zij ontdekte dat er in haar stad op een vierkante kilometer 300 verschillende plantensoorten huisden, vergeleken met 50 verschillende op een zelfde dichtbij gelegen oppervlakte “managed countryside”. Claud: “Bijen weten dit heel goed en zijn tegenwoordig  meer in steden te vinden.”

Ik lees verder dat Claud wandelingen organiseert waar ze mensen langs de ecologische hoekjes en gaatjes in de stad leidt en laat zien waar planten niet alleen overleven maar juist floreren. Want,zo lees ik verder, “veel van deze stadsnatuur is eetbaar. Kruiden, blaadjes en eetbare bloemen groeien op muren en stoepen.

En over Lynn Shore van Urban Herbology. Zij is een van een groeiende groep stads foerageurs (is dat Nederlands?) en helpt stadsbewoners kruiden te zoeken, ermee te koken en te leren over medicinale samenstellingen.

Into the wild krijgt voor mij zo een heel andere invulling.

Ik zie het helemaal voor me. Met de T2 naar Amsterdam. Ik heb plek voor nog 7 personen. Wie gaat er mee?

Met Noltee.

In de T2.

Ik zet een muziekje op in de T2. De stem van Eddie Vedder mengt zich met het geluid van mijn gereviseerde luchtgekoelde tweeliter Volkswagen motor.

I’m free
Setting forth in the universe
Oh I’m free
Setting forth in the universe

 

 

Fran Tastic

5 nov

frantastic.001

Fran Edgerley is een van de oprichters van Assemble, een design/kunst/architect collectief in Londen. Ik ontmoette Fran in Queretaro waar we allebei sprekers waren op een congres over design en architectuur. ‘Haar’ collectief won de Turner Prize in 2015. Wikipedia daarover:

De Turner Prize, genoemd naar de Engelse schilder William Turner, is een jaarlijks toe te kennen prijs voor een Brits kunstenaar onder de vijftig.

De organisatie ligt bij de Tate Gallery en is ingesteld in 1984. Het is publicitair Engelands belangrijkste kunstprijs geworden. De prijs wordt tegenwoordig het meest geassocieerd met conceptuele kunst, alhoewel alle kunstvormen meedingen en menig schilder de prijs heeft gewonnen.

Sinds 2004 bedraagt het prijzengeld £40,000.

De prijs is zowat het equivalent van de Prijs Jonge Belgische Schilderkunst in België, de Prix Marcel Duchamp in Frankrijk en The Vincent Award in Nederland.

Tot vandaag was ik in de veronderstelling dat zij het eerste collectief waren die de vooraanstaande prijs wonnen. Maar op de lijst van de winnaars zie ik ook ‘The Otolith Group’ staan. Klikkend naar hun website lees ik dat het om een kunstenaars duo gaat. Dat is iets anders dan een collectief. Assemble begon met 16. OK. Ander verschil is dat Assemble geen kunstenaars collectief is maar een collectief van zeer divers pluimage. Laat ik ze makers noemen. Makers die gewenste situaties maken. Makers die dingen laten gebeuren. Samen werken door samen te maken. Het gaat ze om het samen maken, het proces, niet zozeer om de uitkomst, vertelde Fran in haar presentatie. Van hun website vertaal ik:

In haar projecten probeert Assemble de typische disconnectie tussen het publiek en het proces waarmee plaatsen worden gemaakt aan te pakken. Ze hanteren daarbij een aanpak waarbij men onderling afhankelijk is en samen werkt. Tevens proberen ze  het publiek actief als deelnemer te betrekken in de realisatie van hun projecten.

Je zou het social design kunnen noemen.

Tijdens haar presentatie vertelde ze over hun eerste project; The Cineroleum.

The Cineroleum was een eigen initiatief dat een verlaten benzine station in Londen transformeerde in een bioscoop.

Exif_JPEG_PICTURE

Het project was een experiment voor de verkenning van het potentieel voor het hergebruik  van de 4.000 verlaten benzine stations in Engeland. Tevens was The Cineroleum een improvisatie op de rijke iconografie en de decadente interieurs uit de gouden tijd van de film theaters.

cineroleum_gordijn

Klassieke elementen werden  opnieuw ontworpen voor de ‘langs de weg’  locatie, gebruik makend van goedkoop industrieel materiaal, gebruikte of gedoneerde materialen.

Klapstoelen van steigerhout, school tafels en banken werden bekleed met formica en het auditorium werd omsloten door een drie kilometer lang met de hand genaaid harmonica gordijn.

Cineroleum_Zander_animation5cineroleum_proces

Het duidelijk zichtbaar met de hand gemaakte Cineroleum werd ter plekke gebouwd door een team van meer dan 100 vrijwilligers. Samen lerend en experimenterend geholpen door de tijdens het prototype proces geschreven handleidingen. Fix it as you go.

Anders dan de buiten de stad multiplex bioscopen vierde The Cineroleum juist de sociale ervaring van het naar de film gaan. Van de popcorn machine en de bar in de oude benzinepompshop tot het filmprogramma van toegankelijke klassiekers.

Afgescheiden van de drukste eenbaansweg in Europa door een gordijn bood The Cineroleum plek voor collectief escapisme en een publiek spektakel voor de voorbijgangers. Aan het eind van de film ging het gordijn omhoog daarmee het publiek van de verbeelding van de film weer in het dagelijks theater van de straat duwend.

cineroleum_theend

Ik ben Fan van Fran.

 

 

De Why, How en What van Design

4 nov

whyhowwhatdesign.001

Een van mijn favoriete definities van design is van Herbert Simon, een Amerikaanse wetenschapper. Daar kwam ik net achter toen ik op mijn blog in het zoekscherm ‘definitie design’ intikte en op ‘zoek’ drukte. Herbert Simon definieert design als volgt: “Everyone designs who devises courses of action aimed at changing existing situations into preferred ones.” Goede ontwerpers sluiten met hun ontwerpen aan bij de wensen van hun doelgroep. Goede ontwerpen raken ons. Niet alleen omdat hun ontwerpen goed werken maar omdat ze ons emotioneel raken. Positief raken. Bladerend door de eindexamen werken van de Design Academy stel ik me de vraag wat de studenten hebben ontworpen. Welke huidige situatie hebben ze getransformeerd in een gewenste situatie? Welke positieve bijdrage levert het ontwerp aan de wereld? Om antwoord te krijgen op die vraag probeer ik antwoord te krijgen op de vraag aan welke positieve emotie het ontwerp appelleert (de Why) en wat de boodschap, het verhaal (de How) is wat het ontwerp wil vertellen. En om mezelf een beetje te helpen pak ik er het positieve emoties lijstje van Barbara Fredrickson bij. Zij heeft onderzocht dat er 10 vormen van positiviteit het dagelijkse leven van mensen het meeste kleuren. Natuurlijk bestaan er meer vormen maar uit haar onderzoek blijkt dat deze het meest voorkomen:

1. Vreugde

2. Dankbaarheid

3. Sereniteit

4. Belangstelling

5. Hoop

6. Trots

7. Plezier

8. Inspiratie

9. Ontzag

10. Liefde

Kijkend naar de ontwerpen stel ik me de vraag hoe de gebruiker zich moet voelen als ze in aanraking komen met het ontwerp? Het maken van een keuze uit dit lijstje maakt al een hoop ‘los’ en bedenk ook het geen exacte wetenschap is. Ik ben niet op zoek naar de Waarheid. Ik ben op zoek naar het Waarom? Vervolgens ga ik op zoek naar de How. De boodschap die het ontwerp wil vertellen. Een boodschap die betekenisvol en relevant is voor de gebruiker. Als ik de behoefte (de Why) en de boodschap (de How) heb kan ik de vraag (de What) waar het ontwerp een antwoord op is  formuleren: “Bedenk ideeën (de What) die ……………(de doelgroep)…………………(de Why)………………(de How).”

– nieuwsgierigheid
– verbeeldingskracht
– discipline
– vasthoudendheid
en
SAMENWERKEN.
Want zo stelt de Wachter, en ik vertaal even:
Kunstgeschiedenis wordt traditioneel gepresenteerd als de maker’s individuele strijd naar zelfexpressie. De afgelopen 50 jaar echter is het aantal makers dat SAMENWERKT exponentieel gestegen. De geïnterviewde makers bieden inzichten die leerzaam zijn voor iedereen die met anderen effectief willen samenwerken aan creatieve projecten.
ellenmaradewachter
Ik wilde vandaag een werk van de Design Academy delen dat me geraakt had. In de categorie Social Design. En ik eindig met een boekentip vol inzichten over hoe makers samenwerken.
Vraag niet hoe het kan.
Maar profiteer er van.

Kill your darlings

5 jul

killings.001

Weet je wat ik altijd heel lastig vind? Brainstormen met een groep als ik van te voren zelf al een heeeeeeel goed idee heb.

Ik vind het dan heeeeeeel moeilijk om nog naar andere ideeën te luisteren.

listensilent.001

En vind het heeeeeeel moeilijk om stil te zijn want het liefst vertel ik alleen maar over mijn fantastische idee.

listensilent.002

Gelukkig heeft Julia Cameron me leren loslaten. HardCOR loslaten. Bijna drie jaar schreef ik elke ochtend een pagina in mijn ochtendschrift zonder lijntjes met mijn rechterhand. Gewoon wat in je opkomt. Je blijft schrijven ook als je niet weet wat je moet schrijven. Dat schrijf je dat op ‘ik weet niet wat ik moet schrijven.’ Als je je pagina vol hebt geschreven dan verscheur of verbrandt (pas op in hotelkamers met rookmelders) wat je net geschreven hebt. En soms wil je dat echt niet omdat je wat je net geschreven hebt heel graag terug wilt lezen, of bewaren, of aan een ander wilt laten lezen, of welke andere hele goede reden je ook bedenkt om het te bewaren.

Maar dat mag niet van Julia dus dan doe je dat niet. Ik heb ochtenden gehad dat ik overwoog om maar te stoppen met het ochtendschrijfritueel zodat ik dat ene blaadje kon bewaren. Soms leken de blaadjes wel kilo’s te wegen en kreeg ik ze bijna niet verscheurd. Alsof ik een stukje van mezelf weggooide. Ik weet niet hoe eea psychologisch  werkt maar daarna voelde ik me juist in die gevallen enorm bevrijd. ‘Kill your darlings’ noemen sommige dat.

Gisteren en eergisteren gaf ik een workshop Design Thinking voor een groep internationale studenten waarvan ik wist dat een aantal al heeeeeele goede ideeën hadden. Dus kreeg iedereen gisterenochtend als opwarmingsoefening een A4tje met de vraag om daar in hun eigen taal op te schrijven wat ze dachten, en te blijven schrijven. Niet opkijken blijven schrijven. Ik stond met mijn laser voor de groep en richtte mijn laser op hun schrift bij aarzelingen. Na een minuut of twee werden de eerste schrijfhanden al gewapperd en vingers gestrekt. Ik verliet vervolgens het lokaal om drie minuten later terug te komen. Iedereen zat nog keurig te schrijven. Toen de eerste student zijn blaadje omdraaide om daar verder te schrijven bedankte ik iedereen en vroeg ze hoe ze zich voelden. Dat varieerde van ‘energiek’ tot ‘relaxt’. Van ‘all over the place’ tot ‘super gefocust’. Een student vertelde trots dat hij tot een belangrijk inzicht was gekomen en hield het blaadje als een groot geschenk vast.  We wisselden nog wat ervaringen en vroeg de groep vervolgens om hun blaadje te verscheuren. Vertwijfeling en onrust vulde het lokaal. Serieus? Ja echt waar. Ik was al gaan rondlopen met een klein vuilniszakje en vroeg iedereen zijn verscheurde ochtendschrijfsel in het vuilniszakje te stoppen. Weigeringen sloeg ik streng af en dwong ze toch echt hun schrijfsel los te laten. Toen ik bij de student met het grote geschenk aankwam zag ik dat hij een leeg blaadje in het vuilniszakje stopte en op zijn ochtendsschrijfsel was gaan zitten. Wat strenge steeds dichterbij komende blikken deden hem uiteindelijk afstand doen van zijn geschenk.

Ik hing het vuilniszakje aan de muur en vroeg de groep hoe ze zich voelde. Emoties gierden door het lokaal. Verdriet, euforie, vreugde en boosheid. Het hele emotionele spectrum kwam voorbij.

De student die net zijn grote geschenk was kwijt geraakt zat er verslagen bij maar langzaam kwam er een glimlach op zijn gezicht. Het loslaten was begonnen. Met een laatste blik op het graf van zijn lieveling maakte hij ruimte voor nieuwe ideeën.

Ik zag hem gedurende de dag nog wel af en toe melancholiek naar zijn verscheurde lieveling in het vuilniszakje kijken.

vuiliszakje.jpg

 

BKE END

4 jul

BKEEND.001

Afgelopen zaterdag mailde ik Rene van Kralingen, mijn BKE Docent, mijn aanvullende werk voor mijn Basiskwalificatie Examinering. Wat begon als een word document eindigde in een vraag en antwoord blog.

Wil je dat allemaal nog eens na lezen, ja die mensen zijn er, dan heb je hier mijn eerste document met de vragen van Rene:

toetscyclus_cor_noltee_19mei2017 – met feedback van Rene v Kralingen

En hier de posts die ik schreef:

BKE RENE

BKE RENE 2

BKE RENE 3

En gisteren kreeg ik van Rene te horen dat ik aan de eisen van het BKE heb voldaan. En dat Rene “hoopt dat ik de toets/beoordelingsdilemma’s blijf delen op mijn blog…………..ze zijn leerzaam voor jou en mij.”

Dus dan doe ik dat. In, zoals Rene zo mooi wist te verwoorden in zijn beoordeling;

“fonetische toetstaal”

En dat benoemen van mijn fonetisch toetstaalgebruik was precies het inzicht wat Rene me eerder aan de telefoon gaf toen ik hem verbaal uitlegde waar ik mee bezig was. Hij zei dat ik het gewoon moest opschrijven zoals ik het vertelde. Ik heb nu geleerd dat dat, in BKE termen fonetische toetstaal, heet 🙂

Op het podium van ‘beste leraar die ik ooit gehad heb’ staat Rene nu naast Meneer Simons, mijn wiskundeleraar op het Atheneum.

Trouwe lezers weten dat ik een echt alfa mannetje ben. Maar weinig weten dat ik eigenlijk  dierenarts wilde worden. Net als mijn beste vriend Hans. Hans was een kei in wiskunde, scheikunde en natuurkunde. Ik was een drama. Maar ik hield van dieren en van Hans dus koos ik het meest beta pakket wat je maar kunt bedenken.

In de tweede klas van het Atheneum had ik een 5 voor wiskunde en de rest zesjes. Aan alle kanten werd er getwijfeld of die beta kant niet de verkeerde kant voor me was. Ik was een hetero alfamannetje in een beta klas. Dat is natuurlijk vragen om problemen.

Problemen stapelde zich op en hulp kwam uit een onverwachtse hoek. In de vorm van Meneer Simons. In de derde klas kreeg ik een nieuwe wiskunde leraar. Een kleine, oudere man uit Brabant genaamd Meneer Simons. En Meneer Simons was een held. Ten eerste omdat ik aan het eind van het schooljaar een 8 had voor wiskunde maar met name omdat hij met humor een klas testosteron in bedwang hield met grappen en grollen. Als jij dacht grappig te zijn was hij net even grappiger. Hij had een een soort intelligente humor waar ik jaloers op was. Zo wilde ik ook zijn. Maar dat vertelde ik natuurlijk niet. Als 16 jarige grapjas van de klas zei je natuurlijk niet dat je net als Meneer Simons wilde zijn. Maar Meneer Simons was mijn superheld. Ik heb het hem nooit verteld maar stiekem wisten wij het denk ik wel van elkaar.

Het mooiste voorbeeld van hoe Meneer Simons omging met ongeoorloofde acties in de klas was de volgende.

Ik zat naast Hans in de middenrij  en gooide een propje richting de vuilnisbak die naast de deur stond, zo’n 6 meter verder. Via de muur belandde het propje precies……………naast de prullenbak. Meneer Simons zag het maar ging ongestoord verder. Ik ben netjes opgevoed dus stapje op, pakte het propje en gooide het op een meter precies…………..naast de prullenbak. Nu had ik wel alle aandacht. Niet alleen van de klas maar ook van Meneer Simons. De zo quasi nonchalante actie transformeerde zich in een knap zielige vertoning die nog erger werd toen ik voor de derde keer het propje precies naast de prullenbak gooide. Mijn superheld kon het niet meer aanzien en schoot me te hulp. Meneer Simons pakte het propje en zei tegen me dat ik het helemaal verkeerd deed.

Hij droeg me op om drie meter van de prullenbak op de grond te gaan liggen met mijn hoofd richting de prullenbak. Alsof gehypnotiseerd lag ik 5 seconden later op de grond in het wiskunde lokaal. Meneer Simons gaf een voorstelling. Zijn publiek keek ademloos toe. Wat ging hier gebeuren.

Hij vroeg me of ik links of rechts was. Rechts zei ik. ‘Ok, dan moet je het propje met je linkerhand gooien. Met je linkerhand over je rechterschouder, zonder te kijken.’ IK twijfelde geen moment. Meneer Simons had alles onder controle. Het propje zweefde door de lucht, stuiterde op de rand van prullenbak. De klas hield de adem in. Daar lag ik dan met gesloten ogen midden in het wiskunde lokaal. Het propje viel precies…………in de prullenbak.

‘Zo doe je dat Cor.’ En hij stak zijn hand uit en trok me omhoog. Een luid applaus vulde de ruimte. Met een kleine buiging nam Meneer Simons het applaus in ontvangst en ging verder met de cosinus regel. Alsof er niets gebeurd was.

Een van mijn favoriete creatieve denktechnieken is “De Superheld”.  Je vraagt je dan af hoe jouw favoriete superheld het zou oplossen. Ik heb er nu drie twee. Batman, Meneer Simons en Rene van Kralingen. En geloof me, ze komen alle drie altijd met hele originele ideeën.

Rene bedankt.

PS

Ik zie nu overal BKE.

Deze nam ik in de trein die vanuit Utrecht Rotterdam binnen rijdt.

BKE_trein

 

 

 

%d bloggers liken dit: