Tag Archives: JERRY SALTZ

How to be an artist. Deel 4

2 dec

HOWTOBEANARTIST4.001

De afgelopen dagen schreef ik over de (16 van de 30) lessen van kunstkenner Jerry Saltz. Vandaag deel 4. Hier lees je het origineel.

Les 17. (be)kijk zoveel mogelijk.

Kunstkenners kijken naar en kunstenaars maken met. Kenners kijken door dichtbij te staan, afstand te nemen, bekijken een oeuvre, vergelijken met anderen, bezien de context, de tijd, terugvallen, mislukkingen, gebrek aan originaliteit. En sommige proberen dat dan ook nog eens in begrijpelijke taal te verwoorden. Dat lukt zeker niet iedereen. Mooi geïllustreerd door de cartoon in het boek van Will Gompertz; Dat kan mijn kleine zusje ook. Een archeoloog graaft een hiëroglief op en probeert de tekst te ontcijferen:

Schermafbeelding 2018-12-02 om 11.37.46

 

“De tekst is onbegrijpelijk. Het zal wel een kunstcatalogus zijn.”

Vaak lijkt de tekst naast een kunstwerk eerder een poging om je zo snel mogelijk uit het museum te krijgen in plaats van je te verbinden met het werk. Streng kijkende suppoosten in militaristische outfits dragen niet bij aan het voeden van onze  nieuwsgierigheid. En ook al zeggen ze niets communiceren ze wel degelijk. Soms voel ik me een bezoeker aan een gevangenis waarbij ik niet te dicht bij de raamtjes van de cellen mag komen. Maar ik was toch op bezoek. Jaaaaajaaaa maar liever niet.

Goed naar kunst kijken zou je kunnen uitproberen met een methode genaamd Visual Thinking Routines. Ik volgde ooit een twee daagse training die als volgt was opgebouwd; in de ochtend theorie en oefenen en in de middag naar het museum en zelf aan de slag. Donderdag het Rijks en vrijdag het Stedelijk. En dat werkte uitstekend. En vooral omdat ik me op een gegeven moment een zeer ongeduldige puber voelde op het moment dat we, net voor de pauze, naar een foto moesten kijken:

A View from an Apartment 2004-5 by Jeff Wall born 1946

De foto werd geprojecteerd op de muur.

Mijn eerste reactie was, “ok een foto van een appartement met uitzicht op een haven. Zullen we nu lunchen?”

De gemiddelde kijktijd van 9 seconden die er naar kunst in een museum wordt gekeken, haalde ik niet eens. Bij lange na niet. Na 5 seconden had ik ik het al gezien.

Maar ik kreeg ruim 2 minuten de tijd om te kijken en op te schrijven ‘Wat je zag’. Ik was blij dat mijn mobiel in mijn tas zat want ik voelde een onbeheersbare drang om me online te verbergen. Ik bedacht me dat dit nu precies het gevoel moest zijn van menig museumbezoeker. Een ‘ik ben niet de enige’ gedachte verbond me met de grote groep ‘ongeduldigen’. Ik besloot me over te geven aan de opdracht en op te schrijven wat ik zag.

Vervolgens deelden we onze observaties met elkaar en werden ze centraal op een flip-over gezet. En het mooie was dat ik meer zag door de observaties van de anderen die andere dingen waren opgevallen. We waren inmiddels bijna 10 minuten aan het kijken en delen. Mijn ongeduld was omgezet in een oprechte nieuwsgierigheid naar wat ik allemaal nog meer kon ontdekken en wat de anderen zagen.

In het tweede deel van de Thinking Routine ‘See, Think, Wonder’ neem je een aantal minuten de tijd om na te denken en op te schrijven ‘Waar het over gaat?’ Ook hier weer eerst individueel om e.e.a. vervolgens weer met elkaar te delen. Individueel, samen. Listen, Silent. Eerst het Wat bekijken en dan pas het ‘Waar het over gaat’.

Door ook dit weer na elkaar in alle rust met elkaar te delen, leerde ik dat iedereen andere betekenissen aan de observaties gaf. Wat het kijken een enorme verdieping gaf en me leerde dat je dingen van meerdere kanten kunt bezien en daar dus andere betekenissen aan kunt geven.

De 10 seconden waren inmiddels 15 minuten geworden en ik was benieuwd naar wat de volgende stap zou zijn. De derde stap van deze routine was de vraag ‘Welke vragen zijn er nog overgebleven?’ Zo vroeg een deelnemer zich af of de situatie echt was of in scene gezet. Zo kwamen er meer vragen voorbij waarbij ik dacht “Hoe kom je er op?” of “Wat een goede vraag!”. En steeds weer kijkend naar de foto die inmiddels echt tot leven was gekomen. Het leek of ik in het appartement was en ik als Tita Tovenaar alles en iedereen had stil gezet. Raar maar waar.

Ruim 20 minuten later was ik oprecht teleurgesteld toen de lunch werd aangekondigd.

Mijn ongeduld was omgeduld.

Ik raad iedereen die wil vertragen en (be)vragen van harte de training van Thinking Museum aan.

Met bovenstaande raad ik je  tevens aan niet te proberen alle werken in een museum te bekijken. See think en wonder er maar eens 1 met zijn tweeën. Dan een bakkie koffie en misschien gewoon naar huis……bijkomen.

 

Mijn vrouw adviseert me om nu te stoppen zodat je het allemaal even kan laten bezinken en morgen de volgende les. Goed idee.

Maar ik schrijf toch nog even door.

 

Les 18. Alle kunst is identiteits kunst.

Een slechte vertaling van Saltz’ “All art is identity art. ” Maar het is volgens Saltz zo omdat kunst gemaakt wordt door iemand, een persoon met een identiteit.

Ik voel me hier nu langzaam het graf van onbegrijpelijke taal in getrokken worden om vervolgens te verstenen met een grote groef in mijn voorhoofd en kronkel in mijn hersenen. WTF.

Wat voor mij kijken naar kunst een waardevollere beleving maakt is dat ik los van (samen) kijken graag in het hoofd van een kunstenaar duik. Als je meer weet over de persoon en de context, kijk en ervaar je het eindresultaat ook heel anders. Als je meer weet over het waarom en het hoe, is het wat (het kunstwerk) als een op pauze gezet frame uit het leven van de kunstenaar. Gisteren zag ik de documentaire Jim & Andy.  The Great Beyond. Over de rol van Jim Carrey als Andy Kaufman (1949-1984) in Man on the Moon (1999) aangevuld met behind the scenes materiaal van Andy’s ex vriendin.

Jim Carrey werd Andy Kaufman gedurende de drie maanden durende shoot. Hij zette niet alleen een masker op maar nam de identiteit van Kaufman over. Dit ging zelfs zo ver dat de echte moeder van Kaufman emotionele gesprekken had met haar overleden zoon Andy die tot leven gebracht was door Jim Carrey. In de documentaire lopen realiteit en film door elkaar en ontstonden er situaties waarin zelfs Oscar winnend regisseur Milos Forman (One flew over the Cuckoo’s nest) om hulp vraagt van Jim Carrey aan Jim Carrey.

Les 19. Alle kunst was ooit hedendaags.

En daarmee kan kunst een magische tijdsmachine zijn. Want alle kunst is gemaakt in en een reactie op de tijd waarin de kunstenaars leefden. En dat is natuurlijk niet altijd even makkelijk. We willen wat we zien in een vakje stoppen zodat we het begrijpen. We vinden kunst mooi of lelijk maar kunst vanuit deze bipolariteit ‘bekijken’ is een gemiste kans. Ik moet denken aan mijn, in de afgelopen jaren ontwikkelde strategie, om het afstudeerwerk van de Design Academy te bekijken. Op de eerste dag van de opening koop ik het boek met al het werk en ga naar huis. Ik bekijk verder geen werk. Eenmaal thuis lees ik het boek van voor naar achter en noteer welk werk ik graag in het echt wil zien….of ervaren. Soms zegt een plaatje in een boek met een beschrijving me genoeg. Maar soms wil ik meer weten dan me wordt gegeven of wil ik het werk beleven, als het om een installatie gaat. Het resultaat van mijn voorwerk is dat ik heel doelgericht en voorbereid van de expo kan genieten. Een ander groot voordeel is dat je gespreksmateriaal en wellicht vragen of feedback hebt voor de ontwerpers die veelal naast hun werk staan. Afgelopen editie resulteerde dat in een interessant gesprek over een koffiezet apparaat. Elk jaar zijn er ontwerpen van koffiezetapparaten. Ik denk dat als ik deze op een tijdslijn zet deze een mooie reflectie zijn op de tijd waarin ontworpen zijn.

Tijd voor koffie.

 

 

How to be an artist. Deel 3

1 dec

HOWTOBEANARTIST3.001

Gisteren en eergisteren schreef ik over de lessen van kunstkenner Jerry Saltz. Vandaag deel 3. Hier lees je het origineel.

Les 12 Weet wat je haat.

Maak een lijst van drie kunstenaars wiens werk je verafschuwt. Maak een lijst van 5 zaken van elke kunstenaar die je niet leuk vindt; wees zo specifiek mogelijk. Vaak is er iets gemeenschappelijks te vinden. Denk er echt maar eens goed over na.

Les 13 Verzamel.

Het leven is je syllabus: verzamel overal vandaan.

Andy Warhol zei: “Ik werk altijd graag aan dingen die worden weggegooid, waarvan iedereen weet dat ze niet ‘goed’ meer zijn.” Hij begreep ook dat “warenhuizen musea worden”, en visuele inspiratie overal vandaan kan komen, zelfs van een soepblik.

Een aantal jaar geleden zag ik het werk van Herman de Vries op de Biënnale in Venetië.  Hij verzamelde de kleuren van de aarde;

“Aarde is een traditioneel en natuurlijk pigment dat het potentieel heeft de kwaliteit van de aarde te visualiseren en symbolisch ons iets te vertellen over de cultuur van een gemeenschap.”dutch-pavilion-venice-biennale-herman-de-vries-designboom-08

Originaliteit kun je vinden maar je moet wel op pad. Je kunt dit doen door te kijken naar vergeten periodes uit de kunstgeschiedenis, onaangename en in diskrediet geraakte stijlen en vergeten ideeën, afbeeldingen en objecten. Bewerk ze dan 100 keer of 1000 keer in je eigen kunst.

En als je het echt niet weet, blik je gewoon je poep in.

Want sinds Marcel Duchamp in 1917 zijn op zijn kop gezette urinoir tot kunstwerk uitriep kunnen we alles bestempelen als kunst. Dus laten we onze handen niet branden aan de vraag of onderstaande voorbeelden kunst zijn maar welke van onderstaande voorbeelden waar is.

a. In de 60-ger jaren werd een kunstenaar beroemd met 90 blikken met zijn eigen stront. De blikken wogen elk 30 gram en het was de bedoeling dat ze voor hetzelfde bedrag zouden worden verkocht als 18-karaats goud. De prijs fluctueerde, net als de goudprijs, en werd op de dag van aanschaf bepaald. Het schijnt een reactie te zijn op de uitspraak van de kunstenaar’s vader, die een inblikkerij had; ‘Your work is shit.’ Blikje nummer 54 werd afgelopen oktober verkocht voor £182,500.

b. Binnenkort wordt in het MOMA het werk ‘POOP-art’ getoond. Het zijn de illegaal verkregen en daarna vergulde drollen van drie levende Pop-art kunstenaars. De vergulde drollen zijn  ingeblikt in Campellsoup blikken en verpakt in kadopapier van Macy’s. Dat laatste als verwijzing naar het verhaal dat na de dood van Andy Warhol in warenhuis Macy’s verpakte pakketjes op de veiling, want met Andy Warhol echtheid’s certificaat, voor veel geld werden verkocht.

c. Picasso had zijn blauwe periode en er zijn kunstenaars die hun bruine periode hebben. Niet gemaakt van echte poep maar evenwel indrukwekkend was de huizenhoge hondendrol die in juli 2008 door een stevige wind (leuke woordgrap) werd opgetild, 200 meter door de lucht vloog, een elektriciteitsdraad brak en bij iemand in de tuin belandde. De gedupeerde belde de poepopruimingsdienst en de door de kunstenaar gemaakte foto van de poepscooter naast de enorme drol werd vervolgens voor € 16.000 verkocht aan een Parijse verzamelaar.

Goede inzendingen worden beloond met een origineel werk van Gary Blum. Blum maakt al 30 jaar kunst van ganzenstront. Gary woont in Rochester, Minnesota, beroemd als winterstop van 10 duizenden Canadese ganzen. Deze werkelijk vliegende poepfabrieken produceren bijna 1 kilo poep per dag en aangezien het een zachte winter was, heeft Blum me gevraagd hem uit de shit te helpen.

 

We zijn aanbeland bij Stap drie: leer hoe je kunt denken als een kunstenaar
Dit is het leuke gedeelte.

Les 14: Vergelijk katten en honden.

Oké, dit klinkt belachelijk, maar roep je hond en hij komt recht op je af, plaatst zijn hoofd in je schoot, kwijlend, kwispelend met zijn staart: een wonderbaarlijke directe communicatie met een ander soort. Roep nu je kat. Hij kan omhoog kijken, een beetje trillen, misschien naar de bank gaan, er tegenaan wrijven, één keer rondcirkelen en weer gaan liggen. Wat zegt Jerry hier?

Bij het zien hoe een kat reageert, zie je iets dat heel veel lijkt op hoe kunstenaars communiceren.

De kat is niet geïnteresseerd in directe communicatie. De kat plaatst een derde ding tussen jou en hem en communiceert via dat ding. Katten communiceren abstract, indirect. Zoals Carol Bove zegt: “Schoonheid is niet iets waar je na toe loopt en op de mond kust!” Kunstenaars zijn katten. (En zijn heel slecht in het drijven van schapen.)

Les 15: Begrijp dat kunst niet alleen is om naar te kijken

Kunst doet iets. In de afgelopen 100 jaar is kunst gereduceerd tot voornamelijk iets waar we naar kijken in schone, witte, goed verlichte kunstgalerijen en musea. Kunst is op deze manier beperkt tot iets passiefs: een of andere toeristische attractie om een paar seconden naar te kijken of, nog erger, met je rug naar toe te staan voor de selfie op je sociale netwerk. Done that en door.

In hun boek ‘Kunst als therapie’ stellen Alain de Botton en John Armstrong kunst als gereedschap voor die onze vaardigheden en mogelijkheden kan vergroten;

‘…kunst (inclusief design, architectuur en ambachtskunst) is een therapeutisch medium dat ons kan begeleiden, vermanen en troosten waardoor we in staat zijn een betere versie van onszelf te worden.’

Een gereedschap is een verlengstuk van het lichaam. Een glas compenseert de fysieke beperking van het waterdicht zijn van een kommetje van twee handen. Zo zou kunst onze geestelijke en emotionele beperkingen compenseren. Ze benoemen er 7. De functies van kunst:

  1. Herinneren. Kunst kan geliefde dingen vasthouden als ze eenmaal zijn verdwenen.
  2. Hoop. Kunst kan ons hoop bieden die we nodig hebben om een pad door de moeilijkheden van het leven uit te zetten.
  3. Leed. Kunst kan ons leren hoe we met succes kunnen lijden.
  4. Weer in balans komen. Kunst kan ervoor zorgen dat we bepaalde ontbrekende emoties weer voelen, waardoor ons innerlijk weer enigszins in balans komt.
  5. Zelfinzicht. Kunst kan helpen inzicht in jezelf te krijgen en vervolgens aan anderen over te brengen wie je bent. Daarom vinden we het heel belangrijk met welk kunstwerken we ons omringen.
  6. Ontwikkeling. Met kunst kunnen we ons ontwikkelen wanneer we raakvlakken met het vreemde ontdekken.
  7. Waardering. Kunst kan ervoor zorgen dat we een zuiverdere beoordeling maken van wat waardevol is; kunst kan namelijk tegen onze gewoonten in gaan en ons uitnodigen opnieuw te bepalen wat we bewonderen of mooi vinden.

Mijn schrijfsels helpen mij de geliefde dingen vast te houden in de hoop dat ik daardoor juist verder kom in mijn zoektocht van het leven. Waarbij ik regelmatig leer dat het schrijven soms een beklimming met stukken van 20% procent is maar dat ik weet dat ik de top haal omdat ik ooit een keer de Mortirolo hebt gefietst 😉 Het schrijven is als een emotionele weegschaal die doorslaat naar een kant; Huh? of Wow! Door dit te beschrijven leer ik waarom dat zo is, voor mij. Door te schrijven leer ik mezelf beter kennen….en kom ik op plekken waar ik normaal nooit kom. Zoals nu. In Jerry Saltz’ zijn hoofd.

Ben jij ooit geraakt door een kunstwerk? En welk geestelijke of emotioneel gebrek werd er toen gecompenseerd?

Les 16. Leer het verschil tussen wat je ziet en waar het over gaat.

Als ik naar iets kijk wat ik niet ‘herken’ ben ik geneigd het ‘niets’ te vinden, me ervoor af te sluiten of er een negatief oordeel over te hebben omdat ik het niet kan plaatsen of snappen. Ik heb geleerd dat als ik bijvoorbeeld weet waar het werk over gaat of hoe het gemaakt is, ik anders naar het werk kan kijken en me er beter mee kan verbinden en er betekenis aan kan geven…..en krijgen.

Neem bijvoorbeeld het werk van Francis Bacon.

francisbacon

Het onderwerp van Francis Bacon’s studie uit 1953 ‘After Velázquez’s Portrait of Pope Innocent X’ is een paus, een zittende man in een transparante soort doos. Dat is wat je ziet. Maar waar gaat het over? Het kan een rebellie of aanklacht tegen religie zijn. Of gaat het over claustrofobie of hysterie? Of over de waanzin van religie of beschaving?

Michelangelo's David

Michelangelo’s David in the Accademmia, Firenze, Tuscany, Italy

Michelangelo’s David is een staande man met een slinger. Maar wat is het verhaal? Waar gaat het over? Genade, schoonheid – hij was pas 17 – fysiek bewustzijn, tijdloosheid, eeuwige dingen, een vorm van perfectie, kwetsbaarheid?

Wanneer je naar kunst kijkt, stel jezelf dan eens de vraag waar het werk over gaat. Als je dat met zijn tweeën (of meer) doet kan dat geweldige gesprekken opleveren.

Ik ga nu in gesprek met een koekenpan. Het onderwerp is ‘wentelteefjes’.

Straks liggen er wentelteefjes op een bord. Maar waar gaat dat eigenlijk over.

Pas op he. Niet met volle mond praten.

 

 

How to be an artist?

29 nov

HOWTOBEANARTIST.001

Afgezien dat het waardevol is om mijn blunders en inspiratie te delen als part-time docent op HKU (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht) keert die waarde zich ook in  andere vormen uit. Zo belandde ik via (ex)studenten in Istanbul, Mexico, Riyadh, Milaan en volgende week in Amsterdam. Op NRC live. Maar daarover volgende week meer. De reden voor het NRC sprongetje is dat, terwijl ik de bevestiging naar NRC mailde ik een WhatsApp bericht binnen kreeg van mijn goede vriendin Wies…..uit het NRC:

jerrysaltz_nrc

Nieuwsgierig naar het origineel belandde ik hier.

Art is for anyone. It’s just not for everyone. I know this viscerally, as a would-be artist who burned out. I wrote about that last year, and ever since, I’ve been beset — every lecture I give, every gallery I pop my head into, somebody is asking me for advice. What they’re really asking is “How can I be an artist?”

En als wannabe kunstenaar volg ik het advies van Saltz en volg ik zijn 33 lessen in 6 stappen. Niet teveel nadenken.

“Gewoon schrijven, schrijven, schrijven”

(dank Wies)

Stap 1. You Are a Total Amateur

5 lessen voordat je zelfs begint

Les 1. Schaam je niet.

We zijn verlost van dat kunst ergens over hoeft te gaan. Het hoeft zelfs niet eens goed te zijn. Maak je geen zorgen dat het slim moet zijn. Kill je Kabouter.

kabouter-001kabouter-002kabouter-003

Les 2. “Vertel je eigen verhaal en je zult interessant zijn.” – Louise Bourgeois.

Als je verhalen nergens anders over gaan dan over de verbeelding van je nieuwsgierigheid hoef je maar twee dingen in de gaten te houden; wanneer had je zoiets van “huh?” of “wow!” en dat dan op schrijven (of op een andere manier verbeelden)

Ik moet denken aan wat Fred van Raaij de Primaire Affectieve Reactie noemt. Als ik die PAR koppel aan Barbara Frederickson’s positieve emoties dan zou ik daarmee alle Wows kunnen verdelen in 10 varianten:

Wow wat leuk! Er gebeurt iets leuks en ik moet gewoon lachen.

Wow wat lief! Mijn hart wordt geroerd binnen de veilige context van een (intieme) relatie.

Wow wat wat inspirerend! Ik word geconfronteerd met echte menselijke/dierlijke/natuurlijke excellentie.

Wow ik hoop…. Ik vrees het ergste maar verlang intens naar beterschap.

Wow wat sereen! Ik leun achterover en zuig alles in me op.

Wow….trots! Ik investeerde tijd en kennis en ben geslaagd.

Wow fascinerend! Ik wil me verder onderdompelen met waar ik nu mee bezig ben.

Wow de dingen gaan naar mijn zin, zelfs beter dan verwacht!

Wow wat vet! Ik word geconfronteerd met iets verpletterend moois of goeds en voel me letterlijk overweldigd door de grootsheid ervan.

Wow bedankt!

Die bewustwording. En dan alleen nog maar even opschrijven. Even.

Ok. Bedankt Cor. En die “huh?” dan?

Als je in een lege treincoupe zit en die ene instappende treinreiziger naast je komt zitten zonder iets te zeggen.

Als een student in een volle collegezaal het antwoord op een andere vraag lijkt te geven.

E.e.a. gepaard gaande met een richting nek bewegende kin. Je hoofd, en misschien zelfs wel je hele bovenlijf, dat naar achteren deinst en er een frons op je voorhoofd ontstaat.

Huh?

Wow!

Les 3. Wees vrij om te imiteren.

Bewust of onbewust apen we allemaal na. Zo hebben we leren lopen, praten, eten, schrijven…….Er is een geweldige docu over dat ALLES een remix is:

En je kunt natuurlijk ook echt iemand anders ‘worden’. Mijn Freddy Mercury imitatie was heel ‘bevrijdend’.

If you want to break free…..copy.

38c4c411-97e7-45b4-98dc-9f58b2189a78

Les 4. Kunst gaat niet over begrijpen. Of beheersen. Het gaat over doen en ervaren.

Telekinese bestaat niet. Als je iets in beweging wilt zetten, iets wilt veranderen moet je iets DOEN. Doen brengt het denken verder. Dat dan weer wel. Logica brengt je van A naar B en verbeelding overal.

Les 5. Werk. Werk. Werk.

We worden nergens zo blij van als hard werken. Werken aan iets waar we van houden. Uitgedaagd, vrijwillig al je kennis in de strijd gooien. Balanceren tussen saaiheid en angst. Energie stoppen in dingen waar je energie van krijgt. Zo simpel is het.

Stap 2. Hoe te beginnen?

Les 6. Start met een potlood.

Beginnen is niet gewoon doen zoals Nike ooit pay offde. Beginnen is starten. Mij heeft het geholpen door ooit een afspraak met mezelf te maken om elke dag een uur eerder uit bed te gaan en voor 7.00 in de ochtend te publiceren, een jaar lang. Nu bijna 1.400 schrijfsels later schrijf ik weer voor het eerst in een maand. Soms heb je een duwtje van een ander nodig met een artikel uit NRC. Nogmaals dank Wies. Maar wat als je geen Wies hebt die je duwt? Start gewoon. Maak. Creëer. Niet voor iemand, niet voor jezelf maar voor het maken. Pak een potlood en schrijf, een penseel en trek, een camera en schiet. Klaar voor de stART?

Les 7. Oefen met verschillende vormen.

Het mooiste voorbeeld van een verhaal op verschillende manieren vertellen is het boek van Matt Madden:

Schermafbeelding 2018-11-29 om 15.25.43

Ik schreef er al eerder over.

Hetzelfde verhaal op 99 verschillende manieren. Een geweldige training creatief vermogen. En stel je voor dat je je verhaal in verschillende media verbeeldt? Of met verschillende eindes. Zoals Lola Rennt:

Wordt vervolgd.

Ik moet rennen.

%d bloggers liken dit: