Tag Archives: design thinking

Kathedraal Digitaal

19 sep

KATHEDRAALDIGITAAL.001

Dit is een vervolg op mijn vorige post. Ik kreeg vanochtend om 8.09 via WhatsApp de volgende vraag:

“Er zijn veel nieuwe manieren om online met elkaar te verbinden. Hier hoef je niet meer voor in een besloten silo als Facebook of Twitter te zijn. Het is echter nog een wat technisch verhaal en de echte voordelen zijn nog te onzichtbaar en ontastbaar voor veel ‘gewone’ gebruikers maar zelfs voor experts op het gebied. Hoe kunnen verhaal-of vertelstructuren de ideeën en mogelijkheden van het Indieweb en Decentrale web onder het voetlicht te brengen?

Het getal naar keuze dat Frank koos was “uiteraard” 42, refererend naar het antwoord op de vraag wat de betekenis van leven is uit de film Hitchhiker’s guide to the galaxy;

Dus 42 trok ik.

En het antwoord komt van le CORbusier.

IMG_0798

Ik vertaal e.e.a. als volgt.

Ik denk dat hij een digitale Kathedraal  zou bouwen. Een online Kathedraal Digitaal die zich aanpast aan de hoeveelheid mensen en waar mensen hun geloof  delen. Op vaste tijden. Daarmee het ritueel online terugbrengt en wereldwijd toegankelijk maakt.

Amen.

Go big and Go home

 

 

 

CORakel

16 sep

corakel.001

Voor het meeste wat we heel dag doen hoeven we geen originele en waardevolle oplossingen te bedenken. Als je voor een deur staat gaat je hand automatisch naar de klink, die je naar beneden duwt en de deur naar buiten. Je gaat niet bij elke deur een originele, waardevolle manier bedenken om aan de andere kant van die deur te komen. Voor het meeste wat de heel de dag doen hebben onze hersenen filevrije, goed verlichte snelwegen aangelegd die we gedachteloos nemen om te komen waar we willen zijn. Maar wat gebeurt er als die deur niet open gaat als je de klink naar beneden drukt en de deur naar voren? Zo was ik een keer in een kantoor en moest naar het toilet. Ik keek rond in de gang en zag een deur  waar ‘Toilet’ op stond. Mijn hand ging naar de klink en ik duwde de deur naar binnen; geen beweging in de deur. Conclusie: het toilet is bezet. Dus liep ik terug naar de vergaderruimte waar mijn collega’s zich bevonden en wachtte ik een aantal minuten. Toen ik na een minuut of 5, die veeeeeeeel langer duren met een volle blaas, nogmaals een poging waagde en het toilet nog niet vrij was, liep ik naar de receptie en vroeg de dame of er misschien nog een andere toilet was. De dame keek me verbaasd aan en vroeg me of ze alle 4 bezet waren. “Alle 4?” vroeg ik, waarop zij antwoordde dat er na de deur met ‘Toilet’ erop 4 heren en 4 dames toiletten bevonden. Ik had twee keer de klink naar beneden en de deur naar binnen geduwd zonder gewenst resultaat, de deur ging echter naar buiten open. Ik denk niet dat ik me ooit dommer heb gevoeld. Achteraf probeerde ik mijn actie goed te praten door te denken dat ik op het verkeerde been gezet was door het woord ‘Toilet’. Als er ‘Toiletten’ had gestaan was het nooit gebeurd. Ik had uiteindelijk hulp van een ander nodig voor de oplossing.

En ‘die ander’ kunnen we vaak goed gebruiken als we op cruisecontrole rondjes aan het rijden zijn op een rotonde zonder afslagen. Iemand die je uit je patroon haalt, een ruk aan het stuur geeft waardoor je je kapot schrikt, je koplampen een ander perpectief bieden, je geen idee hebt waar je heen gaat maar hoopt dat het goed komt.

Er zijn veel manieren om een ander licht op een probleem te laten schijnen. Mensen hebben de unieke kwaliteit zich dingen voor te stellen. Wij hebben verbeeldingskracht. Nike co-founder, Bill Bowerman zei, “If you have a body, you are an athlete.” Ik zeg;

als je hersenen hebt, ben je creatief.

En net als met atleten heb je goede creatieven en nog betere creatieven. En wat maakt de ene creatief beter dan de ander? Niet alleen het feit dat zij/hij meer verbeeldingskracht heeft maar dat zij/hij ook nieuwsgieriger, gedisciplineerder, vasthoudender is………… en beter kan samenwerken.

Maar laat ik me nu even focussen op verbeeldingskracht. Hoe kun je dat trainen? Hoe kun je beter worden in het verbeelden van andere mogelijkheden?

Laten we beginnen met het signaleren van een aantal blokkades die er kunnen optreden als je je verbeeldingskracht wilt aanspreken. Roger von Oech noemt er 10:

  1. Het juiste antwoord
  2. Dat is niet logisch
  3. Volg de regels
  4. Wees praktisch
  5. Het is geen spelletje!
  6. Dit is niet mijn gebied
  7. Doe niet zo gek
  8. Vermijd dubbelzinnigheid
  9. Fouten maken is fout
  10. Ik ben niet creatief

In ernstige gevallen van verbeeldingsloosheid kunnen meerdere blokkades elkaar snel opvolgen. Resulterend in “ik ben niet creatief” bevestigende gedachten. Het is interessant  deze blokkades waar te nemen (ernaar te luisteren; in Engels Listen) maar de stem in je hoofd ook het zwijgen op te leggen (in het Engels is Silent een anagram van Listen) en je vervolgens voor te stellen hoe iemand anders de vraag/het probleem zou oplossen en deze oplossing met open armen te ontvangen. Een bekende techniek is de Superheld; wie is je favoriete Superheld? Welke eigenschappen heeft deze superheld? Kies een eigenschap en zet deze eigenschap vervolgens in om de vraag/het probleem op te lossen. Belangrijk is dat je de kwaliteit van de oplossing niet beoordeelt. Het doel is je verbeeldingskracht te  vergroten om tot andere, originele ideeën te komen. Beoordelen doe je later.

Eigenlijk komen alle divergente denktechnieken op hetzelfde neer; het aannemen van een ander perspectief. Een van de leukste manieren die ik zelf veel gebruik zijn de Art Oracles; 50 kaarten gebaseerd op het leven en werk van 50 kunstenaars die je advies geven op drie niveaus; leven, werk en inspiratie:

artoracles2

Zullen we het proberen?

  1. Bedenk een vraag waar je wel wat hulp bij kunt gebruiken. Begin met Hoe……
  2. Reply, mail of WhatsApp me deze vraag.
  3. Kies een nummer tussen 0 en 51.
  4. Ik publiceer het advies van de kunstenaar

Ben benieuwd. Ik zit er klaar voor.

Om 11.35 kreeg ik de eerste vraag binnen via WhatsApp;

“Wat houdt mij op dit moment tegen? nummer 33”

Ik heb deze in overleg met de vraagsteller vertaald naar; Hoe kan ik mijn vrijheid nemen?

titian.jpg

De vraagsteller antwoordde:

“Ha, hier ben ik oprecht blij mee. Goeie gast die Titian, wil ik wel zijn.”

Waarop ik vroeg:

“Welke eigenschap van hem zou je willen inzetten?”

Antwoord:

“he remained competitive in style and production”

Waarop ik de vraagsteller vroeg:

Hoe zou je jouw stijl omschrijven?

Antwoord:

“mijn huidige stijl? Mmmmm, scherp maar soms iets te rationeel, terwijl de concepten waar ik het meest trots op ben juist avontuurlijk en ongebonden waren. Ik kan niet werken zonder een kern van waarheid maar verlang tegelijkertijd naar bevrijdende kunst. Gisteren nog met volle teugen genoten van La Grande Belleza”

Ik heb even overlegd met Titian en we zouden de vraagsteller willen uitdagen een avontuurlijk, ongebonden en oprecht compliment te verwoorden en dit live voor te lezen aan diegene.

 

Om 11.43 kreeg ik de volgende vraag:

Hoe kan ik het  laagdrempelige interventies maken om mensen van hun superego af te helpen? Nummer 47″

Het antwoord kwam van Superego Pablo Picasso:

pablopicasso

Waarop de vraag steller antwoordde:

“Tof. Picasso.”

En ik vroeg:

“En hoe helpt Picasso je?”

Antwoord:

“Picasso vertelt me om  niet te snel te convergeren en om mezelf uit te dagen het er niet te makkelijk van af te brengen.”

Waarop ik vroeg:

“Concreet? Wat zou Picasso met die Superego’s doen?”

Antwoord:

“Een affaire hebben? 🙂 Hij zou het waarschijnlijk abstraheren tot overkoepelende gedachten. Op een vernieuwende manier laten zien. Daarmee de weg vrijmaken voor een nieuwe stroming.”

 

Ik heb even overlegd met Pablo en adviseer je om de volgende keer de Superego’s letterlijk de mond te snoeren. Hoe dat mag je zelf bedenken. Doel is om ze in stilte met geometrische vormen (blokkendoos, (L)ego) hun inbreng vorm te laten geven en de groepsleden vervolgens een voor een te laten vertellen wat zij denken wat de opstelling betekent. De maker van de opstelling luistert in stilte met de rug naar de groep en schrijft zoveel mogelijk op van wat hij van de groep hoort.

 

 

 

 

 

 

Alles Goed?

23 jun

ALLESGOED.001

Wow what a week. Dit was de drukste week van dit jaar.

Schreef ik ‘druk’? Schreef ik ‘dit jaar’?

Laat ik beginnen met die laatste. Ik denk van de afgelopen 51 jaar. En ik schreef ‘druk’. Wat een raar woord eigenlijk, druk. Ik heb iets met dat woord. Ik krijg het vaak te horen als antwoord als ik mensen vraag hoe het met ze gaat. Ongelooflijk hoeveel mensen dan zeggen ‘druk’. Ik vind het een ongelooflijk stom antwoord. Want wat wil je daarmee nu eigenlijk zeggen? Dat je (te) veel te doen hebt? Dat je je zaakjes niet op orde hebt? Zeg je met ‘druk’ dat je dat fijn vindt, druk zijn, of juist niet en vind je eigenlijk dat iemand anders wat van die druk van jou zou moeten overnemen? Of denk je misschien dat ik het interessant vind als jij zegt dat je druk bent. Denk je misschien dat ik denk dat je een beetje uit je neus zit te eten, dat je te weinig doet, lui bent of te weinig carrière maakt? Of zeg je dat je druk bent in de hoop dat ik ook zeg dat ik druk ben zodat we allebei een reden hebben om weer snel druk te gaan zitten doen.

Druk dus.

Het kan ook gebeuren dat iemand mij eerst vraagt. Ik krijg dan vaak de vraag ‘Alles goed?’ Een vriend van mij vraagt het me al jaren, echt al meer dan 10 jaar en steevast is mijn antwoord ‘Veel maar niet alles’.

Alles goed? Ja druk.

Gelukkig heb ik een oplossing gevonden in het boek van Jane McGonigal ‘SuperBetter’ The Power of Living Gamefully. Gefundeerd op wetenschappelijk onderzoek en gebaseerd op de ervaringen van meer dan een half miljoen mensen. Het kern van het boek is een simpel en transformatief idee; we kunnen dezelfde psychologische krachten, die we tonen als we games spelen, inzetten bij uitdagingen in het echte leven. Denk daarbij aan trauma’s, ziekten of gewoon een betere versie van jezelf worden. Kortom, de principes die in games werken, werken ook in het echte leven.

Ik ben groot fan van haar werk. Haar boeken en TED talks zijn een belangrijke inspiratie bron. En het leuke aan haar laatste boek is dat ze ook vol staan met zogenaamde Quests waarmee je op zeer eenvoudige wijze zelf kunt ervaren wat het is om te werken aan je

  • mentale
  • fysieke
  • emotionele en
  • sociale

weerstand.

Ik zal dat even kort toelichten. Deze slides komen uit een presentatie over Speelsheid die ik gaf aan docenten op HKU en leggen de 4 krachten uit.HKU_playfulness_29012018.001HKU_playfulness_29012018.002HKU_playfulness_29012018.003HKU_playfulness_29012018.004HKU_playfulness_29012018.005HKU_playfulness_29012018.006HKU_playfulness_29012018.007HKU_playfulness_29012018.008HKU_playfulness_29012018.009HKU_playfulness_29012018.010HKU_playfulness_29012018.011

Heb je er een geprobeerd?

Maar even terug naar mijn verhaal over druk  als antwoord op de vraag hoe het met je gaat.

Als iemand mij tegenwoordig vraagt hoe het met me gaat dan is mijn antwoord “ik geef mijn dag tot nu toe een (hier vul ik een cijfer tussen 0-10 in) en vraag vervolgens direct wat hun cijfer is. Om na het gegeven cijfer vervolgens te vragen “Is er iets wat ik kan doen om dat cijfer met 1 punt te verhogen?” Enigszins realistische verzoeken voer ik direct uit. Zo gaf ik de afgelopen tijd een massage, stuurde ik een hilarisch filmpje, rende ik de trap op en af en haalde ik voor een de garderobe dame in Tivoli een bakje thee.

De eerste keer dat ik dit uitprobeerde was uit het boek van Jane en heet Plus-One Better (pagina 71)

Hoe deze werkt?

Ik leg hem uit als je het NU probeert.

OK?

Mooi.

Gaat ie.

Kies drie mensen.

  1. iemand die graag iets van je hoort
  2. iemand waar jij graag iets van hoort
  3. iemand die verbaasd zal zijn als ie iets van je hoort

Nu heb je een keuze.

Easy is keuze 1

Medium is keuze  1 en 2

Hard is alle drie.

Vervolgens stuur je ze NU een WhatsApp, sms, mail, FB bericht of postduif en vraag je:

“Als je je dag tot nu een cijfer zou moeten geven tussen 0-10 wat zou dat cijfer dan zijn?”

Het grote wachten ia aangebroken. Heb je al antwoord?

Reageer op de antwoorden met het volgende bericht:

“Is er iets wat ik kan doen om dat cijfer met een punt te verhogen?”

Ik las net deze post voor aan mijn hele goede (fiets) vriend Jacco die met keelontsteking op bed ligt. Hij gaf ondanks die keelontsteking de dag een 8 en ik kan daar een 9 van maken als ik van deze post een podcast maak.

Dus is stop nu even met schrijven want ga nu druk doen met hoe ik een een podcast kan maken.

 

 

Achteruitkijkspiegels op terrassen

9 jun

ACHTERUITKIJKSPIEGEL.001

Er zijn er bij die het echt leuk doen hoor. Die begrijpen dat als je bijna 0,2 % van van je maandinkomen betaalt voor een espresso in een gelegenheid die bedacht is om eten en drinken te bereiden en te serveren voor betalende gasten, dat daar bepaalde etiketten bij horen. Nu hoef je voor mij echt geen kloon van Jort Kelder te zijn, liever niet zelfs, maar enige kennis van of gevoel voor het horeca vak verwacht ik toch wel voor die 0,2 %.

Jaja natuurlijk kunnen sommige er niets aan doen als ze dat nooit verteld, uitgelegd of voor gedaan zijn. Maarrrrrrrrrrrr bepaalde dingen kun je als (bijbanende) genderneutrale horecamedewerker beter niet doen.

Zo zaten wij gisteren met vrienden in een horeca gelegenheid op een niet nader te noemen terras in een niet nader te noemen stad in Nederland. Met zijn vieren. Onze vrienden zaten op een bank tegenover ons en mijn vrouw en ik  op twee stoelen. Links en rechts van de tafel was een kleine ruimte en dan stond er weer een tafel. Dus aan een kant een hele lange bank met daarvoor tafeltjes en stoelen. De bank grensde aan een glazen wand direct aan het water. Ik had een prachtig uitzicht op het water en onze vrienden hadden dan weer het voordeel dat ze een kussentje hadden. Tja uitzicht of kussentje je kunt niet alles hebben. Midden in ons gesprek hoor ik opeens in mijn rechteroor, tussen mijn vrouw en mij, een damesstem zeggen “Goedenmiddag, kan ik iets voor u betekenen?” Ingeklemd tussen de armleuningen van het terrasstoeltje probeerde ik oogcontact te maken met de vriendelijke dame, want dat was ze zeker, maar het enige waar ik oogcontact mee had was het serienummer van het apparaat waarmee zij de bestelling opnam. Ik had mijn bovenlijf en nek inmiddels zover gedraaid dat ik er nog maar net een hees en schor “een espresso alstublieft” uit kon krijgen.

Werkelijk perplex en sprakeloos terug draaiend checkte ik voor alle zekerheid of er echt geen ruimte was naast ons tafeltje. Dat was aan beide gevallen niet het geval, er was meer dan voldoende ruimte om de bestelling aan de kop van ons tafeltje op te nemen en ons alle vier aan te kunnen kijken. Dat bewees zij ook later zelf toen zij, godzijdank, de drankjes voor onze overbuurvrienden niet uitserveerde door tussen mijn vrouw en mij in te gaan hangen maar dat vanaf de kop van de tafel te doen.

Verder deed ze echt haar best. Ze kwam zelfs nog een keer vragen of “Verder alles naar wens?” was, wat ik eigenlijk een hele rare vraag vind omdat ie impliceert dat er blijkbaar dingen waren die niet naar wens waren , terwijl we nog nergens over geklaagd hadden.

Het doet me denken aan Paul Bennett die in zijn TED talk het voorbeeld laat zien van een fietsachteruitkijkspiegel die ze op een rolstoel hebben gemonteerd zodat de patiënt in de rolstoel oogcontact kan hebben met de ziekenhuis medewerker die hem/haar rond duwt.

Achteruitkijkspiegels op terrassen?

Proost.

https://embed.ted.com/talks/lang/nl/paul_bennett_finds_design_in_the_details

Oh I’m Free

7 jun

OHIMFREE.001

Ken je dat gevoel? Zeker nu het zulk lekker weer is. En zeker als je eindelijk een goed lopende luchtgekoelde 2 liter Volkswagen T2 uit 1979 hebt om lekker weg te gaan? Misschien wel echt helemaal weg, gewoon de wijde wereld in? Om vervolgens weer terug te komen in je, voor je trip helemaal schoongemaakte huis waar je goede vriend die ene cactus geen water hoefde te geven maar wel netjes de post op de keukentafel heeft gelegd met een post-it erop “Ben blij dat je weer thuis bent”.

Het mooie aan weg gaan zijn voor mij ook de voorbereidingen. Goed nadenken over wat je allemaal (niet) meeneemt. Eigenlijk is het schrijven op dit blog ook een mentale minivakantie. Ik bepaal met welke woorden ik vandaag op vakantie ga. Want dat is me weer duidelijk geworden de afgelopen dagen. Het publiceren op dit blog zorgt ervoor dat ik elke dag op vakantie ga in mijn  eigen verhaal. Ik kom ook weer allerlei mensen tegen die met me mee gaan en net als wanneer ik in mijn Blauw Witte Volkswagen T2 rijd even een duimpje opsteken of een glimlach toewerpen. Anderen maken even een praatje, zeggen lieve woorden of geven een compliment. Ja schrijven op dit blog is te vergelijken met rijden in een oude Volkswagenbus.

Het schrijven van en de feedback op een verhaaltje doet me nadenken over wat ik geschreven heb en geeft me soms inspiratie voor het volgende. Zo kan het zomaar gebeuren dat ik de avond van te voren echt weet wat ik ga schrijven en dat toch niet doe omdat ik al schrijvende een ander weg insla. Dat toestaan is vrijheid.

Ik vind dit eigenlijk wel een mooie afsluiter voor vandaag.

Ik rijd toch nog even door.

Een lezer van mijn blog vertelde me ooit dat het leuke aan dit blog was dat hij nooit wist waar hij ’s ochtends weer naar toe ging.

Ik wel. Met het FAN TAS TISCHE boek van John Thackara, How to Thrive in the Next Economy op het dashboard rijd ik naar Amsterdam en ontmoet ik Claud Biemans (niet Claudia John). Zij ontdekte dat er in haar stad op een vierkante kilometer 300 verschillende plantensoorten huisden, vergeleken met 50 verschillende op een zelfde dichtbij gelegen oppervlakte “managed countryside”. Claud: “Bijen weten dit heel goed en zijn tegenwoordig  meer in steden te vinden.”

Ik lees verder dat Claud wandelingen organiseert waar ze mensen langs de ecologische hoekjes en gaatjes in de stad leidt en laat zien waar planten niet alleen overleven maar juist floreren. Want,zo lees ik verder, “veel van deze stadsnatuur is eetbaar. Kruiden, blaadjes en eetbare bloemen groeien op muren en stoepen.

En over Lynn Shore van Urban Herbology. Zij is een van een groeiende groep stads foerageurs (is dat Nederlands?) en helpt stadsbewoners kruiden te zoeken, ermee te koken en te leren over medicinale samenstellingen.

Into the wild krijgt voor mij zo een heel andere invulling.

Ik zie het helemaal voor me. Met de T2 naar Amsterdam. Ik heb plek voor nog 7 personen. Wie gaat er mee?

Met Noltee.

In de T2.

Ik zet een muziekje op in de T2. De stem van Eddie Vedder mengt zich met het geluid van mijn gereviseerde luchtgekoelde tweeliter Volkswagen motor.

I’m free
Setting forth in the universe
Oh I’m free
Setting forth in the universe

 

 

Leren leven lezen

6 jun

LERENLEVENLEZEN.001

De afgelopen maanden heb ik veel gelezen over duurzaamheid. En geluisterd. Ik woon nu, tijdelijk, in Papendrecht nadat de school waar ik vorig jaar woonde afgebroken werd en mijn nieuwe appartement in Rotterdam nog niet klaar is. En om met het OV naar Utrecht te gaan betekende dat ik met mijn vouwfiets eerst naar het pontje naar Dordrecht moest fietsen, overstak, naar het station in Dordrecht fietste, mijn fiets dubbelvouwde en met de trein naar Rotterdam ging, fiets uitvouwde naar perron 14 liep met mijn 39 jaar oude Peugeot aan de hand, hem dubbelvouwde, naar Utrecht ging, onderweg las en in Utrecht mijn ouwe vouwert weer rijklaar maakte en naar Oudenoord 700 fietste. Van deur tot deur 2 uur. Maar het gebeurde ook wel eens dat mijn ouwe vouwert en ik niet mee konden en een trein moesten overslaan omdat ie te vol was. Toen dat twee dagen achter elkaar gebeurde, knapte er iets in mijn ‘hard proberen echt duurzamer te leven  brein’. Fuck duurzaamheid. Fuck NS. Fuck tijd. Ik ga met de auto. Mijn 28 jaar oude Alfa Romeo Spider wel te verstaan. Van Peugeot, Pont, Peugeot, Trein, Peugeot naar Spider. En weet je? Het milieu knaagde veel minder hard aan me dan mijn gulzige naar kennis vergarende brein. In de trein kon ik namelijk lezen en op de A15 in de ochtendspits bleek dat niet zo’n goed idee. Overigens de tijdswinst was minimaal. Ik deed er met de Spider 1 uur en 45 minuten over. 15 minuten korter maar 45 minuten niet kunnen lezen. Mijn brein vond dat niet fijn. Ik klaagde erover tegen mijn vrouw en binnen 0,3 seconden kwam zij met de oplossing. Zij maakte een verbinding die ik met mijn breincapaciteit ook zeker zelf had kunnen maken maar er gewoon niet op kwam. Ze zei “waarom ga je niet heel vroeg rijden en dan eerst sporten zoals je deed toen je in Amstelveen werkte (en in Dordrecht woonde)?” Ik schaamde me bijna dat ik dat zelf niet had bedacht. Wat een briljant idee. Een week lang probeerde ik uit hoe laat ik uit Papendrecht moest vertrekken om om 7.00 bij Fit For Free te zijn waar ik inmiddels een abo had genomen omdat ze in de buurt van mijn werk zitten en om 7.00 al open zijn. Als ik om 6.00 in de Spider zat, was ik net voor 7.00 in Utrecht en liep ik op mijn gemakje naar FFF om daar vervolgens eerst een half op de hometrainer te zitten……en te trappen. Dat viel niet mee. Bij de aanvang van mijn Master Kunsteducatie had ik mijn racefiets aan de wilgen gehangen. Ik had ruim 2 en half jaar niet gefietst. Ik begon met 10 minuten waar geen eind aan kwam om vervolgens nog een uur aan de gewichten te hangen. Om 8.45 stond ik dan Fris For Free buiten, ruim op tijd om te gaan werken. Ik voelde me fysiek en emotioneel uitstekend alleen intellectueel had mijn Kabouter wel e.e.a. te klagen. Hij vond het best een goed en slim idee maar vond ik het nu niet zonde van de tijd om 2 uur per dag in de auto te zitten terwijl ik ook 1,5 uur had kunnen lezen in de trein? Ik had dat deels opgevangen door op de hometrainer te lezen maar dat bleek toch niet echt een ideale oplossing. Ik was op dat moment Superbetter van Jane McGonigal aan het lezen en besloot ook het audioboek te kopen. Een beetje lezen en veeeeeel luisteren op de heen en terugweg legde mijn Kabouter het zwijgen op. Aarde zucht en steunt nog wel onder mijn oude Spider. Tja duurzamer leven is nog niet zo makkelijk.

Zie zo Caro

5 jun

ziezocaro.001

Zo. Daar ben ik weer. Na maanden van lezen, luisteren, reflecteren, twijfelen, net niet beginnen, zit ik nu weer ouderwets te typen. Mijn vertrouwde rode vlak, zwarte en witte 7% versmalde Helvetica Kapitalen hoopvol aanstarend naar wat er komen gaat. Deze keer geen beloftes van dat ik het elke dag ga doen, een jaar lang of alleen over duurzaamheid of spel of biomimicry ga hebben. Nee deze keer omdat het gewoon weer tijd werd en omdat Caro me net vertelde dat ze mijn posts miste.

Ik wil het er niet te lang over hebben.

Hiero. Ik ben er weer.

En waar zal ik eens beginnen. Er is niet echt een begin te duiden. Het is een lang en traag  proces geweest. Daniel Pink zou het Drive noemen. Volgens hem worden mensen gedreven door doel (zingeving), eigen keuzes (autonomie) en ergens beter in worden.

Ik wil beter worden in hoe we manieren kunnen bedenken en uitproberen om de wereld beter achter te laten voor onze (klein)kinderen. Een geweldig voorbeeld las ik in het FAN TAS TISCHE boek van John Thackara, How to Thrive in the Next Economy. Thackara ken ik als directeur van het voormalig Nederlands Vormgevingsinstituut en de door hen georganiseerde Doors of Perception congressen. De eerste was in 1993:

‘In 1993 organiseerde het instituut in samenwerking met Mediamatic en de Amsterdamse Maatschappij voor Oude en Nieuwe Media de eerste Doors of Perception-conferentie in de RAI Amsterdam. Zo’n tweehonderd specialisten op het gebied van nieuwe media en computernetwerken samen met ecologisch geïnteresseerden oplossingen voor een duurzamere wereld zochten.[2] De conferentie was oorspronkelijk gepland in het Stedelijk Museum, maar door toenemende animo werd deze verplaatst.[3]”

Erop terugkijkend was dat misschien wel het begin van het inzicht dat Design een positief verschil kan maken. Ik zag er het geweldige werk van Toshio Iwai. Zijn musical insects en Team Work Station waren technologische openbaringen voor me. Voorbeelden waarbij technologie en mensen samensmelten in een leer omgeving.

Of was het die keer dat ik samen met mijn vriend RenéPaul bij V2, Instituut voor de Instabiele Media was? Toendertijd nog gevestigd in Den Bosch. In de grote ruimte, waar René en ik de enige bezoekers waren, stond een groot, strak opgemaakt 2 persoons bed. Een installatie van Paul Sermon, genaamd Telematic Dreaming. Van bovenaf werden er mooie beelden van wolken op geprojecteerd. Precies op het witte bed. Ik liep naar de rand van het bed en stond te genieten van de mooie beelden op dit, toch ietwat vreemde projectiescherm. Opeens verscheen er  een vrouw in een sexy nachthemdje op het bed. Zij was van boven gefilmd en werd van boven geprojecteerd door de beamer die boven het bed hing. Hmmmm…….interessant….hoorde ik mezelf denken. Ik stond aan de rechterkant van het bed en zij verscheen aan de linkerkant op het bed. Ze schuifelde wat over het bed en bleef op een gegeven moment precies stil zitten waar ik stond. Da’s toevallig, dacht ik nog. Het werd wel heel toevallig toen ze met beide armen van de rand van het bed waar ik stond naar achteren bewoog om aan te geven dat ik ook op bed moest komen. Ik trapte mijn schoenen uit en ging net als zij op het bed zitten. Ze bewoog haar handen precies langs mijn benen en het was alsof ik haar echt voelde. Het voelde een beetje alsof je voor het eerst met een vriendinnetje naar de bioscoop gaat en je haar hand net niet aanraakt terwijl je naar de film zit te kijken maar eigenlijk alleen maar denkt aan de ruimte tussen de hand van jou en haar. Heel spannend dus. Op een gegeven moment ging ik op mijn rug liggen met mijn hoofd op het kussen. Zij kwam op haar zij naast me liggen en bewoog haar hand langzaam van mijn hoofd naar mijn buik. Het was alsof me streelde. Toen ze zich op haar rechter zij draaide met haar knieen opgetrokken ging ik precies zo liggen. Lepeltje aan lepeltje. Mijn hart bonsde in mijn keel. Het leek wel of ik vreemd ging.  Toen ik mijn hand van haar hoofd naar haar kont bewoog sprong ze van het bed af en was het afgelopen.

Het was 1993 en de dame bevond zich op een zelfde formaat bed in een kamer een aantal straten verderop. Op vier monitoren rondom het bed kon zij precies zien waar ik me bevond in.  De videoverbindingen werden gemaakt door 3 dubbele ISDN verbindingen. Het met camera’s en beeldschermen verplaatsen in andere ruimtes heeft me altijd gefascineerd en oa geinspireerd tot het bouwen van de CamCar. 

25 jaar geleden waren er nog dure, driedubbele ISDN verbindingen, grote camera’s en beamers nodig om videocontact en interactie mogelijk te maken. Nu heeft zelfs mijn 83 jarige vriend Cees een Samsung Szoveel en een iPad.  Het is heeeeeel hard gegaan de afgelopen 25 jaar. En wat betekent dit allemaal?

Maar ik dwaal af. Heerlijk.

Ik wilde het hebben over het voorbeeld dat ik in Thackara’s boek las. Een voorbeeld van hoe we de wereld beter achter kunnen laten. Het staat op pagina 55 van zijn boek How to Thrive in the Next Economy, hoofdstuk 4 MAKE ROOM! MAKE ROOM!

Hij stelt hier de vraag of depaving (het ontdoen van wegen en bebouwing) genoeg land kan vrijmaken om een explosief groeiende populatie te voeden. Wegen en parkings bedekken meer dan 50% van de meeste stads-en winkelcentra; in stadscentra in alleen al de V.S. bevinden zich 2.000.000.000 parkeerplaatsen. Met zo’n gemiddeld 4 per parkeerplaats kunnen we daar dus makkelijk alle mensen op de wereld kwijt. Mooi scenario voor een Walking Dead Sequel.

Nu is 2 miljard parkeerplaatsen heel en het terugbrengen van beton naar vruchtbare grond een enorme klus, dus bedacht een stel uit Turijn het volgende;

Laten we onze kinderen een stuk vruchtbare grond geven. Het stel had de grond verkregen uit een erfenis maar moesten daarvoor eerst een paar betonnen garages slopen die erop stonden. Het was ongelooflijk veel werk; beton moest geknipt en gebroken worden en de brokken afgevoerd. Het vruchtbaar maken van de grond kostte truckladingen  vol vuil, houtskool en meer. Het zal ongetwijfeld een lang, duur en vuil werk geweest zijn. Maar het was vooral een disruptief idee. Heus omdenken. Want normaal gesproken ga je weer bouwen op een vrijgekomen stuk grond, toch? Afbreken om er vruchtbare grond van te maken is in ieder geval nog nooit bij mij opgekomen.

Bij het stel in Turijn dus wel. Het eindresultaat was een stuk grond waar gras en bloemen groeien. Slecht tientallen vierkante meters, niets in vergelijking met de resterende 1.000.000.000.000 maar het is een eerste stap.

Deze post voelt ook weer als een eerste stap. Ik loop weer.

Dank je Caro.

 

Voor NoaH. Mijn Held.

1 nov

voornoahmijnheld.001

De lange reparatielijst van Jeroen bedraagt bijna € 2.000,-. Met de revisie en het transport loopt het aardig op. Ik moet denken aan mijn vriend Walter die ooit een Mercedes 280 restaureerde. Een leegloper. Ik moet het rationeel benaderen. Maar dat is natuurlijk een illusie. Een auto waar zoveel emotie inzit kun je niet rationeel bekijken. De bus is in Nederland om nieuwe herinneringen te maken. Ik droom ervan om de reis van Julio Cortazar en Carol Dunlop over te doen. Alle 62 parkeerplaatsen tussen Parijs en Marseille in een maand bezoeken en onderzoeken. Ik droom van vakanties in Zeeland, vuurtje maken naast de bus en met de geur van vuur en vlees achterin de bus klimmen. Ik droom ervan samen met Tamara, Noëlle en NoaH een safari te doen in Beekse Bergen. Dat is maar een uurtje rijden. En ik droom ervan om samen met de Jeroen de bus in top conditie te brengen. Vandaag is het 1 november en er is al heel veel aan de bus vernieuwd. De afgelopen dagen zijn er onderdelen uit Engeland, Duitsland en Nederland binnen gekomen. Straks rijd ik naar Jeroen om de nieuwe kachelpotten en toebehoren te brengen. Rijdend in Zuid Afrika was een kachel minder hard nodig dan hier. Maar hier moet er voor de APK lucht op de ruiten te regelen zijn. Een goedkope of dure (€ 1.100) originele oplossing? Jeroen en ik zijn het er zonder het naar elkaar uit te spreken over eens. Origineel houden. Het einde van de tunnel is in zicht……met de nieuwe Europese koplampen.

Wel jammer dat ik straks mijn Zuid Afrikaanse kenteken niet meer heb: CO 2121

Ben benieuwd wat mijn nieuwe kenteken wordt.

Dit verhaal schrijvend kwam ik er achter dat ik het achteraf beschrijven van mijn avonturen met de bus heel interessant en leerzaam vond. Alsof ik elke ochtend in een soort tijdmachine sprong die aangestuurd werd door mijn gedachten en het toetsenbord van mijn PowerBook. Springend door de tijd kiezend en beschrijvend wat ik interessant en relevant vond. Geïnspireerd door Julio Cortazar en Carol Dunlop probeerde ik kleine details uitvoering beeldend te beschrijven. Iets waar ik veel plezier aan beleefde. Maar na bijna 3 maanden bijna elke ochtend schrijven was een moment dat ik ‘er klaar mee was’. Dat werd overigens ook gevoed doordat ik de ontwerpen die ik op de Dutch Design Week in Eindhoven zag en wilde beschrijven en delen. Door de interventie van Blanka, die precies beschreef hoe ze zich voelde door mijn abrupte eind, heb ik deze reis kunnen afmaken zoals het heurt.

Ik maak voor de laatste keer een pdf met het hele verhaal en voeg daar een pagina aan het begin aan toe waar met grote letters staat:

Voor NoaH.

Mijn Held.

Het hele avontuur van de bus en mij download je hier: NOLTEEVWT2

En hier de soundtrack van het mijn Book of Dreams:

Eind van de tunnel?

31 okt

eindvandetunnel.001

“Zooo jij hebt geluk.” zegt Arie als hij met de dopsleutel van zijn Jeep de bout van het linker achterwiel losdraait. Geluk is niet meteen het eerste woord wat in me op komt als ik op dit moment aan de bus denk. Of zou Arie het feit bedoelen dat ik niet aangehouden ben door die bende agenten die 100 meter verderop staan? Whatever. Vijf minuten later rijd ik op de A15, Arie achter me. Meteen voel ik dat de bus onregelmatig loopt, gepaard gaand met geknal en gepruttel. En dat terwijl de motor nog koud is. Ik kan gelukkig wel mijn snelheid houden. Vlak voor de benzinepomp komt Arie naast me rijden en gebaart me de afslag te nemen. Volgens mijn benzineboekje moet de tank nog vol zitten wat niet overeen komt met de dertig liter die ik er moeiteloos bij tank. Leeg was ie niet maar ook zeker niet zo vol als ik hem in Belville achtergelaten had. Raadsel. Ik wil er op dit moment verder niet over nadenken. Ik wil in Zwijndrecht zijn. Op zoek naar een vijftig eurocent munt voor lucht van de reserveband vind ik niets in mijn tas en ook Arie heeft geen vijftig eurocent munt. Ik loop terug naar de kassa, pak een pakje Sportlife en vraag of ik vijftig eurocent bij kan pinnen. Met een pakje frisse lucht en een vijftig eurocent munt loop ik terug naar de bus die ik bij de luchtpomp heb geparkeerd. Ik gooi een Sportlife in mijn mond en 1,2 Bar in de band. Op hoop van zegen. Gelukkig kan ik meekomen met het verkeer maar ik twijfel of ik de vrachtwagen voor me inhaal. We rijden de tunnel in. Ik heb genoeg gas over en voel en luister wat er gebeurt als ik meer gas geef. Ik kan de vrachtwagen nu wel inhalen maar moet straks ook weer licht omhoog de tunnel uit. Ik besluit in te halen en de bus kruipt centimeter voor centimeter langs de vrachtwagen. Dat is een rare gewaarwording want normaal gesproken zit je als bestuurder aan de linkerkant. Zittend aan de rechterkant zie ik de rubber lussen waarmee het zeil van de vrachtwagen aan de carrosserie vastzit een voor een voorbij komen. Van links naar rechts. De tunnel uit klimmend komen de rubber lussen tot stilstand. Ik geef voorzichtig gas bij maar de lussen beginnen zich van rechts naar links te bewegen. Ik geef meer gas bij en harde knallen echoën in de tunnel. De bus sputtert letterlijk en figuurlijk luidruchtig tegen als een kind dat niet naar school wil en hangend aan je arm de tegenovergestelde richting optrekt. Ik stel mijn doel bij. Als ik maar uit de tunnel kom. Voorzichtig geef ik nog meer gas bij en de rubber lussen komen weer tot stilstand. Nog iets meer gas. De rubber lussen bewegen weer van links naar rechts. De laatste lus. Nu de cabine nog. Bel voor de laatste ronde. Nog een beetje gas. De weg gaat nu omhoog. Millimeter voor millimeter haal ik de vrachtwagen in. Mijn rechtervoet kan inmiddels niet verder. Plankgas kruip ik voorbij de vrachtwagen en als we allebei tegelijk boven aankomen en ons weer op horizontaal asfalt bevinden zie ik de vrachtwagen snel kleiner worden in mijn rechterbuitenspiegel.

Dan en Chip Heath leggen in hun boek The Power of Moments uit dat angst en focus de tijd lijken te rekken en geven een tip voor een ‘langer’ leven;

Scare the hell out of yourself, regularly.

Check.

De rest van de 20 kilometer vind ik een manier om de bus op constante snelheid te houden. Ik voel me een soort menselijke cruisecontrol. Al mijn zintuigen inzettend om de bus rijdend op een snelheid te houden. Angst en focus maken het de langste 20 kilometer van mijn leven.

Als ik de bus bij Jeroen (mijn trouwe monteur) naar binnen rijd en uitstap lijkt er 1250 kilo van mijn schouders af te vallen. We hebben het gehaald.

Een dag later belt Jeroen me op. Hij heeft de bus helemaal nagekeken. Hij kon zijn ogen niet geloven. De carrosserie is inderdaad in een uitzonderlijk goede staat. Dat was het goede nieuws. Verder zou hij de bus weer direct in een container terug naar Zuid Afrika sturen. De lijst van onderdelen die vervangen dienen te worden voor de APK is lang. Heel lang.

Te lang?

Bot Lek

30 okt

botlek.001

Ik moest denken aan de jaren 90 commercials van Reaal verzekeringen met Rijk de Gooyer. Kan ik effe vangen. Het antwoord op mijn vraag wat die 40 pakketjes van een kilo, het verkeerde motornummer en het foute jaartal waren, was heel eenvoudig. Copy paste foutje. Bedankt. En in de bijlage het juiste formulier.

Later die week ontving ik een mail waarin ik werd gevraagd de waarde van de bus te bevestigen; R 15.000. Dat was de aanschafprijs geweest. Ooit in 2004. Op een van de formulieren had ik R 160.000 genoteerd. Was dit een manier om alsnog voor een klein prijsje in het bezit van een originele twee liter luchtgekoelde Volkswagen bus uit 1978 te komen. Ja 1978. Dat was het jaar dat ie was geproduceerd. Het kenteken stond op 1.1.1979. Ik besloot niet te reageren.

Een week later kreeg ik het verzoek of ik de invoerrechten wilde betalen. De bus zou inmiddels in Nederland zijn. Na betaling zou ik de bus op kunnen halen bij hun opslagplaats in de haven van Rotterdam. Ik was inmiddels achterdochtiger dan J. Edgar Hoover en vroeg om een bewijs dat de bus in Nederland was. Dat was op een donderdag. Ik werd beloofd dat ik een foto zou ontvangen. Donderdag niets, vrijdag ging voorbij zonder foto. In het weekend dacht ik meerdere keren dat ondanks dat de bus gedatadot was de verschillende onderdelen al lang in kratten via het illegale circuit waren verspreid. Maandag, geen gehoor.

Dinsdag ontving ik deze:

buswharehouse

Ik maakte het laatste deel van de import over, zo’n € 800,-, maakte een kopie van de banktransfer en ontving direct de locatie van de bus. De bus was in Nederland. Maar hoe kreeg ik hem in Zwijndrecht? Waar hij klaar gemaakt zou worden voor de keuring? Ik besprak de opties met mijn goede vriend Arie. Arie heeft het talent om complexe zaken vanuit een compleet nieuw perspectief te bekijken en te komen met een eenvoudige oplossing. Ik had inmiddels een aanhangwagen geregeld die Arie zou trekken met zijn krachtige Jeep. Waarop Arie had gevraagd “Cor, rijdt de bus?”

Waarop ik ja antwoordde.

Waarop Arie had gevraagd “Cor is de bus verzekerd?”

Waarop ik ja antwoordde.

Waarop Arie had gevraagd “Cor staat de bus op jouw naam?”

Waarop ik ja antwoordde.

Waarop Arie had gevraagd “Cor waarom rijd je hem dan niet gewoon naar Zwijndrecht, rijd ik achter je aan?”

Waarop ik Arie het antwoord schuldig moest blijven.

De dinsdag erop reden Arie en ik naar de opslag in Botlek.

Daar stond de bus. We hadden sleepkabel, startkabel en olie mee genomen.

De bus startte direct. Maar er was een ander ding dat roet in het eten gooide. De linker achterband was lek. Arie had thuis een compressortje liggen waar we in Botlek niets aan hadden. Ook het opslag bedrijf had geen lucht voor de bus maar wel het adres van de vrachtwagen benzinepomp waar we waarschijnlijk wel lucht konden krijgen. Met een bijna platte achterband reed ik met Arie in de Jeep in de achterspiegel naar de pomp. Geen lucht. Wel een stuk of tien politie agenten die met motoren en politie auto’s een actie leken voor te bereiden. Ik reed er met het stuur aan de verkeerde kant, met een lekke achterkant en een kenteken uit Zuid Afrika voorbij.

Ik kreeg geen lucht in Botlek. En de wielsleutel die al 14 jaar ongebruikt in de bus lag bleek de verkeerde maat te zijn. Daar kon ik het wiel niet mee vervangen.

Ik stond lek in Botlek.

Maar de bus was in Nederland.

%d bloggers liken dit: