
Share if you Care
Tags: art, barcelona, cor noltee, creativity, curiosity, design, design thinking, education, hope

Een aantal weken geleden volgde ik een training Visible Thinking in het Moco Museum:

Als je niet weet waar Moco is en je bovenstaande foto bekijkt, heb je dan enig idee waar dit is?
Moco bevindt zich tussen het Rijks en Stedelijk museum op het Museumplein. De training werd verzorgd door Thinking Museum en het was mijn tweede kennismaking met Visible Thinking.
De training was twee dagen en ik was de enige man tussen 11 vrouwen. Ja er mag best wat meer testosteron in het kunsteducatieve domein. Enfin. De training was als volgt opgebouwd; in de ochtend theorie en oefenen en in de middag naar het museum en zelf aan de slag. Donderdag het Rijks en vrijdag het Stedelijk. En dat werkte uitstekend. En vooral omdat ik me op een gegeven moment een zeer ongeduldige puber voelde op het moment dat we naar een foto moesten kijken.

De foto werd geprojecteerd op de muur.
Mijn eerste reactie was, “ok een foto van een appartement met uitzicht op een haven. Zullen we nu lunchen?”
De gemiddelde kijktijd van 9 seconden die er naar kunst in een museum wordt gekeken, haalde ik niet eens. Bij lange na niet. Na 5 seconden had ik ik het al gezien.
Maar ik kreeg ruim 2 minuten de tijd om te kijken en op te schrijven ‘Wat je zag’. Ik was blij dat mijn mobiel in mijn tas zat want ik voelde een onbeheersbare drang om me online te verbergen. Ik bedacht me dat dit nu precies het gevoel moest zijn van menig museumbezoeker. Een ‘ik ben niet de enige’ gedachte verbond me met de grote groep ‘ongeduldigen’. Ik besloot me over te geven aan de opdracht en op te schrijven wat ik zag.
Vervolgens deelden we onze observaties met elkaar en werden ze centraal op een flip-over gezet. En het mooie was dat ik meer zag door de observaties van de anderen die andere dingen waren opgevallen. We waren inmiddels bijna 10 minuten aan het kijken en delen. Mijn ongeduld was omgezet in een oprechte nieuwsgierigheid naar wat ik allemaal nog meer kon ontdekken en wat de anderen zagen.
In het tweede deel van de Thinking Routine ‘See, Think, Wonder’ neem je een aantal minuten de tijd om na te denken en op te schrijven ‘Waar het over gaat?’ Ook hier weer eerst individueel om e.e.a. vervolgens weer met elkaar te delen. Individueel, samen. Listen, Silent. Eerst het Wat bekijken en dan pas het ‘Waar het over gaat’.
Door ook dit weer na elkaar in alle rust met elkaar te delen, leerde ik dat iedereen andere betekenissen aan de observaties gaf. Wat het kijken een enorme verdieping gaf en me leerde dat je dingen van meerdere kanten kunt bezien en daar dus andere betekenissen aan kunt geven.
De 10 seconden waren inmiddels 15 minuten geworden en ik was benieuwd naar wat de volgende stap zou zijn. De derde stap van deze routine was de vraag ‘Welke vragen zijn er nog overgebleven?’ Zo vroeg een deelnemer zich af of de situatie echt was of in scene gezet. Zo kwamen er meer vragen voorbij waarbij ik dacht “Hoe kom je er op?” of “Wat een goede vraag!”. En steeds weer kijkend naar de foto die inmiddels echt tot leven was gekomen. Het leek of ik in het appartement was en ik als Tita Tovenaar alles en iedereen had stil gezet. Raar maar waar.
Ruim 20 minuten later was ik oprecht teleurgesteld toen de lunch werd aangekondigd.
Mijn ongeduld was omgeduld.
In twee dagen leerden we zo’n 6 visible thinking routines.
Ik raad iedereen die wil vertragen en (be)vragen van harte de training van Thinking Museum aan.
Wil je zelf een keer ervaren wat het is om met VTR naar kunst te kijken, kom dan zaterdag 11 maart naar het Dordrechts Museum. Er is plek voor 6 m/v. Wie het eerst mailt wie het eerst komt.
cornoltee@mac.com
Wil je meer weten over bovenstaande foto?
Kijk dan hier.

Om zijn Aziatische cursisten beter naar architectuur te laten kijken, pakte Alain de Botton hun camera’s af en vroeg ze te tekenen wat ze zagen. Goed kijken is een hele kunst en is een mooie manier om elkaar beter te leren kennen, oordeel uit te stellen en verschillende perspectieven te ontdekken. Ik ben er van overtuigd dat als je iets nagetekend hebt het object een diepere en blijvendere indruk maakt.
Deze week begon op HKU het vak Creative Industry en hier gaan eerstejaars Kunst en Economie studenten op onderzoek in de creatieve industrie. Ze maken een magazine waarin ze hun onderzoek naar de creatie, productie, distributie en consumptie van het object verwoorden en verbeelden. En als opwarmingsoefening kozen de teams een product dat ze niet kenden om het vervolgens stap voor stap te onderzoeken. Als docenten hadden we allemaal een aantal objecten meegenomen die varieerden van nephuid op een spons om te leren hechten tot een boterkruller. Je kunt je voorstellen dat wij, als docenten, al enorme voorpret hadden toen we de objecten met elkaar deelden. Want wie weet bijvoorbeeld wat dit is:

Wil je het zelf een keer proberen met je klas of collega’s?
Dit heb je nodig.
Materiaal: Mystery object
2x vel papier A3 stapeltje A4 papier stiften
En dit doe je. Stap voor stap.
Stap 1
5 minuten – individueel
Zet het object op tafel.
Wat zie je?
Neem 5 volle minuten om te kijken. Als je uitgekeken bent, probeer dan toch nog iets te zien wat je nog niet gezien had: registreer (met je ogen) de details.
Stap 2
5 minuten – individueel + bespreek in groep
Haal het object weg.
Teken het, zoals je je het object herinnert.
Stap 3
10 minuten – individueel + bespreek in groep
Laat het object een rondje gaan: voel, ruik, luister, beweeg…
wat valt je op?
Stap 4
10 minuten – groep
Leg het vel papier op de tafel en zet het object er op. Schrijf samen woorden op het papier, om het object heen.
Stap 5
5 minuten – individueel + bespreek in groep
Stel dat het object kan praten:
Welke vragen zou je stellen aan het object? Verzin elk 10 vragen.
Stap 6
10 minuten – groep
Stel als groep een lijst samen met (minstens) 25 vragen aan het object. Schrijf op whiteboard of papier.
Kies de meest belangrijke en de meest originele vraag. Onderstreep deze.
Stap 7
10 minuten – groep
Bedenk (minstens) 10 manieren waarop je het object kunt gebruiken.
Stap 8
15 minuten – groep
Leg een nieuw vel papier op tafel en zet het object er weer op.
Laat het object zichzelf voorstellen: Bijvoorbeeld,
Wat is de naam?
Waar is het object geboren?
Hoe oud is het object?
Wat doet het object in zijn dagelijks leven? Hoe ziet z’n carrière eruit?
Wat is de levensverwachting?
….
Schrijf dit op het papier om het object en neem een foto van boven af.
Wil je weten wat het bovenstaande product is?
Klik dan hier.
Op veertien januari werd ik vijftig.
Eergisteren schreef ik in mijn jeugdig enthousiasme dat ik in vijftig dagen vijftig dingen deel die ik de afgelopen vijftig jaar heb geleerd. Ik dacht dat dat best veel is, vijftig dingen. Kijk, ik heb natuurlijk leren praten en fietsen maar met de vijftig verhaaltjes wil ik wat zinvols delen. Inzichten die mij geholpen mijn wereld een beetje mooier te maken. Mijn wereld. Of het ook in jouw wereld past en lukt is natuurlijk maar de vraag. Maar je bent oud en wijs genoeg om dat voor jezelf uit te maken….of uit te proberen.
Dit is verhaaltje nummer 3/50

Laatst werd ik aangesproken of ik wilde begrijpen waarom ik de belangrijkste taken altijd maar uitstel.
Gevolgd door:
“Slik een kikker door (en nog twee goede gewoontes om je dag mee te beginnen)”
Na de kikker valt alles mee. Die begreep ik.
Enfin.
Ik kwam terecht in het artikel van Ernst-Jan Pfauth, Correspondent Zelfverbetering, die me adviseerde te rade te gaan bij een Canadese professor, die al negentien jaar onderzoek naar deze vraag doet. Plus drie manieren om tóch gewoon te beginnen.
Voorafgaand aan het artikel had hij zijn lezers de volgende vraag gesteld:
“In deze nieuwe verhalenreeks deel ik de belangrijkste of opvallendste bevindingen uit de zelfhulpliteratuur of uit iets wat ikzelf onder zelfhulp schaar (een roman, film of, misschien wel een app?). Aan welke zelfhulpboeken en -artikelen heb jij veel gehad?”
En uit de reactie bleek een ruime meerderheid “Getting Things Done” van David Allen te noemen:
“De Amerikaan – die overigens in Amsterdam woont – zet daarin een lijvig systeem neer dat je concentratie, productiviteit en uiteindelijk geluk drastisch dient te verhogen.”
Je kunt het hier downloaden…….of gewoon beginnen met wat je uitstelt.
Als ik een titel zou moeten bedenken voor een zelfhulp bestseller zou dat zijn:
The Art of Start.
Dat blijkt al te bestaan en is geschreven door Guy Kawasaki, die ik een tijd geleden zag op het World Creativity Forum in Kortrijk.
In onderstaand filmpje heeft hij het niet zozeer over uitstellen als wel over ondernemen en wat de basis is van succesvol ondernemen. Het doet me denken aan Simon Sinek’s Golden Circle. Dat alles begint met Waarom.
“If you want to make Money, you start with Meaning”
Enfin. Ik ben inmiddels zo ver afgedwaald van waar ik het, geïnspireerd door het stuk van Pfauth, over wilde hebben dat ik er mee stop.
Maar ik stop nadat ik eerst ben begonnen.
Wat mij uiteindelijk brengt op tip nummer 3:
Don’t Just Do It, Just Start”
Cor Noltee

Op veertien januari werd ik vijftig.
Veertien dagen geleden schreef ik mijn laatste post.
De komende vijftig dagen vijftig dingen die ik de afgelopen vijftig jaar heb geleerd.
Dag 1.
The Lobster.
Afgelopen zaterdag nodigden vriend John en ik achtentwintig (twee keer veertien) vrienden uit om samen The Lobster te kijken. John is net als ik veertien januari jarig en na het succes van vorig jaar besloten we ook dit jaar onze verjaardagen in de filmlounge van filmhuis The Movies in Dordrecht te vieren. We stuurden ze deze uitnodiging;

Vorig jaar vertoonden we Schneider Vs Bax van Alex van Warmerdam:

Het maken van de uitnodiging doen John en ik samen. Dat is dolle pret. De uitnodiging gaat vergezeld met strikte cadeau instructies. We willen namelijk geen cadeaus maar een bijdrage van €10 p.p. voor de huur van de lounge, de rechten van de film en twee drankjes met een bitterbal. Voorafgaand aan de film vertelde ik het verhaal hoe we van Van Warmerdam bij Colin Farrell, de hoofdrolspeler van The Lobster, terecht waren gekomen;
Van Warmerdam maakte ook De Jurk waarin Kees Hulst speelde. Kees Hulst speelde samen met Burt Reynolds in Snapshots. Reynolds speelde samen met Kevin Bacon in Starting Over. Kevin Bacon speelde ook in Woodsman, samen met Michael Shannon die je misschien kent als rokende, terminale detective uit Nocturnal Animals. Of ken je hem uit Tigerland? Hierin speelt hij namelijk met Colin Farrell. Van Alex naar Colin in 5 stappen.
Iedereen op de hele wereld kun je in maximaal 6 stappen met elkaar verbinden en dat hebben ze getest met mensen in de filmwereld. Je dacht toch niet dat ik die verbindingen had bedacht? Dat zou alleen mijn filmvriend Rick kunnen. Ik gebruikte daar het orakel van Kevin Bacon voor.
Enfin na deze korte introductie vertelde ik dat zowel John als ik de film nog niet gezien hadden. Ik vertelde wel dat de film ging over het volgende;
Stel je hebt veertig dagen de tijd om de liefde van je leven te vinden. Lukt dat niet dan verander je in het door jou, van te voren, opgegeven dier. Farrell wil een Lobster worden. Want kreeften worden wel 100 jaar, hebben blauw bloed en leven in de zee.
Wil jij weten wat je wilt worden?
Doe dan hier de test.
Je hebt tot morgenochtend.
Je bent een loper of je bent een fietser. Ik ben een fietser. We hebben allemaal wel een tic. Maar hoe kom je er aan?
Ik zit er mijmerend over na te denken en moet terug naar mijn 13de. Ik had een tweede hands Motobecane sportfiets gekregen. Prachtig ding. Alleen in de verkeerde kleur. Ik heb hem toen in mijn eentje uit elkaar gehaald en laten spuiten in antraciet metallic door mijn oom Gerard die bij Derks Lakken werkte. De stalen spatbordjes verving ik door matzwarte plastic varianten. Een fiets mag alle kleuren hebben. Als het maar zwart is (okay antraciet is ook goed). Jammer dat ik er geen foto meer van heb.
Maar dat is toch niet het moment waar ik de tic heb opgelopen. Dan moet ik nog verder terug. Het was zaterdag avond. De dag dat we met mijn oma naar de kerk gingen. Ja ik ben katholiek, gedoopt, commune gedaan en gevormd door de Bisschop en zelfs misdienaar geweest. All the way. Alleen nooit misbruikt. Geen idee waarom niet. Heb ik jaren last van gehad. Waarom zij wel en ik niet?
Enfin de bewuste zaterdag ging ik een half uurtje eerder naar de kerk omdat ik nog een extra rondje wilde maken op mijn nieuwe fiets. Ik was 9 en had van mijn moeder een nieuwe fiets gekregen. Een die ik zelf uitgekozen had. Mijn eerste eigen fiets. Nu ik dit schrijf, ruik ik de fietsenwinkel weer waar we hem kochten. Wat een sterke herinnering. Ik kwam een kwartier te vroeg bij de kerk aan en reed nog wat rondjes op de parkeerplek naast de kerk. Dit was een terrein van de Opel garage met aan het eind een muur. Niet te verwarren met die andere drie muren: de Chinese, de Berlijnse en die van Geraardsbergen.
De Opel muur is verantwoordelijk voor mijn fietsen tic. Steeds harder rondjes makend op het terrein van de Opelgarage ben ik op een gegeven moment vol tegen de muur geknald. Ik weet nog steeds niet hoe het kwam. Ik lag bewusteloos op de grond en kwam naar mijn gevoel uren later weer bij. Fiets in gruzelementen en de kerk was al begonnen. Dizzy en verdwaasd liep ik heel langzaam de kerk binnen met mijn kapotte fiets. Tja. Als je daar geen fietsen tic aan over houdt.
Vijf jaar geleden overleed mijn moeder. Van de erfenis kocht ik een baanfiets. Das er een zonder remmen. Dankjewel Ma.
Nu ik dit verhaaltje heb geschreven, denk ik. Logisch. Daarom kocht ik dus die baanfiets.
En nu snap ik ook beter waarom ik daarna een oud Peugeot vouwfietsje kocht. Voor € 150,- bij Blackbird in Utrecht.
Afgelopen week heb ik die samen met Ruud van Horizon Bicycles in Utrecht opgeknapt.
Alle overbodige onderdelen eraf, twee nieuwe zwart/witte bandjes, nieuwe remkabel en blokjes, nieuwe ketting en tandwiel en er een tweeversnelling terugtrapnaaf in gezet. En dat was een geweldige ervaring. Want er zijn maar weinig leukere dingen dan aan je fiets sleutelen. Kijk je kunt natuurlijk voor een hoop geld een Brompton kopen. En geloof me dat doen er een heleboel. Maar in plaats van € 1.400 heb ik nu voor € 400,- een perfecte Franse Vouwert. Ik droeg hem laatst de bovenwoning in van goede vrienden John en Jennie die met angst en beven vreesden voor hun gladde stucwerk in het gang.
Even later kwam John spontaan met een oud Brooks zadel aan kwam zetten.
Eenmaal thuis verving ik het zadel direct om er vanuit mijn bed met een spotlicht erop van te genieten. (op de achtergrond met het witte stuurlint de baanfiets, daarnaast mijn oude Raleigh, daarnaast mijn nieuwe Brik en achteraan mijn 7,6 kilo lichte carbon Merida)
Afgelopen vrijdag repareerden Ruud en ik het Brooks zadel. Ongelooflijk alle onderdelen zijn, nog, gewoon te koop en met het juiste gereedschap heel goed te repareren. 
Ruud en ik vinden dat het een stuk mooier kan op straat. Ruud en ik gaan snel aan de slag met ons volgende project. De vouwfiets die ik van Cees kreeg.

Fijne kerst. Ik heb mijn cadeau al. Dankjewel Ruud.

Tijdens mijn ontwerp onderzoek voor de master kunsteducatie kwam ik tot een belangrijk nieuw inzicht. Tijdens de eerste playtest van mijn prototype vertelde ik de leerlingen van groep 6 van basisschool Het Landje dat ik zelf ook student was, aan het leren en een experiment wilde doen. Ik vroeg ze of ze wisten wat een experiment was en samen besloten we dat dat het proberen van iets nieuws was wat niet kon mislukken. Ik merkte dat dat een hele veilige en uitdagende context bood. Ook voor mezelf. Sterker nog het voelde enorm bevrijdend en uitdagend.
Ik vraag me af wat er met de kwaliteit van onderwijs zou gebeuren als we maar twee ontwerpprincipes zouden toepassen:
Ik kwam laatst het woord ‘leerverrassing’ tegen.
Zullen we het woord onderwijs veranderen in leerverrassing?
Wikipedia definieert onderwijs zo:
Het onderwijs is het overbrengen van kennis, vaardigheden en attitudes met vooraf vastgelegde doelen. Daarbij houdt men rekening met een beginsituatie, volgt men een onderwijsstrategie en worden de resultaten geëvalueerd, onder meer door toetsing, zelfevaluatie en peerevaluatie (collegiale toetsing). Onderwijs wordt binnen een door de overheid bepaalde structuur gegeven door personen die daarvoor speciaal zijn opgeleid, zoals onderwijzers, leraren en docenten.
Cor Noltee definieert een leerverrassing zo….en kan daar wel wat hulp bij gebruiken:
Een leerverrassing is het samen vrijwillig creëren van Kennis (wat je weet x wat je wilt x wat je kan x wat je gedaan hebt) vanuit een gezamenlijke uitdaging.
Nu bepaalt de overheid wie er les mag geven.
Bij een leerverrassing is dat een verrassing.

Dit is deel 2 waarin ik me afvraag onder welke omstandigheden ik mij het meest creatief voel. Voorbeelden van situaties zijn waarin ik alleen ideeën bedenk en het of in opdracht is of vrij.
Gisteren beschreef ik;
Voorbeeld 1. Cor bedenkt ideeën voor een uitdagende opdracht.
Vandaag;
Voorbeeld 2. Cor bedenkt ideeën zonder opdracht; spontaan.
Een creatief hoogtepunt voor mij vind elk jaar in Eindhoven plaats, tijdens de Dutch Design Week. Elke jaar neem ik me voor om meerdere dagen te gaan en dit jaar is het me voor het eerst gelukt er 4 dagen rond te lopen. Wat een ongelooflijke luxe. Ik stap dan in Dordrecht met een Cappuccino met honing, croissant en vouwfiets in de trein naar Eindhoven om Eindhoven rond een uur of tien een tweede cappuccino te nuttigen bij Usine, de voormalige gloeilampen fabriek van Philips. Rond 10.45 loop ik dan naar de Witte Dame waar om 11.00 de Graduation Show van de Design Academy haar deuren opent. Tip voor volgend jaar is om je passe-partout bij het DDW info punt te kopen op het stationsplein zodat je niet in de rij hoeft te staan bij de Witte Dame. Eenmaal binnen loop ik dan line recta door naar de bovenste verdieping om daar in het restaurant mijn derde cappuccino te bestellen en het boek met al het werk van de afgestudeerden. Zorgvuldig kies ik een strategische plek waarbij ik het lezen kan afwisselen met het naar mensen kijken.

Als een kok leg ik alle ingrediënten netjes voor mij en met volledige aandacht begin ik met het lezen van de omschrijving van het eerste eindexamenwerk. Voor mij ligt mijn iPhone klaar op Google Translate omdat ik niet alle woorden in de beschrijvingen ken. Pas als ik alles begrijp, laat ik mijn blik afdwalen naar de foto naast de tekst en geniet van het feit dat ik betekenis kan geven aan wat ik zie. Op de tafel liggen rode stickers om in het boek te plakken om zo mijn favorieten te herkennen. In al mijn DA jaarboeken van de afgelopen 13 jaar heb ik mijn favorieten aangeven. De exercitie van dit jaar doe ik misschien met nog meer aandacht omdat ik in januari weer een (nu drie)daagse workshop design thinking geef op de master strategie design op de Polytechnico in Milaan. Ik weet namelijk dat een aantal van mijn vrienden daar het heel jammer vonden dat ze dit jaar niet in Eindhoven konden zijn. Op deze manier kan ik mijn favorieten straks makkelijk met hun delen.
Lezend en plaatjes kijkend wissel ik af met rondturen in het steeds drukker wordende restaurant. In het begin, net na 11 uur, is er namelijk nog niemand. Iedereen blijft hangen in het begin van de Graduation Show. Lezend, kijkend, plakkend en turend komen de ideeën dan vanzelf. Ideeën voor vragen die nog ‘aan’ stonden in mijn onbewuste en compleet nieuwe ideeën die mijn kennis verbindt aan nieuwe domeinen. Het verschil met de situatie die ik gisteren beschreef is dat er nu ideeën ontstaan buiten de activiteit waar ik mee bezig ben. Deze ideeën ontstaan als ik even stop met de bewuste activiteit die veel aandacht vraagt; het bestuderen en beoordelen van het eindexamenwerk. De ideeën van anderen zijn de springplank naar nieuwe ideeën. Dat is anders dan ideeën die ontstaan vanuit dezelfde context, binnen dezelfde context. Zoals in de trein naar Groningen op weg naar De Noordelingen.
Wel frappant is dat de ideeën in beide situaties ontstaan op momenten waar mijn aandacht afgeleid is. Starend uit een rijdende trein of turend en mensen kijkend in een steeds drukker wordend restaurant.
Slim omgaan met je onbewuste is blijkbaar voor mij garantie voor ideeën.
Zittend.
Ben benieuwd hoe de kwaliteit van de ideeën wordt beïnvloed als ik straks op mijn nieuwe vlasstoel zit. Zittend op HET symbool van nieuwsgierigheid, aandacht en toewijding, moet leiden tot nog meer en originele ideeën. Denk je ook niet?
Gisteren werd ik via Skype uit Karlsruhe geïnterviewd door een Chinese studente (Chen) die ik in Italië ontmoet had. En woensdag was ik in Wolvega. Twee totaal verschillende ervaringen. In Wolvega was de fysieke afstand klein, de geestelijke afstand groot en weinig interactie. Met Chen precies andersom. Grote fysieke afstand, kleine geestelijke afstand en heel veel interactie. In Wolvega was ik zender en dan is het logisch dat het publiek niet terugpraat maar in een interview zou het toch vreemd zijn als ik geen antwoorden op de vragen zou geven. Gelukkig was Chen goed voorbereid en ging het over een van mijn favoriete onderwerpen; creativiteit.
Chen vroeg mij onder andere wanneer ik mij het meest creatief voelde. In mijn antwoord gaf ik aan dat de voorbeelden die ik ging geven voorbeelden waren van situaties waarin ik alleen ideeën aan het bedenken was en dat het of in opdracht was of vrij.
Voorbeeld 1. Cor bedenkt ideeën voor een uitdagende opdracht.
Al een aantal jaar geef ik 2 keer per jaar een workshop Design Thinking aan De Noordelingen;
De Noorderlingen is een TopProgramma Ondernemerschap, voor ambitieuze en ondernemende studenten uit Noord-Nederland. Het is een uitdagend onderwijsprogramma voor studenten die hun ondernemersidee willen omzetten naar een eigen bedrijf, of hun bestaande bedrijf willen laten groeien. Hierbij worden ze gecoacht en geadviseerd door succesvolle ondernemers en experts uit de regio.
Dat begrip regio nemen ze heel breed. Dordrecht – Groningen is een treinreis van 3 uur en 3 minuten. Maar die treinreis is een van de voorwaarden voor mijn persoonlijk creatieve topprestaties. Eenmaal in Rotterdam aangekomen haal ik bij LaPlace een ontbijt met een grote Cappuccino met honing en neem plaats in de intercity die in een keer naar Groningen rijdt. Twee uur en achtendertig minuten in de stilte coupe waarbij ik niets anders doe dan me voorbereiden op de workshop. Ik kan geen kant op. Ik open mijn laptop en scroll door mijn Keynote en geef mezelf een uitdaging. In grote lijnen is de workshop klaar maar zittend in de stiltecoupe met mijn koffie en ontbijtje daag ik mezelf uit om iets aan het programma toe te voegen wat ik nog NOOIT gedaan heb. Ideeën bedenkend en uitproberend worden afgewisseld met langdurig uit het raam staren. Dat bewuste afwisselen met het onbewuste is cruciaal. Je onbewuste is veel sneller dan je bewuste en oneindig veel groter. Staren zonder sturen. Kedeng keneng. Laat de ideeën maar komen. Groningen komt vanzelf dichterbij. Het feit dat ik kan werken met volledige aandacht en toch fysiek verder kom, draagt bij aan het efficiëntie/productiviteitsgevoel.
Kortom. De creativiteits verhogende ingrediënten op een rijtje:
Voorbeeld 2. Cor bedenkt ideeën zonder opdracht; spontaan.
Die lees je morgen.
Ga nu langdurig naar de kont van Jacco Broekhuizen kijken.

Naar aanleiding van de post van gisteren kreeg ik een reactie van trouwe lezeres Anna-Maria. Anna-Maria is misschien wel de leukste ondernemer die ik ken. Ze heeft humor, is nieuwsgierig, heeft lef en houdt van mensen. Ze is inderdaad heel Puur. En wat ik ook zo leuk vind aan Anna-Maria is dat ze heel goed complimentjes kan geven. En daar hebben Anna-Maria en ik een klik. Want wat is er mooier dan een compliment geven. Ik doe al jaren onderzoek naar het fenomeen.
Toen ik laatst de conducteur in Utrecht complimenteerde, hem een hand gaf en bedankte voor weer een fantastische rit, keek hij me aan alsof ie oog in oog met een Tyrannosaurus stond en zijn laatste seconden geslagen hadden. Tyrannosaurus is een geslacht van vleesetende theropode dinosauriërs en behoort tot de groep van de Tyrannosauridae. Ze leefden ongeveer zeventig tot vijfenzestig miljoen jaar geleden, tijdens het late Krijt, in het westelijk deel van het huidige Noord-Amerika. Dus dat kan niet want we waren in Utrecht. Midden Nederland. Europa.
Nee het was Cor Noltee die hem een compliment gaf. Dat komt blijkbaar ook eens de vijfenzestig miljoen jaar voor bij de NS. Maar the guy was lucky want ik had mijn complimenten dag.
Ik houd al jaren een database bij waarin de reacties staan van de mensen die van mij een (oprecht) compliment ontvangen. Dat gaat bijna altijd over iets wat ze aan of op hebben. Ik ben namelijk geen fan van de sauna.
Hier komen de resultaten en ik ben benieuwd in welke categorie jij zit. Ik heb wel een idee overigens.
1. Vrouwen.
Als ik een vrouw een compliment geef dan reageert 82,4 % met:
– ohhhhh…..uitverkoopje.
of
– H&Mmetje.
2. Mannen.
Als ik een man een compliment geef dan reageert 98,6 % ongeveer zoals de treinconducteur. De rest loopt stevig door of gaat zelfs rennen. Een enkeling schreeuwt daarbij om hulp.
3. Homofiele mannen en vrouwen.
Als ik een homofiele man of vrouw een compliment geef dan reageert 100%hetzelfde.
‘Dankjewel. Wat leuk!’
ennnnnn, ja daar komt ie. Die gaan er nog even vet overheen (dat compliment dan he). En dat dat klinkt dan zo:
‘En wat vind je van mijn schoenen (of ander kleding stuk of accessoire)’
Ja we kunnen nog een hoop leren van onze homofiele medemensch.
Maar misschien nog wel meer van Anna-Maria. Want Anna-Maria bevindt zich in de buitencategorie complimenten geven. Want Anna-Maria geeft geen compliment over het Wat je draagt, Hoe je doet of Waarom je dingen doet…..neeeeeeee. Anna-Maria geeft complimenten door aan te geven wat de ander met haar doet. En dat verdient een compliment. Zo liet ze me gisteren het volgende weten:
“Zo blij met je blogs elke dag!
Laat mij minder krampachtig denken en speelser de wereld bekijken.
DANK!”
Mooi Mens die Anna-Maria.
Heel Puur.
Dankjewel.