Archive | Art Histories RSS feed for this section

How to be an artist. Deel 6

5 dec

howtobeanartist6.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

 

Les 22. Je hebt maar een paar mensen nodig om een carrière te beginnen.

Maar hoeveel dan, precies. Tel maar mee.

Dealers? Je hebt maar een dealer nodig (is ‘manager‘ een goede Nederlandse vertaling?). Iemand die in je gelooft, je emotioneel ondersteunt, je snel betaalt, iemand die niet teveel spelletjes met je speelt; iemand die eerlijk is over je slechte en goede kunst, iemand die er alles aan doet je werk te ‘verspreiden’ en er geld mee probeert te verdienen. Zij of hij hoeft niet perse in New York te zitten.

Verzamelaars? Je hebt maar 5 of 6 trouwe verzamelaars nodig die af en toe gedurende een langere periode werk van je kopen, die echt begrijpen waar je mee bezig bent, je door dik en dun steunen en die niet zeggen “Je moet het zo maken.” Als elk van deze 6 verzamelaars met 6 verzamelaars praten over je werk moet dat genoeg zijn om genoeg te verdienen zodat je genoeg tijd hebt om je werk te maken. Tijd is succes. (les 21). En een belangrijke tip van Greyson Perry; zorg ervoor dat je werk in een de lift van een New York appartementen complex past.

Critici? Het zou fijn zijn als twee of drie critici echt begrijpen waar je mee bezig bent. En als ze van dezelfde generatie zijn, nog beter. Geen oude mannen zoals Saltz (adviseert hij zelf)

Curators? Het zou fijn zijn als er 1 of 2 curators van jouw generatie (of een beetje ouder) zijn die je af en toe meenemen in hun expo’s.

Dat is alles! 12 mensen. Natuurlijk kan jouw crappy kunst 12 mensen in verwarring brengen. If you can’t convince them, confuse them. Het is sommige gelukt met 3 of 4 supporters en zelfs met 1.

In 1957 ontdekte, gallery eigenaar Leo Castelli, Jasper Johns tijdens een bezoek aan Robert Rausenberg’s atelier. Castelli bood John direct zijn eerste solo show aan waar Alfred Barr, de oprichter van het MOMA, 3 werken kocht. Andere werken werden gekocht door Philip Johnson, Burton en Emily Hall Tremaine. En voor de expo plaatste Thomas Hess een Johns op de cover van ARTnews.

In 1993 brak Elizabeth Peyton door in New York door een actie van haar dealer Gavin Brown. Bezoekers van het Chelsea Hotel die de sleutel van kamer 828 vroegen konden in kamer 828 de 21 kleine en middelgrote zwart wit houtskool en inkt tekeningen van dandy’s, Napoleon, Queen Elizabeth 2, Ludwig 2 en anderen. De werken hadden heel makkelijk gestolen kunnen worden. Geen enkele werd gestolen. Sindsdien heeft Peyton museum expo’s over de hele wereld en worden haar werken verkocht voor bijna een miljoen. Volgens de hotelmanager hebben slechts 38 mensen kamer 828 bezocht. Je hebt maar een paar mensen nodig.

Maar wel een heel goed verhaal.

En het laatste deel van deze les kan ik niet mooier maken dan het is. Helaas geen suikerlaagje; sommige mensen zijn beter connected dan anderen. Ze komen eerder aan die 12. De kunstwereld is vol van deze bevoorrechte mensen. Je kunt ze haten. Saltz haat ze. Hij vindt het oneerlijk en onrechtvaardig. Met name voor de gekleurden en/of 40plussers. Dit moet veranderen. Door ons allemaal.

Dankjewel Jerry Saltz. Je tips doen me denken aan Grayson Perry’s Reith Lectures. Een hilarisch scherpe kijk op de kunstwereld door de eerste travestiet pottenbakker die de Turner Prize won. Heel kleurrijk en 40 plus.Schermafbeelding 2018-12-05 om 09.53.02

Beluister ze hier.

How to be an artist. Deel 4

2 dec

HOWTOBEANARTIST4.001

De afgelopen dagen schreef ik over de (16 van de 30) lessen van kunstkenner Jerry Saltz. Vandaag deel 4. Hier lees je het origineel.

Les 17. (be)kijk zoveel mogelijk.

Kunstkenners kijken naar en kunstenaars maken met. Kenners kijken door dichtbij te staan, afstand te nemen, bekijken een oeuvre, vergelijken met anderen, bezien de context, de tijd, terugvallen, mislukkingen, gebrek aan originaliteit. En sommige proberen dat dan ook nog eens in begrijpelijke taal te verwoorden. Dat lukt zeker niet iedereen. Mooi geïllustreerd door de cartoon in het boek van Will Gompertz; Dat kan mijn kleine zusje ook. Een archeoloog graaft een hiëroglief op en probeert de tekst te ontcijferen:

Schermafbeelding 2018-12-02 om 11.37.46

 

“De tekst is onbegrijpelijk. Het zal wel een kunstcatalogus zijn.”

Vaak lijkt de tekst naast een kunstwerk eerder een poging om je zo snel mogelijk uit het museum te krijgen in plaats van je te verbinden met het werk. Streng kijkende suppoosten in militaristische outfits dragen niet bij aan het voeden van onze  nieuwsgierigheid. En ook al zeggen ze niets communiceren ze wel degelijk. Soms voel ik me een bezoeker aan een gevangenis waarbij ik niet te dicht bij de raamtjes van de cellen mag komen. Maar ik was toch op bezoek. Jaaaaajaaaa maar liever niet.

Goed naar kunst kijken zou je kunnen uitproberen met een methode genaamd Visual Thinking Routines. Ik volgde ooit een twee daagse training die als volgt was opgebouwd; in de ochtend theorie en oefenen en in de middag naar het museum en zelf aan de slag. Donderdag het Rijks en vrijdag het Stedelijk. En dat werkte uitstekend. En vooral omdat ik me op een gegeven moment een zeer ongeduldige puber voelde op het moment dat we, net voor de pauze, naar een foto moesten kijken:

A View from an Apartment 2004-5 by Jeff Wall born 1946

De foto werd geprojecteerd op de muur.

Mijn eerste reactie was, “ok een foto van een appartement met uitzicht op een haven. Zullen we nu lunchen?”

De gemiddelde kijktijd van 9 seconden die er naar kunst in een museum wordt gekeken, haalde ik niet eens. Bij lange na niet. Na 5 seconden had ik ik het al gezien.

Maar ik kreeg ruim 2 minuten de tijd om te kijken en op te schrijven ‘Wat je zag’. Ik was blij dat mijn mobiel in mijn tas zat want ik voelde een onbeheersbare drang om me online te verbergen. Ik bedacht me dat dit nu precies het gevoel moest zijn van menig museumbezoeker. Een ‘ik ben niet de enige’ gedachte verbond me met de grote groep ‘ongeduldigen’. Ik besloot me over te geven aan de opdracht en op te schrijven wat ik zag.

Vervolgens deelden we onze observaties met elkaar en werden ze centraal op een flip-over gezet. En het mooie was dat ik meer zag door de observaties van de anderen die andere dingen waren opgevallen. We waren inmiddels bijna 10 minuten aan het kijken en delen. Mijn ongeduld was omgezet in een oprechte nieuwsgierigheid naar wat ik allemaal nog meer kon ontdekken en wat de anderen zagen.

In het tweede deel van de Thinking Routine ‘See, Think, Wonder’ neem je een aantal minuten de tijd om na te denken en op te schrijven ‘Waar het over gaat?’ Ook hier weer eerst individueel om e.e.a. vervolgens weer met elkaar te delen. Individueel, samen. Listen, Silent. Eerst het Wat bekijken en dan pas het ‘Waar het over gaat’.

Door ook dit weer na elkaar in alle rust met elkaar te delen, leerde ik dat iedereen andere betekenissen aan de observaties gaf. Wat het kijken een enorme verdieping gaf en me leerde dat je dingen van meerdere kanten kunt bezien en daar dus andere betekenissen aan kunt geven.

De 10 seconden waren inmiddels 15 minuten geworden en ik was benieuwd naar wat de volgende stap zou zijn. De derde stap van deze routine was de vraag ‘Welke vragen zijn er nog overgebleven?’ Zo vroeg een deelnemer zich af of de situatie echt was of in scene gezet. Zo kwamen er meer vragen voorbij waarbij ik dacht “Hoe kom je er op?” of “Wat een goede vraag!”. En steeds weer kijkend naar de foto die inmiddels echt tot leven was gekomen. Het leek of ik in het appartement was en ik als Tita Tovenaar alles en iedereen had stil gezet. Raar maar waar.

Ruim 20 minuten later was ik oprecht teleurgesteld toen de lunch werd aangekondigd.

Mijn ongeduld was omgeduld.

Ik raad iedereen die wil vertragen en (be)vragen van harte de training van Thinking Museum aan.

Met bovenstaande raad ik je  tevens aan niet te proberen alle werken in een museum te bekijken. See think en wonder er maar eens 1 met zijn tweeën. Dan een bakkie koffie en misschien gewoon naar huis……bijkomen.

 

Mijn vrouw adviseert me om nu te stoppen zodat je het allemaal even kan laten bezinken en morgen de volgende les. Goed idee.

Maar ik schrijf toch nog even door.

 

Les 18. Alle kunst is identiteits kunst.

Een slechte vertaling van Saltz’ “All art is identity art. ” Maar het is volgens Saltz zo omdat kunst gemaakt wordt door iemand, een persoon met een identiteit.

Ik voel me hier nu langzaam het graf van onbegrijpelijke taal in getrokken worden om vervolgens te verstenen met een grote groef in mijn voorhoofd en kronkel in mijn hersenen. WTF.

Wat voor mij kijken naar kunst een waardevollere beleving maakt is dat ik los van (samen) kijken graag in het hoofd van een kunstenaar duik. Als je meer weet over de persoon en de context, kijk en ervaar je het eindresultaat ook heel anders. Als je meer weet over het waarom en het hoe, is het wat (het kunstwerk) als een op pauze gezet frame uit het leven van de kunstenaar. Gisteren zag ik de documentaire Jim & Andy.  The Great Beyond. Over de rol van Jim Carrey als Andy Kaufman (1949-1984) in Man on the Moon (1999) aangevuld met behind the scenes materiaal van Andy’s ex vriendin.

Jim Carrey werd Andy Kaufman gedurende de drie maanden durende shoot. Hij zette niet alleen een masker op maar nam de identiteit van Kaufman over. Dit ging zelfs zo ver dat de echte moeder van Kaufman emotionele gesprekken had met haar overleden zoon Andy die tot leven gebracht was door Jim Carrey. In de documentaire lopen realiteit en film door elkaar en ontstonden er situaties waarin zelfs Oscar winnend regisseur Milos Forman (One flew over the Cuckoo’s nest) om hulp vraagt van Jim Carrey aan Jim Carrey.

Les 19. Alle kunst was ooit hedendaags.

En daarmee kan kunst een magische tijdsmachine zijn. Want alle kunst is gemaakt in en een reactie op de tijd waarin de kunstenaars leefden. En dat is natuurlijk niet altijd even makkelijk. We willen wat we zien in een vakje stoppen zodat we het begrijpen. We vinden kunst mooi of lelijk maar kunst vanuit deze bipolariteit ‘bekijken’ is een gemiste kans. Ik moet denken aan mijn, in de afgelopen jaren ontwikkelde strategie, om het afstudeerwerk van de Design Academy te bekijken. Op de eerste dag van de opening koop ik het boek met al het werk en ga naar huis. Ik bekijk verder geen werk. Eenmaal thuis lees ik het boek van voor naar achter en noteer welk werk ik graag in het echt wil zien….of ervaren. Soms zegt een plaatje in een boek met een beschrijving me genoeg. Maar soms wil ik meer weten dan me wordt gegeven of wil ik het werk beleven, als het om een installatie gaat. Het resultaat van mijn voorwerk is dat ik heel doelgericht en voorbereid van de expo kan genieten. Een ander groot voordeel is dat je gespreksmateriaal en wellicht vragen of feedback hebt voor de ontwerpers die veelal naast hun werk staan. Afgelopen editie resulteerde dat in een interessant gesprek over een koffiezet apparaat. Elk jaar zijn er ontwerpen van koffiezetapparaten. Ik denk dat als ik deze op een tijdslijn zet deze een mooie reflectie zijn op de tijd waarin ontworpen zijn.

Tijd voor koffie.

 

 

Verdraagzaamheid

2 jun

verdraagzaamheid.001

“Ik heb met Kunstgrepen niet bedoeld dat het over kunst ging. Ik heb met Kunstgrepen bedoeld dat het over verdraagzaamheid ging. Ik heb vanaf de eerste uitzending altijd voor mezelf ook geweten dat het daar niet over ging maar dat inderdaad ging over die verdraagzaamheid. Dat het gaat over het vreemde dat je tegenover je krijgt, het rare, het schijnbaar…..onbegrijpelijke en dat je je best zou kunnen doen om je daar eens in te verdiepen. En dat bedoel ik met al die schilderijen, al die dingen die ik heb laten zien. Die duizenden die ik heb laten zien bedoel ik; dat zijn eigenlijk mensen en je kunt je best doen voor mensen. Daar gaat het eigenlijk over. Kunstgrepen heeft eigenlijk heel weinig met kunst te maken.”

Bovenstaande tekst is van Pierre Janssen uit de documentaire ‘De Kunstgrepen van Pierre Janssen’

https://www.npo.nl/andere-tijden/08-04-2017/VPWON_1267528

Ik vond het zo mooi verwoord dat ik het met mijn iPhone opnam en nu met jullie deel. Het was namelijk precies wat ik zelf voelde toen ik tijdens een training Visual Thinking Routines getest werd op mijn verdraagzaamheid. De training was twee dagen en ik was de enige man tussen 11 vrouwen. Ja er mag best wat meer testosteron in het kunsteducatieve domein. Enfin. De training was als volgt  opgebouwd; in de ochtend theorie en oefenen en in de middag naar het museum en zelf aan de slag. Donderdag het Rijks en vrijdag het Stedelijk. En dat werkte uitstekend. En vooral omdat ik me op een gegeven moment een zeer onverdraagzame en ongeduldige puber voelde op het moment dat we naar een foto moesten kijken……een half uur voor de pauze.

A View from an Apartment 2004-5 by Jeff Wall born 1946

De foto werd geprojecteerd op de muur.

Mijn eerste reactie was, “ok een foto van een appartement met uitzicht op een haven. Zullen we nu lunchen?”

De gemiddelde kijktijd van 9 seconden die er naar kunst in een museum wordt gekeken, haalde ik niet eens. Bij lange na niet. Na 5 seconden had ik ik het al gezien.

Maar ik kreeg ruim 2 minuten de tijd om te kijken en op te schrijven ‘Wat je zag’. Ik was blij dat mijn mobiel in mijn tas zat want ik voelde een onbeheersbare drang om me online te verbergen. Ik bedacht me dat dit nu precies het gevoel moest zijn van menig museumbezoeker. Een ‘ik ben niet de enige’ gedachte verbond me met de grote groep ‘onverdraagzamen ’. Ik besloot me over te geven aan de opdracht en op te schrijven wat ik zag.

Vervolgens deelden we onze observaties met elkaar en werden ze centraal op een flip-over gezet. En het mooie was dat ik meer zag door de observaties van de anderen die andere dingen waren opgevallen. We waren inmiddels bijna 10 minuten aan het kijken en delen. Mijn ongeduld was omgezet in een oprechte nieuwsgierigheid naar wat ik allemaal nog meer kon ontdekken en wat de anderen zagen.

In het tweede deel van de Thinking Routine ‘See, Think, Wonder’ neem je een aantal minuten de tijd om na te denken en op te schrijven ‘Waar het over gaat?’ Ook hier weer eerst individueel om e.e.a. vervolgens weer met elkaar te delen. Individueel, samen. Listen, Silent. Eerst het Wat bekijken en dan pas het ‘Waar het over gaat’.

Door ook dit weer na elkaar in alle rust met elkaar te delen, leerde ik dat iedereen andere betekenissen aan de observaties gaf. Wat het kijken een enorme verdieping gaf en me leerde dat je dingen van meerdere kanten kunt bezien en daar dus andere betekenissen aan kunt geven.

De 10 seconden waren inmiddels 15 minuten geworden en ik was benieuwd naar wat de volgende stap zou zijn. De derde stap van deze routine was de vraag ‘Welke vragen zijn er nog overgebleven?’ Zo vroeg een deelnemer zich af of de situatie echt was of in scene gezet. Zo kwamen er meer vragen voorbij waarbij ik dacht “Hoe kom je er op?” of “Wat een goede vraag!”. En steeds weer kijkend naar de foto die inmiddels echt tot leven was gekomen. Het leek of ik in het appartement was en ik als Tita Tovenaar alles en iedereen had stil gezet. Raar maar waar.

Ruim 20 minuten later was ik oprecht teleurgesteld toen de lunch werd aangekondigd.

Mijn ongeduld was omgeduld.

Een hardCOR lesje verdraagzaamheid.

 

AH

23 apr

ah.001

Ken je Maurizio Cattalan?

catalan_boijmans

Dit is hem. In Boijmans van Beuningen. Is dit kunst? Veel vinden van niet en veel minder, denk ik, wel. Ik wel. Ben zelfs groot fan van Cattalan. Vind het sowieso een kunst als het je lukt met een werk als dit het museum in te komen. Misschien is dat ook wel wat Cattalan met dit werk wil zeggen. Of zegt hij “waar kijken jullie nu naar?”. Als die vraag als bezoeker van Boijmans in je opkomt als je naar zijn werk/hem kijkt, kijk je in in ieder geval niet naar de andere werken aan de muur. Het werk van Cattalan heeft stopping power. Het tovert een glimlach en soms een grimas of gruwel op mijn gezicht. En soms allemaal tegelijk. Het zet je op het verkeerde been en zet je aan het denken. Wat is de bedoeling, de boodschap, waarom? Ik kan me voorstellen dat er heel wat discussies, overleggen en voorbereiding aan het kopen, plannen en plaatsen van dit werk van Catalan vooraf gegaan aan de opening van de tentoonstelling in Boijmans. Maar niet zoveel als met zijn overzichtstentoonstelling in het Guggenheim in New York; All. Hier hing ‘hij’ al zijn originele werken van de afgelopen 20 jaar aan het plafond.

catalan_guggenheim

Gisteren zag ik de documentaire over Cattalan op NTR en daarin ook een werk waar ik echt van schrok.

Het is een knielend figuur die je op de rug ziet als je  de ruimte in loopt.

Schermafbeelding 2017-04-23 om 08.38.20

En als je dichterbij komt en kijkt wie het is:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Schermafbeelding 2017-04-23 om 08.38.29

Het werk werd laatst voor ruim $ 17.000.000 verkocht waarbij het beeld met de rug naar de bieders stond. Maar dus met het gezicht naar de veilingmeester. Wie biedt meer?

Marianne Hoet van Christie’s Brussel kocht het uiteindelijk. Ben benieuwd waar Adolf op zijn knieën zit. Ik hoop wel in een hoek. Voor straf.

 

 

 

 

 

 

 

20 x 20 = 6.40

21 apr

PECHAKUCHA.001

Gisteren gaf ik een Pecha Kucha bij de Pecha Kucha Night Utrecht over De Stijl.

Een Pecha Kucha is een presentatievorm waarbij je een verhaal vertelt in precies 6 minuut 40 seconden ondersteund door 20 plaatjes die elk 20 seconden in beeld blijven staan. De laatste, en eerste keer dat ik dat deed, was tijdens mijn master kunsteducatie. Om mijn publiek toen te laten voelen wat veel jongeren voelen in veel musea en als eerbetoon aan de kunstenaars die ondanks protest, kritiek en spot vasthielden aan hun visie, ideaal en geloof gaf ik mijn Pecha Kucha de titel ‘Kunst als Medicijn, Cor Noltee, 2016’ en toonde ik een groot rood vlak met een klein tekstbordje op het grote scherm. Ik stond in mijn rode pak met walkie talkie als suppoost voor het werk en hield 20 slides van 20 seconden mijn mond nadat ik had gemeld dat ‘Cor Noltee kon er helaas niet zijn dus ik neem zijn plaats in.’

In 6 minuut en 40 seconden kwamen 20 slides voorbij waarbij alleen de schaduw veranderde:

pechakucha_cornoltee.001

6 minuten en 40 seconden stond ik met mijn mond dicht en mijn hart in mijn keel op het podium, oogcontact makend met iedereen uit het publiek. Ik voelde me een heel klein beetje mijn bespotte en verguisde helden en een deel van mijn publiek de verveelde en ongeïnteresseerde jongere in menig museum.

Na 6 minuut 40 verscheen in een 5 seconden durende overvloei het verlossende witte scherm. Als het licht aan het eind van het konijnenhol. Het hol was dieper dan ik had gevreesd. Het was het engste wat ik ooit gedaan had.

Gisteren had ik wel tekst. Ik had twee en halve dag gewerkt aan het verhaal, het zoeken naar de beelden, samenbrengen van beeld en tekst en een halve dag geoefend. Een goede Pecha Kucha maken is veel werk……of ik ben heel traag. Enfin ik had me voorgenomen om de tekst bij me te houden op 20 tekstkaartjes maar toen we gisteren gebriefd werden, werd me duidelijk dat ik ook nog een microfoon moest vasthouden. Ik heb nog even achter de coulissen geoefend met 20 kaartjes in een hand en een virtuele microfoon in de andere maar dat leek meer op een Tommy Cooper act.

tommycooper

Uiteindelijk besloot ik het zonder kaartjes te doen en dat kwam eigenlijk doordat Roel, de gastheer die ons ook briefde, zei; “het publiek weet toch niet wat je gaat zeggen, dus het maakt niet uit.”

Je mond houden of geen back up hebben, het was allebei nieuw voor me. Die van gisteren was voor herhaling vatbaar.

Nieuwsgierig naar de beelden?

pechakucha_destijl_2017

Nieuwsgierig naar de tekst?

pechkucha_april2017

Nieuwsgierig naar de Pecha Kucha?

Bel Cor.

Ik zie ik zie

20 apr

IKZIEIKZIE.001

In mijn laatste post liet ik onderstaand plaatje zien en vroeg ik mijn lezers;

Wat zie je?

Daar werd massaal op gereageerd. Ik ben twee dagen bezig geweest om de resultaten te verwerken. Het is ongelooflijk. Precies 50% wist het. En dus 50% niet.

Hier komt het plaatje nog een keer;

Schermafbeelding 2017-04-17 om 10.47.41

Helpt het als ik zeg dat het een viervoeter is?

Helpt het ik zeg dat het werk ‘Renshaw’s Cow’ heet, naar Samuel Renshaw de gezichtsvermogenexpert wiens systeem om in  een oogopslag een vliegtuig te kunnen herkennen werd gebruikt om 285.000 cadetten op te leiden tijden de Tweede Wereldoorlog (Herman, De Kunst van het observeren, 2016)

Met de volgende visuele aanwijzing kun je nooit meer iets anders zien. Dus misschien nog een poging?

Wat zie je?

Schermafbeelding 2017-04-17 om 10.47.41

Nee?

Pas op want met de volgende aanwijzing kijk je van achteren de koe in de kont.

renshawscow

Kijk maar:

Schermafbeelding 2017-04-17 om 10.47.41

Kun je nu nog iets anders zien?

 

 

 

 

 

 

Bekijk het.

17 apr

BEKIJKHET.001

Gisteren schreef ik over mijn favoriete boekhandel. De Nwe Bengel in de Vriesestraat op het eiland van Dordrecht. Uit de gesprekken met Gerrit Jan was een boekentip voort gekomen. Een van de betere van de afgelopen tijd. Een die prachtig aansluit bij mijn interesse in het kijken naar kunst en design thinking. En een die prachtig aansluit bij een van mijn motto’s; to predict the future, you don’t look ahead, you look around.

Dus eerst kijken. Daar schrijft Amy Herman in ‘De Kunst van het observeren’ op pagina 76 over;

‘Om ergens een volledig en nauwkeurig beeld van te krijgen moeten we zo veel mogelijk informatie en perspectieven verzamelen, zodat we kunnen klasseren, prioriteiten vaststellen en doorgronden. Etiketten, reeds geschreven verslagen en bestaande informatie kunnen dan worden toegevoegd aan onze EIGEN verzameling, maar pas nadat we eerst onze EIGEN informatie hebben BEKEKEN. In wezen kijken we twee keer; eerst zonder enige invloed van buitenaf, en vervolgens met een blik die verrijkt is met nieuwe informatie.’

EERSTKIJKEN.001

Ik moet denken aan gister middag. Feyenoord speelde thuis tegen Utrecht. Ik kon mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en luisterde de eerste helft naar de radio. Ik wist dus dat het 0-0 bleef in de eerste helft. Toen ik ’s avonds de samenvatting bekeek, keek ik met veel minder aandacht de eerste helft. Ik zag minder omdat ik wist dat er niet gescoord zou worden. Nu ik dit zo schrijf bedenk ik me dat ik dus eigenlijk puur op het resultaat was gefocust. Ik wil dat Feyenoord kampioen wordt en daarvoor moesten ze winnen. Hoe ze dat doen maakt me even niet uit. Het gaat om het resultaat. Duidelijk de blik van een niet zelf meer voetballende supporter.

Als ik als actieve voetballer of trainer die eerste helft had bekeken, wetende dat er niet gescoord zou worden, had ik er anders naar gekeken. Ik was dan waarschijnlijk meer gefocust op hoe het kwam dat er niet gescoord werd.

Hoe je dingen ziet hangt ook af van je betrokkenheid en je rol. Mijn betrokkenheid bij de eerste helft op TV is een stuk lager dan als je als lerende voetballer of trainer die eerste helft op TV bekijkt. Misschien is het veel interessanter om de rol van trainer aan te nemen als ik naar een wedstrijd kijk waar ik de uitslag al van weet. Dan zie ik andere dingen. Of gewoon niet meer naar de radio luisteren. Dan zie ik ook andere dingen.

Daar is een mooie uitdrukking voor.

Maar die komt morgen.

Kijk eerst maar eens hier naar. Wat zie je?

Schermafbeelding 2017-04-17 om 10.47.41

 

 

 

VIKstory

29 mrt

vikstory.001.jpeg.001

Dear Mr. Muniz,

Please call me Cor. I am an art educator at the University of the Arts Utrecht in the Netherlands and got introduced to your work by a professor of mine (Nelly van der Geest) during my master in Art Education three years ago. Nelly showed us the documentary Waste Land as an inspiration for our essay about creativity and sustainability. The documentary made a big impact, it made me cry and laugh. After graduating I showed it to ‘my’ first year students during the module ‘creative process’. Since then I am a big fan of your work. Not only because of the beauty of your work but also because of the beauty of the process. And beauty here I define according to Stendahl; the promise of happiness.

Last week I was in Shanghai and saw the work of James Turrell. Saw? Maybe ‘felt’ is a better way to describe his work. It was at the Long Museum. After my visit I wanted to buy the book of this exhibition to share with my students and family. Unfortunately it was still not for sale. I was told it will will be published after the show, so they can implement his latest work exhibited at the  Long Museum. Quite disappointed I looked around in the bookshop and saw this:

IMG_8780 (1)

I was attracted to the little note book without the plastic wrapping. To be honest I did not recognize it as your work right away.  I opened it and noticed that it had been restored. The cracks in the cover were actually real and now covered by tape. I thought of the many hands that had caused these cracks that so beautifully fitted the cover artwork. And who decided or was ordered to repair this notebook? It felt and looked like ‘The Original” and all the other plastic wrapped ones like ‘perfect’ copies, made in China. I decided I wanted both and put them next to each other:

madeinchina_2017_©o®.001

Writing this letter feels like a victory. In two ways. Yesterday my 20 year old son called ‘Made in China’ my first art work. Second is writing you this letter. Therefor I had to find  your email address. And what happened? I saw this work on your homepage;

Schermafbeelding 2017-03-29 om 06.06.23

Yesterday I got this essay about Piet Mondriaan’s final, unfinished work. It’s about how it would have looked like if Mondriaan could have finished it. But how unfinished was his masterpiece actually? Mondriaan is actually the artist I did my master thesis on.

Piet_Mondriaan_Victory_Boogie_Woogie

You probably know the title of this work?

Yes indeed. VIKtory Boogie Woogie (New York, 1942-1944)

I would love to show it to you. It’s in The Hague, The Netherlands.

As a teacher I will never be able to buy your work. And here I feel we have something in common because you also can’t ‘buy’ my work. You can get it. I will give you my original ‘Made in China’ and you give me an original artwork of yourself that you think that will make me happy.

Till then I will keep your ‘Made in China’.

Kind regards,

 

Cor Noltee

cornoltee@mac.com

Verlongd

28 mrt

verlongd.001

Voor de tweede keer deze week wilde ik het tentoonstellingsboek kopen van de kunstenaar waarvan ik het werk net gezien had. En in beide gevallen waren deze, nog niet, te koop. Er werd me uitgelegd dat dat gebruikelijk is in China. Ze willen namelijk ook het werk van de bewuste tentoonstelling fotograferen en in het boek zetten. In Nederland gaat er volgens mij geen tentoonstelling van start voordat ‘het boek’ er is. Ik snap wel dat het afhankelijk is van het werk. Als het heel plek specifiek is, speciaal voor en op locatie gemaakt, kan ik me er nog iets bij voorstellen. Maar helemaal geen boek was toch een teleurstelling. Ik heb zelfs geen ‘posters’ gezien.

Teleurgesteld keek ik rond in de bookshop van The Long Museum in Shanghai waar ik net het ge-wel-di-ge werk van James Turrell had gezien. Gezien is eigenlijk niet het goede woord. Intens beleefd, of juist heel sereen tot me genomen. Turrell maakt werk dat ‘out of space’ lijkt. Out if light is beter verwoord. Ruimtes waar je naar een andere dimensie lijkt te worden getransporteerd. Het deed me denken aan die 3d tekeningen waar je een beetje naar moest staren, door de tekening heen moest kijken. En dan opeens verscheen het 3d beeld. Alleen hier verschijnt er niets, je lijkt zelf te verdwijnen. Dit schrijvend kan ik me voorstellen dat Turrell helemaal niet wil dat er een boek van zijn werk verschijnt. Toch had ik meer van het artistieke proces van Turrell willen weten, zijn achtergrond en zijn drijfveren. Ook al omdat er geen Engelse audiotour was en de teksten bij de ingang van zijn werken alleen in het Chinees.

Ik was bij de grootste overzichtstentoonstelling van Turrell. Ik heb geen overzichtsboek. Wel een zelfgeschoten pano. De tentoonstelling is ook verLongd. Tot en met juni.

IMG_8738IMG_8795IMG_8729IMG_8725

 

tweehonderdvierentwintig tellen

6 mrt

344.001

Ik neem jullie even mee op mijn maandagmiddag cultuursafari.

Ik zag net Moonlight, de Oscarwinnende film van Berry Jenkins. Prachtige film. De mooiste zin uit de film is die van de drugsdealende hoofdpersoon die aan de jonge andere hoofdpersoon uitlegt wat een “flikker” is. Tijdens deze scene was het alsof ik aan tafel zat en het antwoord moest geven. De drugsdealer antwoordt:

“Een flikker is een woord dat wordt gebruikt om gays een rotgevoel te geven.”

Ik had het niet beter kunnen verwoorden.

Toen mijn zoon me net vroeg wat voor cijfer ik Moonlight gaf, antwoordde ik 8,2.

Maar misschien nog wel wat hoger. Maar misschien komt dat door het prachtige nummer onder de beelden van de van bovenaf geschoten op de snelweg rijdende hoofdpersoon.

Ik kende het nummer van Hable Con Ella, de film van Pedro Almodovar. Een van mijn favoriete soundtracks.

Ik dacht de youtube link te delen maar daar zitten beelden bij. Dus downloadde ik alleen het nummer.

Ogen dicht. Drie minuut vierenveertig.

 

%d bloggers liken dit: