Tag Archives: DESIGN ACADEMY

Overgewicht en de NMC index op de Dutch Design Week 2022

22 nov

Dit is post 7 over mijn 6-daagse bezoek aan de Dutch Design Week in Eindhoven.

Als ik op bmiberekenen.nl mijn BMI laat berekenen, krijg ik het volgende:

Op basis van je lengte van 183 centimeter en gewicht van 84 kilo is je body mass index 25.1. Een BMI van 25.1 betekent dat je volgens de body mass index officieel overgewicht hebt. Dit hoeft geen probleem te zijn als dit tijdelijk is. Ben je echter al jaren te dik, dan heeft je lichaam het zwaar te verduren en loop je het risico op aandoeningen die hieronder zijn opgesomd. Als je hieronder in het figuur kijkt bij jouw lengte en jouw gewicht dan zie je dat je in het oranje gedeelte valt. Je kunt precies zien hoeveel kilo je moet afvallen om in de ‘groene’ categorie te komen en je officieel een gezond gewicht hebt. 

Ik weeg al meer dan 30 jaar 84 kilo en ik ben volgens mij niet gegroeid of gekrompen. Fysiek dan hè. Mentaal, emotioneel en spiritueel is een heel ander verhaal. Enfin. Volgens de site loop ik de volgende risico’s:

  • Hart- en vaatziekten
  • Diabetes (type 2)
  • Kanker
  • Hoge bloeddruk
  • Beroertes
  • Galziekten
  • Gewrichtsproblemen

Gelukkig kan ik er iets aan doen:

Bekijk jouw mogelijkheden om af te vallen en je droomfiguur te bereiken: Doe de test!

Doe maar niet.

Uit het jaarboek van de Design Academy leer ik van ontwerper Rixt Izeboud dat Body Mass Index (BMI) bijna 200 jaar geleden geïntroduceerd is door de Belgische wiskundige Adolphe Quetelet en dat de formule ‘gewicht gedeeld door lengte in het kwadraat’ een nogal gebrekkige formule is omdat deze is afgeleid van data gebaseerd op Europese lichamen en daarmee ander etniciteiten uitsluit. Bovendien meet het niet hoe het gewicht is verdeeld. Toch wordt BMI nog heel veel gebruikt om te bepalen of iemand een ‘gezond’ gewicht heeft, iedereen die buiten de range valt stigmatiserend. Gevolgen? BMI als indicator leidt tot verkeerde beeldvorming, kan verkeerde diagnoses als gevolg hebben en een juiste behandeling in de weg staan. BMI weg ermee!

BMI-31, Rixt Izeboud, rixtizeboud@hotmail.com

Met BMI-31 maakt Rixt Izeboud de belachelijkheid van BMI zichtbaar met 31 kruiken gebruik makend van de BMI formule. De collectie laat prachtig zien dat het onmogelijk is met één formule verschillende vormen en categorieën aan te duiden.

Zoals zo vaak in musea en expo’s werd ik ook hier weer geconfronteerd met mijn NMC index. De NMC index is gebaseerd op de volgende formule: het aantal negatieve mentale commentaren gedeeld door de tijd dat je een werk bekijkt. Bij het bekijken van het werk van Izeboud had ik heel veel negatief mentaal commentaar in een extreem korte kijktijd. Resulterend in de hoogste NMC index van mijn bezoek aan de eindexpo van de Design Academy. Gedachten als “tjongejonge weer handgemaakte keramiek knutselwerken”, “waarom zoveel van die kruikjes? kan het niet met minder?”, “wat een saaie kleuren”, “heb je hier nou vier jaar voor gestudeerd?”, “lekker origineel”, “moet ik op de grond gaan liggen om ze te bekijken?” De negatieve mentale commentaren worden ongecensureerd uitgekraamd door mijn interne saboteur (Kabouter met een grote K):

Er is geen plek op de wereld waar ik mijn Kabouter Killer harder nodig heb dan op de eindexpo van de Design Academy. Regelmatig haal ik de trekker over van mijn Magnum 45:

Mijn Kabouter Killer

Een kat heeft negen levens maar mijn Kabouter is onsterfelijk. Zijn commentaren zijn weinig origineel maar kunnen mijn bezoeken aan musea en expo aardig verzieken. Mijn Magnum 45 is dan ook een cruciaal onderdeel van mijn uitrusting. Om de werken van de afgestudeerden echt te begrijpen moet je Kabouter stil zijn. Stil in het Engels is SILENT en een anagram van SILENT is……………

LISTEN

Om echt te luisteren naar de wereld om ons heen moeten we af en toe onze Kabouter het zwijgen opleggen, de mond snoeren, stil zijn.

Dutch Design Week 2022. Biogas, papier-maché en de metselbij

3 nov

De beste week van het jaar duurt 9 dagen. De Dutch Design Week. Daarvan was ik 6 dagen in Eindhoven. Dit zijn de dingen die mij opgevallen zijn.

De Gradution Show van de Design Academy was dit jaar op een nieuwe locatie. Afdalend in de parkeergarage van een leegstaand kantoorpand dacht ik op een post apocalyptische rave beland te zijn. Daar wilde ik wel eindigen maar zeker niet beginnen. Een snelle scan van het gebouw, een aantal trappen op en aflopend eindigde zoals elk jaar bij de ‘boekenwinkel’ waar ik het jaarboek kocht en buiten met een bak koffie in begon te lezen. Een aantal jaar geleden hadden ze voor de teksten een heel goed format voor de werken van de afgestudeerden. Wat is het, hoe werkt het, waarom is het belangrijk en een quote van de maker. Nu moet ik soms drie keer terug gaan in de tekst om te begrijpen wat het is, hoe het werkt en waarom het belangrijk is. Ik vind het belangrijk om de tekst goed te begrijpen want wat je ziet is lang niet altijd wat je krijgt. Ceci n’est pas une pipe. Het eerst op mijn gemak lezen van alle teksten geeft me rust, richting en houvast als ik voor de tweede keer mijn ronde doe en in kan zoomen op de werken die ik interessant vind.

BIOGAS. Bart Keiren, bartkeiren.com, bart.keiren@outlook.com

Bart Keiren verkent met BIOGAS de relatie mens en natuur. Verandert onze relatie met gas als de levering van gas afhankelijk is van onze tijd en aandacht? BIOGAS is een gesloten systeem waar je voor een bacterie cultuur moet zorgen. Eén kop voedsel afval levert genoeg gas op voor één kop thee per dag. Ik heb net gedachteloos mijn derde kop koffie uitbesteed aan mijn Nespresso machine. Ik betrap mezelf er wel eens op dat ik, voordat mijn beker vol is, al op de stopknop druk. Puur ongeduld.

Een paar jaar geleden had IKEA een briljante pay-off; aandacht maakt alles mooier. Ik las laatst een definitie van schoonheid; de belofte van geluk. Ik denk dat ik heel gelukkig zou worden als ik een kopje biogas thee van Bart Keiren zou drinken.

CUBCHO. Viktoriya Gotseva, gotseva.viktoriya@gmail.com

De zondvloed aan plastic wegwerp speelgoed schijnt kinderen te overprikkelen, verkort de aandachtsboog en resulteert in verveling. Cubcho staat hier haaks tegenover door kinderen juist in hun kracht te zetten door zelf op een speelse en eenvoudige manier speelgoed te maken. De gebruiksvriendelijke pers stelt kinderen vanaf 2 jaar in staat zelf blokjes te maken van papier-maché. Bij de pers zit een handleiding hoe je papier-maché maakt en hoe de 2+er zelf de pers kan bedienen. De handleiding vertelt ook het verhaal van Cubcho. Als inspiratie voor eindeloos speelplezier. Ik probeer me voor te stellen hoe het is om als kleuter eerst zelf te kliederen met papier, het in de Cubcho te proppen, aan te draaien om er vervolgens een nat blokje uit te halen, die te laten drogen en er vervolgens mee te spelen. Das pure magie ennnnnn je leert je kleine dat je van afval dingen kunt maken. Als mijn 4 jarige kleinzoon een Cubcho zou hebben dan weet ik wie er verantwoordelijk wordt voor de papierscheiding. Wat een goed idee! Kijk nog eens goed naar de uitdrukking van het zoontje van Viktoriya. Daar word je toch blij van.

OSMIA AVOSETTA VASES. Eleni Ioannidou, eleni.ioan@icloud.com

Ik heb een aantal jaar in een appartement gewoond in Dordrecht. Het bevond zich aan het Scheffersplein waar zaterdag de markt was en bloemen werden verkocht. Niet zomaar bloemen maar “Bloemen van Huigen die kenne nie buige!” Deze briljante zin werd heel de dag herhaald. Ik kon onmogelijk ongezien de stad in zonder opgemerkt te worden door Moeder Huigen die mij en de rest van de wereld aansprak met “Schatjie” om je vervolgens brutaal glimlachend aan te kijken zodat je wel bloemen moest kopen. Ik probeerde dat altijd zo lang mogelijk uit te stellen want rond 16.30 gingen ze voor “drie voor vijf”……schatjie asjeblief. Veel en vaak chrysanten herinner ik me. Daar was mijn vrouw geen fan dus veranderde ik mijn bloemstrategie, geïnspireerd door vrienden van ons, naar drie amaryllissen per week. Die had Huigen niet. Ik heb menig zaterdag omgelopen om niet opgemerkt te worden door Moeder Huigen. Ik heb me vaak afgevraagd wat er met de bloemen gebeurd die niet meer te verkopen zijn.

En daar heeft Elini Ionnidou een idee voor. Wat als je in plaats van dat je de bloemen weggooit, gebruikt voor iets anders. De Osmia Avosetta Vase is een hommage aan de Osmia Avosetta bij. Wikipedia:

De vrouwtjes van Osmia avosetta metselbij maken enkele kleurrijke, ondergrondse nesten van 1,5 tot 5 centimeter lang die bestaan uit twee lagen met bloemblaadjes met daartussen een laag van modder of klei:

Ioannidou mixt de bloemblaadjes met bijenwas en perst ze in mallen om de vazen te maken. Waarom nog verse bloemen in huis als je een prachtige bloem-bij vriendelijke vaas kunt hebben. Nog beter is natuurlijk als er geen bloemen overblijven. En nog beter is helemaal geen verse bloemen. Sorry Paus. Bedankt voor die bloemen.

4. Gerooid voor de Dutch Design Week.

11 nov

Gisteren publiceerde ik het verhaal over de Gele Kornoelje die ik samen met mijn kleinzoon plantte. Vandaag deel ik het concept ‘1 boom 20 studenten’.

Waarschijnlijk heb je nu al een idee waar dit concept over gaat. Ik maak even een zijsprongetje naar een aantal verwante concepten waar ik fan van ben en zal proberen toe te lichten waar mijn enthousiasme vandaan komt.

Laat ik beginnen met een van mijn favoriete ontwerpers Christien Meindertsma. Zij is een toonbeeld van nieuwsgierigheid, verbeeldingskracht, vasthoudendheid, discipline en samenwerken.

Ze was nieuwsgierig naar wat er allemaal met de ‘ingrediënten’ van 1 varken gebeurt. Ze ontdekte dat alles van een varken ‘op gaat’ en belandt in een divers aantal producten, variërend van kogel tot drop, van de remmen van een trein tot schuurpapier. Er blijft niets over. Het drie jaar durende onderzoek heeft ze prachtig verbeeld in een boek waar alle producten/toepassingen staan afgebeeld; PIG 05049:

PIG05049_cover

PIG05049_kogelPIG05049_dropPIG05049_treinremmenPIG05049_schuurpapier

Het ‘boek’ won de Dutch Design Award in 2008 en op haar site staat een ‘special credit’ vermeld voor Julie Joliat, de grafisch ontwerper van PIG 05049.

Een ander geweldig project van Christien Meindertsma dat aansluit bij de gedachte ‘1’ is het project One Sheep Sweater uit 2010; een serie van 20 truien die allemaal gebreid zijn met de wol van 1 Merino schaap uit Aerle Rixtel, een dorpje in Noord-Brabant. De truien zijn allemaal op dezelfde manier gemaakt, toch is elke trui anders door het verschil in kwaliteit van de wol.

Het schaap voor:

ONESHEEPSWEATER_before

Het schaap na:

ONESHEEPSWEATER_after

Schermafbeelding 2019-11-11 om 09.33.01Schermafbeelding 2019-11-11 om 09.33.11ONESHEEPSWEATER

De truien zijn onderdeel van de collectie van het Stedelijk Museum in Amsterdam en van het Textielmuseum in Tilburg, waarvan hier een foto. Je ziet er goed de verschillen in kleur, textuur en grootte.

onesheepsweater_textielmuseum17279au

Al schrijvende en nadenkend realiseer ik me dat ik dit soort projecten mooi vind omdat ze op een laagdrempelige manier in verschillende media een groot verhaal vertellen. Een verhaal van verbondenheid maar ook (on)zichtbaarheid. Om met het SUCCES model van Dan en Chip Heath te spreken; ze zijn Simple, Unexpected, Concrete, Credible, Emotional en  Stories. Ideeën die blijven ‘plakken’. Ik schreef er al eerder over.

Ik schreef ook al eerder over The One Bag project van Studio Drift. Onderdeel van hun serie Materialism waar ze op werkelijke prachtige wijze de materialen van gebruiksartikelen tentoonstellen. Zoals deze Kever uit 1980:

STUDIO-DRIFT_beetle

Of deze:

STUDIO-DRIFT_pencil

Een potlood…..zonder gum.

Aan de hand van een potlood met gum laat onderstaand filmpje prachtig zien dat een eenvoudig gebruiksartikel als een potlood onmogelijk gemaakt kan worden door een persoon. Het is een wereldwijd netwerk van mensen en materialen:

 

Het hout van het potlood brengt me bij de gerooide boom die ik ’tegen kwam’ op de Dutch Design Week. Een (1) boom, 20 studenten. Welke ontwerpen zitten er in die ene boom. Wat als je de nieuwsgierigheid en verbeeldingskracht van 20 Design Academy studenten loslaat op 1 boom;

“Om Design Academy studenten op een andere manier contact te laten maken met hun materiaal, hun omgeving en elkaar, nam Atelier NL ze mee het bos in. Ze kregen de opdracht een dag lang met een boom te leven, hielpen mee met planten van 1.000 bomen en het rooien van een grote Esdoorn. Toen die eenmaal omviel, drong het besef door dat het om een levend wezen ging. Iedere student eigende zich een deel boom toe- van de wortels tot de hars en de bladeren- en voerde daar hun eigen project mee uit.”

Ik licht er 2 van de 20 uit:

How do trees smell? Zoa Rosenkranz

Een serie objecten die de natuurlijke geur van bomen viert en de helende geur van de natuur in huis brengt.

howdotreessmell

The Smallest Burning Forrest. Bom Noh.

smallestburningforrest

Kunnen we mensen met bomen verbinden door ze bewust te maken van het feit dat een lucifer van hout gemaakt is en ze door deze lucifer te verbranden stap voor stap mest laten maken……voor bomen.

Een boom, een potlood, een kever, een schaap, een trui en een varken.

Alles is met elkaar verbonden.

De Why, How en What van Design

4 nov

whyhowwhatdesign.001

Een van mijn favoriete definities van design is van Herbert Simon, een Amerikaanse wetenschapper. Daar kwam ik net achter toen ik op mijn blog in het zoekscherm ‘definitie design’ intikte en op ‘zoek’ drukte. Herbert Simon definieert design als volgt: “Everyone designs who devises courses of action aimed at changing existing situations into preferred ones.” Goede ontwerpers sluiten met hun ontwerpen aan bij de wensen van hun doelgroep. Goede ontwerpen raken ons. Niet alleen omdat hun ontwerpen goed werken maar omdat ze ons emotioneel raken. Positief raken. Bladerend door de eindexamen werken van de Design Academy stel ik me de vraag wat de studenten hebben ontworpen. Welke huidige situatie hebben ze getransformeerd in een gewenste situatie? Welke positieve bijdrage levert het ontwerp aan de wereld? Om antwoord te krijgen op die vraag probeer ik antwoord te krijgen op de vraag aan welke positieve emotie het ontwerp appelleert (de Why) en wat de boodschap, het verhaal (de How) is wat het ontwerp wil vertellen. En om mezelf een beetje te helpen pak ik er het positieve emoties lijstje van Barbara Fredrickson bij. Zij heeft onderzocht dat er 10 vormen van positiviteit het dagelijkse leven van mensen het meeste kleuren. Natuurlijk bestaan er meer vormen maar uit haar onderzoek blijkt dat deze het meest voorkomen:

1. Vreugde

2. Dankbaarheid

3. Sereniteit

4. Belangstelling

5. Hoop

6. Trots

7. Plezier

8. Inspiratie

9. Ontzag

10. Liefde

Kijkend naar de ontwerpen stel ik me de vraag hoe de gebruiker zich moet voelen als ze in aanraking komen met het ontwerp? Het maken van een keuze uit dit lijstje maakt al een hoop ‘los’ en bedenk ook het geen exacte wetenschap is. Ik ben niet op zoek naar de Waarheid. Ik ben op zoek naar het Waarom? Vervolgens ga ik op zoek naar de How. De boodschap die het ontwerp wil vertellen. Een boodschap die betekenisvol en relevant is voor de gebruiker. Als ik de behoefte (de Why) en de boodschap (de How) heb kan ik de vraag (de What) waar het ontwerp een antwoord op is  formuleren: “Bedenk ideeën (de What) die ……………(de doelgroep)…………………(de Why)………………(de How).”

– nieuwsgierigheid
– verbeeldingskracht
– discipline
– vasthoudendheid
en
SAMENWERKEN.
Want zo stelt de Wachter, en ik vertaal even:
Kunstgeschiedenis wordt traditioneel gepresenteerd als de maker’s individuele strijd naar zelfexpressie. De afgelopen 50 jaar echter is het aantal makers dat SAMENWERKT exponentieel gestegen. De geïnterviewde makers bieden inzichten die leerzaam zijn voor iedereen die met anderen effectief willen samenwerken aan creatieve projecten.
ellenmaradewachter
Ik wilde vandaag een werk van de Design Academy delen dat me geraakt had. In de categorie Social Design. En ik eindig met een boekentip vol inzichten over hoe makers samenwerken.
Vraag niet hoe het kan.
Maar profiteer er van.

Dutch Design Week

3 nov

DUTCHDESIGNWEEK.001

Vorige week was het Dutch Design Week (DDW) en de komende dagen doe ik een verslag van mijn design reis in Eindhoven. Door het achteraf beschrijven van mijn avonturen met de bus in Zuid Afrika heb ik gemerkt dat ik dat een mooie manier vind om te reflecteren op wat er gebeurd is. Mijn DDW begon op zaterdag. Online kocht ik een kaartje en checkte de tijd. Op de openingsdag wil dat nog wel eens verschillen maar op mijn kaartje stond nu duidelijk van 11.00 tot 18.00:

Schermafbeelding 2017-11-03 om 06.41.50

Het plan voor deze zaterdag is dat ik alleen het boek van de afgestudeerde Design Academy studenten koop en het hele boek doorspit zodat ik de komende week goed voorbereid mijn HKU studenten kan rondleiden en zelf meer focus heb in de wereld van overvloed in Design. Ik heb geleerd dat als ik dit niet doe en me laat leiden door wat ik zie in de zalen, gecombineerd met de hoeveelheid mensen, na een half uur de neiging krijg om mensen te gaan slaan en opzij te duwen. Om 10.50 parkeer ik de auto in de parkeergarage op 300 meter van de Witte Dame en loop op mijn gemakje naar de ingang op de derde verdieping. Dat doe ik altijd met de trap omdat de lift lang duurt en meestal vol is. Als ik boven aankom staat er een student (aanname) voor de ingang en een bordje naast hem met daarop: Opening Graduation Show 13.00. De mensen voor mij stellen alle vragen en maken alle opmerkingen die ik ook wil maken met hetzelfde resultaat. Op de derde verdieping gaat de deur niet open. Met ingehouden godver de godver daal ik de trap weer af en denk dat de jongeman beter beter had kunnen gaan staan. Dat had veel mensen een beklimming gescheeld. Na de vierde trede heb ik een ingeving. De jongeman had het over een opening voor genodigden en mijn vermoeden is dat dat op de vijfde verdieping is. Ik keer om en richt mijn hoop op die gedachte. Op de vierde verdieping hoor ik een stem door een microfoon en mijn hoop op succes stijgt. Op de vijfde verdieping kijk ik het restaurant in dat vol staat met genodigden, maar veel belangrijker , ook vol met de boeken met de eindwerken. Ik ben 15 meter verwijderd van mijn doel dat slechts wordt geblokkeerd door een vrouwelijke beveiligingsbeambte. Ik versnel mijn pas, kijk haar vriendelijk aan, knik en steek mijn rechterhand in de lucht alsof ik iemand in de zaal herken. Ik ben binnen. Ongenodigd met gratis koffie en muffins. Met de lovende woorden van het hoofd van de opleiding op de achtergrond sta ik met mijn rug naar de het podium voor de counter waar de boeken worden verkocht. Het boek is dikker en zwaarder dan ooit. Mijn plan om op mijn gemakje in het restaurant met een bak koffie het werk in het boek te bekijken is gewijzigd. Ik besluit direct weer terug te rijden. In de parkeergarage zoek ik mijn parkeerkaartje. Onvindbaar. Ook niet in de auto. Ik rijd de auto naar de uitgang en loop naar de servicebalie. De vriendelijke dame zegt dat dat geen probleem is. Ik vreesde al voor een dagtarief van € 27,00 terwijl ik er amper een uur gestaan had. Met het kentekenregistratie systeem kunnen ze zien hoe laat je binnen komt. Ik rijd naar de slagboom, druk op het Info knopje waarop een mannenstem me vraagt hoe laat ik binnen ben gereden. Is dat een check met Het Systeem? Ik zeg hem ‘precies een uur geleden’ waarop er € 2,80 op het scherm verschijnt en ik contactloos betaal waarop het plastic slagboompje zijn bevrijdende verticale stand aanneemt. Met de afgestudeerde Design Academy studenten op de passagiersstoel rijd ik naar huis. Eindhoven here we come…….uhhhhh go.

 

%d bloggers liken dit: