Archive | design RSS feed for this section

De Social Design Scheurkalender 2023

3 jan

Dry January? Het kwam gisteren weer met bakken uit de hemel. Ik ben heel blij met mijn Gore Tex Arcteryx jas en RAB regenbroek. Ik houd het droog. Ook in februari. Andere goede voornemens? Meer schrijven en me nog meer verdiepen in de wereld van design. Mijn 6-daagse bezoek aan de Dutch Design Week en het schrijven daarover vond ik erg leuk.

Tijdens de DDW is er op het Ketelplein elk jaar een pop-up boeken winkeltje met een geweldige collectie boeken, spellen en kaartensets. Een tijdelijke dependence van Motta Art Books. Ik ben fan en bedenk de meest vreemde excuses om mijn aankopen goed te praten. Zo moet ik bijvoorbeeld elke dag echt een nieuw boek of kaartenset kopen voor de terugreis in de trein. Zeker nadat ik me een dag had kunnen inhouden en de trein een uur vertraging had. Zat ik daar op het perron, zonder boek. Ik kijk wel uit. Eén aankoop heb ik bewust ingepakt gelaten en gisteren pas uitgepakt. En als ik dan toch een goed voornemen moet bedenken dan is het dat ik elke dag een een blad afscheur van de Social Design Kalender:

De Social Design Scheurkalender is een initiatief van The Social Design Lobby, een bottom-up netwerk dat social design op de kaart zet. In de scheurkalender staan inspirerende projecten en ervaringen uit het veld. Op de weekdagen zijn 46 social designers vertegenwoordigd met 225 projecten. In het weekend komen organisaties aan het woord als opdrachtgevers of partners van de ontwerpers.

En gisteren scheurde ik voor de tweede keer dit jaar. Op de voorkant stond:

VREEMDE VRIENDEN MAKEN

En op de achterkant het verhaal van Smelt. Ze omschrijven zich als een creatieve studio. ‘Wij creëren ervaringen en interactieve installaties die mensen aanzetten tot (zelf)onderzoek, betekenisgeving en reflectie rondom maatschappelijke thema’s.

Voor een politievraagstuk werden ze gekoppeld aan wijkagente Lily die ze als kennismakingsopdracht vroegen om een regel naar keuze te overtreden. Wat Lily vervolgens met volle overtuiging deed. Wat? Dat is natuurlijk geheim maar wat een briljante opdracht. Hardcore empathie. Het ultieme verplaatsen in je doelgroep. Ik moest denken aan het project van IDEO waarbij ze onderzoek deden naar de ziekenhuis beleving. Een van de ontwerpers liet zich opnemen en filmde wat hij heel de dag zag. Dat was niet veel meer dan een systeemplafond met af en toe een hoofd. Toen ze hun bevindingen aan het bestuur van het ziekenhuis lieten zien in de vorm van een minuten durend filmpje van een systeemplafond kun je je voorstellen dat het bestuur dacht “Wat is dit???? Hebben we een duur design bureau ingezet om wekenlang onderzoek te doen, zitten we hier minutenlang naar een systeemplafond te kijken.” En dat was precies de bedoeling van IDEO. Het bestuur laten voelen hoe het is om in een ziekenhuisbed te liggen.

Je verplaatsen in de schoenen van een overtreder (of een ziekenhuispatient) is belangrijk om zelf te ervaren wat het is om die persoon te ‘zijn’. Zo ben ik een betere docent/trainer geworden door zelf student te worden en mijn master te doen. Urenlang op een slechte stoel zitten. Slechte presentaties aan te moeten horen en lang op mijn beoordeling moeten wachten. Maar ook geïnspireerd te raken door nieuwe werkvormen en samen te werken met medestudenten. Je verplaatsen in de ander en jezelf de vraag te stellen ‘Wat werkt er voor me?’ en ‘Waar heb ik behoefte aan?’

Weet wat ik gaaf zou vinden? Als je ook een mooi voorbeeld hebt van ‘jezelf in de ander verplaatsen’ en die mij mailt of als reactie plaatst. Zeker als je droog staat deze januari. Ben je lekker fris en heb je tijd over.

Proost. Op een inspirerend 2023.

Wil je zelf scheuren. Voor €20 koop je de kalender hier.

Mijn top 3 van de Dutch Design Week 2022

31 dec

Dit is mijn 10de en laatste post over mijn 6-daagse bezoek aan de Dutch Design Week èn de laatste post van dit jaar. En aangezien jaren vaak afgesloten worden met top zus en top zo, sluit ik het jaar af met mijn Dutch Design Week Top 3.

Nummer 3

Stel je voor dat je volgend jaar gaat trouwen, zoals ik, en je zoekt nog een originele trouwring, dan is ‘make your own ring’ misschien ook iets voor jou. Ik zag het idee van Sophia Zobel op het Perron. Zobel is een juweel ontwerpster en goudsmid. Ze woont en werkt in Nederland waar ze ook wax carving jewellery workshops geeft. 

Voor € 115 krijg je dit doosje:

Hierin zit alles om zelf je zilveren ring te maken. Een handleiding, een ring sizer en een balletje van was. Als je de ring af hebt, stuur je de kit naar Zobel. Zij maakt de ring gebruik makend van de meer dan 5.000 jaar oude ‘lost wax technique’.

Ze legde me uit dat de ring van was in gips wordt gegoten en als het gips hard is deze wordt verwarmd zodat de was smelt. In de gipsen mal wordt vloeibaar zilver gegoten en in water afgekoeld, ook het gips oplossend. De grove ring polijst ze en binnen drie weken ontvang je jouw unieke, door jou ontworpen zilveren ring. Mijn aanstaande bruid maakt straks mijn trouwring. Persoonlijker wordt het niet.

Nummer 2

De Kleinkijkacademie van Sjaak Langenberg & Rosé de Beer was genomineerd voor een Dutch Design Award en won uiteidenlijk de publieksprijs. Uit het juryrapport:

‘Sjaak Langenberg & Rosé de Beer slagen erin met de Kleinkijkacademie een heel concrete en speelse visie te geven op het verlichten van zorgtaken’

Ze vroegen ontwerpers en kunstenaars uit verschillende disciplines om alledaagse zorgtaken en huishoudelijke activiteiten te transformeren tot een beleving voor bewoners met een ernstige verstandelijke of meervoudige beperking. Dat levert nieuwe inzichten voor hun begeleiders op.

De vaatwasser uitruimen op klassieke muziek? Een koffie uit een beker met een beperking zodat je wel de tijd moet nemen? De laatste 5 % van een gerecht laten verzorgen door een bewoner? Een massage geven met deeg?

Bekijk de volgende filmpjes en je zult begrijpen hoe ‘play’ (humor, spel en plezier) een hele krachtige vorm voor groei en verbinding kan zijn.

Nummerrrrrrrrrr 1

https://bedrijfdeliefde.nu

De Love Letter Generator van Bedrijf de Liefde

Mensen bestaan niet. Mensen zijn een met technologie. Zonder technologie zouden we het nog geen dag uithouden in het wild. Zo heb ik mijn nachtrust uitbesteed aan een dure matras, op tijd uit bed komen aan Apple, het ontbreken aan een wintervacht aan mijn kleding, het maken van een kopje koffie aan Evides, Eneco, Nespresso en de maker van mijn Wonkie Ware koffie kopje. Mijn gebrekkige geheugen aan de agenda op mijn bruikleen laptop, transport aan de Skoda Yeti en mijn vitaliteit deels aan mijn personal trainer. Alles om ons heen is ontworpen en als er iets ontbreekt bestellen we het online en zijn we teleurgesteld als het er niet morgen is. Voor een nieuwjaarsgroet hoeven we deur niet meer uit om een kaartje te posten maar wensen we met een paar klikken via Whatsapp onze hele vriendengroep een gelukkig 2023 (Bij deze. Scheelt weer).

Emoticons stellen ons in staat om op afstand onze emoties te tonen. Ook als het geen leuke grap is is een tranen met tuiten lachende emoticon makkelijker dan een uitleg. Een leugentje om bestwil.

Maar wat als je een liefdesbrief uitbesteedt? 

Op https://ddw.nl/nl/programma/7258/love-letter-generator lees ik:

Met behulp van AI kan iedereen nu bijna alles in een handomdraai genereren: van tekst tot afbeeldingen en meer. Hoe beïnvloedt dit de samenleving? De Love Letter Generator verkent generatieve AI (door GPT-3) en spoort je aan om na te denken over je relatie met technologie.

Leesbare liefde

De Love Letter Generator nodigt je op een speelse manier uit tot ethische reflectie over AI. Je neemt plaats achter een oude computer. Het flikkerende groene scherm van de monitor heeft een boodschap voor je: “So… you’re looking for a way to connect with someone? You have come to the right place. I am an AI – an Artificial Intelligence – that writes love letters for you.” De AI vervolgt zijn boodschap. De AI is grappig, al dan niet een tikkeltje brutaal, en stelt vragen die je zal moeten beantwoorden als je die liefdesbrief graag wilt. Op basis van je antwoorden genereert de AI een unieke liefdesbrief die automatisch geprint wordt. Als je vervolgens dit stukje leesbare liefde tot je hebt genomen, vraagt ​​de AI hoe goed hij het heeft gedaan. Maar daar blijft het niet bij: de AI vraagt meer…

Resultaten ten koste van wat?

AI is toegankelijk geworden voor iedereen. Dingen waar je in het verleden enorm veel vaardigheden voor moest hebben, genereer je nu in een handomdraai – simpelweg door wat tekst in te voeren.
Dit is niet anders bij de Love Letter Generator. Op basis van geringe input genereert het een indrukwekkend resultaat.
AI is een tool om grootse dingen te bereiken, maar ten koste van wat? En wat betekent dat voor onze maatschappij?
Interactie met de Love Letter Generator moedigt je aan om op deze vragen te reflecteren.

Bedrijf de Liefde is met de Love Letter Generator in staat om een ingewikkeld onderwerp op een speelse, laagdrempelige manier toegankelijk te maken voor een breed publiek. Ook het feit dat je de brieven van anderen kon lezen door eenvoudig de brief boven je hoofd naar beneden te trekken, het ratelende geluid van de ouderwetse printer en de begeleiders in hun opvallende rode overalls maakte het tot een totaal ervaring balancerend tussen verbazing, verwondering, afschuw en verrassing.

Hiermee is mijn verslag van de Dutch Design Week 2022 ten einde.

2022 ook bijna.

Ik verheug me op 2023.

Luchtvervuiling op de Dutch Design Week 2022

13 dec

Dit is post 9 over mijn 6-daagse bezoek aan de Dutch Design Week in Eindhoven.

Wij wonen nu een paar jaar in Rotterdam. In of moet ik zeggen ‘op’ Katendrecht. In een heel klein appartement met een groots uitzicht:

Foto: Cor Noltee

Ook dit jaar weer geen Kerstboom want het is elke dag Kerst:

Foto: Cor Noltee

De uitzichten zijn adembenemend:

Foto: Cor Noltee

Laatst zei iemand “Ja letterlijk adembenemend. De vervuiling in de lucht zorgt voor die mooie kleuren.” Ik moest er weer aan denken toen Rotterdam laatst werd verkozen tot meest ongezonde stad van Nederland en Groningen de meest gezonde. Op ad.nl lees ik dat dat blijkt uit een nieuwe inventarisatie en ranglijst van advies- en ingenieursorganisatie Arcadis. Dat bedrijf beoordeelde 25 Nederlandse steden op hun ‘gezondheid’, zoals groenvoorzieningen, fietsvriendelijkheid en het tegengaan van hittestress. Op die lijst staat Groningen, net zoals twee jaar geleden, bovenaan. Rotterdam sluit de rij.

De uitstoot van de cruiseschepen die hier om de paar dagen aanleggen en weer vertrekken dragen in ieder geval niet bij een een mogelijke stijging op de lijst.

Misschien moet ik CiucciaNebbia (fog-sucker) van Design Academy afgestudeerde GAIA D’ARRIGO uitnodigen. CiucciaNebbia is een mythisch wezen dat door de straten van Milaan loopt. Met een lijf gemaakt van giftige stoffen die zich vast hebben gezet op de façades van gebouwen. Een levend archief van Milaan’s industriële geschiedenis

THE MYTH OF THE CIUCCIANEBBIA, GAIA D’ARRIGO, darrigo.gaia@gmail.com

In maart geef ik weer les in Milaan. Ik hoop CiucciaNebbia dan tegen het vuile lijf te lopen om haar uit te nodigen voor een espresso uit een kopje gemaakt met het stof van de Viale Monte Ceneri, zou ze het drinken? Op ser-vies.nl lees ik:

Voor veel Milanezen is de Viale Monte Ceneri hét voorbeeld van de ongelukkige impact van het verkeer op het leven in een stad. Het is zo’n verkeersader uit de jaren ’50 en ’60 dwars door de stad, waarvan het nooit de bedoeling was dat het zou worden wat het nu is, maar waarvan iedere stad er wel én of meer heeft. Om de capaciteit van de ringweg om Milaan te verdubbelen werd in die tijd een weg bovenop de eerste gebouwd, en ontstond een viaduct met een lengte van meer dan 2 km. Zoals in veel steden kon men de toename van het verkeer toen niet bevroeden, zeker niet in combinatie met de verdichting van het gebied waarlangs de ringweg voerde. Vandaag de dag zien bewoners in de flatgebouwen pal naast het viaduct het verkeer onophoudelijk langs hun balkons voorbij razen, en houden zij angstvallig hun deuren en ramen gesloten voor het lawaai en smog.

Viale Monte Ceneri, Milaan

Ser-vies ontwerpers Iris de Kievith en Annemarie Piscaer vonden een manier om fijnstof te oogsten en te gebruiken als glazuur voor keramiek. Onderdeel van het project is het ‘participative urban mining’; je kan meedoen aan het oogsten van het stof. Dat kan zeker in steden waar de luchtkwaliteit onder de aandacht gebracht moet worden, in binnen- en buitenland. De wind waait het stof immers overal heen.

De initiatiefnemers van het project Ser-vies wonen en werken (en ademen) in Rotterdam en zijn aan de slag gegaan met het stof dat daar in de lucht hangt. Zo leggen zij de Rotterdamse luchtkwaliteit vast in een porseleinen servies dat om te beginnen uit 6 delen bestaat. Alle 6 delen maken zij in 5 kleuren, die bepaald worden door de hoeveelheid fijnstof die door een persoon gedurende een periode ingeademd wordt. Het resultaat is een servies als een merkwaardige matrix van data:

bron: https://www.ser-vies.nl/het-servies/

In tien jaar ademt een Rotterdammer ongeveer een hele gram in. Daar wordt één kopje of bord mee geglazuurd, net als met de hoeveelheden die je in 25, 45, 65 of 85 jaar binnenkrijgt. De kleurverschillen spreken voor zich! 

bron: https://www.ser-vies.nl/het-servies/

Mooi aan het project vind ik dat ze op een heel laagdrempelige manier herkenbare gebruiksvoorwerpen gebruiken om een onzichtbaar probleem zichtbaar te maken.

Nog een stap verder gaat Toxic Toby in Londen. Als de luchtvervuiling daar een, door de Engelse regering bepaalde grens bereikt, houdt Toxic Toby zijn poot voor zijn mond en begint ie te hoesten. Daarmee niet alleen bewustzijn creërend maar ook een twittertweet sturend naar de lokale politici om iets te doen aan de luchtvervuiling. Toxic Toby bevat namelijk een lucht kwaliteit meter van BreezoMeter, een bedrijf dat real time de locale luchtkwaliteit meet.

Toxic Toby

Via Rotterdam, Milaan en London passeren we dampkring in schone lucht. Not.

Via Studio Roosegaarden’s project Space Waste Lab leerde ik dat er meer dan 29.000 objecten groter dan 10 centimeter om onze aarde zweven. Space waste; stukken kapotte raket en satelliet. Miljoenen kilo’s. Dit afval kan de huidige satellieten beschadigen waardoor er nog meer space waste ontstaat en communicatie systemen verstoord kunnen raken. Hoe gaan we dat opruimen? Ik wist niet eens van het bestaan van space waste. Met SPACE WASTE LAB PERFORMANCE maken groene LED stralen de onzichtbare space waste 200 – 20.000 kilometer boven ons hoofd zichtbaar.

Premiere Space Waste Lab Roosegaarde_Foto Jacqueline Knudsen 

Weet jij een mooi project waar het onzichtbare zichtbaar wordt gemaakt? Ik hoor het graag. Mail of bel me: cornoltee@mac.com of 0624965000. Ik zit zo ruim drie uur in de auto op weg naar de gezondste stad van Nederland.

Een hoeveelheid luchtvervuiling producerend minstens zo groot als:

Campagne voor WWF door Ogilvy China, 2007

Overgewicht en de NMC index op de Dutch Design Week 2022

22 nov

Dit is post 7 over mijn 6-daagse bezoek aan de Dutch Design Week in Eindhoven.

Als ik op bmiberekenen.nl mijn BMI laat berekenen, krijg ik het volgende:

Op basis van je lengte van 183 centimeter en gewicht van 84 kilo is je body mass index 25.1. Een BMI van 25.1 betekent dat je volgens de body mass index officieel overgewicht hebt. Dit hoeft geen probleem te zijn als dit tijdelijk is. Ben je echter al jaren te dik, dan heeft je lichaam het zwaar te verduren en loop je het risico op aandoeningen die hieronder zijn opgesomd. Als je hieronder in het figuur kijkt bij jouw lengte en jouw gewicht dan zie je dat je in het oranje gedeelte valt. Je kunt precies zien hoeveel kilo je moet afvallen om in de ‘groene’ categorie te komen en je officieel een gezond gewicht hebt. 

Ik weeg al meer dan 30 jaar 84 kilo en ik ben volgens mij niet gegroeid of gekrompen. Fysiek dan hè. Mentaal, emotioneel en spiritueel is een heel ander verhaal. Enfin. Volgens de site loop ik de volgende risico’s:

  • Hart- en vaatziekten
  • Diabetes (type 2)
  • Kanker
  • Hoge bloeddruk
  • Beroertes
  • Galziekten
  • Gewrichtsproblemen

Gelukkig kan ik er iets aan doen:

Bekijk jouw mogelijkheden om af te vallen en je droomfiguur te bereiken: Doe de test!

Doe maar niet.

Uit het jaarboek van de Design Academy leer ik van ontwerper Rixt Izeboud dat Body Mass Index (BMI) bijna 200 jaar geleden geïntroduceerd is door de Belgische wiskundige Adolphe Quetelet en dat de formule ‘gewicht gedeeld door lengte in het kwadraat’ een nogal gebrekkige formule is omdat deze is afgeleid van data gebaseerd op Europese lichamen en daarmee ander etniciteiten uitsluit. Bovendien meet het niet hoe het gewicht is verdeeld. Toch wordt BMI nog heel veel gebruikt om te bepalen of iemand een ‘gezond’ gewicht heeft, iedereen die buiten de range valt stigmatiserend. Gevolgen? BMI als indicator leidt tot verkeerde beeldvorming, kan verkeerde diagnoses als gevolg hebben en een juiste behandeling in de weg staan. BMI weg ermee!

BMI-31, Rixt Izeboud, rixtizeboud@hotmail.com

Met BMI-31 maakt Rixt Izeboud de belachelijkheid van BMI zichtbaar met 31 kruiken gebruik makend van de BMI formule. De collectie laat prachtig zien dat het onmogelijk is met één formule verschillende vormen en categorieën aan te duiden.

Zoals zo vaak in musea en expo’s werd ik ook hier weer geconfronteerd met mijn NMC index. De NMC index is gebaseerd op de volgende formule: het aantal negatieve mentale commentaren gedeeld door de tijd dat je een werk bekijkt. Bij het bekijken van het werk van Izeboud had ik heel veel negatief mentaal commentaar in een extreem korte kijktijd. Resulterend in de hoogste NMC index van mijn bezoek aan de eindexpo van de Design Academy. Gedachten als “tjongejonge weer handgemaakte keramiek knutselwerken”, “waarom zoveel van die kruikjes? kan het niet met minder?”, “wat een saaie kleuren”, “heb je hier nou vier jaar voor gestudeerd?”, “lekker origineel”, “moet ik op de grond gaan liggen om ze te bekijken?” De negatieve mentale commentaren worden ongecensureerd uitgekraamd door mijn interne saboteur (Kabouter met een grote K):

Er is geen plek op de wereld waar ik mijn Kabouter Killer harder nodig heb dan op de eindexpo van de Design Academy. Regelmatig haal ik de trekker over van mijn Magnum 45:

Mijn Kabouter Killer

Een kat heeft negen levens maar mijn Kabouter is onsterfelijk. Zijn commentaren zijn weinig origineel maar kunnen mijn bezoeken aan musea en expo aardig verzieken. Mijn Magnum 45 is dan ook een cruciaal onderdeel van mijn uitrusting. Om de werken van de afgestudeerden echt te begrijpen moet je Kabouter stil zijn. Stil in het Engels is SILENT en een anagram van SILENT is……………

LISTEN

Om echt te luisteren naar de wereld om ons heen moeten we af en toe onze Kabouter het zwijgen opleggen, de mond snoeren, stil zijn.

A Job to do at Dutch Design Week 2022

9 nov

Dit is de vijfde post over mijn 6 daagse bezoek aan de Dutch Design Week. Gisteren schreef ik over mijn ontmoeting met Job van de Berg. Ik had hem gevraagd of hij mijn Batmobiel wilde crashen. Dat wilde hij wel omdat hij het een goed verhaal vond. Enthousiast vertelde ik thuis over mijn ontmoeting met Job. Daar was veel minder, zeg maar geen, enthousiasme te bespeuren om mijn bijna 50 jaar oude klassieker tot een verwrongen stuk staal en plastic te crashen; “echt zonde”.

En toen ging ik toch twijfelen. Ik zou nooit meer met mijn Batmobiel kunnen spelen. Hem aan mijn vierjarige kleinzoon geven? Die ’taxeert’ hem toch anders dan ik toen ik 6 was. Voor hem is het gewoon een autootje die van Nonno is geweest. Boeien. Het alternatief om precies dezelfde erbij te kopen en die te crashen zodat ik het origineel weer in de kast kan zetten? Neeeeee. Ik moet denken aan het verhaal van kunstenaar Robert Rauschenberg.

Op Kunstvensters lees ik het volgende:

Robert Rauschenberg is een van de eerste conceptuele kunstenaars, die zijn eerste erkenning kreeg voor monochrome werken en collages, maar wereldberoemd werd met een conceptueel werk. Het werk dat hem wereldfaam bezorgde, maakte hij niet met een kwast of met een potlood. Hij gebruikte een gum en wiste een tekening uit van een van de meest succesvolle kunstenaars van de jaren 50, Willem de Kooning.

Met een fles Jack Daniels onder zijn arm, besloot Rauschenberg op een avond Willem de Kooning te bezoeken met zijn bijzondere vraag. Met lood in zijn schoenen en de hoop dat De Kooning niet thuis zou zijn, drukte Rauschenberg op de deurbel. De Kooning bleek thuis te zijn en liet hem binnen. De kunstenaars dronken een glas whiskey en Rauschenberg legde De Kooning zijn verzoek voor. Hij wilde een tekening die hij zou kunnen uitgummen. De Kooning bleef heel lang stil.

Hij begreep het idee van Rauschenberg direct, maar zag ook meteen de implicaties. Het uitgegumde werk zou veel teweeg kunnen brengen in de kunstwereld en de blik op kunst kunnen veranderen. Eigenlijk betekende het werk het einde van de tijd dat de Kooning de leidende kunstenaar was, De Kooning zou passe worden. Niet zo zeer omdat zijn werk letterlijk werd uitgegumd, maar omdat het een nieuwe periode aankondigde. Rauschenberg ging met dit werk in tegen de heersende kunst van het establishment waar de Kooning toe behoorde. Zoals de Kooning dat jaren eerder had gedaan tegen het establishment van Picasso en de surrealisten. Toch was het indirect ook een compliment dat Rauschenberg juist zijn werk wilde uitwissen.

Na lang nadenken zei De Kooning ‘I don’t like it, but I’ll do it. I know wat you’re doing.” Maar daarmee was de kous nog niet af, want er volgde een lang selectie proces van de tekening die uitgegumd kon worden. Rauschenberg vertelt: “Ik was blij geweest met iedere willekeurige tekening en wilde zo snel mogelijk terug naar huis. Maar De Kooning begon uitgebreid een portfoliomap door te bladeren. Bijna had hij een tekening uitgekozen, tot hij bedacht dat het een tekening moest worden die hij zou missen. Dus pakte hij een tweede portfolio waarin tekeningen zaten die hem dierbaarder waren. Het duurde en het duurde en toen hij eindelijk een dierbare tekening had uitgekozen, stopte hij hem op laatste moment toch terug in de map. Hij zei: Nee, toch niet, het moet er een zijn de moeilijk uit te wissen valt. Dus haalde hij een derde portfolio map tevoorschijn en koos een tekening met potlood, krijt, houtskool, vanalles.’

Het zou uiteindelijk meer dan een maand en heel veel gummen kosten, voordat Robert Rauschenberg de tekening had uitgewist. Toen dit eenmaal gebeurd was, liet hij zijn kunstenaarsvriend Jasper Johns het werk een titel geven. Het werd: ‘Erased De Kooning’ en onder die naam zou het werk beroemd worden en inderdaad de schok teweegbrengen die De Kooning al had voorzien. De weggegumde tekening is tegenwoordig te zien in het San Francisco Museum of Modern Art.

Het werk heeft veel invloed gehad op de wijze waarop wij naar kunst kijken en de conceptuele kunst, waarin het idee centraal staat, een enorme boost gegeven. Rauschenberg zelf heeft zich meer ontwikkeld binnen de minimal art en de pop art, maar talloze andere kunstenaars hebben het stokje van hem overgenomen en de conceptuele kunst tot een succesvolle stroming gemaakt. Overigens zijn er sinds ‘Erased de Kooning’ vergelijkbare initiatieven geweest, waarin bijvoorbeeld werk van Rauschenberg werd uitgegumd. Een grappig recent on-line ‘kunstwerk’ komt van Peter White, hij wiste de wikipedia pagina van De Kooning (zie hier) en creëerde zo zijn eigen “Erased de Kooning”.

Ik voelde me een beetje De Kooning en Rauschenberg tegelijk. De Batmobiel zou transformeren van speelgoed naar kunstwerk. From Design to Art in a Crash. Gecrashed in een stuk aluminium wordt de Batmobiel een verhaal over mijn jeugd. Over spelen met mijn Batmobiel. En dat is precies wat ik nu weer aan het doen ben, spelen met mijn Batmobiel. Verhalen maken. Met mijn nieuwe vriend Job. Toen ik een dag later met mijn vrouw mijn Batmobiel kwam brengen en ik benieuwd was naar wanneer ie klaar zou zijn, zei Job; “Als ie volgend jaar nog niet klaar is, moet je even bellen.” In een wereld van ‘vandaag bestellen, morgen in huis’ moest ik even schakelen. Maar zoals ik als 6 jarig ventje maandenlang voor de etalage van de speelgoedwinkel in Dordrecht naar de Batmobiel stond te kijken, ga ik nu als 55 jarig ventje dromen van mijn gecrashte Batmobiel. Veel plezier Job.

Job van den Berg met Batmobiel uit 1973

Auto (on)geluk op de Dutch Design Week 2022

8 nov

De beste week van het jaar duurt 9 dagen. De Dutch Design Week. Daarvan was ik 6 dagen in Eindhoven. Ik schreef er al eerder over. Hier, hier en hier.

Dit zijn de dingen die mij verder opgevallen zijn.

In mijn vorige post schreef ik over drie werken die ik tegen kwam op de graduation show van de Design Academy, vandaag maak ik een uitstapje naar Sectie C. Een plek waar ontwerpers hun werkplaats/kantoor/winkel hebben. Ik ‘doe’ de DDW altijd met de vouwfiets en zo langzaam aan weet ik mijn weg aardig te vinden. Je kunt met je festival bandje natuurlijk ook gratis gebruik maken van de Mini rides. Mini’s met Design op hun dak:

Ik heb wat met auto’s. Zeker met Mini’s. Mijn eerste auto was een Mini.

Het is 1992 en een van mijn favoriete bezigheden was het rondlopen op autosloperijen. Het zal met mijn autotik te maken hebben. Of met mijn beperkte budget. Of was het een beschermingstechniek. De kans was namelijk groot geweest, dat als ik op zaterdag in de Mini showroom had gelopen ik een Mini op afbetaling had gekocht inclusief Maxi renti. En aangezien ik weinig zin had in een lening en nog minder in een schuld leek me de autosloop op zaterdag een veel beter alternatief.

Op de bewuste zaterdagmorgen liep ik op de sloop een mooie Mini tegen het lijf. Hij stond op een Opel Kadett en onder een Autobianchi. Een mooi trio. Maar mijn interesse ging toch uit naar de Mini. Ik was op zoek naar een deurslinger voor mijn Mini. Mijn raampje ging niet meer open en het leek me weer fantastisch om mijn Taxi arm weer een beetje bij te kleuren in de warme augustus zon. En toen gebeurde het. Ik stond achter de Mini en dacht:

“Dit is een geweldige commode voor Noëlle, onze dochter.’

Mini mensje Noëlle moest nog geboren worden. (en mini was ze. twee maanden te vroeg en 1400 gram) Wij waren druk met de ‘kinderkamer’ en daar hoort een commode in. Plek voor de verschoning en de voorraad luiers. Het leek me geweldig om die te bewaren in de achterbak van die Mini. Heel handig van de Mini is het achterklepje. Dit scharniert niet aan de bovenkant maar aan de onderkant. Perfect. Noëlle kon daar dus uitstekend op verschoond worden. De perfecte commode. Helaas was mijn vrouw heel wat minder enthousiast.

Staand achter de British Racing Green Mini heb ik alle kleuren ontlasting voorbij zien komen. Gelukkig was Noëlle snel zindelijk en verhuisde de Mini naar de woonkamer en werd de kast voor de stereo-installatie. Van poep naar pop. Er was geen Mini op de wereld waar zo’n goed geluid uit kwam. Maar toen de kinderen de deur uit gingen en de parkeerplaats door de stijgende vierkante meter prijs te duur werd, moest de Mini de deur uit. Via wat omzwervingen staat ie nu bij ClubgeistBVH, het reclamebureau van vriend Ton. Als, je raadt het al, Minibar.

Een Mini. Mijn eerste auto. Maar de eerste auto waar ik echt verliefd op was, was de Batmobiel. Ik heb iets met wielen. Ik ben ervoor onder behandeling met weinig succes. Ik denk dat komt omdat ik als klein ventje altijd auto’s maakte van Lego totdat ik in de etalage van een speelgoedwinkel op de Voorstraat in Dordrecht de Batmobiel van CORgi Toys zag. Die kon ik niet namaken dus moest ik hem hebben. 6 weken later en vele uren starend voor de etalage kreeg ik hem van mijn moeder voor mijn zevende verjaardag. Ik weet nog goed dat ik de zilveren wieldoppen eruit peuterde omdat de Batmobiel gewoon helemaal zwart moest zijn. Helemaal. Een auto mag voor mij elke kleur hebben, als het maar zwart is. Schoonheid is de belofte van geluk. Prachtig verwoord door Stendhal. Als het om wielen gaat wil ik daar maar een ding aan toevoegen. Als ie maar zwart is. Het leven was goed als 7 jarige. Voetballen, stoepranden en auto’s in de prak rijden. Laten rijden moet ik zeggen. Samen met mijn vriend Frans Veerkamp zetten we kleine speelgoed auto’s op straat en lieten daar dan auto’s overheen rijden. Afgezien van de spanning of de wielen van de naderende auto ons speelgoed autootje zouden raken, waren we natuurlijk met name benieuwd hoe ie, als ie werd geraakt, eruit zou zien. Daar waren we heel kritisch in. Twee 7 jarige mannetjes die de schoonheid van de crash car bespreken. Het lijkt een scene uit een Wes Anderson film.

Terug naar Sectie C. Ik ben inmiddels 55 jaar. De Batmobiel heb ik nog steeds. Niets vermoedend loop ik langs het atelier van Job van den Berg. Job heeft ook iets met auto’s en crashes. Op sloperijen hebben ze van die heeeeele sterke electromagnetische schrootlifting magneten. Als een stuk schroot werd ik zijn atelier in getrokken. Met open mond en een straaltje kwijl. Rechts hing de wand vol met zijn Car Crash Collection:

Hoe Job die maakt? Zo:

Ik durfde het bijna niet te vragen aan Job maar deed het toch:

“Zou je mijn Batmobiel willen crashen?”

Zijn antwoord was het meest verrassende, wat ik een ontwerper ooit heb horen zeggen.

Wordt vervolgd.

Dood gevonden op Dutch Design Week 2022

4 nov

In de documentaire ‘Spring & Arnaud – Kunst, liefde en sterfelijkheid’ vertelt Spring Hurlbut over haar werk Airborne (2008). Een video van 19 minuten en 40 seconden waarin je ziet wat er gebeurt als je de deksel van een urn van een overledene verwijdert en de kleine asdeeltjes zich als wolken verspreiden;

“Death is one of the most important moments in life. The moment of freedom and transformation.”

De dood heeft voor mij altijd iets claustrofobisch gehad. Voor altijd opgesloten liggen in een kist 1,5 meter in de grond of je dood lang op de vensterbank (of donkere kast) van je nabestaande(n).

Na het zien van een een deel van Airborne weet ik wat ik wil als ik dood ben.

Ik wil gecremeerd worden en dat het openen van de urn gefilmd wordt tegen een zwarte achtergrond. Vervolgens “knallen we er een muziekje onder” zoals mijn pa zou zeggen; Hallelujah van Jeff Buckley. Dat ziet en klinkt er dan ongeveer zo uit:

Airborne Cor Noltee (1967-?)

Ik hoop dat de premiere nog even uitgesteld wordt en dat jij bij de voorstelling aanwezig bent.

Prachtig toch. Maar na het zien van het werk van Greta Ballschuh wil ik het toch anders. Na het zien van haar eindexamenwerk Question of Matter wil ik gewoon zo hup de grond in.

QUESTION OF MATTER, Greta Ballschuh, greta.ballschuh@gmx.net

Je mag me ook gewoon op de grond leggen. Ons ecosysteem is een constant roulerende cyclus van voedingstoffen en mineralen zodat toekomstig leven mogelijk is. Maar door onszelf buiten ‘de natuur’ te plaatsen doorbreken we die cyclus, met uitgeputte bodem als resultaat. Toch kunnen we na onze dood de bodem iets teruggeven wat ze kan gebruiken; ons lichaam. Ons lichaam bevat alle basis voedingsstoffen die planten nodig hebben om te groeien, variërend van koolstof en stikstof, tot calcium en magnesium. Als we gecremeerd worden of begraven in een kist dringen die stoffen niet of nauwelijks door in de bodem. Worden ze geen onderdeel van de cyclus van het leven. Maar als we geloof en conventies los laten en onze naakte lichamen doneren aan de bodem kunnen we leven geven aan de uitgeputte bodem en zo weer onderdeel van de ‘natuur’ worden. Misschien moeten we wel een pak aan. Ik stel het ‘Mushroom Death Suit’ van Jae Rhim Lee voor uit 2013. Een pak met een schimmellaag die de giftige stoffen in ons lichaam onschadelijk maakt.

Jae Rhim Lee, Mushroom Death Suit (2013)

Maar zolang je nog rechtop loopt is Footwear Therapy van Léa Simon misschien iets voor je. Schoenen bieden ons vele fysieke voordelen. Maar schoenen hebben veel meer te maken met expressie en emotie. Functie lijkt bijna bijzaak. Ik loop soms zelfs naast mijn schoenen. Ik draag geen hakken maar ik kan me voorstellen dat het een powershot en vertrouwen geeft. Ik voel me echt anders met mijn rode Salomons dan met mijn Italiaanse AKU’s. Met dit idee ontwierp Simon een paar schoenen die nieuwe emoties in de drager moet veroorzaken. De vorm van de schoen veroorzaakt een lichte balans beweging die verandert als je loopt. Lopen wordt een ritmische balansact waarbij je aandacht volledig gericht is op de stappen die je neemt. De bovenkant is gemaakt van wol voor warmte en comfort, als een dikke sok. De combinatie nodigt uit om naar buiten te gaan en mindful stappend tot rust te komen. A matter of walking. Keep walking.

FOOTWEAR THERAPY, Léa Simon, leasimon745@gmail.com

Het bekijken van de eindexamenwerken is een hardcore masterclass niet oordelen. Als je afgaat op wat je ziet loop je vloekend en tierend of met een permanente vraagtekenfrons op je voorhoofd. Gelukkig had ik 6 dagen de tijd zodat ik zodra mijn linker wenkbrauw een opwaartse beweging inzette ik pas op de plaats maakte, een keer diep in en uit ademde en keek. Wat zie ik. Zo ook bij het werk van Leon Barre;

COPY COPY, Leon Barre, leonbarre@t-online.de

In eerste instantie zag ik allemaal kopjes, in tweede instantie zag ik rijen kopjes, in derde instantie zag ik rijen kopjes die op elkaar leken en toen dacht ik laat ik de tekst maar even lezen.

Kopiëren is een onontkoombaar aspect van het leven. Het is hoe we leren en hoe onze cellen regenereren. Maar in de wereld van design wordt het vaak beschouwd als taboe en in het algemeen verboden door regelgeving. Het ‘originele ontwerp’ is heilig maar is het echt zo slecht om iets te imiteren wat al een keer gedaan is. Met COPY COPY verkent Barre een wereld waarin kopiëren een speelse en oprechte gezamenlijke activiteit wordt. In een serie workshops worden deelnemers gevraagd een kopie te maken van een origineel, gebruik makend van klei en tools.

Elk kopje is een imperfecte interpretatie van de maker. Elk kopje is een originele kopie van het origineel. De workshop herdefinieert originaliteit en auteurschap. Iedereen is eigenaar van zijn eigen origineel.

Mijn uitvaart ziet er nu als volgt uit. De uitnodiging is een schatkaart. Niet heel ingewikkeld. Ik wil wel dat jullie me vinden. Aangekomen in het bos lig ik er al, in mijn Mushroom Death Suit. Jullie moeten wel nog even een kuil graven. Er zijn lepels. Van de klei maken jullie een kopie van mijn favoriete koffiebeker. Vervolgens krijgt iedereen een paar schoenen van Léa Simon en waggelen jullie naar de kroeg waar jullie, inmiddels harde kopje, wordt gevuld met een drank naar keuze.

Proost.

Dutch Design Week 2022. Biogas, papier-maché en de metselbij

3 nov

De beste week van het jaar duurt 9 dagen. De Dutch Design Week. Daarvan was ik 6 dagen in Eindhoven. Dit zijn de dingen die mij opgevallen zijn.

De Gradution Show van de Design Academy was dit jaar op een nieuwe locatie. Afdalend in de parkeergarage van een leegstaand kantoorpand dacht ik op een post apocalyptische rave beland te zijn. Daar wilde ik wel eindigen maar zeker niet beginnen. Een snelle scan van het gebouw, een aantal trappen op en aflopend eindigde zoals elk jaar bij de ‘boekenwinkel’ waar ik het jaarboek kocht en buiten met een bak koffie in begon te lezen. Een aantal jaar geleden hadden ze voor de teksten een heel goed format voor de werken van de afgestudeerden. Wat is het, hoe werkt het, waarom is het belangrijk en een quote van de maker. Nu moet ik soms drie keer terug gaan in de tekst om te begrijpen wat het is, hoe het werkt en waarom het belangrijk is. Ik vind het belangrijk om de tekst goed te begrijpen want wat je ziet is lang niet altijd wat je krijgt. Ceci n’est pas une pipe. Het eerst op mijn gemak lezen van alle teksten geeft me rust, richting en houvast als ik voor de tweede keer mijn ronde doe en in kan zoomen op de werken die ik interessant vind.

BIOGAS. Bart Keiren, bartkeiren.com, bart.keiren@outlook.com

Bart Keiren verkent met BIOGAS de relatie mens en natuur. Verandert onze relatie met gas als de levering van gas afhankelijk is van onze tijd en aandacht? BIOGAS is een gesloten systeem waar je voor een bacterie cultuur moet zorgen. Eén kop voedsel afval levert genoeg gas op voor één kop thee per dag. Ik heb net gedachteloos mijn derde kop koffie uitbesteed aan mijn Nespresso machine. Ik betrap mezelf er wel eens op dat ik, voordat mijn beker vol is, al op de stopknop druk. Puur ongeduld.

Een paar jaar geleden had IKEA een briljante pay-off; aandacht maakt alles mooier. Ik las laatst een definitie van schoonheid; de belofte van geluk. Ik denk dat ik heel gelukkig zou worden als ik een kopje biogas thee van Bart Keiren zou drinken.

CUBCHO. Viktoriya Gotseva, gotseva.viktoriya@gmail.com

De zondvloed aan plastic wegwerp speelgoed schijnt kinderen te overprikkelen, verkort de aandachtsboog en resulteert in verveling. Cubcho staat hier haaks tegenover door kinderen juist in hun kracht te zetten door zelf op een speelse en eenvoudige manier speelgoed te maken. De gebruiksvriendelijke pers stelt kinderen vanaf 2 jaar in staat zelf blokjes te maken van papier-maché. Bij de pers zit een handleiding hoe je papier-maché maakt en hoe de 2+er zelf de pers kan bedienen. De handleiding vertelt ook het verhaal van Cubcho. Als inspiratie voor eindeloos speelplezier. Ik probeer me voor te stellen hoe het is om als kleuter eerst zelf te kliederen met papier, het in de Cubcho te proppen, aan te draaien om er vervolgens een nat blokje uit te halen, die te laten drogen en er vervolgens mee te spelen. Das pure magie ennnnnn je leert je kleine dat je van afval dingen kunt maken. Als mijn 4 jarige kleinzoon een Cubcho zou hebben dan weet ik wie er verantwoordelijk wordt voor de papierscheiding. Wat een goed idee! Kijk nog eens goed naar de uitdrukking van het zoontje van Viktoriya. Daar word je toch blij van.

OSMIA AVOSETTA VASES. Eleni Ioannidou, eleni.ioan@icloud.com

Ik heb een aantal jaar in een appartement gewoond in Dordrecht. Het bevond zich aan het Scheffersplein waar zaterdag de markt was en bloemen werden verkocht. Niet zomaar bloemen maar “Bloemen van Huigen die kenne nie buige!” Deze briljante zin werd heel de dag herhaald. Ik kon onmogelijk ongezien de stad in zonder opgemerkt te worden door Moeder Huigen die mij en de rest van de wereld aansprak met “Schatjie” om je vervolgens brutaal glimlachend aan te kijken zodat je wel bloemen moest kopen. Ik probeerde dat altijd zo lang mogelijk uit te stellen want rond 16.30 gingen ze voor “drie voor vijf”……schatjie asjeblief. Veel en vaak chrysanten herinner ik me. Daar was mijn vrouw geen fan dus veranderde ik mijn bloemstrategie, geïnspireerd door vrienden van ons, naar drie amaryllissen per week. Die had Huigen niet. Ik heb menig zaterdag omgelopen om niet opgemerkt te worden door Moeder Huigen. Ik heb me vaak afgevraagd wat er met de bloemen gebeurd die niet meer te verkopen zijn.

En daar heeft Elini Ionnidou een idee voor. Wat als je in plaats van dat je de bloemen weggooit, gebruikt voor iets anders. De Osmia Avosetta Vase is een hommage aan de Osmia Avosetta bij. Wikipedia:

De vrouwtjes van Osmia avosetta metselbij maken enkele kleurrijke, ondergrondse nesten van 1,5 tot 5 centimeter lang die bestaan uit twee lagen met bloemblaadjes met daartussen een laag van modder of klei:

Ioannidou mixt de bloemblaadjes met bijenwas en perst ze in mallen om de vazen te maken. Waarom nog verse bloemen in huis als je een prachtige bloem-bij vriendelijke vaas kunt hebben. Nog beter is natuurlijk als er geen bloemen overblijven. En nog beter is helemaal geen verse bloemen. Sorry Paus. Bedankt voor die bloemen.

GET SET for Dutch Design Week 2022

23 okt

De beste week van het jaar duurt 9 dagen en daar zijn er al bijna 2 van voorbij. Ter voorbereiding van mijn bezoek aan de Dutch Design Week in Eindhoven deel ik hier een aantal ontwerpen die me struinend op ddw.nl opvielen.

Maak kennis met Nienke Hoogvliet (o.a. kledingkleurstof van zeewier) en Dave Hakkens (Phonebloks en Precious Plastic) in de Close Up aflevering A world to Shape van Ton van Zantvoort:

‘Ik vond met name de visie en ambitie van Dave en Nienke aansluiten bij de manier hoe ik zelf films maak: ik wil mensen met mijn films aan het denken te zetten over de wereld waarin we leven. Zij doen dat ook, maar dan met design.’

https://www.2doc.nl/documentaires/2022/10/a-world-to-shape.html

De kortste weg naar de ander is de glimlach. Stel je voor dat we allemaal een glimlach ‘opzetten’. Heb je daar moeite mee dan heeft Alma Teer een oplossing:

‘The Best Jewellery A Woman Can Wear Is Her Smile’ — © Alma Teer

Op https://2022.manifestations.nl/programma/ lees ik:

Fotoserie en sieraden serie gericht op het laten glimlachen van vrouwen. Dit werk bespreekt cultuur, gedraging naar vrouwen (glimlach eens) en gewenst gedrag van vrouwen, etc.

Deze ‘smile devices’ bevragen ​​de invloed van geschiedenis, samenleving, sociale media en seksualiteit op het sociale gedrag van glimlachen. Door de drager te dwingen te glimlachen wil ik bewustzijn creëren over de gewoontes van ons lichaam die in het dagelijks leven onopgemerkt blijven.

Je vindt Alma Teer in het Veemgebouw, 8ste verdieping, Torenallee 100, 5617 BE Eindhoven

Jarenlang heb ik lucht gebakken bij reclamebureau’s. Waarschijnlijk daarom sprak me het concept van Dutch Design Award genomineerde Noa Jansma ‘Buycloud’ zo aan dat ik direct voor € 40,20 officieel eigenaar van een wolk ben geworden.

Op de site van de Dutch Design Awards 2022 lees ik:

Buycloud is een video-installatie met daaraan gekoppeld een virtuele speculatiemarkt en online kadaster. Het project van Studio Noa Jansma onderzoekt de exploitatie van natuurlijke fenomenen door wolken te koop aan te bieden. Jansma wil daarmee kritische parallellen trekken tussen het verleden (kolonialisme), het heden (klimaatverandering) en de toekomst (buitenaardse bezetting). Buycloud bevraagt de fictieve rol die het begrip eigendom heeft en legt de subtiele absurditeit van het bezitten van een stuk natuur bloot door vrij letterlijk lucht te verkopen. Alle stappen van de verkoop worden gerechtvaardigd door bestaande wetten, methoden, concepten of filosofieën die we in onze samenleving gewoon zijn te accepteren en volgen.

I am an AI that can write love letters for you. — © Bedrijf de Liefde

Hoe echt is liefde nog als AI je liefdesbrieven genereert? Bedreigt AI ons vermogen om betekenisvolle connecties aan te gaan? Wil dat zelf ervaren? Laat dan je liefdesbrief maken door de Love Letter Generator van Bedrijf de Liefde:

De Love Letter Generator nodigt je op een speelse manier uit tot ethische reflectie over AI. Je neemt plaats achter een oude computer. Het flikkerende groene scherm van de monitor heeft een boodschap voor je: “So… you’re looking for a way to connect with someone? You have come to the right place. I am an AI – an Artificial Intelligence – that writes love letters for you.” De AI vervolgt zijn boodschap. De AI is grappig, al dan niet een tikkeltje brutaal, en stelt vragen die je zal moeten beantwoorden als je die liefdesbrief graag wilt. Op basis van je antwoorden genereert de AI een unieke liefdesbrief die automatisch geprint wordt. Als je vervolgens dit stukje leesbare liefde tot je hebt genomen, vraagt ​​de AI hoe goed hij het heeft gedaan. Maar daar blijft het niet bij: de AI vraagt meer…

De Love Letter Generator vind je in Strijp-S area, VEEM floor 8, Torenallee 100

Tot morgen. Hier of in EIndhoven.

Love Cor

5. Slim Spelen op de Dutch Design Week.

16 nov

Dit is, in willekeurige volgorde, nummer 5 van mijn favorieten op de Dutch Design Week 2019. Bij deze favoriet is van belang te weten dat ik als 6 jarig ventje lid werd van voetbalvereniging Racing Club Dordrecht (RCD). Dat was een logische stap in mijn prille voetbalcarrière want twee broers van mijn moeder in onze katholieke familie waren ook lid. Met name mijn oom Albert was een inspiratie bron. Hij was snel, technisch en had de uitstraling van een mix van Johnny Rep en Tscheu La Ling. Ik was veel minder technisch, een eenvoudige schaar leverde serieuze fysieke en mentale problemen op bij de tegenstander maar ook de bal. Ik moest het van mijn snelheid hebben. In mijn topseizoen scoorde ik 34 keer waarvan 30 op een voorzet van eigen helft door onze keeper of voorstopper. Gouden tijden. Wedstrijden op zaterdag en zondag met de hele familie Sport in Beeld kijken bij oma Kuster. We waren Feyenoorders.

Het voelde dan ook wat ongemakkelijk toen goede vriendin en ex-collega Annette Poot van Pootentieel in 1996 vroeg om bij het Ajax afscheid van de Meer en de opening van de Arena het blue screen virtual reality systeem in te zetten als sponsor activiteit voor de ABNAMRO. Het was de eerste officiële opdracht van mijn eigen bedrijfje Moreality. Een aantal maanden ervoor had ik in Duitsland een kunstenaar ontmoet die daar op een beurs stond met een door hem ontwikkelde Mandala systeem “Vivid Reality”. Vincent John Vincent was een Canadese kunstenaar die samen met een techneut een spel had gemaakt waarbij je staand voor een bluescreen werd opgenomen door een camera en jouw live videobeeld in een spel projecteerde. Je lichaam was de muis en door te bewegen speelde je het spel. Het spel wat ik toen voor het het eerst speelde was Turbo Kourier. Heftig heen en weer springend moest ik obstakels ontwijken en groene Turbo Koerier pakketjes verzamelen. Het was ongelooflijk hoe goed het spel werkte. Mijn bewegingen werden zonder merkbare vertraging  omgezet in beweging op het beeldscherm. Toen ik de dag erna me afvroeg waar ik tocht die spierpijn in mijn bovenbenen van had, duurde het even voordat ik me realiseerde dat dat gekomen was door het bluescreen virtual reality spel van een Canadese kunstenaar dat ik de dag ervoor gespeeld had.

Met veel succes werd het Vivid Realty spel ingezet bij het afscheid van de De Meer en de opening van De Arena. Het spel had namelijk meerdere software titels zoals Netminder, een spel waarbij jij als keeper de ballen uit je doel moest houden. Als toeschouwer zag je iemand dan wild met zijn armen zwaaiend staan voor een bluescrreen. En als je dan naar het beeldscherm keek zag je die persoon bewegen in het doel, de ballen proberen tegen te houden. Het was niet alleen heel leuk om te spelen, het was misschien nog wel leuker om naar de spelers te kijken. De video opnames die ik maakte kreeg elke speler mee op videoband en kon ik natuurlijk weer goed gebruiken bij het binnenhalen van nieuwe klanten.

Toen Annette me daarna uitnodigde om als VIP naar een thuiswedstrijd van Ajax te komen, zei ik natuurlijk heel stoer nee. Om vervolgens binnen 0,4 seconde “Jaaaaa’ te roepen. Ik was toch wel nieuwsgierig naar het VIP gevoel van een Ajaxied. Een paar dagen voor de wedstrijd kreeg ik de kaarten in een mooie verpakking thuis gestuurd. Inclusief parkeerkaart op het VIP dek, twee toegangskaarten voor de wedstrijd in vak 218 en twee kaarten voor de VIP ontvangst in de Rinus Michels zaal. 1,5 uur voor de wedstrijd werden we daar welkom geheten met een drankje en een hapje. Alles tot in de puntjes verzorgd. Als het om service design gaat, ken ik maar weinig mensen die nog kritischer zijn dan ik. Annette is daar één van.  Ik zie ik zie wat jij niet ziet……Annette ziet alles.

Ik zie weer andere dingen. Zo werden we gefotografeerd voor we de VIP ruimte inliepen en zouden de foto na afloop van de wedstrijd ontvangen. Toen ik de foto zag was het eerste wat me opviel dat het gewoon een inkjet print was. Dat was een tegenvaller. Ik had als VIP toch een echte foto verwacht. Aangezien Annette altijd open staat voor verbeteringen, gaf ik haar mijn commentaar, waarop zij glimlachend antwoordde in de vorm van de perfecte briefing voor een nieuwe opdracht:

‘Dan bedenk je toch wat nieuws. Wat beters.’

De volgende 3 seizoenen ging ik samen met een roady elke tweede zondag in richting de Arena. Met de Sleutelhanger Fabriek. Op maat gemaakt door Gerrit Dijkstra. Dus prachtig gemaakt, hufter proof en eenvoudig te bedienen. Het werkte als volgt. Bij binnenkomst werd iedereen gefotografeerd en na de wedstrijd kon iedereen zijn sleutelhanger uitzoeken op de aan de muur bevestigde kunststof grasmat.  Jong en oud stond dan geduldig te wachten op zijn sleutelhangertje. Als kinderen in de rij voor een gratis ijsje. Bankdirecteuren met klanten en vaders met kinderen. Allemaal turend langs de ruim 200 sleutelhangers. Maar de allereerste was altijd Martin Schröder (Martinair) met zijn  vrouw. Zij gingen altijd iets eerder weg. Het was een heel grappig gezicht om de lange, statige figuur met zijn veeeel kleinere vrouw te zien turen naar de sleutelhangers. Het leek wel of ze er een soort wedstrijd van gemaakt hadden wie hem als eerste gevonden had. Door het grote lengteverschil waren ze het perfecte team. Hij zocht boven en zij zocht onder.

Toen ik aan het eind van het seizoen te horen kreeg dat ze weer ‘wat nieuws en beters’ wilde, was ik een stuk minder enthousiast. Ik stond namelijk op het punt een half jaar naar Zuid Afrika te vertrekken om daar met mijn gezin in een oude Volkswagenbus rond te gaan rijden.

Een zinnetje zorgde er echter voor dat ik nog een kans kreeg:

‘Dat zullen mevrouw en meneer Schröder niet leuk vinden.’

Om hem vervolgens in te koppen met het filmpje wat ik stiekem had gemaakt van de Schrödertjes. Turend langs de sleutelhangers. Na 12 seconden roept mevrouw Schröder enthousiast ‘Jaaaa’ alsof ze net de bingo heeft gewonnen. ‘Ik heb hem.’ voegde ze er aan toe.

Ik had hem ook. Voor nog een seizoen. Toen moesten we echt weer wat nieuws en beters bedenken.

Enfin. Dat was 2004. Nu is het 2019 en daar liep ik op de Dutch Design Week. Na het voorgaande zul je begrijpen dat ik als ex voetballer, spel en technologie fan getriggerd werd door het volgende beeld;

smarteams

Ik kwam het prototype van de TU Eindhoven tegen op de expo Drivers of Change en het heet Smarteams;

“Slimmer voetballen met interactieve LED-hesjes. Van laptopcoach tot VAR; de technologie rukt op in het voetbal. Nieuwe loot aan de stam is Smarteams. waar spelers tijdens trainingen nu eenkleurige hesjes dragen, neemt dit interactieve ‘LED-hesje’ verschillende kleuren aan. Coaches veranderen met een beweging teamsamenstelling, maar bepalen in een split-second ook wie de bal naar wie moet passen. hackers op de hesjes geven bovendien inzicht in persoonlijke en ’teamscores’, zoals snelheid, positie, en vermoeidheidsniveau; allemaal zaken die het verschil kunnen maken tussen winnen en verliezen.”

Misschien een idee voor Dick Advocaat? Dan moet ie Vimukthi Gunatilleke even mailen:

vimukthi08@gmail.com

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: