Tag Archives: Zuid afrika

Big Five High Five

23 sep

BIGFIVEHIGHFIVE.001

Samen met een vriendelijke vrachtwagenchauffeur zitten we te genieten van mijn vader’s zelfgemaakte boterkoek. We rijden op een industrieterrein in Worchester en stoppen bij een plaatwerkerij waar we worden begroet door de eigenaar, een stevig gebouwde dertiger die zich zo los gerukt lijkt te hebben van een braai met vrienden. De vriendelijke vrachtwagenchauffeur legt hem uit waar de bus staat en neemt afscheid. Ik loop met hem mee, bedank hem hartelijk en geef hem 100 rand, in 2004 toen zo’n € 10, wat hij weigert door zijn rechterhand met gespreide vingers voor zijn gezicht te houden waarbij hij zijn ogen sluit en zijn hoofd licht buigt. In een reflex geef ik hem een soort high five met mijn rechterhand waarin zich de 100 rand bevindt gevolgd door mijn linkerhand die met mijn rechterhand zijn hand met de 100 rand als een soort kluis omsluit.

saf100

In het Engels zou het mooier klinken; safe. Hij geeft zich over en voegt ook zijn tweede hand toe. Onze vier handen omsluiten het honderd rand biljet met een van de Big Five erop; de buffel. Een High Five met een Big Five. Onze vier ogen kijken elkaar in een moment van dankbaarheid aan. Mijn glimlach en knikje doen zijn handen verslappen en op mijn “baie baie dankie” reageert hij met “Good luck and enjoy your trip.”

Achter mij hoor ik met een hoop gepiep en gekraak een autoportier openen. Voor de derde keer vandaag stap ik in een andere auto. Bernardo vliegt nog steeds met zo’n 900 kilometer per uur richting Kaapstad. Wij rijden inmiddels met zo’n 100 kilometer per uur van Kaapstad af. Ondanks dat ik dichterbij een oplossing ben maak ik me zorgen. De bus staat straks bij een plaatwerker met een takelwagen in Worchester en Bernardo met een koffer in Kaapstad. Ik probeer het rustig te krijgen in mijn hoofd en vraag de plaatwerker of hij denkt de bus te kunnen maken. De toon waarop hij “We will make a plan.” met me deelt stelt me tijdelijk gerust. Een gevoel dat ik graag had voorzien van een laagje hoop in de vorm van een stuk boterkoek, maar die was op.

We komen aan bij de bus en de plaatwerker koppelt de bus aan de takelwagen waarbij hij grote spanbanden om de pas gespoten voorbumper spant. Ik slik mijn “Voorzichtig!” in en zie de blijkbaar nog niet uitgeharde verf opkrullen op de plek waar de spanband de bumper stevig omarmt. Het voelt als de eerste kras op je nieuwe auto maar ik hoor Bernardo in gedachte dichterbij komen. Schoonheid van de bus is weer voor latere zorg. Functionaliteit heeft nu prioriteit. De bus moet weer gewoon rijden. Als we bij de werkplaats in Worchester aankomen en de werkplaats binnen rijden valt mijn mond open van verbazing. Het lijkt wel of ik in de werkplaats van een Formule 1 team ben beland. Er bestaat geen groter contrast met de garages waar ik eerder in Zuid Afrika ben geweest. De plaatwerker die ook de eigenaar blijkt te zijn ziet mijn half openstaande mond van verbazing en nodigt me uit wat rond te kijken, hij moet even wat telefoontjes plegen. Het is inmiddels bijna 18.00 uur en iedereen was al naar huis. Even later komt er een voor een aantal mensen binnen die aan de bus beginnen te werken. Ik sta erbij en kijk erna. De bus en ik hebben een pitstop gemaakt in Worchester en de diagnose is inmiddels ook gesteld; een kapotte brandstofpomp. Na drie telefonische “nee’s” volgt een “Ja!” en een van de monteurs vertrekt en komt een uur later terug met een nieuwe brandstofpomp.

‘It’s not what you know but who you know’ Maar deze mannen wisten niet alleen wat ze deden, voor wat ze niet hadden kenden ze wel iemand.

Om 20.30 zit ik weer in de bus. Bij een groot Shell station net buiten Worchester bestel ik de grootste Steers burger die er is. Bernardo is de daling aan het inzetten in de lucht. Ik plof neer met een diepe zucht.

Met een volle maag en tank vertrekken de bus en ik richting het vliegveld. Ik parkeer de bus en loop richting International Arrivals en zie boven de ontvangsthal de eerste passagiers uit Amsterdam lopen. Nog geen 5 minuten later zie ik Bernardo met zijn trolley in de ene hand en de andere hand een grote zwaai richting mij maken. Ik zwaai terug met mijn rechterhand automatisch gevolgd door mijn linker alsof ik net de Formule 1 gewonnen heb.

I love it when a plan comes together.

ps

Wil je het hele verhaal van de bus en mij lezen? Download het hier: NOLTEEVWT2

Boterkoek

22 sep

BOTERKOEK.001

Dit is weer een moment om mijn technische Kennis toe te lichten. Technische Kennis definieer ik als volgt; De resultante van

  • Wat ik Weet van Autotechniek, keer
  • Wat ik Kan met Autotechniek, keer
  • Wat ik Wil met Autotechniek, keer
  • Wat ik ooit Gedaan heb met Autotechniek

Ik weet dat een auto benzine nodig heeft. Dit had de bus voldoende. Ondanks dat de benzinemeter stuk was hield ik in mijn Busboekje nauwkeurig de kilometerstand bij en het aantal liter dat ik tankte bij elke tankbeurt. Om te weten wanneer ik bij een gemiddelde van 1:7 weer moest tanken. Een blik in mijn Busboekje vertelde me dat ik nog zo’n 140 kilometer te gaan had voor een noodzakelijke tankbeurt. Met zekerheid kon ik concluderen dat het niet een gebrek aan benzine was.

Ik weet dat een auto stroom nodig heeft. Ook dit was het probleem niet. Als ik de bus probeerde te starten draaide de startmotor maar sloeg hij niet aan. Het was niet de accu.

En toen was het boek ‘Cor en de kunst van Autotechniek’ al uit. Conclusie. De bus doet het niet meer en ik wist niet wat er aan de hand was. De bus en ik waren ons letterlijk kapot geschrokken van de rakelings voorbij razende BMW. Ik begon te geloven dat de bus en ik inmiddels zo verbonden zijn dat we één zijn.  Zoals Kevin Kelly verwoordt in zijn boek ‘De wil van technologie’  en hier in gesprek met journalist Frank Mulder:

“Het is een product van ons brein, en daarmee een verlengstuk van de evolutie en van het leven zelf. Ik beschouw technologie in zijn samenhang, als systeem. Voor de productie van je computer of zelfs een broodrooster zijn honderden andere technologieën nodig. Niets staat los, het is een ecosysteem dat maar groeit en groeit. Ik noem dat het technium. Het omvat 170 biljard computerchips en drie miljard telefoons en webcams die één gigantisch computerplatform vormen. Het omvat ook schilderijen, rechtssystemen, broodroosters en snelwegen. Het is in feite een organisme geworden, dat meer meer is dan de som der delen.”

Mijn Kennis is verbonden met alle onderdelen van de bus. Het is een geheel en dat Technium staat nu stil langs de kant van de weg. De bus en ik willen wel maar kunnen niet en daar kan mijn Kennis geen verandering in brengen.

Ik zie een beeld voor me van Bernardo die later vanavond aankomt op het vliegveld van Kaapstad en mij daar niet treft. Ik realiseer me dat hij ook het telefoonnummer van mijn vader niet heeft. Wat zou hij doen? Zou hij wachten of misschien wel een hotel boeken en hoe zou ik daar dan achter komen? Ik probeer mezelf wijs te maken dat ‘alles reg sal kom’ wat me doet denken aan het antwoord wat ik altijd geef aan mensen die me vragen of “alles goed is?”;

Veel wel maar niet alles. Nu dacht ik hetzelfde.

Ik besloot mijn afleiding te zoeken in de padkos die ik van mijn vader had meegekregen; boterkoek. Het is onmogelijk negatieve gedachten te hebben met een stuk boterkoek in je mond en je blik op een babyblauwe T2 uit 1979. Mijn neiging om nog een stuk van de twee overgebleven stukken boterkoek te nemen wordt onderbroken door de gedachte dat ik die wil delen met Bernardo. Mijn hoop straal ik in op de twee stukken boterkoek sluit de deksel en leg het Tupperware trommeltje terug in het handschoenenkastje. Ik sta aan de linkerkant van de bus en zie in mijn rechterooghoek langzaam een vrachtwagen naderen. De vrachtwagen stopt en de chauffeur stapt uit en vraagt me vriendelijk wat er aan de hand is. De opstaande motorklep en de knipperende lichten van de bus hadden hem doen stoppen om ons te helpen. Ik denk dat we nog geen 10 minuten stil gestaan hadden.

Hij kende een sleepbedrijf in Worchester, zo’n 20 kilometer verderop, waar hij me wel naar toe wilde brengen. Ik klom in de vrachtwagen, bedankte hem hartelijk en opende de deksel van het Tupperware trommeltje dat ik snel had meegenomen.

“Stukkie boterkoek?”

Zijn vriendelijke bruine ogen keken me over de rand van zijn bril aan en zijn optrekkende wenkbrauwen namen zijn oogleden mee waardoor zijn ogen nog groter leken. Maar nog niet zo groot als zijn maag daar was zeker nog ruimte voor mijn vader’s boterkoek.

In de buitenspiegel zag ik de bus kleiner en mijn hoop dat ik op tijd Bernardo op het vliegveld zou ophalen, groter worden. Ik steek het laatste stuk boterkoek in mijn mond. Sorry Bernardo.

 

ps

Wil je het hele verhaal van de bus en mij lezen? Download het hier: NOLTEEVWT2

 

 

BMW vs VW

21 sep

bmwvw.001

Na vier dagen met een zestig plusser, twee zeventig plussers, een bijjjjjjjjjna tachtig plusser en een gids rondrijdend in een Toyota Hi-Ace en zelfs zelf een paar keer op mijn knieën foto’s makend van een paar onzichtbare levende steentjes, vertrek ik alleen in de Ford Ranger van Vanrhynsdorp naar het vliegveld in Kaapstad om daar mijn twintig jarige zoon NoaH op te halen. Ja met een H aan het eind want dat vind ik gewoon mooier en het geeft een krachtig onderscheid met het vrouwelijke Noa. Toen NoaH geboren werd, werd kort daarop ook de dochter van Linda de Mol geboren. Resultaat? 87 % van de daarop in Nederland geboren meisjes heetten Noa. Ik geloof dat NoaH nog drie Noa’s in de klas had. Achteraf kijk je een koe in de kont maar die van Linda de Mol had ik niet zien aankomen.

De terugreis in de Ford neem ik de N7. Ik ben vroeg vertrokken om me niet te hoeven haasten. Het doet me denken aan die ene keer in 2004 dat ik me niet haastend met de Volkswagenbus vanuit Calitzdorp mijn vriend Bernardo, die uit Nederland kwam, op ging halen.

Hij zou rond 23.00 aankomen en ik was al aan het eind van de ochtend vertrokken. Ik had twaalf uur de tijd voor een rit van ruim vier uur. Laatst hoorde ik iemand zeggen “it’s about the process not the outcome.” Ik denk dat rijden in de bus precies dat is. Het gaat om het rijden niet om het aankomen. Voordat ik Bernardo op ging halen had ik al aardig wat kilometers gemaakt in de bus en ook aardig wat verbeterd. Nieuwe schokbrekers, banden, accu, hij was verhoogd aan de achterkant en de motor had een revisie ondergaan door de Beetle Doctor in George. Vele duizenden probleemloze kilometers in de Kleine Karoo hadden we (mijn vrouw en onze twee kinderen van 8 en 12) roofvogelspottend en schildpad ontwijkend afgelegd.

Toen mijn vader aanbood om zijn mobiele telefoon mee te nemen kon ik niet bedenken waarom ik die nodig zou hebben. Voor mij was de bus de meest betrouwbare vierwieler die ik ooit gehad had en ik geloof dat dat vertrouwen zeer werd gewaardeerd door de bus die daarvoor nog bejaarden rondreed in Oudtshoorn. De dag dat ik de bus van het bejaardentehuis kocht luidde een nieuw tijdperk in voor de toen vijfentwintig jarige luchtgekoelde 8 zitter. De aandacht en verbeteringen moeten aangevoeld hebben als een tijdelijk verblijf in een wellness oord waar bij het verlaten het verleden werd afgeschud en ruimte werd gemaakt voor zijn nieuw verworven vrijheid.

Het zal duidelijk zijn dat de bus en ik er zin in hadden. Zin om met drieën een week op pad te gaan. Ik was inmiddels een uur onderweg en vloog gekoeld door de lucht over de R60 met Bernardo in een Boeing 747 achter me aan.

Het ontbreken van een radio en vloerbedekking maken het rijden met een achterin door   een tweepersoonsmatras vriendelijk gedempte tweeliter luchtgekoelde boxermotor in het landschap van de Kleine Karoo een meditatieve audiovisuele licht verslavende ervaring. Voeg daar de geur van verbrand stof en zand aan toe en je bent rijp voor een langere periode in een Jellinek kliniek. Ik begin beter te begrijpen waarom de bus het boegbeeld van het Flower Power tijdperk was. Ik schrok me dan ook kapot toen een BMW me met hoge snelheid in een bocht van een afdaling rakelings inhaalde. Was het de luchtverplaatsing die de bus deed bewegen of schrok ook de bus van deze maniakale idioot. Pardon my French. Automatisch had ik mijn voet van het gaspedaal gelicht en mijn hart in mijn keel voorkwam een hartgrondige vloek richting de bestuurder van de  Bayerische Motoren Werke. Toeteren had in dit geval geen effect gehad. Ten eerste vanwege het grote snelheidsverschil maar vooral omdat de claxon het niet deed. Nooit gedaan had. De bus was ermee geslaagd voor zijn Certificate Of Roadworthyness (COR) en het paste ook eigenlijk wel bij hem. Het reageren op asociale weggebruikers heeft waarschijnlijk meer effect op je eigen stressniveau dan op dat van hen. Misschien was ie te laat vertrokken om iemand van het vliegtuig te halen. Ik had nog tien uur voor drie uur en liet mijn voet weer op het gaspedaal zakken. Niets. Geen reactie. De bus was zich letterlijk dood geschrokken. In de afdaling liet ik de bus uitrollen en parkeerde hem aan de kant voor een hek dat de weg scheidde van een eindeloos grote vallei die rondom omsloten werd door bergen. Ik was bijna in Worchester. Zonder telefoon. Achter mij naderde Bernardo me met een snelheid van zo’n 900 kilometer per uur.

Ik stond stil.

ps

Wil je het hele verhaal van de bus en mij lezen? Download het hier: NOLTEEVWT2

 

Good Year

20 sep

goodyear.001

Het is zaterdag 22 juli en mijn vader en ik zijn klaar voor de reis naar Vanrhynsdorp, 357 kilometer van Montagu vandaan. De Ford Ranger wacht geduldig tot we onze spullen hebben geladen. 150 paardenkrachten staan te trappelen op mijn instructies.

Schermafbeelding 2017-09-20 om 06.43.44

De eerste stop maken we bij een voor ons allebei onbekende plek waar we hopen een goede bak koffie te kunnen scoren.

IMG_1149

Ons gesprek over de bijzondere kwaliteiten van de vetplanten in het gebied rondom Vanrhynsdorp hebben ons beide hongerig en dorstig gemaakt. Voor ons rechtoplopende zoogdieren met een betaalkaart en geld op de rekening is het vervullen van die behoefte een simpele taak. Zelfs in Zuid Afrika. Voor een vetplant is voeding en water geen vanzelfsprekendheid en hebben deze kleine overlevers door de jaren heen geweldige methodes ontwikkeld om, als er water is, dit op ingenieuze wijze te bewaren voor later. Zeker gezien het ernstige watertekort in de West Kaap maakt de uitleg van mijn vader me nieuwsgierig naar wat we van vetplanten kunnen leren als het gaat om waterhuishouding.

We laten ons de goede koffie en de fantastische worteltjestaart goed smaken en  vervolgen onze weg. De weg loopt paralel aan de N7. We vermijden de snelweg en rijden een van de mooiste wegen die ik tot dan in Zuid Afrika heb gereden.

IMG_1155

De Ford Ranger Hi-Trail is geen onbekende voor me. De twee-en-halve liter turbodiesel met dubbele cabine is een betrouwbaar werkpaard met meer dan voldoende paardenkrachten om ons comfortabel door de bergen te brengen. De nieuwe schokbrekers en banden dragen duidelijk bij aan het verhoogde comfort en anders dan in de Volkswagenbus is een gesprek gewoon mogelijk op normaal volume. Alles aan de Ford voelt stevig aan. Wat mij elke keer weer het meest opvalt, of moet ik zeggen, bevalt is de diameter en de dikte van het stuur. De diameter zou in mijn ogen passen in de categorie sportauto terwijl de de diameter meer past in de categorie vrachtauto. In combinatie met de hoge zit voel ik me Mad Max zonder opgejaagd te worden door een stelletje op mijn diesel muntende wegpiraten.

Dit zijn de momenten waarop ik me afvraag waarom ik zo graag in de bus rijdt.  De Ford is de betrouwbare goede vriend en de bus het onbereikbare mooiste meisje van de klas waar je je best voor doet maar nooit weet hoe die aandacht uitpakt.

IMG_1153

Ik breng de Ford tot stilstand in de zijkant van de berm van het stofpad. Mijn vader heeft iets gezien.

IMG_1162Ik probeer me in zijn hoofd te verplaatsen en vraag me af wat hem het ‘stop hier eens even’ heeft doen uitspreken. Is het omdat hij hier eerder had willen stoppen, of omdat de vegetatie hem hoopvol stemt op het ontdekken van een nieuwe soort. Als een gecamoufleerde jager gaat mijn vader op jacht en verdwijnt in de natuur.

IMG_1150Ik blijf bij mijn vriend Ford en geef hem een vriendschappelijk schopje tegen zijn nieuwe Good Year. Het is juli 2017. Het is inderdaad een goed jaar.

 

COR KOMT ZO

19 sep

CORKOMTZO.001.jpeg

Meezingend met de muziek uit mijn hoofd begeleid door het piepen en kraken van mijn 38 jarige rij-instrument maak ik meters op het stofpad door de bergen. De andere veren die mijn rechtervoet verbinden met de dubbele carburateurs van de tweeliter luchtgekoelde boxermotor zorgen ervoor dat de bus en ik elkaar nog beter aanvoelen. Voor het eerst in de weken dat ik nu met de bus op pad ben geniet ik met volle teugen. Gretchen Ruben noemt geluk ‘je goed en slecht kunnen voelen maar voelen dat het klopt in een context van groei’. Dit klopt. Mijn droom om weer, net als in 2004, met het gezin naar Addo Ellephant Park te gaan mengt zich met de werkelijkheid en doen mijn mondhoeken nog verder opkrullen.

Eenmaal aangekomen in Montagu rijd ik naar Chris, de monteur die de achterremmen die ik bij Arno van Wijck, de man die de bus gereviseerd heeft, heb gekocht, gaat maken en oliefilter en olie zal vervangen. Voor de laatste keer hoor ik de achtertrommels schrapen, het geluid van ijzer op ijzer. Chris is zichtbaar verbaasd als ik hem de nieuwe remschoenen en cilinders laat zien. Het oliefilter en de 5 liter Shell HEX 3 motorolie maken duidelijk minder indruk op hem. Chris had me na het vaststellen dat de remmen echt vervangen moesten worden, iets dat me gezien het geluid en gevoel dat de remmen maakten me niet verbaasd had, namelijk verteld dat de desbetreffende onderdelen niet meer te krijgen waren. Gelukkig kende Chris een bedrijf die de oude remschoenen kon voorzien van een nieuwe remlaag, iets wat nu dus niet meer nodig was. De verbazing op Chris’s gezicht was, achteraf gezien, wellicht teleurstelling. Een financiële tegenvaller. Hij kon nu namelijk niet verdienen op het materiaal. Ik kende Chris niet goed genoeg om het verschil tussen verbazing en teleurstelling te kunnen onderscheiden. Chris had duidelijk minder moeite met mijn gelaatsuitdrukking en beantwoorde mijn ’trots en blij’ gezicht met een volle lach. Ik vertelde hem dat ik met mijn vader een paar dagen naar Vanrhynsdorp zou gaan om daar een film te gaan schieten en donderdag weer terug zou zijn, precies een week later. “Alles sal reg kom”, dacht ik nu zelf. Ik stapte de garage uit met een goed gevoel.

Ik kijk nog een keer om. Zoals altijd als ik afscheid moeten nemen van de bus. Al was het maar even. Net als dat je je geliefde nog even nazwaait die daar in de deuropening met een lieve glimlach het verlangen naar het samenkomen de tijdelijke scheiding doet verzachten.

Dag bus. Cor komt zo. Over een week.

IMG_1007

Rollin Blues

13 sep

rollingblues.001

Mijn vorige post sloot ik af met:

“Als kwaliteit de reactie van een organisme op zijn omgeving is, wordt deze kwaliteit bepaald door de koppeling van de Kennis van het organisme (wat ie weet X wat ie kan X wat ie wil X wat ie gedaan heeft) aan waar hij in gelooft.”

Maar het lijkt me beter om het als vraag te formuleren:

“Als kwaliteit de reactie van een organisme op zijn omgeving is. Wordt deze kwaliteit dan bepaald door de resultante van de Kennis van het organisme (wat ie weet X wat ie kan X wat ie wil X wat ie gedaan heeft) en zijn  Geloof?

Oftewel:

Kwaliteit = Kennis x Geloof

Als ik dit vertaal naar mijn ervaring met mijn T2 uit 1979 in Zuid Afrika dan zou dat betekenen dat de kwaliteit van de ervaring mijn reactie op de bus is. Hierbij zit ik in de  omgeving. Dat maakt rijden in een auto misschien ook wel zo bijzonder. De kwaliteit van een tafel wordt bepaald door mijn reactie op de tafel. De tafel en ik bevinden zich allebei in een kamer. Deze kamer is mede bepalend voor mijn reactie op de tafel. Bij de bus zit ik in de tafel….zeg maar. Min of meer afgesloten van de omgeving buiten.

Hoewel…….dat is natuurlijk niet waar. Want hoewel ik in de bus zit zie, hoor, ruik en voel ik de omgeving natuurlijk wel maar wel met de bus als ‘filter’. Dat filter is er niet bij de tafel in de kamer. Daar bevinden de tafel en ik ons allebei IN de kamer. Rijdend in de bus in Zuid Afrika bevind ik mij IN de bus IN Zuid Afrika.

Zo denkend en schrijvend begrijp ik ook beter het verschil tussen auto en motorrijden. Je verplaatsend in tijd en ruimte zittende op de motor IN de omgeving met helm, pak en handschoenen als ‘carrosserie’, als filter. In de bus zit ik in de helm.

Ik ben weer ingestapt en vervolg mijn weg naar Montagu waar Frans en Liesbeth wonen en waar ik de remmen van de bus, oliefilter en olie zal laten vervangen bij Chris. Het is donderdag. Ik bel mijn vader om zeker te weten of de afslag die ik genomen heb de juiste is. Ik zit goed en rijd dezelfde weg als een week geleden. Nu zonder mijn vader.

Als ik muziek op zou zetten zou het The Stones zijn. The Rolling Stones om precies te zijn.

Ik maak even in iMovie een filmpje en neem jullie mee. Als je mee wilt althans. Even met mij mee in de bus. Stap je in? Wacht even. Doe ik even de linkerportier open. Ja dat klopt. Het stuur ziet rechts. Ga maar zitten.

“Can’t you hear me knocking on your window?”

Het is Zuid Afrika zeker.

Ik roll verder richting Montagu. De stenen kloppen tegen de onderkant.

Gelukkig niet tegen het raam.

 

Kennis van Kwaliteit van toen, nu en straks.

8 sep

kenniskwaliteit.001

Tijdens mijn verblijf in Zuid Afrika en na het daar uitlezen van: deautonauten

ben ik voor de derde keer in mijn leven begonnen in:

zenendekunstvanmotoronderhoudcover

De subregel luidt: Een onderzoek naar waarden. De roman is het verhaal van een zomermaandlang durende motorfietstocht van Minnesota naar Californië door de verteller zelf en zijn elf jarige zoon Chris. Het eerste deel van de trip met hun technologie vrezende vrienden John en Sylvia. Het boek is moderne versie van de Erlkönig Sage. De originele Erlkönig sage vertelt ‘het trieste verhaal van een vader die ’s nachts te paard naar huis rijdt met in zijn armen zijn zoon. De jongen (die vermoedelijk doodziek is) ziet in zijn koortsdromen de elfenkoning, een symbool van de dood, die hem probeert mee te lokken naar de ‘andere zijde’. Het angstige kind roept naar zijn vader om hulp. De elfenkoning probeert het opnieuw, uiteindelijk dreigt hij het kind met geweld mee te nemen. Als de vader en het kind op hun bestemming komen, blijkt de jongen gestorven te zijn. Hij is voor de elfenkoning bezweken.’ 

Tijdens de rit wordt de verteller achtervolgd door zijn vroegere zelf: Phaedrus, een briljant zoekende geest, die onder de last van zijn jacht op idealen krankzinnig werd en onder electroshockbehandeling stierf. In het verhaal komt de Phaedrus terug om de verteller opnieuw te halen.

Ik weet nog goed dat, de eerste keer ik het boek las, ik was toen een jaar of  30, ik het boek zelfs bij me droeg en bij het stoplicht in de auto nog een keer die ene zin las die ik wilde begrijpen….en nog een keer, en nog een keer, tot het getoeter van mijn achterliggers me uit het hoofd van de de verteller haalde.

Het is zo’n boek waar je je het liefst mee opsluit in een klein huisje aan zee of hoog in bergen. Van God en iedereen verlaten. Niet afgeleid door mens of machine. Of zo’n boek dat je wilt delen met een aantal inspirerende mensen en het er samen over hebben.

De versie die ik nu lees is de vierde druk uit augustus 1977 precies 40 jaar geleden. Het boek was trouwens een kado van mijn vader aan zijn tweede vrouw, Liesbeth, dat ik in hun huis toevallig lopend langs de boekenkast zag staan.

Kijkend naar de geweldige cover van Jelle van der Toorn Vrijthoff krijg ik zin om mijn VWT2 in Zuid Afrika variant te maken maar het internet in het hotel in Queretaro in Mexico waar ik deze vroege ochtend zit te typen, werkt niet mee. Ik vermoed dat het netwerk inmiddels druk wordt bezet door de andere sprekers van het 10de design en architectuur congres waar ik vanmiddag en morgen spreek.

Schermafbeelding 2017-09-08 om 06.47.35

Gisteren had ik het over de Flower Power van de bus en na een dag hier in Mexico te zijn, begrijp ik dat de VWT2 nog lange tijd hier gefabriceerd is. Rondlopend op de campus van de Universiteit vallen me niet de hoeveelheid mensen op maar de hoeveelheid glimlachen. Allemaal  VWT2 rijders. Ik snap het gigantische marktpotentieel dat VW hier zag.

In het boek ben ik inmiddels beland op pagina 222 en wil graag het volgende delen;

“Romantische kwaliteit hield altijd verband met onmiddellijke impressies………Romantisch kwaliteit was het heden, het hier en nu van alle dingen. Klassieke kwaliteit hield zich bezig met meer dan alleen het heden. De relatie van het heden tot het verleden en de toekomst werd altijd overwogen. Wanneer je ervan uitging dat verleden en toekomst allemaal in het heden lagen, was dat erg jofel, en dan leefde je natuurlijk voor het heden. En wanneer je motor het deed, waarom zou je je dan zorgen maken?”

Het is 6.46 ik kruip weer terug in bed en lees de laatste drie pagina’s nog een keer. Nu met mijn special edititon Bic Vierkleuren pen en mijn Garlic (dankjewel Wies) aantekenboekje. Lezen en denkend kom ik op het volgende;

Als kwaliteit de reactie van een organisme op zijn omgeving is, wordt deze kwaliteit bepaald door de koppeling van de Kennis van het organisme (wat ie weet X wat ie kan X wat ie wil X wat ie gedaan heeft) aan waar hij in gelooft.

 

 

 

Flower Power

6 sep

flowerpower.001

Als design thinker neem je de mens uit uitgangspunt van je ontwerpuitdaging. Je brengt de huidige situatie in kaart door goed om je heen te kijken en te leren van wat mensen doen en misschien nog belangrijker niet doen…..of niet willen doen. Zo ontstaan er vragen waar je ideeën voor bedenkt en door deze ideeën in het echt uit te proberen en goed te kijken wat er werkt en wat er beter kan ontstaat er een gewenste situatie.

IMG_1101

Laten we even uitzoomen. Ik sta hier naast het nieuwe asfalt op de R43 in Zuid Afrika. Ik heb mijn iPhone 7 Plus in mijn hand en maak een foto van de Volkswagen T2 die gefabriceerd is in Duitsland in 1978, het jaar dat het Nederlands elftal weer een WK finale verloor. Nu van Argentinië. Máxima was toen 7 ik was 11 en ik vraag me af of zij op dat moment ook aan de beeldkluis gekluisterd zat en of zij de wedstrijd ook zonder haar vader keek. Ik vraag me af wat beter is, verliezen in een finale of helemaal niet meedoen. In het geval van deze reis zou de finale een mooie reis en verblijf naar en in Addo Elephant Park zijn met Tamara, Noëlle en NoaH in de Volkswagenbus T2 met kenteken CO2121 uit 1978. De bus is eigenlijk een soort tijdmachine die ons als familie terugbrengt naar 2004 het jaar dat we voor het eerst met de bus in Addo reden. De bus als tijdmachine die memorabele familieherinneringen maakt en 2004 verbindt aan 2017. Anders dan een huis waar je als familie dagelijks in verblijft. De bus als leuke suikeroom die je allerlei leuke dingen laat zien en die onderweg begroet wordt door vriendelijkste glimlachen van wild vreemden. Want de bus mag dan slechts 1:7,5 rijden hij is zeker gul in het genereren van opkrullende mondhoeken. Wat is dat toch dat deze opwaartse beweging van de mondhoeken veroorzaakt? Is het het babyblauw in combinatie met het witte dak? Zijn het zijn olijke ogen? De ronde vormen van de carrosserie? Of is het een ontmoeting met een andere tijd?

In de toekomst rijdt iedereen electrisch.

Ik rijd op Flower Power.

Vol asseblief

3 sep

volasseblief.001

De afgelopen dagen schrijf ik over mijn  Zuid Afrikaanse ervaringen met mijn VW T2 uit 1979.

Het hele verhaal kun je hier downloaden: NOLTEEVWT2

Dit lijkt me het moment om gewoon mijn mond te houden. Geen vragen te stellen of suggesties te doen. Arno recht zo goed en zo kwaad als hij kan zijn rug en loopt met kleinere passen dan ik van hem gewend ben richting de voorkant van zijn bedrijf ‘Andreno. Engine Rebuilders’ zoals dat ook op de achterkant van mijn bus in rood gestickerd staat. Op gepaste afstand volg ik Arno en wacht op eventuele instructies of vragen. Arno vraagt me om de bus te starten en ik zie hem in mijn binnenspiegel de motorklep openen en haperend zijn hoofd richting de motor bewegen. Arno beweegt zoals de bus bergopwaarts rijdt als ie warm is. Ik wacht op verdere instructies die niet komen. Dan beweegt Arno de stang die beide carburateurs aanstuurt en laat de motor flink toeren maken om vervolgens op te staan en de werkplaats in te lopen. Even later komt hij terug met een 40 centimeter lange staaf, hamer, steeksleutel en in zijn andere hand een aantal veren. 4 harde klappen van staal op staal gevolgd door gerinkel van vallend gereedschap en weer laat Arno de motor toeren maken. Het dicht slaan van de motorklep doen mij vermoeden dat de diagnose en reparatie gedaan zijn en in mijn buitenspiegel zie ik Arno aan komen lopen. Hij vertelt me dat hij de V-snaar heeft gesteld en de veer die verbonden is met het gaspedaal heeft vervangen. Ik stap uit en opzij en mijn verwachting dat Arno een testrit gaat maken vult hij inderdaad in door achter het stuur te kruipen en de bus te starten. Hij rijdt links de hoek om om te keren en rijdt richting het kruispunt van de hoofdstraat. Dit met een snelheid gepaard gaand met een aantal knallen die me doen denken aan de laatste kreten van een bezetene die door een duivelsuittreder wordt verlost van zijn kwade geesten. Eenmaal terug meldt Arno dat er niets mankeert aan de motor en vertrouw ik op zijn oordeel. Het was dus blijkbaar niet de verdeelkap zoals ik eerder in mijn lekenanalyse had geopperd. Mijn oprechte dankjewel vul ik aan of hij remschoenen en remcylinders heeft voor de achterremmen. Arno knikt en ik volg hem het magazijn in waar hij mijn bestelling pakt en iets mompelt van “best quality”.

Chris, de monteur in Montagu zal verbaasd zijn dat het mij wel is gelukt om deze onderdelen krijgen. Hij had na de controle van de achterremmen namelijk gesteld dat e.e.a. zeer moeilijk te krijgen waren maar dat hij wel iemand kende die de remschoenen van een nieuwe remlaag zou kunnen voorzien. ‘Best quality’ van Arno leek me een veel betere optie. Ik bedankte Arno hartelijk voor de snelle reparatie en wenste hem sterkte met zijn gebroken rib.

Vol verwachting klopte mijn hart. Zou het euvel van de slecht lopende luchtgekoelde tweeliter boxermotor nu verholpen zijn? Ik stopte de sleutel in het contact, controleerde zijn vrij en startte de motor. Vlekkeloos. En wat een verschil. De andere veer maakte het indrukken van het gaspedaal veel makkelijker en gevoelsmatig was dit de beste aanpassing van de bus tot nu toe. Het contact met de motor voelde veel directer en ik voelde me direct meer verbonden met bus. Alsof we een klik maakte. Vergelijkbaar met het voor het eerst weer fietsen op net hard opgepompte banden. Of misschien met het ineens doorhebben van een moeilijke Tai Chi beweging. Maar nog het meest met het moment dat ik mijn oude Birckenstock sandalen door een precies dezelfde, nieuw paar vervang. Het voelt vertrouwd maar nieuw en beter!

Zoekend naar de juiste voetdosering geef ik tussen het schakelen door af en toe veel te veel druk op het gaspedaal resulterend in een hard gegrom van de motor. Maar al snel vind ik de juiste pedaaldruk en spoor als een cowboy mijn door VW fluisteraar Arno getemde paardenkrachten richting benzinepomp voor een “vol asseblief”.

Rib uit je lijf.

2 sep

ribuitjelijf.001

De afgelopen dagen schrijf ik over mijn  Zuid Afrikaanse ervaringen met mijn VW T2 uit 1979.

Het hele verhaal vind je hier in pdf: NOLTEEVWT2

Ik ben op weg naar Villiersdorp zonder dat ik een afspraak heb met de man die de bus reviseerde, Arno van Wijck. Ik heb inmiddels geleerd om dat niet te doen, afspraken maken. Zeker niet als je iets gedaan wilt krijgen. Zoals in dit geval dat Arno eens goed kijkt en luistert naar de bus. De beste strategie voor het fiksen van kleine reparaties is onaangekondigd langsgaan en er bij te blijven. Zo liet ik eerder mijn remmen controleren bij Chris in Montagu en mijn richtingaanwijzers bij Chris’s buurman. Je moet er even bijblijven voor het beste resultaat. Waar ken ik dat regeltje ook alweer van.

De tocht naar Villiersdorp is weer prachtig. Als ik het asfalt wegdenk zou ik zomaar ingehaald kunnen worden door de zwarte ruiters of moeten uitwijken voor Gandalf op zijn witte paard. Is de bus dan ‘my precious’ waar ik onzichtbaar wordt voor alle gevaren en me verplaats in de parallelle wereld van de luchtgekoelde motortechniek? Met mijn raam open kijk ik in de buitenspiegel en zie het stofspoor dat de bus trekt in het landschap.

Schermafbeelding 2017-09-02 om 11.46.15

IMG_1111.jpg

De luchtinlaten happen gulzig naar lucht. Het houdt de motor koel, mengt zich met benzine en vuur en stuwt de achterwielen via de nieuwe aandrijfassen soepel over de gravelwegen. Met 80 km/u ontstaat er een prachtige symfonie van het rollende rubber op de halfharde ondergrond waarbij af en toe een steentje tegen de onderkant van de bus kaatst. De wind die langs en in de auto waait mengt zich met het roffelende geluid van de tweeliter Volkswagen motor aangevuld met de in en uit rekkende veren van mijn bruine nepleren stoel. De gordel zonder spanner hangt los op mijn schouder als de hand van Sint-Christoffel, de patroonheilige van de reizigers en alle verkeersdeelnemers. Helaas kan Sint-Christoffel niet voorkomen dat de bus hoestend en proestend bergopwaarts voort stottert. Het lijkt me een goed moment om het stofspoor en de bus voor het nageslacht vast te leggen en het luchtfilter te controleren.

IMG_1112.jpg

Het luchtfilter ziet er als nieuw uit en ik vervolg mijn weg die zich ondertussen weer getransformeerd heeft van gravel naar nieuw asfalt. Bij zo’n 90 km/u lijkt te bus te zweven en wordt het zoevende geluid slechts af en toe afgewisseld door het kraken van de carrosserie. We gaan licht bergafwaarts, onze favoriete route. Net als een fietser die net een berg heeft bedwongen is het bergafwaarts genieten.

Op 10 kilometer van Villiersdorp oefen ik in mijn hoofd met de informatie die ik met Arno zal delen omtrent het onregelmatig ‘lopen’ van de bus. Mijn hoop richt zich volledig op een verklaarbare Waarom van Arno. Ik hoop dat mijn Wat, Hoe en Wanneer hem zullen helpen bij het vaststellen van een correcte diagnose. Onaangekondigd loop ik de werkplaats binnen en zie in de verte Arno’s werkschoenen nog net onder een groene VW T1 bus vandaan komen. Mijn begroeting beantwoordt Arno met een verplaatsing van het plankje met wieltjes waarop hij ligt en zodra hij mij ziet probeert hij zijn van pijn vertrokken gezicht te plooien in een vriendelijke glimlach wat niet echt lukt. Geschrokken vraag ik wat er aan de hand is. Arno heeft een rib gebroken. Schrijvend denk ik dat ie die makkelijk kan vervangen door de rib uit mijn lijf; de revisie van mijn bus. Maar op dat moment voel ik slechts medelijden met een man die geen rust kan nemen omdat er niemand is die zijn werk kan overnemen. Ik voel me bezwaard maar de hand van Sint-Christoffel duwt me zacht naar voren en fluistert mijn geoefende intro in mijn hoofd. Het sluit perfect aan bij het “How can I help you, Cor” van Arno. Hij hoort mijn analyse met aandacht aan met zijn gezicht en lichaam zoekend naar een houding die het minst pijnlijk is om na een stilte van 5 seconden en 3 diepe uitademingen mede te delen dat hij nu echt geen tijd heeft om naar de bus te kijken. Ik had beter eerst kunnen bellen. Dit was het moment van de waarheid. Ging mijn strategie van ‘gewoon langsgaan en erbij blijven’ werken? Zelfs bij een overvolle agenda en een gebroken rib van Arno? Het zag er slecht uit voor mij en de bus. Arno stond inmiddels in een houding waar ik bij de aanblik ervan acuut pijn van in mijn rug kreeg. Ik voelde nu ook de tweede hand van Sint-Christoffel op mijn andere schouder. Mijn ‘volgende week wil ik met mijn zoon op pad’ deden zijn verkrampte houding loslaten waarbij zijn schouders tot voorbij zijn gebroken rib zakten om ze met naar boven geopende handpalmen en gespreide vingers automatisch weer omhoog te trekken. Een reflex van iemand die geen nee kan zeggen echter nu gepaard gaand met een hardgrondig “auwwwwww”.

Wordt vervolgd.