Tag Archives: creativiteit

Pizza? Pizza! Dit is Design Thinking by Doing verhaal 598/1001

27 nov

pizzapizza598.001

Gisteren schreef ik over de presentatietip van Guy Kawasaki. Hier komt een andere variant van zijn  advies om iets persoonlijks in je presentatie te stoppen. Het idee ontstond vlak voor de presentatie van eergisteren. Het tijdstip waarop ik mijn dansje mocht doen was rond 20.00 maar Paul van Mirabeau en ik hadden afgesproken dat ik rond 18.00 mee zou eten. Pizza. Paul had werkelijk alles tot in de puntjes geregeld. De 10 pizza’s kwamen dan ook netjes om 18.14 binnen. Een zwarte toren werd op de grote tafel geplaatst en de 10 pizza’s werden in twee rijen van 5 met de deksels tegen elkaar gezet om gegeten te kunnen worden.

De beste ideeën ontstaan vanuit een bestaande behoefte. Iets dat je nodig hebt of graag wilt hebben. En die behoeftes uiten zich vaak doordat mensen zeggen wat ze willen of juist niet willen.

Toen we eergisteren hongerig, naar de opengeklapte pizzadozen keken, klaar om aan te vallen, vroeg een mensen ‘wat wat’ was. Hij wilde weten welke pizza’s er voor hem stonden. Paul had namelijk 10 verschillende smaken besteld. Nu ben ik een alles eter dus mij maakt het echt niets uit maar ik kan me voorstellen dat als je een dodelijke ansjovis allergie hebt je die liever overslaat.

De dame die naast me stond had echter een geweldig idee. Wat als er aan de binnenkant van de pizzadoos nu gedrukt stond welke pizza het was of van wie de pizza was. Ze had een idee bedacht op de vraag “Bedenk ideeën zodat mensen zien welke pizza van wie is?” Deze vraag was ontstaan uit een bestaande behoefte die geuit was in de vorm van een vraag: “Welke pizza is wat?” Ik prototype het idee vervolgens om in mijn presentatie te zetten die ik anderhalf uur later zou geven aan de groep pizza-eters.

Daarmee kon ik op een heel persoonlijke manier uitleggen uit welke fases Design Thinking bestaat.

Je begint met een behoefte.

Deze vertaal je in een vraag.

Daar bedenk je ideeën op.

Waar je een prototype van maakt.

En die zag er zo uit. Ik bedacht er nog bij dat het wel heel cool zijn als je naam langzaam zou verschijnen als je de pizzadoos open zou doen.

pizzadoos.002

pizzadoos.003pizzadoos.004pizzadoos.005

Jeroen de Bakker legde mij ooit de 1.111 regel uit. Een idee is 1 punt waard. Een prototype 1.000. En hoeveel punten is een prototype waard dat gemaakt is vanuit een idee dat voorgekomen is uit een vraag die een behoefte bevatte. Iets wat mensen willen, of juist niet willen.

Ik wil pizza.

In een doos.

Met mijn naam erop.

Gek hek. Dit is Design Thinking bij Doing verhaal 557/1.001

15 okt

gekhek557.001

Wat onderscheidt de mensen van de dieren? Sommige mensen zijn net beesten, hoor ik mezelf denken en ik ‘zie’ daar ook direct allerlei beelden bij. En dat is volgens mij wat ons echt onderscheid van de dieren. Ons verbeeldingsvermogen.

Voordat ik met dit blog begon heb ik een tijd lang de zin “Stel je voor…..” als format gebruikt om de dingen die ik bijzonder vond te delen met de buitenwereld. Als je dat maar lang genoeg volhoudt gaan mensen je vanzelf ‘Stel je voor Cor” noemen.

Die verbeelding heeft zo zijn goede en slechte kanten. Je kunt van dezelfde situatie iets moois maken of iets lelijks, om het maar even zwart wit te zeggen. Hoe we naar dingen kijken en wat we daar mee doen hebben we zelf in de hand. Of moet ik zeggen in het hoofd. Ik las laatst ‘Kutweer bestaat niet’. Ik heb er dagen mee rondgelopen.

Ik dwaal een beetje af want het ging me eigenlijk over ons voorstellingsvermogen. Hetzelfde zien en iets anders denken. Dat gaat niet bij iedereen ‘vanzelf’ maar je kunt het wel degelijk trainen. En het leuke is dat iedereen het kan maar niet iedereen dat, nog, durft. Het enige wat je nodig hebt is een beetje lef. En dat is nu net waar het vaak aan ontbreekt. Lef. En niet zozeer het lef om iets anders te denken. Ik zei al, dat is te trainen. En er zijn legio technieken om jou iets anders te laten denken. Je buiten je kaders te laten stappen. Maar dat is dan nog allemaal veilig in je hoofd. Soms heb je lef nodig nodig om het met anderen te delen. Want als je het deelt vinden ze daar natuurlijk iets van. En niet alleen van het idee maar ook van jou.

Misschien help het als je NIET zegt “Ik heb  een idee!” Want daarmee is het Van Jou. Met alle mogelijke sociale gevolgen van dien. Mocht je bang zijn voor de gevolgen van je idee is het misschien een idee om, als in een groep ideeën bedenkt en gaat delen om dit anoniem te doen. Je vraagt iedereen de ideeën op schrijven (of te tekenen) en een facilitator neemt ze dan in zodat niemand weet waar de ideeën vandaan komen. Veiligheid is een belangrijke voorwaarde om te spelen. Als je je niet veilig voelt ga je niet spelen want dan ben je bang wat er allemaal fout kan gaan.

Het doet me denken aan het verhaal van de nieuwbouw kleuterschool. De vrijstaande school was alleen gelegen in een uitgestrekt gebied. De school was al klaar en de speeltuin ook. Maar in de pauze gingen de kids toch niet naar buiten om  te spelen. En weet je waarom niet?

De kleuters voelden zich niet veilig. Omdat er nog geen hek om de school stond. Die kwam pas een week later.

Soms moet je een hek plaatsen om buiten je kaders te denken….en te spelen.Gek hek

ik ben een ezel.

10 jun

ikbeneenezel.012

Patronen en Kabouters zijn onze grootste obstakels als we iets origineels moeten bedenken. Die patronen helpen ons niet na te hoeven denken als we iets doen wat we vaker doen, zoals de deur open doen. Zonder te kijken pakken we de klink en duwen hem naar beneden.

Toen ik een voor workshop in het prachtige pand van Duvel (de Trapist brouwer) in België was, moest ik naar het toilet.. Ik vroeg bij de receptie waar het toilet was, liep er heen, duwde tegen de deur. Er zat iemand op. Dus liep ik terug. De meeting was nog niet begonnen dus probeerde ik het 1 minuut later nog eens.

Ik liep er weer heen, duwde tegen de deur. Er zat nog steeds iemand op. Dus liep ik terug. De meeting was gelukkig nog steeds niet begonnen dus probeerde ik het 50 seconden later nog eens.

Ik moest inmiddels aardig plassen liep er nog een keer heen, duwde tegen de deur. Nog steeds bezet. Nu liep ik weer langs de receptie en vroeg of er nog een toilet was in het gebouw. Deze was namelijk bezet.

‘Zijn ze alledrie bezet?’ zei de vriendelijke telefoniste.

‘Alle drie?’ dacht ik. Ik heb echt maar een deur gezien.

De mevrouw stond op liep met me mee naar de toilet deur, pakje de klink en trok aan de deur. En voila. De deur ging open en aan het eind van de gang waren drie toiletten. Een dames,een heren en een invalide toilet.

‘Merci.’ probeerde ik niet stamelend en zonder schaamte te zeggen, wat niet lukte.

Een ezel stoot zich niet 3 keer aan dezelfde steen. Nou, zonder hulp van de receptioniste had ik er nog gestaan.

Als ik bij presentaties het publiek zelf wil laten ervaren dat ze ook patronen in hun hoofd hebben, doe ik de volgende oefening.

Ik stel ze de volgende vraag:

‘Hoe kun je door de toevoeging van een lijn hier zes van maken?’

IX.019

De antwoorden, ja het zijn er meer, krijg je morgen.

Ik moet nu namelijk heel erg plassen.

ik beken

2 apr

ikbeken.023

Als  goed katholiek weet ik hoe het voelt als je af en toe iets opbiecht. En ik dacht in het kader van derde Paasdag ala. Ik beken. Ik heb gestolen. Afgelopen zaterdagochtend, ik was weer eens heeeeel vroeg wakker, liep ik door de stad me af te vragen wie er al koffie zou hebben. Geen horecazaak in Dordrecht was al open en ik was te ver van het station vandaan. Het werd uiteindelijk mijn neef en vriend Marcel. En daar gebeurde het. Marcel vroeg zich af hoe de Dordtse horeca verrast kon worden op een avondje voor de Dordtse horeca waar hij plaatjes moest draaien. Een beetje doorvragen resulteerde in de volgende vraag:

‘Hoe kunnen we de Dordtse horeca beter maken?’

Hoezo? Is ze ziek dan?

Ping!

En toen schoot het idee van de prijswinnende cocktailbar Dr. in Rotterdam in mijn hoofd. Dr. is een cocktailbar waar je alleen op afspraak kunt komen. Net als bij je eigen dokter. Je moet vertellen wat je mankeert en daar wordt een recept op uitgeschreven en een cocktail voor gemaakt. Ik vond het zo’n origineel idee dat ik het artikeltje uit de metro van een paar weken geleden had bewaard……voor nu.

DR

‘Origineel?’ zei Marcel. ‘Ik ben vorig jaar in zo’n cocktailbar geweest…..in New York.’

Ahaaaaaa.

Nergens in het artikel staat een verwijzing naar de bar in New York. En misschien wisten de twee Rotterdamse ondernemers niet van het bestaan af. Marcel en ik wel. En wij gaan zondag gewoon naar de Dokter in de wachtruimte zitten met de rest van horeca ondernemend Dordrecht.

horeacadordt.003

Volgende patient.

urbi et orbi

1 apr

urbietorbi.032

Talent. Belangrijk. Maar De gebraden kippen komen je heus niet in je bek vliegen. Tenzij je met een gouden lepel in je mond bent geboren. Maar of je daar nu zo blij van wordt? Aanleg voor iets is mede bepalend voor uiteindelijk succes maar alles bepalend zeker niet. Externe factoren spelen ook een zeer belangrijke rol. Bill Gates was nooit zo groot geworden als zijn moeder niet had gezorgd dat er een computerclub op zijn school was waar Bill ervaring met programmeren kon opdoen. Bill kon vlieguren maken. Veel vlieguren. Je kunt nog zoveel talent hebben maar als je het niet gebruikt, gebeurt er niets.

Het lastige is alleen dat we vaak niet weten wat ons talent is en dat de omgeving meestal niet erg behulpzaam is in het vinden van dat talent of het faciliteren van de omgeving. En geloof me door ergens over na te denken kom je dr al helemaal niet achter wat je talent is. Je moet dingen proberen. Van hoofd naar handen. Als je het niet probeert ‘weet‘ je het niet. Maar proberen is eng, althans voor heel veel mensen. Zo neem ik me bijvoorbeeld vaak voor om iets nieuws te kiezen van de menukaart als ik in een restaurant zit. En dan het liefst iets wat ik echt nooit zou kiezen. Heftige protesten van mijn Kabouter op mijn schouder zijn het gevolg. ‘Dat is echt niet te eten.’ of ‘Dat lust je niet.’ En ook al is het niet altijd lekker het is wel altijd spannend en het bouwt aan mijn voedselvocabulaire. Ik groei mentaal en rest fiets ik er toch wel weer af.

Dus laat vandaag de meubelboulevard links liggen en de biefstuk met friet rechts en DOE vandaag iets wat je nog nooit hebt gedaan.

Mijn zegen heb je.

 

 

lekker lenig

23 mrt

lekkerlenig.004

Ik ben ontzettend lenig……in mijn hoofd. Net als lenig met je lijf is dat een  kwestie van jarenlange training. We kunnen ALLEMAAL een spagaat doen maar daar moet je wel eerst een beetje oefenen, oefenen, oefenen.

Dat geld ook voor creativiteit. Het verzinnen van nieuwe dingen. Hoe vaker je het doet hoe beter je er in wordt.

Een geweldige opwarmer om je hersenen een beetje los te maken kwam ik tegen in Kaapstad in “mijn” favoriete boekwinkel op de Waterfront. De Waterfront is een mall in de haven van Kaapstad. En als ik Kaapstad ben ga ik daar altijd minstens een middag…..maar liefst een hele dag, rondsnuffelen. In de boekenwinkel zit ook een cafe waar je heerlijk kunt eten en goede koffie kunt drinken. Afgelopen september was ik er weer en kwam ik Rory’s Story Cubes tegen.

Ik heb zowiezo wat met dobbelstenen maar deze kende ik nog niet.

roryscubes2

Ik gebruik ze nu als opwarmer bij trainingen en bij mijn college Story

Hoe werk het. Heel simpel. Je gooit de 9 dobbelstenen en je begint je verhaal met:

“Er was eens……”

roryscubes

Begin met het plaatje dat je het meest aanspreekt. Er zijn geen foute antwoorden. Luister niet naar je Kabouter. Blijf vertellen. Het is een lenigheidsoefening. Een opwarmer voor je creativiteitsspier. Je denkt in verhalen en je vindt altijd een manier om de plaatjes op de dobbelstenen aan elkaar te verbinden. Hoe meer je het doet, hoe makkelijker het wordt om uitgebreidere verhalen te vertellen.

Wat is jouw verhaal?