Uit onderzoek blijkt dat de verbondenheid van mensen met de natuur de afgelopen twee eeuwen flink is afgenomen. Toch is er ook goed nieuws: we weten nu steeds beter wat we kunnen doen om die band te herstellen – en dat werkt niet alleen voor de natuur, maar ook voor onszelf.
Kinderen op jonge leeftijd kennis laten maken met de natuur en steden veel groener maken, zijn volgens onderzoekers de krachtigste manieren om dit tij te keren. Wanneer jonge kinderen spelen tussen bomen, bloemen en vogels, bouwen ze een levenslange band op die ze later vaak doorgeven aan hun eigen kinderen.
Professor Miles Richardson van de University of Derby laat zien dat ouders hierbij een sleutelrol spelen. Als volwassenen hun liefde voor de natuur delen, is de kans veel groter dat kinderen zelf ook natuurvriendelijk opgroeien. Zo kan er een positieve, zelfversterkende beweging ontstaan.
Het onderzoek benadrukt dat groene steden niet alleen goed zijn voor dieren en planten, maar ook voor ons welzijn. Een flinke uitbreiding van parken en biodiversiteit in de stad kan al bijdragen – en hoe meer groen, hoe sterker het effect.
Initiatieven zoals bosklasjes, natuurspeeltuinen of groen traineeships zoals Friends of the Forest zijn daarbij waardevol: ze brengen plezier, versterken de mentale gezondheid en maken natuur weer een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks leven.
Richardson ziet hierin een kans: omdat onze huidige natuurverbondenheid zo laag is, kan elke stap vooruit een groot verschil maken. Met gezamenlijke inspanning – van gezinnen, scholen, gemeenten en maatschappelijke organisaties – kunnen we een samenleving creëren waarin mens en natuur weer sterker verbonden zijn.
Afgelopen zaterdag was de terugkomdag van groen traineeship Friends of the Forest. Deelnemers hadden vrienden en familie meegenomen om hun boek met 15 natuurchallenges te presenteren en uit te delen aan vrienden en familie. Maar eerst trokken we met zijn allen het bos in om twee natuurchallenges te ervaren. De zus van een van de trainees had haar twee jarige zoontje meegenomen. Met zijn kaplaarsjes aan en een tak met bladeren in de hand liet ze hem trots voorop lopen en toen hij bij varens belandde die bijna net zo groot als hij waren begon hij ze voorzichtig te aaien. Dat is wat kinderen doen. Die zijn nieuwsgierig en ontdekken door te voelen, ruiken, kijken, luisteren en proeven. Naarmate we ouder worden verliezen we die nieuwsgierigheid. Een verbroken relatie met de natuur als gevolg.
Gelukkig kunnen we onze relatie met de natuur herstellen. Met kleine, eenvoudige activiteiten die je ook gewoon ‘in de buurt’ kunt doen. Je hoeft er niet perse voor naar een bos of park, ver weg. Pak vandaag een blad van de grond en bekijk het eens in detail. Volg een vogel in haar vlucht tot ze uit beeld verdwijnt. Doe het samen en verwonder je over de schoonheid, de complexiteit en verbondenheid.
En ben je op zoek naar inspiratie, download dan hier het boek dat de groen trainees van Friends of the Forest hebben gemaakt:
Met de Regeneratiekaart op Landvanwaarde.nu als routekaart vertrok ik donderdag met vriend Maarten vanuit Westernieland op de fiets naar Middelstum. Maarten fietst ruim tienduizend kilometer per jaar en vandaag stond een rondje van 50 kilometer gepland dus was ik heel blij dat ik de fiets van de buurvrouw kon lenen in plaats van op mijn kleine vouwfiets aan de schouder van Maarten te hangen.
Op de Regeneratiekaart staan meer dan 700 initiatieven in Nederland die zich allemaal op hun eigen manier inzetten voor regeneratieve, natuurinclusieve voedselproductie voor de korte keten. Onze eerste ontmoeting was met Emma Vloers. Ik had haar de dag ervoor al even telefonisch gesproken en wist dat ze vandaag met familie voor vakantie naar Zweden zou vertrekken. Het erf opfietsend stond het busje met de kinderen er al in en de caravan nog net niet aangehaakt klaar voor vertrek. Emma is een voedselbos aan het aanleggen om gezond, biologisch voedsel weer voor iedereen betaalbaar maken en kan daar alle hulp bij gebruiken. Mail emma op: emmakoers95@gmail.com Of volg voedselbos Sabearelân op Instagram. Hoe meer hulp hoe sneller de producten te koop komen bij Everts Lokaal, de buren. Onze volgende stop. Everts verkoopt in de landwinkel veelal duurzaam geproduceerd, biologisch voedsel uit de buurt. Ik ben nog op zoek naar tomaten voor de pasta van vanavond en net voor openingstijd worden we verwelkomd in de prachtige winkel. Het eerste wat we opvalt, is het bordje met daarop ‘Fietsers 3% korting’. Met een ‘prijsblik’ bekijk ik de prijzen en vergelijk de prijs van hun biologische pijnboompitten met die van AH waar ik gisteren de verse pesto mee gemaakt had.
Tot mijn verbazing zijn Everts biologische pijnboompitten goedkoper dan die van AH; € 5.38 per 100 gram. AH is 0,11 duurder: € 5,49. En dat is dan nog zonder de 3% fietskorting. Dan zijn Everts biologische pijnboompitten € 5,21. Das 0,28 cent goedkoper dan AH! Ik deel het met de dame in de winkel en ze balt haar vuist en trekt een overwinningsgezicht alsof ze net in de laatste seconden van de verlenging gescoord heeft. Trots vertelt ze dat de biologische pijnboompitten in een glazen statiegeldpot zitten die ze in hun professionele spoelkeuken afwassen zodat ie weer gevuld kan worden en jij als klant geen verpakkingen hoeft weg te gooien. Biologische pijnboompitten van Everts……….hamsteren!!!!!!!
Met verse biologische tomaten van de Eemstuin uit Uithuizermeeden (14 kilometer verderop) in de rugzak vertrekken we weer. De Eemstuin staat overigens ook op de Regeneratiekaart maar niet op onze kaart vandaag. Maar virtueel breng ik toch even een bezoekje en lees op hun prachtige site;
‘De Eemstuin is een biologisch-dynamisch landbouwbedrijf. Op 1,2 hectare zavelgrond – een grondsoort van zand en klei – telen ze groente op natuurlijke wijze. Hiervan groeit 2.500 m2 in de koude kas. Ze werken met meer dan 60 zaadvaste rassen. Dat zijn levenskrachtige gewassen met smaakvolle groenten.’
Ik kan het niet laten om even te kijken wat de tomaten kosten; € 2,50 per kilo. Bij AH; € 5,50 per kilo. Het winkeltje aan huis is altijd open en is zelfbediening. Of als je in Groningen bent….Elke vrijdag staan ze op de Vismarkt in Groningen. De hele week werken ze naar dit moment toe. Ze oogsten, plukken en verzamelen. Ook bij bioboeren uit de buurt rijden ze langs, zodat ze nog meer variatie uit Noord-Nederland én van het seizoen op de kraam kunnen leggen.
Ik denk dat ik mijn volgende trip naar Groningen plan rond de open dag op zaterdag 10 oktober. Op de site lees ik dat er zelfs een luisterwandeling is gemaakt door Tom Tieman. Tijdens het rondje vertellen tuinder Liz, tuinder Jouke en bodemexpert Ruud Hendriks over de tuin. De muziek die je ondertussen hoort, is van Eva Waterbolk. Via de site van Tom Tieman beland ik in Snackgelok; ‘Bij Snackgelok lig je in een levensgroot patatbakje en luister je naar een muzikale compilatie van audiofragmenten waarin mensen vertellen over hun drift om te consumeren en het geluk dat ze daaraan ontlenen. Je ‘snackt’ als het ware hun verhalen. Naast het genot komt ook de keerzijde van snackgeluk aan bod. Want wanneer is het genoeg?‘
Wij hebben er nog lang geen genoeg van en vertrekken richting Tuinderij Klein Alma in Bedum. Op de zelfoogsttuin wordt niet alleen hard gewerkt aan en op het land maar ook aan de bouw van een aantal gebouwen. We zijn welkom om een rondje te lopen op de prachtige plek. Ik lees over het proefabonnement van 4 weken dat ze aanbieden. Vier weken eten wat de bodem schaft. Zouden daar ook de eieren van de kip zitten die buiten met 5 kuikens rondscharrelt die allemaal van verschillende vaders lijken te komen. In de verte wapperen de vlaggen bij de groenten die je zelf kan oogsten.
Door ‘de winkel’ teruglopend valt mijn oog op het prachtige keukenblokje gemaakt van afvalhout en oud marmeren keukenblad en gootsteen. ‘Aandacht maakt alles mooier’ was de prachtige slogan van IKEA. Dit keukenblok komt niet van IKEA. Nog mooier.
Op de geleende fiets rijd ik voor het eerst vandaag voorop. Dit stukje Groningen kende Maarten nog niet.
Onze laatste stop is bij Florentien Biobloemen. Het erf opfietsend ruikt het verre van naar bloemen. Ik stap af om naar het woonhuis te lopen, begeleid door een enthousiast springende Jack Russel. Na drie klopjes op de deur opent een vriendelijk en verbaasd gezicht de deur. De verbazing en glimlach worden groter als ik zeg dat ik op zoek ben naar Florentien Biobloemen. “Die zit aan de overkant.” Huh? Had ik me vergist? Het blijkt dat de locaties omgewisseld zijn. De Jack Russel duwt me weer vriendelijk richting mijn fiets. Aan de overkant gluur ik door de ramen van de enorme schuur en zie een paar kratten met bloemen staan. Ik sluip langs de zijkant naar een voordeur met trekbel en voordat bel is uitgerinkelt doet een mogelijk nog grotere glimlach vol verbazing de deur open. “Ik ben op zoek naar ‘Florentien Biobloemen” zeg ik.
“Dat ben ik. Hallo ik ben Jantien.”
“Kan ik een bosje bloemen kopen?” vraag ik.
“Je bent de eerste die aanbelt voor een boeket” glimlacht ze.
“Loop maar even mee.”
Samen lopen we naar de schuur waar ik net naar binnen had gegluurd en zie Maarten naar binnen gluren. Even later staan we vol bewondering te kijken naar hoe Jantien een prachtig boeket samenstelt. Elke tak wordt zorgvuldig bekeken, eventueel ingekort en samengevoegd bij de andere kleuren. Ondanks dat het ‘de drukste periode van het jaar is’, neemt Jantien alle tijd.
Jantien’s doel is helder “bodemleven en biodiversiteit stimuleren en behouden plus het aandeel biologische sierteelt in Nederland te laten groeien.”
Jantien en haar man toverden op hun boerderij in Winsum en Den Andel een om tot bloemenakker. Wil je zelf een keer een boeket biologische bloemen kopen? Kijk dan op Wilderful of stuur een mailtje naar florentienbiobloemen@hotmail.com
15 minuten en €15 later fietsen we de laatste 10 kilometer tegenwind met de electrische wind in de rug terug. De fiets met bloemen gaan terug naar de buurvrouw en de gesneden tomaten strooi ik op de pasta met het restantje pesto. Ik rasp de parmezaanse kaas en strooi die over de tomaten en schuif de pasta in de oven. We proosten met de niet biologische wijn. Waar staat die op de kaart?
Tien jaar geleden kreeg ik van mijn vrouw de gehele Bricklane Bike collectie van H&M. De Londense fietswinkel Brick Lane Bikes en H&M brachten samen een collectie op de markt geïnspireerd op fietsen en dan vooral fietskoeriers in de stad. De bijbehorende spijkerbroek van stretch jeans en smalle pijpen heeft aan de binnenkant een lichtgevende band zodat als je je pijp omvouwt je extra goed zichtbaar bent. De jeans is de enige jeans die ik heb en heb ik ontelbare malen gedragen. Tot de gaten erin zaten. En een beetje gat kan nog wel maar als je met het aantrekken van je broek de helft van je pijp aan een dun draadje hangt wordt het tijd voor……..
Ja zeg het maar.
Een bezoek aan de kleermaker.
Vorige week bracht ik mijn jeans en liet hem de gaten zien, waarop hij enthousiast antwoordde:
“Dat kan ik heel mooi maken. Zie je bijna niks meer van. Kijk dit is dezelfde kleur blauw.”
Ik keek hem lachend aan en zei dat ik de scheuren juist wel wilde zien en vroeg hem of hij gouddraad had. En of hij het juist zo zichtbaar mogelijk wilde stikken, zigzaggend, als een flinke wond die gehecht is.
Hij deed of hij me niet hoorde of dacht dat ik hem in de maling nam en liet mij de blauwe draad zien waarmee hij mijn jeans onzichtbaar ging repareren. Ik keek naar waar hij het blauwe garen vandaan haalde en wees hem op de meest goudgele draad die ik zag. Hij sputterde nog een keer tegen, trok een stuk blauw garen van de klos en legde het op mijn jeans. En inderdaad, zeker zonder mijn leesbril was ie echt onzichtbaar. “Mooi!” zei ik “Maar ik wil toch die goudgele.”
Hij keek me met een schuin oog en scheve frons aan, mompelde iets onverstaanbaars gevolgd door een duidelijk “twintig euro”. “Prima.” antwoordde ik, “tot volgende week.”
Een half uur geleden ging ik mijn broek halen. Nieuwsgierig en een beetje nerveus. Halverwege de drempel draaide hij zich om en pakte mijn broek. Hij was me blijkbaar niet vergeten. Met een soepele zwieper legde hij mijn broek op de tafel en zei “Mooi”. Ik kon niet ontdekken of dat met een uitroepteken of met een vraagteken was. Maar ik zag het meteen. Het was prachtig…met twee uitroeptekens. Ik keek hem aan en een tevreden glimlach sierde zijn gezicht.
Het idee voor deze reparatie is geïnspireerd op Kintsugi, een Japanse lijmtechniek om kostbaar keramiek te lijmen met goud- of zilverkleurige lak. In de Japanse schoonheidsleer dragen de sporen van breuk en herstel bij aan de schoonheid en waarde van een voorwerp. Het benadrukt de schoonheid van imperfectie en vergankelijkheid en onthult zo een deel van zijn geschiedenis.
De scheuren onthullen een deel van onze geschiedenis, een leven dat we samen dragen. Met alle ups en downs. Toen ik net een foto maakte van de broek en inzoomde zag ik de Heartbeat van mijn Jeans.
Klaar voor de volgende tien jaar.
Dat rijmt en goud draad dicht.
Mooi!!
PS
De broek is gemaakt door Stomerij Paulus, Paul Krugerstraat 141, Rotterdam. 010-4848345 of 0614776638
Workshop ‘Gesprekje met een stekje’ van Bo Lagrand. Tekening Evy.
Afgelopen twee weken gaf ik voor de zesde keer seminar ‘Expedition Spaceship Earth’ op HKU en was ik met een aantal studenten op expeditie op ruimteschip aarde met als doel meer bewustwording en verbinding met de planeet en elkaar te creëren. Aan het eind van de twee weken vroeg ik de studenten een brief te schrijven aan toekomstige twijfelende seminar deelnemers. Geen leerdoelen vooraf maar leerervaringen achteraf. Bij het lezen van de brieven werd ik af en toe diep geraakt.
Goeiedag twijfelende toekomstige expeditieleden,
Kiezen doe jij, ik kan je alleen vertellen wat mijn ervaring is geweest. Waarom ik jou dit seminar wil aanbevelen. Uiteindelijk bepaal jij of je de uitdaging aan wil gaan.
Van passagier naar crew op ruimteschip aarde. Dat is het doel van dit seminar. Dat lijkt op eerste gezicht best vaag, maar ik zal het je uitleggen. Aarde is het ruimteschip waar wij als passagiers op wonen. We gebruiken het ruimteschip om te kunnen overleven. We maken als passagiers veel gebruik van de aarde, maar leveren niks terug. We leven van de aarde en niet samen met de aarde. In dit seminar leer je wat jouw rol is op deze aarde om uiteindelijk crew te worden van ons ruimteschip aarde.
Door verschillende excursies, films, opdrachten en workshops leer je meer over het ruimteschip waarop we leven en jouw rol daarop. Zo hebben we een prachtige wandeling gemaakt en daarbij een podcast geluisterd die ons een idee gaf over hoe oud de wereld al is en wat er in die tijd allemaal is gebeurd. Daarnaast hebben we een workshop gehad van een medestudent die ons een gesprekje met een stekje liet doen. De manier hoe je je na dat gesprek verantwoordelijk en verbonden voelt met het stekje is niet te omschrijven. Je voelt opeens echt een band. Net zoals je dat voelt met je vrienden en familie. Dit zijn enkele voorbeelden van activiteiten die we hebben ondernomen. Het programma is erg vrij en veel ruimte voor persoonlijke inbreng.
Mijn conclusies na dit seminar Ik voel meer een connectie met de aarde. Dit zorgt ervoor dat ik me verantwoordelijk voel voor de keuzes die ik maak. Daarnaast heb ik geleerd dat de aarde voor veel problemen al een oplossing heeft gevonden. In het werkveld beeldende kunst en design wil ik dit aspect van het seminar graag meenemen als ik iets ga ontwerpen. Kijken wat er al is op aarde en daarvan leren. Het seminar is naast het grote onderwerp ook door de verschillende podcasts en filmpjes/documentaires een grote inspiratiebron geweest.
Hopelijk heb ik je goed kunnen informeren over dit seminar en kan jij nu een overwogen keuze maken.
Zit je in het onderwijs of ben als bedrijf nieuwsgierig geworden naar hoe je mensen transformeert van passagier naar crew op Spaceship Earth? Bel (0624965000) of mail me (cornoltee@mac.com)
Het zou fantastisch zijn als we meer passagiers kunnen transformeren naar crew.
Dit is post 9 over mijn 6-daagse bezoek aan de Dutch Design Week in Eindhoven.
Wij wonen nu een paar jaar in Rotterdam. In of moet ik zeggen ‘op’ Katendrecht. In een heel klein appartement met een groots uitzicht:
Foto: Cor Noltee
Ook dit jaar weer geen Kerstboom want het is elke dag Kerst:
Foto: Cor Noltee
De uitzichten zijn adembenemend:
Foto: Cor Noltee
Laatst zei iemand “Ja letterlijk adembenemend. De vervuiling in de lucht zorgt voor die mooie kleuren.” Ik moest er weer aan denken toen Rotterdam laatst werd verkozen tot meest ongezonde stad van Nederland en Groningen de meest gezonde. Op ad.nl lees ik dat dat blijkt uit een nieuwe inventarisatie en ranglijst van advies- en ingenieursorganisatie Arcadis. Dat bedrijf beoordeelde 25 Nederlandse steden op hun ‘gezondheid’, zoals groenvoorzieningen, fietsvriendelijkheid en het tegengaan van hittestress. Op die lijst staat Groningen, net zoals twee jaar geleden, bovenaan. Rotterdam sluit de rij.
De uitstoot van de cruiseschepen die hier om de paar dagen aanleggen en weer vertrekken dragen in ieder geval niet bij een een mogelijke stijging op de lijst.
Misschien moet ik CiucciaNebbia (fog-sucker) van Design Academy afgestudeerde GAIA D’ARRIGO uitnodigen. CiucciaNebbia is een mythisch wezen dat door de straten van Milaan loopt. Met een lijf gemaakt van giftige stoffen die zich vast hebben gezet op de façades van gebouwen. Een levend archief van Milaan’s industriële geschiedenis
THE MYTH OF THE CIUCCIANEBBIA, GAIA D’ARRIGO, darrigo.gaia@gmail.com
In maart geef ik weer les in Milaan. Ik hoop CiucciaNebbia dan tegen het vuile lijf te lopen om haar uit te nodigen voor een espresso uit een kopje gemaakt met het stof van de Viale Monte Ceneri, zou ze het drinken? Op ser-vies.nl lees ik:
Voor veel Milanezen is de Viale Monte Ceneri hét voorbeeld van de ongelukkige impact van het verkeer op het leven in een stad. Het is zo’n verkeersader uit de jaren ’50 en ’60 dwars door de stad, waarvan het nooit de bedoeling was dat het zou worden wat het nu is, maar waarvan iedere stad er wel én of meer heeft. Om de capaciteit van de ringweg om Milaan te verdubbelen werd in die tijd een weg bovenop de eerste gebouwd, en ontstond een viaduct met een lengte van meer dan 2 km. Zoals in veel steden kon men de toename van het verkeer toen niet bevroeden, zeker niet in combinatie met de verdichting van het gebied waarlangs de ringweg voerde. Vandaag de dag zien bewoners in de flatgebouwen pal naast het viaduct het verkeer onophoudelijk langs hun balkons voorbij razen, en houden zij angstvallig hun deuren en ramen gesloten voor het lawaai en smog.
Viale Monte Ceneri, Milaan
Ser-vies ontwerpers Iris de Kievith en Annemarie Piscaer vonden een manier om fijnstof te oogsten en te gebruiken als glazuur voor keramiek. Onderdeel van het project is het ‘participative urban mining’; je kan meedoen aan het oogsten van het stof. Dat kan zeker in steden waar de luchtkwaliteit onder de aandacht gebracht moet worden, in binnen- en buitenland. De wind waait het stof immers overal heen.
De initiatiefnemers van het project Ser-vies wonen en werken (en ademen) in Rotterdam en zijn aan de slag gegaan met het stof dat daar in de lucht hangt. Zo leggen zij de Rotterdamse luchtkwaliteit vast in een porseleinen servies dat om te beginnen uit 6 delen bestaat. Alle 6 delen maken zij in 5 kleuren, die bepaald worden door de hoeveelheid fijnstof die door een persoon gedurende een periode ingeademd wordt. Het resultaat is een servies als een merkwaardige matrix van data:
In tien jaar ademt een Rotterdammer ongeveer een hele gram in. Daar wordt één kopje of bord mee geglazuurd, net als met de hoeveelheden die je in 25, 45, 65 of 85 jaar binnenkrijgt. De kleurverschillen spreken voor zich!
Mooi aan het project vind ik dat ze op een heel laagdrempelige manier herkenbare gebruiksvoorwerpen gebruiken om een onzichtbaar probleem zichtbaar te maken.
Nog een stap verder gaat Toxic Toby in Londen. Als de luchtvervuiling daar een, door de Engelse regering bepaalde grens bereikt, houdt Toxic Toby zijn poot voor zijn mond en begint ie te hoesten. Daarmee niet alleen bewustzijn creërend maar ook een twittertweet sturend naar de lokale politici om iets te doen aan de luchtvervuiling. Toxic Toby bevat namelijk een lucht kwaliteit meter van BreezoMeter, een bedrijf dat real time de locale luchtkwaliteit meet.
Toxic Toby
Via Rotterdam, Milaan en London passeren we dampkring in schone lucht. Not.
Via Studio Roosegaarden’s project Space Waste Lab leerde ik dat er meer dan 29.000 objecten groter dan 10 centimeter om onze aarde zweven. Space waste; stukken kapotte raket en satelliet. Miljoenen kilo’s. Dit afval kan de huidige satellieten beschadigen waardoor er nog meer space waste ontstaat en communicatie systemen verstoord kunnen raken. Hoe gaan we dat opruimen? Ik wist niet eens van het bestaan van space waste. Met SPACE WASTE LAB PERFORMANCE maken groene LED stralen de onzichtbare space waste 200 – 20.000 kilometer boven ons hoofd zichtbaar.
Premiere Space Waste Lab Roosegaarde_Foto Jacqueline Knudsen
Weet jij een mooi project waar het onzichtbare zichtbaar wordt gemaakt? Ik hoor het graag. Mail of bel me: cornoltee@mac.com of 0624965000. Ik zit zo ruim drie uur in de auto op weg naar de gezondste stad van Nederland.
Een hoeveelheid luchtvervuiling producerend minstens zo groot als:
Dit is de zesde post over mijn 6 daagse bezoek aan de Dutch Design Week.
Na een uitstapje naar sectie C op de vouwfiets en mijn ontmoeting met Job van den Berg, ben ik weer terug bij het eindexamenwerk van de Design Academy.
In mijn poging mijn zes dagen zo efficient mogelijk in te vullen stuit ik elk jaar op verrassingen die mijn hele schema in de war gooien. Zoals mijn ontmoeting met Job van den Berg die mijn bijna 50 jaar oude Batmobiel gaat laten crashen. De route in het gebouw waar de eindexamenwerken zijn opgesteld is ook een poging tot efficiëntie. Dat moet ook wel. De hoeveelheid bezoekers is de afgelopen jaren flink gestegen. Met enige weemoed denk ik terug aan de expo’s in de Witte Dame waar ik op zaterdag direct doorliep naar het eind van de expo, daar het jaarboek kocht en vervolgens heel de dag zittend in het restaurant het jaarboek las zodat ik de dagen erna de werken en ontwerpers die ik interessant vond, ‘live’ kon ontmoeten. Heel efficient.
Dat er waarde zit in inefficiëntie, laat Juno Brown zien in zijn volledig operationele mini lucifer fabriek van 1,5 x 3 meter waar hij de enige medewerker is. Hiermee brengt hij een bezoek aan de eens bloeiende/gloeiende lucifer industrie in Eindhoven. Ik heb altijd gedacht dat Eindhoven lichtstad was door de gloeilampen. Niet dus. Brown’s Factory of Inefficiency tart speels met de huidige focus op groei en efficiëntie, vragen oproepend omtrent werk en leven. Het beschouwt andere waarden zoals werkplezier, waardering van het imperfecte en de verrassing van het onverwachte. De verplaatsbare mini fabriek biedt een ander perpectief op evenementen als de Dutch Design Week waar technologie en innovatie op een voetstuk in de spotlights staan.
FACTORY OF INEFFICIENCY, Juno Brown, junobrown.net
Ik moet denken aan het verhaal dat Henry Ford een medewerker aan de lopende band had ontslagen omdat hij stond te glimlachen. Werk en plezier is een giftige combinatie volgens Ford en zouden de efficiëntie van de lopende band, waar de model T Ford vanaf rolde, ernstig in gevaar brengen. Tegenwoordig zijn veel mensen in autofabrieken vervangen door robots, en die lachen niet.
De vraag naar perfecte materialen is waar Raphael Breuskin nieuwsgierig naar is. Met zijn Abundance Rejected verkent hij de verschillende waarde perspectieven van de houtindustrie en de consument. De afgelopen paar jaar heeft, als gevolg van een warmer en droger klimaat, de schorskever flink huis gehouden in de Belgische sparren bossen waardoor miljoenen sparren zijn dood gegaan. De houtindustrie heeft de dode sparren gedegradeerd. Met name omdat een schimmel de dode spar blauw kleurt. En alhoewel het hout zwakker lijkt, zijn de fysieke eigenschappen nog precies hetzelfde. Ze passen echter niet in het perfecte plaatje van de houtindustrie. Maar wat vindt de consument van deze gedegradeerde spar? Om dat te onderzoeken ontwierp Breuskin een aantal meubels die de mensen uitnodigt om de meubels aan te raken, erop te zitten en te verkennen en zo de vraag naar perfectie te bevragen.
Morele boodschappen – boodschappen die je betere ik naar boven moeten halen -vinden we in voorwerpen die ons in eerste instantie schijnbaar weinig te ‘zeggen’ hebben. Zoals de meubels van Breuskin. Of dit koffiekopje:
Ik kocht het bij Wonki Ware in George, Zuid Afrika. Alain de Botton zegt hier over:
Het is niet alleen een koffiekopje, maar ook een prachtig eerbetoon aan bescheidenheid. Deze eigenschap wordt benadrukt door de kleine schoonheidsfoutjes die men bewust heeft laten zitten, de deukjes, de niet perfecte vorm en de zwarte stipjes als gevolg van vuiltjes die in de oven terecht zijn gekomen. Het koffiekopje is bescheiden omdat hij zich van al die onvolkomenheden niets lijkt aan te trekken. De foutjes laten alleen maar zien dat het kopje niets om status geeft. Hij is wijs genoeg om niet te vragen hem als een bijzonder object te beschouwen. Hij is niet nederig maar gewoon tevreden met wat hij is. Voor iemand die arrogant is of zich druk maakt over zijn status en er alles aan doet om bij sociale gelegenheden op te vallen, kan de aanblik van zo’n koffiekopje zeer ontroerend en bemoedigend zijn. Wie zo duidelijk geconfronteerd wordt met het ideaal van bescheidenheid, beseft waarschijnlijk dat hij die zelf ontbreekt. Toch ligt die voor het grijpen, in het kopje. Wanneer een in wezen goed persoon, wiens arrogantie slechts een pose is om een kwetsbaar deel van zichzelf te beschermen, bij het zien van het kopje een verlangen zou voelen om zijn leven te veranderen onder bescherming van de waarden die versleuteld zijn in een stuk keramiek, zou dat begrijpelijk zijn.
Bovenstaande tekst komt uit Kunst als therapie van Alain de Botton en John Armstrong. Het boek leert me om het doel van kunst te ontdekken. Mezelf af te vragen welke dingen onze geest en emotie nodig hebben om beter te functioneren. Bij welke psychologische beperking kan kunst van pas komen. Kunst ter compensatie van datgene wat in je leven ontbreekt. En wat we mooi of lelijk vinden hangt af van welk deel van onze emotionele kant onderbelicht is en dus gestimuleerd of benadrukt moet worden.
Met behulp van kunst kun je je leven in balans brengen.
Mijn Wonki Ware kopje is mijn dagelijkse training bescheidenheid die ik heel graag zittend op een meubel van Breuskin zou willen nuttigen. In het flikkerende licht van een kaars die ik aangestoken heb met een handgemaakte lucifer van Juno Brown. Perfect.
In de documentaire ‘Spring & Arnaud – Kunst, liefde en sterfelijkheid’ vertelt Spring Hurlbut over haar werk Airborne (2008). Een video van 19 minuten en 40 seconden waarin je ziet wat er gebeurt als je de deksel van een urn van een overledene verwijdert en de kleine asdeeltjes zich als wolken verspreiden;
“Death is one of the most important moments in life. The moment of freedom and transformation.”
De dood heeft voor mij altijd iets claustrofobisch gehad. Voor altijd opgesloten liggen in een kist 1,5 meter in de grond of je dood lang op de vensterbank (of donkere kast) van je nabestaande(n).
Na het zien van een een deel van Airborne weet ik wat ik wil als ik dood ben.
Ik wil gecremeerd worden en dat het openen van de urn gefilmd wordt tegen een zwarte achtergrond. Vervolgens “knallen we er een muziekje onder” zoals mijn pa zou zeggen; Hallelujah van Jeff Buckley. Dat ziet en klinkt er dan ongeveer zo uit:
Airborne Cor Noltee (1967-?)
Ik hoop dat de premiere nog even uitgesteld wordt en dat jij bij de voorstelling aanwezig bent.
Prachtig toch. Maar na het zien van het werk van Greta Ballschuh wil ik het toch anders. Na het zien van haar eindexamenwerk Question of Matter wil ik gewoon zo hup de grond in.
QUESTION OF MATTER, Greta Ballschuh, greta.ballschuh@gmx.net
Je mag me ook gewoon op de grond leggen. Ons ecosysteem is een constant roulerende cyclus van voedingstoffen en mineralen zodat toekomstig leven mogelijk is. Maar door onszelf buiten ‘de natuur’ te plaatsen doorbreken we die cyclus, met uitgeputte bodem als resultaat. Toch kunnen we na onze dood de bodem iets teruggeven wat ze kan gebruiken; ons lichaam. Ons lichaam bevat alle basis voedingsstoffen die planten nodig hebben om te groeien, variërend van koolstof en stikstof, tot calcium en magnesium. Als we gecremeerd worden of begraven in een kist dringen die stoffen niet of nauwelijks door in de bodem. Worden ze geen onderdeel van de cyclus van het leven. Maar als we geloof en conventies los laten en onze naakte lichamen doneren aan de bodem kunnen we leven geven aan de uitgeputte bodem en zo weer onderdeel van de ‘natuur’ worden. Misschien moeten we wel een pak aan. Ik stel het ‘Mushroom Death Suit’ van Jae Rhim Lee voor uit 2013. Een pak met een schimmellaag die de giftige stoffen in ons lichaam onschadelijk maakt.
Jae Rhim Lee, Mushroom Death Suit (2013)
Maar zolang je nog rechtop loopt is Footwear Therapy van Léa Simon misschien iets voor je. Schoenen bieden ons vele fysieke voordelen. Maar schoenen hebben veel meer te maken met expressie en emotie. Functie lijkt bijna bijzaak. Ik loop soms zelfs naast mijn schoenen. Ik draag geen hakken maar ik kan me voorstellen dat het een powershot en vertrouwen geeft. Ik voel me echt anders met mijn rode Salomons dan met mijn Italiaanse AKU’s. Met dit idee ontwierp Simon een paar schoenen die nieuwe emoties in de drager moet veroorzaken. De vorm van de schoen veroorzaakt een lichte balans beweging die verandert als je loopt. Lopen wordt een ritmische balansact waarbij je aandacht volledig gericht is op de stappen die je neemt. De bovenkant is gemaakt van wol voor warmte en comfort, als een dikke sok. De combinatie nodigt uit om naar buiten te gaan en mindful stappend tot rust te komen. A matter of walking. Keep walking.
Het bekijken van de eindexamenwerken is een hardcore masterclass niet oordelen. Als je afgaat op wat je ziet loop je vloekend en tierend of met een permanente vraagtekenfrons op je voorhoofd. Gelukkig had ik 6 dagen de tijd zodat ik zodra mijn linker wenkbrauw een opwaartse beweging inzette ik pas op de plaats maakte, een keer diep in en uit ademde en keek. Wat zie ik. Zo ook bij het werk van Leon Barre;
COPY COPY, Leon Barre, leonbarre@t-online.de
In eerste instantie zag ik allemaal kopjes, in tweede instantie zag ik rijen kopjes, in derde instantie zag ik rijen kopjes die op elkaar leken en toen dacht ik laat ik de tekst maar even lezen.
Kopiëren is een onontkoombaar aspect van het leven. Het is hoe we leren en hoe onze cellen regenereren. Maar in de wereld van design wordt het vaak beschouwd als taboe en in het algemeen verboden door regelgeving. Het ‘originele ontwerp’ is heilig maar is het echt zo slecht om iets te imiteren wat al een keer gedaan is. Met COPY COPY verkent Barre een wereld waarin kopiëren een speelse en oprechte gezamenlijke activiteit wordt. In een serie workshops worden deelnemers gevraagd een kopie te maken van een origineel, gebruik makend van klei en tools.
Elk kopje is een imperfecte interpretatie van de maker. Elk kopje is een originele kopie van het origineel. De workshop herdefinieert originaliteit en auteurschap. Iedereen is eigenaar van zijn eigen origineel.
Mijn uitvaart ziet er nu als volgt uit. De uitnodiging is een schatkaart. Niet heel ingewikkeld. Ik wil wel dat jullie me vinden. Aangekomen in het bos lig ik er al, in mijn Mushroom Death Suit. Jullie moeten wel nog even een kuil graven. Er zijn lepels. Van de klei maken jullie een kopie van mijn favoriete koffiebeker. Vervolgens krijgt iedereen een paar schoenen van Léa Simon en waggelen jullie naar de kroeg waar jullie, inmiddels harde kopje, wordt gevuld met een drank naar keuze.
De beste week van het jaar duurt 9 dagen. De Dutch Design Week. Daarvan was ik 6 dagen in Eindhoven. Dit zijn de dingen die mij opgevallen zijn.
De Gradution Show van de Design Academy was dit jaar op een nieuwe locatie. Afdalend in de parkeergarage van een leegstaand kantoorpand dacht ik op een post apocalyptische rave beland te zijn. Daar wilde ik wel eindigen maar zeker niet beginnen. Een snelle scan van het gebouw, een aantal trappen op en aflopend eindigde zoals elk jaar bij de ‘boekenwinkel’ waar ik het jaarboek kocht en buiten met een bak koffie in begon te lezen. Een aantal jaar geleden hadden ze voor de teksten een heel goed format voor de werken van de afgestudeerden. Wat is het, hoe werkt het, waarom is het belangrijk en een quote van de maker. Nu moet ik soms drie keer terug gaan in de tekst om te begrijpen wat het is, hoe het werkt en waarom het belangrijk is. Ik vind het belangrijk om de tekst goed te begrijpen want wat je ziet is lang niet altijd wat je krijgt. Ceci n’est pas une pipe. Het eerst op mijn gemak lezen van alle teksten geeft me rust, richting en houvast als ik voor de tweede keer mijn ronde doe en in kan zoomen op de werken die ik interessant vind.
Bart Keiren verkent met BIOGAS de relatie mens en natuur. Verandert onze relatie met gas als de levering van gas afhankelijk is van onze tijd en aandacht? BIOGAS is een gesloten systeem waar je voor een bacterie cultuur moet zorgen. Eén kop voedsel afval levert genoeg gas op voor één kop thee per dag. Ik heb net gedachteloos mijn derde kop koffie uitbesteed aan mijn Nespresso machine. Ik betrap mezelf er wel eens op dat ik, voordat mijn beker vol is, al op de stopknop druk. Puur ongeduld.
Een paar jaar geleden had IKEA een briljante pay-off; aandacht maakt alles mooier. Ik las laatst een definitie van schoonheid; de belofte van geluk. Ik denk dat ik heel gelukkig zou worden als ik een kopje biogas thee van Bart Keiren zou drinken.
De zondvloed aan plastic wegwerp speelgoed schijnt kinderen te overprikkelen, verkort de aandachtsboog en resulteert in verveling. Cubcho staat hier haaks tegenover door kinderen juist in hun kracht te zetten door zelf op een speelse en eenvoudige manier speelgoed te maken. De gebruiksvriendelijke pers stelt kinderen vanaf 2 jaar in staat zelf blokjes te maken van papier-maché. Bij de pers zit een handleiding hoe je papier-maché maakt en hoe de 2+er zelf de pers kan bedienen. De handleiding vertelt ook het verhaal van Cubcho. Als inspiratie voor eindeloos speelplezier. Ik probeer me voor te stellen hoe het is om als kleuter eerst zelf te kliederen met papier, het in de Cubcho te proppen, aan te draaien om er vervolgens een nat blokje uit te halen, die te laten drogen en er vervolgens mee te spelen. Das pure magie ennnnnn je leert je kleine dat je van afval dingen kunt maken. Als mijn 4 jarige kleinzoon een Cubcho zou hebben dan weet ik wie er verantwoordelijk wordt voor de papierscheiding. Wat een goed idee! Kijk nog eens goed naar de uitdrukking van het zoontje van Viktoriya. Daar word je toch blij van.
Ik heb een aantal jaar in een appartement gewoond in Dordrecht. Het bevond zich aan het Scheffersplein waar zaterdag de markt was en bloemen werden verkocht. Niet zomaar bloemen maar “Bloemen van Huigen die kenne nie buige!” Deze briljante zin werd heel de dag herhaald. Ik kon onmogelijk ongezien de stad in zonder opgemerkt te worden door Moeder Huigen die mij en de rest van de wereld aansprak met “Schatjie” om je vervolgens brutaal glimlachend aan te kijken zodat je wel bloemen moest kopen. Ik probeerde dat altijd zo lang mogelijk uit te stellen want rond 16.30 gingen ze voor “drie voor vijf”……schatjie asjeblief. Veel en vaak chrysanten herinner ik me. Daar was mijn vrouw geen fan dus veranderde ik mijn bloemstrategie, geïnspireerd door vrienden van ons, naar drie amaryllissen per week. Die had Huigen niet. Ik heb menig zaterdag omgelopen om niet opgemerkt te worden door Moeder Huigen. Ik heb me vaak afgevraagd wat er met de bloemen gebeurd die niet meer te verkopen zijn.
En daar heeft Elini Ionnidou een idee voor. Wat als je in plaats van dat je de bloemen weggooit, gebruikt voor iets anders. De Osmia Avosetta Vase is een hommage aan de Osmia Avosetta bij. Wikipedia:
De vrouwtjes van Osmia avosetta metselbij maken enkele kleurrijke, ondergrondse nesten van 1,5 tot 5 centimeter lang die bestaan uit twee lagen met bloemblaadjes met daartussen een laag van modder of klei:
Ioannidou mixt de bloemblaadjes met bijenwas en perst ze in mallen om de vazen te maken. Waarom nog verse bloemen in huis als je een prachtige bloem-bij vriendelijke vaas kunt hebben. Nog beter is natuurlijk als er geen bloemen overblijven. En nog beter is helemaal geen verse bloemen. Sorry Paus. Bedankt voor die bloemen.
Een paar jaar geleden zag ik een indrukwekkende documentaire op het Architectuur Film Festival Rotterdam. Deze ging over de grootste mensen migratie in de geschiedenis. Niet die van de 65 miljoen vluchtelingen maar van de 280 miljoen Chinezen die verplicht moeten verhuizen van het platteland naar nieuw te bouwen steden in China. 280 miljoen! Dat is 16 keer alle bewoners van Nederland!!!!!!!!!!!!!!!! Het moet allemaal in een tijdsbestek van 20 jaar gebeuren. De docu liet pijnlijk zien hoe een oud stel zich geen raad wist met de magnetron in hun 80 vierkante meter appartement op 43ste verdieping van de net opgeleverde wolkenkrabber. Ze kregen zelfs les in oversteken op een zebrapad en werden geconfronteerd met filmpjes waar mensen werden doodgereden die zich niet aan de regels hielden. Daarvoor leefden ze, al generaties lang, volledig zelfvoorzienend op het platteland. Daar waar nu in rap tempo een miljoenenstad uit de grond gestampt wordt. Tijdens de docu liepen de tranen over mijn wangen bij het zien van zoveel menselijk leed ten faveure van De Vooruitgang. Een mix van woede en verdriet drukte zwaar op mijn gemoed en me dieper in mijn stoel. Als laatste werd ik verzocht de zaal te verlaten. Met elke stap op de trap naar beneden zakte de moed me verder in de schoenen en vroeg ik me af wat moeder aarde hiervan vindt.
Laten we dat ons eens proberen voor te stellen. Stel je voor je bent aarde. Je draait met een snelheid van bijna 30 kilometer per seconde al vier en een half miljard jaar rondjes om de zon. Het leven is goed. De laatste jaren heb je wel wat irritatie op een specifiek plekje. Het ademt daar minder goed. Het stroomt er niet meer. Dingen gaan dood.
Het is mei 2019. Gerhard Busch, filmrecensent van de o.a. VPRO Cinema spreekt met regisseur Yi’nan Diao over zijn film The Wild Goose Lake, die hij overigens 4 van de 5 sterren geeft in de VPRO gids #11 van dit jaar. Diao (1969) was voor zijn ‘mooie mix van melodrama, gangsterfilm en film noir’ op zoek naar een wereldstad met een meer in de buurt. Hij kiest voor de ‘stad met de honderd meren’. Echter van de oorspronkelijk 127 meren zijn er nog maar 30 over.
Het is december 2019. Je draait je dagelijkse rondje om je as. De irritatie op dat plekje is alleen maar erger geworden. Er moet iets gebeuren om het niet groter te laten worden. Je vraagt je af wie je het beste kunt inschakelen. Je krijgt veel klachten van de vissen tegenwoordig. Elke minuut komt er een lading plastic in je water die gelijkstaat aan de lading van een vuilniswagen. Nog 30 rondjes om de zon en er is meer plastic dan vis in de zee. Ja, vissen lijken je de beste dragers van je boodschap.
Het is 2 januari 2020. De grootste seafood markt van centraal China (50.000 m2, oftewel 10 voetbalvelden) wordt gesloten. De markt bevindt zich in het nieuwere deel van de stad, dichtbij winkels en huizenblokken. Reden voor de sluiting? De ontstaansplek van het Corona virus. Van de eerste 41 mensen met Corona was twee derde op de markt geweest. 33 van de 585 samples van de markt bevatten het virus.
Het is 20 maart 2020. De irritatie zit er nog maar over het algemeen voel je je een stuk beter. Je krijgt ook goede berichten van de dolfijnen uit Venetië. Minder goede berichten van de mensen daar. Die zitten als sardientjes in een blik.
Iedereen kent Darwin maar weet je wie Alexander von Humboldt is?
Von Humboldt (1769-1859) was een Duitser en de beroemdste man in Europa. Ja, beroemder dan Napoleon. Er is geen mens op deze planeet waar meer straten, pleinen, steden of hele gebieden naar vernoemd zijn als Von Humboldt. Hij was een ontdekkingsreiziger, geograaf, wetenschapper en filosoof en deed onderzoek in Noord en Zuid-Amerika en Rusland en was in staat zijn unieke bevindingen voor een breed publiek toegankelijk te maken door het gebruik van begrijpelijke teksten en prachtige illustraties en infographics. Als je zijn werk leest is het alsof je op de schouder van Von Humboldt mee reist en kijkt. Na het lezen van Nora Wulf’s boek over hem (De Uitvinder van de Natuur) zeg ik NOOIT meer “ik heb het druk”. Wat een held die Von Humboldt.
In zijn 5-delige Kosmos verbond hij cultuur met verschillende wetenschappelijke domeinen waarin hij een holistische kijk op het universum propagandeerde. Een universum als een interacterende eenheid. In 1800 was hij de eerste persoon die de menselijke impact op het klimaat beschreef, gebaseerd op zijn observaties en bevindingen tijdens zijn reizen.
Iedereen kent Albert Einstein maar weet je wie Richard Buckminster Fuller is?
Buckminster Fuller (1895-1983) was een Amerikaan en de Leonardo Da Vinci van de vorige eeuw. Een uitvinder, architect, ontwerper en dichter. In 1927 ontwierp hij het Dymaxion House (dynamic & maximum efficiency) geïnspireerd op de grote zelf temperatuur regulerende graansilo’s. Het huis was flexibel in te richten door beweegbare wanden en uitermate energiezuinig. In 1932 ontwierp hij de Dymaxion auto, een gestroomlijnde driewieler met drie motoren bij de wielen. Later ontwierp hij de Dymaxion koepel. Een van de beroemdste, Spaceship Earth, staat in Epcot in Walt Disney World Resort in Bay Lake, Florida. De ride daar is vernoemd naar Buckminster Fuller’s beroemde samenvoeging ‘Spaceship Earth’, een bezorgde kijk op aarde als een gesloten systeem met beperkte voorraden, de mensheid aanmoedigend zich te gedragen als een samenwerkende ‘crew’ in plaats van passagiers.
Iedereen kent Elon Musk maar weet je wie James Lovelock is?
Lovelock (1919-) is een onafhankelijk wetenschapper, milieuactivist, uitvinder, schrijver en futuroloog. Hij is uitvinder van de ‘electron capture detector’ waarmee hij als eerste de verspreiding van, gaten in de ozonlaag veroorzakende, CFC’s in de atmosfeer aantoonde. Waar Musk zijn zinnen heeft gezet op Mars richt Lovelock, nadat hij erachter komt dat er geen leven op Mars is, zijn focus Aarde en formuleert hij in 1969 samen met microbioloog Lynn Margulis de Gaia these; de aarde is een zelfregulerend systeem dat haar leven als geheel beschermt tegen elke soort, dus ook de mens, die zich als ziekmakende cel gedraagt en daarop reageert met een steeds heviger wordende ‘koortsaanval’. (met dank aan Ruben Jacobs’ ‘Artonauten. Op expeditie in het Antropoceen, 2018’)
Alexander, Richard, en Lynn zouden het allemaal eens zijn met wat James Lovelock in 2016 schrijft:
Gaia is een evolutionair systeem waarin elke soort, inclusief de mens, die maar veranderingen blijft aanbrengen ten koste van zijn nageslacht, zal uitsterven […] We zijn in zekere zin terechtgekomen in een oorlog met Gaia, een oorlog die wij niet kunnen winnen. We kunnen maar beter vrede sluiten, nu we nog sterk zijn en geen gebroken zooitje.
Het is 2020, 4 jaar later. We gedragen ons nog steeds als pubers die denken dat Moeder Aarde het wel opruimt. Dat doet ze ook. Hoe dan? Wuhan!