How to be an artist. Maak afgunst je vijand.

17 dec

Schermafbeelding 2018-12-17 om 09.24.01

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

Les 22 hier.

Les 23 hier.

Les 24 hier.

Les 25 hier

en hier

Les 26: Maak afgunst je vijand

Vandaag!

Afgunst kijkt naar anderen maar verblindt jou.

Afgunst verslindt je als kunstenaar, het eet je met huid en haar op, het maakt je tot slaaf, balancerend op de rand van de afgrond oude koeien vermomd als dode paarden op de rand trekkend. Constant naar die ander kijkend, wat zij hebben en jij niet, dat zij aandacht krijgen en jij niet. Afgunst is zoutzuur voor de ziel, staat groei in de weg en is dodelijk voor eerlijke zelf kritiek.

Je nieuwsgierigheid en verbeeldingskracht zijn gericht op wat anderen hebben in plaats van dat je die gebruikt voor je eigen werk en wat jij wil. Vanuit deze gevangenis van afgunst is alles wat jou gebeurt de schuld van een ander. Je waant je een moderne van Gogh, een overgeslagen genie waar de wereld nog niet klaar voor is. Je doet afstand van elke verantwoordelijkheid. Je gevoelens van gebrek definiëren je, maken je zuur, bitter, niet liefhebbend en gemeen.

Arme jij. Jammer voor je dat al die andere “slechte kunstenaars” wel aandacht krijgen en jij niet. Jammer voor je dat zij wel de artikelen, geld en liefde krijgen en jij niet. Jammer voor je dat zij wel een beurs krijgen, naar betere scholen gingen, met een rijk iemand trouwde, knapper zijn, dunnere enkels hebben, socialer zijn, een beter netwerk hebben en dat gebruiken. Echt jammer ook dat je verlegen bent.

Geheimpje. Bijna iedereen in de kunstwereld is net zo verlegen en onzeker als jij. We doen allemaal ons best. Maar een ding is zeker, “arme ik” is geen manier om je werk beter te maken. En als je niet komt opdagen speel je het spel niet mee. Dus stop met die afgunstige blik op die ander en richt je blik op je werk. Aan de slag!

How to be an artist. Part 10: Free Dope.

16 dec

freedope.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

Les 22 hier.

Les 23 hier.

Les 24 hier.

Les 25 hier.

Nog even over afwijzing. Gisteren deelde ik twee persoonlijke verhalen over afwijzing maar Saltz heeft daar misschien wel veel zinnigere zaken over te zeggen. Ik vertaal uit vrije hand.

“Na zorgvuldige overweging,” weigerde in 1956 het Museum of Modern Art een door Andy Warhol geschonken tekening van een schoen. Monet werd jarenlang geweigerd door de jury van de Salon Expo’s in Parijs. Werken van Manet en Courbet werden geweigerd en bestempeld als schandalig, sensatiebelust en lelijk.

Manet. 1863. Lunch op het gras. Schandalig

Manet’s schilderijen stelde een “onvoorstelbare vulgariteit” ten toon. En Manet wilde zelfs niet met Cézanne exposeren omdat hij vond dat Cézanne vulgair was. Ja het schilderen van de ‘gewone man’ en dat als kunst bestempelen maakte heel wat los.

Enkele andere voorbeelden.

Thrillerkoning Stephen King eerste boek Carrie werd 30 keer geweigerd. Op een gegeven moment gooide hij de eerste pagina’s in de vuilnisbak. Gelukkig werden ze er door zijn vrouw uitgevist en overtuigde zij hem om te blijven schrijven.

The Beatles werden geweigerd door Decca Records omdat zij geloofden dat “gitaarbandjes op hun retour waren” en “The Beatles geen toekomst in de show business hadden.”

Toch moet je kritiek niet negeren. Integendeel, bewaar je afwijzingen; plak ze aan de muur. Het zijn de prikkels om te bewijzen dat ze fout zitten. Je ligt misschien iets langer dan 10 seconden KO op de grond door die slechte kritieken en afwijzingen maar sta op….en wandel door op kunstenaarspad. Die kritieken definiëren je niet.

Wat veel moeilijker te accepteren en te leren is, is dat elke kritiek een graantje waarheid kan bevatten. Iets wat jij losgemaakt hebt bij een ander waardoor diegene gedeeld heeft wat ie heeft gedeeld. Misschien ben je je tijd ver vooruit maar zien ze dat niet. Misschien heb je nog geen manier gevonden om je werk te laten spreken met de mensen met wie je wilt praten. Dat kun je ze niet kwalijk nemen.

Kortom, je moet open staan voor kritiek en een olifantenhuid ontwikkelen. Maar vergeet vooral niet dat het ergste wat men ooit over je werk gezegd heeft waarschijnlijk slechts milde kritiek was vergeleken bij wat jij zelf van je werk vind.

Saltz vertelt critici altijd “Je zou wel eens gelijk kunnen hebben”.

Ik stel toch een andere strategie voor. Ik las het in het geweldige tweede boek van Jane McGonigal “Superbetter”

Goed omgaan met kritiek verhoogt je weerstand……als je het goed doet. En een manier om dat te doen is het maken van voorspellingen. Waarom het werkt? Een voorspelling doen is een van de meest betrouwbare en efficiënte  manieren om het beloning circuit in de hersenen te prikkelen. “Elke voorspelling die je doet triggert meer aandacht en dopamine.” zegt Judy Willis, M.D. een neurowetenschapper die gelooft in de kracht van games om de hersenen van spelers ‘opnieuw optimaal  te bedraden’. Want bij het maken van een voorspelling liggen er twee zeer hoge beloningen in het verschiet. Je hebt gelijk, wat je goed doet voelen. Of je hebt het mis, waardoor je hebt geleerd hoe je het de volgende keer beter kan doen. En verrassend genoeg voelt dit ook goed omdat je hersenen dol zijn op leren. Willis zegt zelfs dat “de dopamine boost vaak groter is als je iets nieuws en bruikbaars leert dan wanneer je het goed had.”

Tip voor de volgende keer als je je werk aan critici toont; speel Bullshit Bingo. Maak een lijst van negatieve commentaren die ze zouden kunnen geven. Houd je niet in. Print de lijst uit en ga er mee naar de critici op de opening van die expo van je, of het lezen van reviews. Bij elke kritiek die jij zelf al opgeschreven hebt zeg je niet (zoals Saltz adviseert) “Je zou wel eens gelijk kunnen hebben”. Nee dan zeg je “Ja dat had ik zelf ook al bedacht” en vink je hem af. Bij elke nieuwe kritiek krijg je een extra dopmine shot wat resulteert in een verbeterd neuronen netwerk, verhoogde wilskracht en ambitie. Gratis dope. Waar je je niet alleen goed bij voelt maar ook nog eens beter van wordt.

Bullshit Bingo. Dat zouden meer kunstenaars moeten doen.

 

How to be an artist. Deel 9

15 dec

howtobeanartist9.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

Les 22 hier.

Les 23 hier.

Les 24 hier.

 

Les 25. Afwijzing.

Omgaan met afwijzingen heeft twee kanten. Een goede kant en die andere. Toen ik de zoveelste schriftelijke afwijzing als beginnend reclameman(netje) las, dacht ik twee dingen; ik ga wat anders doen of ik het anders doen. Ik besloot de Gouden Gids te pakken (ja hier verraadt mijn leeftijd me) en naar de ‘R’ van Reclameburo’s te bladeren. Ik koos het vets gedrukte reclameburo; Design Plus en opende met de volgende zin:

“Mijn naam is Cor Noltee en ik zou graag bij jullie komen werken…..voor niks.”

De hoorn werd erop gegooid. Er bleef nog een vet gedrukt Reclameburo in Dordrecht over; Duits Reclame Marketing. Ik belde en een mannenstem nam op. Het bleek Joop Penning te zijn. Een keer raden wat Joop was bij Duits. Juist de financieel directeur. Heel erg op de Penning. Mijn openings werd dan ook heel anders ontvangen. Ik kon nog dezelfde middag langskomen en de maandag erop kon ik beginnen. Mijn geluk die dag was dat Joop de telefoon opnam omdat de telefoniste ziek was. Na drie maanden kreeg ik mijn eigen visitekaartjes. Het zwart op witte bewijs dat ik officieel ‘in de reclame’ zat. Solliciteren voor een betaalde baan was nu ook een stuk makkelijker. Ik kon zeggen dat ik bij Duits werkte en liet het zien door mijn visitekaartje bij te voegen.  Binnen een maand had ik een, betaalde, baan gevonden. Toen ik dat na 6 maanden bij de andere directeur meldde vroeg hij me waarom ik weg ging. Ik vertelde hem dat mijn spaargeld op was en dat ik bij dat andere reclameburo wel een salaris kreeg. “Hoezo, wel een salaris?” zei Jan Willem Beek, “Heb je hier geen salaris dan?”

“Nee.” was mijn korte antwoord.

JW en ik liepen vervolgens naar JP en vanaf die dag zat ik betaald in de reclame.

Een ‘nee’ leidt bij iedereen tot andere reacties. Een andere memorabele NEE die ik veelvuldig kreeg was toen ik als zelfstandig ondernemer bedrijven uitnodigde voor “een presentatie van een blue screen virtual reality systeem voor promotiedoeleinden en evenementen.”

Een half jaar ervoor werd ik gebeld door mijn vriend Peter Ludden. Peter was eigenaar van een reclamebureau in Amersfoort en had Footlocker als klant. Voor Footlocker was hij op zoek naar een mobiel systeem dat de openingen van nieuwe Footlockers in Europa op een unieke manier kon ondersteunen. Peter wist dat ik, als werkloze waterbakker, altijd op zoek was naar nieuwe laagdrempelige en leuke technieken om mensen op het verkeerde been te zetten met een glimlach. En op zijn vraag had ik dan ook direct een antwoord. Een aantal maanden ervoor had ik in Duitsland een kunstenaar ontmoet die daar op een beurs stond met een door hem ontwikkelde Mandala systeem “Vivid Reality”. Vincent John Vincent was een Canadese kunstenaar die samen met een techneut een spel had gemaakt waarbij je staand voor een bluescreen werd opgenomen door een camera en jouw live videobeeld in een spel projecteerde. Je lichaam was de muis en door te bewegen speelde je het spel. Het spel wat ik toen voor het het eerst speelde was Turbo Kourier. Heftig heen en weer springend moest ik obstakels ontwijken en groene Turbo Koerier pakketjes verzamelen. Het was ongelooflijk hoe goed het spel werkte. Mijn bewegingen werden zonder merkbare vertraging  omgezet in beweging op het beeldscherm. Toen ik de dag erna me afvroeg waar ik tocht die spierpijn in mijn bovenbenen van had, duurde het even voordat ik me realiseerde dat dat gekomen was door het bluescreen virtual reality spel van een Canadese kunstenaar dat ik de dag ervoor gespeeld had. Mijn idee voor Footlocker was dan ook simpel. We gingen het Vivid reality voorstellen aan Footlocker. Probleem echter was dat er geen distributeur in Nederland was, zelfs niet in Europa, dus moesten we het doen met een video. Enfin deze in combinatie met mijn verhaal over hoe ik aan die spierpijn was gekomen maakte ook Footlocker heel enthousiast en we besloten hals over kop naar Canada te gaan om te praten over een distributeursschap. In het vliegtuig bedacht ik samen met de dame naast me de naam voor mijn nieuwe onderneming “MOREALITY” een samenvoeging van MORE en REALITY en liet op het vliegveld van Toronto visitekaartjes drukken. Twee weken later was ik directeur van Moreality BV en had ik op mijn bruine ogen 50.000 gulden geleend zonder businessplan…….maar met Footlocker als eerste klant. Footlocker was namelijk, net als wij, wild enthousiast over het spel en ik zag me het komende jaar al met een busje door Europa toeren om de openingen van nieuwe Footlockers luister bij te zetten. Echter het liep een beetje anders. Na lastige vragen vanuit het hoofdkantoor in Texas van Footlocker over return on investment trok Footlocker de stekker uit het project. Ik was directeur van een BV zonder klanten, zonder businessplan maar wel met een heel gaaf spel…….oh ja en een privé schuld van 50.000 gulden.

Als een gek begon ik Jan en Alleman uit te nodigen voor “een presentatie van een blue screen virtual reality systeem voor promotiedoeleinden en evenementen.” Met weinig succes. Tot ik twee woorden toevoegde aan mijn openingszin. Ik nodigde Jan en alleman uit voor “een presentatie van een tweede generatieblue screen virtual reality systeem voor promotiedoeleinden en evenementen.” Ik hoorde  Jan en Alleman denken; “Tweede generatie? Ik heb de eerste helemaal gemist. Als ik nu ga ben ik gelijk helemaal bij.” Jan en Alleman kwam en in plaats dat ik Footlockers opende in Europa speelde ik zelf het spel uren per dag. Mijn bovenbenen zijn nog nooit zo gespierd geweest, maar veel belangrijker, ik boekte mijn eerste klus. De ABNAMRO, of liever gezegd Annette Poot, werd mijn eerste klant. Met veel succes werd het Vivid Realty spel ingezet bij het afscheid van de De Meer en de opening van De Arena. Het spel had namelijk meerdere software titels zoals Netminder, een spel waarbij jij als keeper de ballen uit je doel moest houden. Als toeschouwer zag je iemand dan wild met zijn armen zwaaiend staan voor een bluescrreen. En als je dan naar het beeldscherm keek zag je die persoon bewegen in het doel, de ballen proberen tegen te houden. Het was niet alleen heel leuk om te spelen, het was misschien nog wel leuker om naar de spelers te kijken. De video opnames die ik maakte kon ik natuurlijk weer goed gebruiken bij het binnenhalen van nieuwe Jan en Allemannen.

Binnen een half jaar had ik een druk bezette agenda en maakte ik kilometers in mijn Volkswagenbus……in Nederland. Ik was de roadie geworden van mijn eigen spel en had een klantenlijst waar de grootste merken op prijkten. En van het een kwam het ander.

Ooit vertelde me iemand dat de JA echt wel een keer komt. En dat als je 100 euro verdient met die JA je de NEE’s ook anders kunt framen. Stel dat je 99 keer een NEE krijgt, verdien je toch elke keer 1 euro.

Vier die NEE. Die JA komt wel.

How to be an artist. Deel 8

9 dec

howtobeanartist8.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

Les 22 hier.

Les 23 hier.

 

Stap 5. Overleef de kunstwereld.

Mentale strategieën om met de lelijkheid van de kunstwereld om te gaan. Van binnen en van buiten.

Les 24. Kunstenaars moeten vampiers zijn.

Stay up en Show up. Binnenblijven en werken in je atelier of foto’s afdrukken in je tot donkere kamer verbouwde wc is belangrijk, maar het is niet alleen Wat je kan. Het is ook zeker Wie je kan. Jahaaaa, ik weet dat het het ‘kent’ is maar nu onthoud je het misschien. Om succesvol te zijn en er voor te zorgen dat mensen je (her)kennen begin je met een Onliness document, of Golden Circle (zie les 23) en bedenk je hoe je het Wat vormgeeft als je op een opening, feestje of welke plek je dan ook bent met meer dan twee van jouw soort.

Dan en Chip Heath kunnen je daar misschien bij helpen.

Zij hebben het in hun boek de Plakfactor over het SUCCES model.  SUCCES staat voor.

Simple.

Unexpected

Credible

Concrete

Emotional

Story

En het model is een mooie oefening om je kunstwereldoverlevingsstrategieideeën te toetsen aan deze 6 criteria. Met als doel dat ze jou als kunstenaarsmerk beter herinneren en jouw verhaal kunnen doorvertellen aan anderen.

In hun boek geven ze het voorbeeld van de beroemde “Let’s put a man on the moon and  return him safely by the end of the decade.” speech van president John F. Kennedy. Was hij een CEO geweest dan had ie gezegd “Our mission is to become the international leader in the space industry through maximum team-centered innovation and strategically targeted aerospace initiatives.”

Ok. Nog een keer.

“Let’s put a man on the moon and  return him safely by the end of the decade.”

of

“Our mission is to become the international leader in the space industry through maximum team-centered innovation and strategically targeted aerospace initiatives.”

En nu allebei herhalen zonder terug te lezen.

SUCCES.

Houdt het Simpel, Onverwachts, Geloofwaardig, Concreete, Emotioneel en maak er een verhaal van……als je touchpoints creëert met je kunstenaarsmerk.

Ik wijk hier een beetje af van Saltz’ zijn verhaal waarin hij het met name heeft over dat je als kunstenaar met je eigen soort om moet gaan. Stay up en Show up. Ook als je ergens in een afgelegen dorp of bos woont. Laat je zien, desnoods online. Vecht samen en zorg voor elkaar. Je zult samen een nieuwe taal creëren en elkaar steun, gespreksstof en de kracht om door te gaan geven. Dit is hoe je de wereld kan veranderen…..en je kunst.

Maar stel je voor dat je Saltz’ regels aan je laars lapt en je het juist NIET in de kunstscene zoekt. Misschien een moeilijkere weg maar wellicht ook een waar andere originele en waardevolle ideeën ontstaan. Wellicht een veel betere overlevingsstrategie. Ik leerde ooit dat en meer biodiversiteit is aan de randen van de jungle dan in het midden. Er ontstaan meer nieuwe dingen waar verschillende domeinen samenkomen. Een prachtig voorbeeld vind ik Christien Meindertsma. Zij won ooit de Dutch Design Award met de Flax Chair, een stoel gemaakt van vlas en biologisch afbreekbaar ‘plastic’ uit een stuk. Meindertsma was nieuwsgierig naar het materiaal vlas en de vlas industrie. Dat onderzoek leidde tot een prijswinnend ontwerp. Het was niet alleen de stoel die won maar met name de gedisciplineerde en prachtig vastgelegde zoektocht van Meindertsma nieuwsgierigheid.

Dus ik zou allebei doen. Je plek vinden en onderhouden in de kunstbubbel en je af en toe laten meedrijven op je nieuwgierigheid. Ver weg van kunstscene.

S

U

C

C

E

S

 

 

 

 

 

How to be an artist. Deel 7

8 dec

howtobeanartist7.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

Les 22 hier.

 

Les 23. Leer schrijven.

Dat is niet tegen dovemans oren gezegd. Je creatief vermogen is je vermogen gedisciplineerd en vasthoudend  je nieuwsgierigheid te verbeelden/verwoorden. En als je met andere werkt moet je ook kunnen samenwerken.

Eigenlijk komt het er op neer dat je jezelf als merk ziet. En dat je als merk in de overvolle kunstwereld opvalt, onderscheidend bent en relevant bent.

De Golden Circle van Simon Sinek is daarbij een goede oefening. Als ik die voor mezelf zou in vullen zou die ongeveer zou zijn:

Waarom? Ik geloof dat het echt beter kan.

Hoe? Door de science of creativity en de power of playfulness & design in te zetten om mensen, teams en organisaties te inspireren en te helpen hun duurzame doelen te verwezenlijken.

Wat? Ik deel mijn kennis, ervaring en vaardigheden als docent, trainer en schrijver.

Alles Wat, Hoe en Waarom ik dingen doe, past in dit model.

Ik kan ook het ONLINESS model van Marty Neumeier gebruiken. Neumeier schreef een geweldig boekje over merken: ZAG. Ik gebruik het al jaren om mensen uit te leggen wat een merk (brand) en branding is en hoe je de regie over wat mensen over je zeggen kunt, proberen, te regisseren.

Neumeier weet het mooi te verwoorden in zijn:

It’s not what you say.

It’s what they say.

Met die tip kun je natuurlijk ook meteen aan de slag. Vraag mensen die je goed kennen eens de golden circle voor jou in te vullen. Probeer het wel eerst zelf, deel dat niet, en bekijk dan samen de verschillen eens. Ga dan weer uit elkaar en schrijf en weer een en vergelijk die weer. Heel leerzaam…..en leuk.

Maar ik had het over Neumeier’s ONLINESS document. Toen ik die tegenkwam in zijn boekje ZAG heb ik er drie zelf ingevuld voor een aantal favoriete merken:

Schermafbeelding 2018-12-08 om 08.25.57Schermafbeelding 2018-12-08 om 08.26.14Schermafbeelding 2018-12-08 om 08.26.34

Al ik het ONLINESS document voor mezelf zou moeten invullen, is dit mijn poging;

WAT: de enige Design Thinker

DIE: die de science of creativity en de power of design & playfulness inzet

WIE: om mensen die systemen willen veranderen te helpen

WAAR: op deze eindige planeet

WAAROM: omdat het echt beter kan/moet

WANNEER: in een tijd waarin we ontdekken dat het systeem van oneindige, niet duurzame groei onhoudbaar is.

Met Jerry’s tip “Ga schrijven” zou ik dus eerst nadenken over en opschrijven wie je bent als merk. Als je dan wat schrijft of maakt kun je kijken of dat bouwt aan jouw merk.

Merk je het verschil?

 

 

 

NRC live

7 dec

Schermafbeelding 2018-12-07 om 16.13.16

Gisteren gaf ik een college design thinking op NRC Live. De deelnemers beloofde ik de slides op mijn blog te publiceren. Nogmaals dank voor je aanwezigheid.

Download de slides hier:

NRClive_6122018

En ga nu weer snel aan slag. Ik hoop dat ik jullie geïnspireerd heb om te werken aan een betere wereld. Van Human Centered naar Planet Centered.

Met de planeet als stakeholder op de ene schouder en Donella Meadows op de andere:

Schermafbeelding 2018-12-07 om 14.05.10

Een mooi voordeel van de middag was dat ik zelf ook een workshop kon volgen. Ik koos voor THNK:

Schermafbeelding 2018-12-07 om 16.06.26

De oefening heette Queen Bee en die was geweldig.

Waarom?

Omdat Queen Bee een eenvoudige en energieke manier is om (verder) te helpen en geholpen te worden.

Hoe werkt het?

Gisteren waren we met een m/v of 20 en werd er gevraagd wie er een concrete vraag had waar ze hulp bij konden gebruiken. Deze  6 vraag eigenaren werden de Queen Bees en elke QB kreeg 2 werkbijen. De QB deelde haar vraag en de werkbijen vroegen om toelichting en boden eventueel direct  antwoorden en ideeën aan. Vervolgens werd iedereen losgelaten en gingen de werkbijen op zoek naar antwoorden voor hun QB.

Het mooie van de oefening is dat je voor een ander op zoek bent met een concrete vraag en dat deze concrete vraag een kwalitatieve verbinding realiseert tussen hulp zoekende werkbijen en de ander. Als werkbij heb je niet de ballast van het hele project maar een concrete gefocuste vraag waar je concrete hulp voor zoekt. Snel, effectief en speels.

THNK biedt trainingen aan op het gebied van Bezige Bijtjes.

Binnenkort maar eens een bakie koffie doen met ze…..met een beetje honing.

 

How to be an artist. Deel 6

5 dec

howtobeanartist6.001

Wies Bronkhorst stuurde me het artikel ‘Kunstenaar worden: schaam u nooit’ uit het NRC over een artikel van Jerry Saltz; How to be an artist. 33 lessen die je volgens Saltz van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.) Bekijk het origineel  hier.

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20 en 21 hier.

 

Les 22. Je hebt maar een paar mensen nodig om een carrière te beginnen.

Maar hoeveel dan, precies. Tel maar mee.

Dealers? Je hebt maar een dealer nodig (is ‘manager‘ een goede Nederlandse vertaling?). Iemand die in je gelooft, je emotioneel ondersteunt, je snel betaalt, iemand die niet teveel spelletjes met je speelt; iemand die eerlijk is over je slechte en goede kunst, iemand die er alles aan doet je werk te ‘verspreiden’ en er geld mee probeert te verdienen. Zij of hij hoeft niet perse in New York te zitten.

Verzamelaars? Je hebt maar 5 of 6 trouwe verzamelaars nodig die af en toe gedurende een langere periode werk van je kopen, die echt begrijpen waar je mee bezig bent, je door dik en dun steunen en die niet zeggen “Je moet het zo maken.” Als elk van deze 6 verzamelaars met 6 verzamelaars praten over je werk moet dat genoeg zijn om genoeg te verdienen zodat je genoeg tijd hebt om je werk te maken. Tijd is succes. (les 21). En een belangrijke tip van Greyson Perry; zorg ervoor dat je werk in een de lift van een New York appartementen complex past.

Critici? Het zou fijn zijn als twee of drie critici echt begrijpen waar je mee bezig bent. En als ze van dezelfde generatie zijn, nog beter. Geen oude mannen zoals Saltz (adviseert hij zelf)

Curators? Het zou fijn zijn als er 1 of 2 curators van jouw generatie (of een beetje ouder) zijn die je af en toe meenemen in hun expo’s.

Dat is alles! 12 mensen. Natuurlijk kan jouw crappy kunst 12 mensen in verwarring brengen. If you can’t convince them, confuse them. Het is sommige gelukt met 3 of 4 supporters en zelfs met 1.

In 1957 ontdekte, gallery eigenaar Leo Castelli, Jasper Johns tijdens een bezoek aan Robert Rausenberg’s atelier. Castelli bood John direct zijn eerste solo show aan waar Alfred Barr, de oprichter van het MOMA, 3 werken kocht. Andere werken werden gekocht door Philip Johnson, Burton en Emily Hall Tremaine. En voor de expo plaatste Thomas Hess een Johns op de cover van ARTnews.

In 1993 brak Elizabeth Peyton door in New York door een actie van haar dealer Gavin Brown. Bezoekers van het Chelsea Hotel die de sleutel van kamer 828 vroegen konden in kamer 828 de 21 kleine en middelgrote zwart wit houtskool en inkt tekeningen van dandy’s, Napoleon, Queen Elizabeth 2, Ludwig 2 en anderen. De werken hadden heel makkelijk gestolen kunnen worden. Geen enkele werd gestolen. Sindsdien heeft Peyton museum expo’s over de hele wereld en worden haar werken verkocht voor bijna een miljoen. Volgens de hotelmanager hebben slechts 38 mensen kamer 828 bezocht. Je hebt maar een paar mensen nodig.

Maar wel een heel goed verhaal.

En het laatste deel van deze les kan ik niet mooier maken dan het is. Helaas geen suikerlaagje; sommige mensen zijn beter connected dan anderen. Ze komen eerder aan die 12. De kunstwereld is vol van deze bevoorrechte mensen. Je kunt ze haten. Saltz haat ze. Hij vindt het oneerlijk en onrechtvaardig. Met name voor de gekleurden en/of 40plussers. Dit moet veranderen. Door ons allemaal.

Dankjewel Jerry Saltz. Je tips doen me denken aan Grayson Perry’s Reith Lectures. Een hilarisch scherpe kijk op de kunstwereld door de eerste travestiet pottenbakker die de Turner Prize won. Heel kleurrijk en 40 plus.Schermafbeelding 2018-12-05 om 09.53.02

Beluister ze hier.

How to be an artist. Deel 5

4 dec

howtobeanartist5.001

Angelina Reijkers bleek mijn blog al jaren te volgen en leek het een goed idee als ik aanstaande donderdag een Design Thinking workshop geef op NRC Live, waar zij marketeer is. Angelina was een (hele goede) student van mij op HKU Kunst en Economie waar ik sinds 2006 part-time werk. (daarover later meer). Dankjewel Angelina Reijkers!

nrclive_advertentie

Bekijk het NRC Live programma hier.

Maar terug naar het artikel van Jerry Saltz waar ik, via Wies Bronkhorst en wederom het NRC, terecht kwam; How to be an artist. Bekijk het origineel  hier. 33 lessen die je van inspiratieloze amateur naar nieuwsgierige verbeelder van je originele kijk brengen. (of in ieder geval helpen een beetje creatiever te leven.)

jerrysaltz_nrc

Ik las de lessen van Saltz en vertaalde ze in het Nederlands. Soms letterlijk. Soms liet ik stukken weg of vulde aan met eigen materiaal. Eigenlijk gebruikte ik zijn lessen als vragen aan mezelf. Dat is heel interessant schrijfexperiment en levert veel schrijfplezier en soms gewoon geknip en geplak op uit mijn eigen, oudere posts.

Enfin.

Les 1 tot en met 7 hier

Les 8, 9 en 10 hier.

Les 11 tot en met 16 hier.

Les 17, 18 en 19 hier.

Les 20. Accepteer dat je hoogstwaarschijnlijk arm zult zijn.

Ook al zien en horen we over astronomisch bedragen, glitter en glamour, rockster achtig gedrag en kunst dat meer waard wordt als het voor de helft wordt versneden, vergeet niet dat slechts 1 procent van 1 procent van 1 procent van alle kunstenaars rijk wordt van hun kunst. Je zult je misschien miskent voelen, ondergewaardeerd en niet gezien. Jammer dan. Stop medelijden met jezelf te hebben. Daarom was je niet begonnen.

Ik ben zelf ooit begonnen met schrijven om me weer te verbinden met mijn kunstenaar. Een verbinding die ik sinds de kleurschool kwijt was geraakt.

Als ventje in de eerste klas van de kleuterschool was ik verslaafd aan de waterbak. Ken je die nog? Zo’n grote bak met water waar je met allerlei obstakels, radartjes, dammetjes en sluisjes controle over het water probeert te krijgen. En das belangrijk als je op een eiland (Dordrecht) en in Nederland (onder NAP) woont. Ik vond de waterbak zo fascinerend dat ik een heel slim systeem had bedacht waardoor ik ongeveer 3 keer zoveel met de waterbak speelde als mijn minder frauduleuze mede kleuters.

Als een volwassene mij in die tijd vroeg: “Corretje, wat wil je later worden?”, antwoordde ik steevast, vol enthousiasme en met gepaste trots: “Waterbakker!” Het merendeel zei dan doodleuk: “Oh wat leuk.” Om het vervolgens weer snel over voetbal en auto’s te hebben met leeftijdsgenoten.

De waterbak was mijn lust en mijn leven en ik droomde van een succesvol leven als de beste en jongste waterbakker op aarde. (ik heb het altijd gek gevonden waarom onze planeet geen Water heette btw). Want voor een goede waterbakker is altijd werk. En ik zou, als ik van school af zou gaan meer ervaring hebben dan menig ander. Mijn politie, brandweer en piloot wordende vriendjes begrepen er ook weinig van. Gelukkig kon ik aardig voetballen.

En toen gebeurde het. Het was de zomer van 1973. Juf Jansen vertelde dat het laatste dag voor de grote vakantie was. “Jullie zijn 6 weken vrij.”

“Maar ik kan toch wel gewoon naar school komen om met de waterbak te spelen?” vroeg ik hoopvol.

Het antwoord deed mijn ogen branden en bijtend op mijn lip rende ik naar huis. Thuis kreeg mijn moeder het “grote vakantie concept”, wat natuurlijk ook hopeloos ouderwets was/is, ook niet uitgelegd aan deze kleine werkloze waterbaker. Maar ze had wel een idee. We gingen naar de HEMA en kochten daar een emmer met allerlei waterbak attributen. En ze beloofde me dat we heel vaak naar het strand zouden gaan. Nou is het strand best leuk maar nadat de zoveelste kleuter in mijn waterbak stond te pissen was ik klaar voor de tweede klas van de kleuterschool. Zouden ze daar een nog grotere waterbak hebben, dacht ik, toen ik in de rij stond om de nieuwe juf een handje te geven. In de deuropening keek ik langs de benen van de juf op zoek naar de waterbak. “Hallo Cor. Ik ben juffrouw Jannie. Heb je een leuke vakantie gehad?”

“Ja” antwoordde ik. “Maar waar is de waterbak?”

En wat de juf toen zei, is voor altijd in mijn geheugen gegrift en mijn ziel gekrast. Ze zei:

“Corretje, daar ben je nu toch wel een beetje te oud voor geworden”

Te oud? Ik was 6!

Vanaf dat moment is het downhill gegaan met mijn schoolprestaties. Op die dag verloor ik de verbinding met mijn Kunstenaar. Ik heb er jaren over gedaan om er weer achter te komen wat ik leuk vond en waar ik goed in was. De oefening ‘Het ochtendschrift’ uit het boek ‘The Artist Way’ van Julia Cameron herstelde die verbinding. Twee en half jaar lang schreef ik elke ochtend met de hand een A4tje mijn ongefilterde gedachten in mijn ongelinieerde schrift zonder de pen los te laten. Eenmaal klaar verbrandde (of verscheurde als ik in een hotel zat) mijn schrijfsels. Ook als ik het idee had dat ik net iets geniaals, briljants, unieks of wat mijn ego dan ook bedacht om het te bewaren. Heel bevrijdend. Daarna ben ik gaan bloggen en kon ik die opgebouwde discipline goed gebruiken.

 

Les 21. Definieer Succes.

Maar wees voorzichtig. Typische antwoorden zijn geld, geluk, vrijheid, “doen wat ik wil”.

Maar….als je een rijk iemand trouwt met veel geld, zou je dan tevreden zijn met al het geld. Subway verkoopt heel veel broodjes maar dat maakt ze nog niet goed.

Ok. Gelukkig zijn dan? Doe niet zo raar! Veel succesvolle mensen zijn ongelukkig en heel veel gelukkige mensen zijn niet succesvol. Ja in het gelukkig zijn.

Ik ben “succesvol” en onzeker, bang en blunder constant. Succes en geluk bevinden zich op andere plekken van het spectrum.

Wil je de echte definitie van succes? De beste is ‘tijd’, de tijd om je werk te doen. Maar hoe maak je tijd als je geen geld hebt? Je werkt full time. Je komt tijd tekort. Je hebt spijt, bent gefrustreerd, jaloers. Sorry. Maar dat is wat het is. Over een paar jaar mag je met pensioen….als je dat hebt. Over een paar jaar heb je tijd. Tijd om je eigen werk te maken.

Maar stel je nu eens voor dat je vier dagen per week gaat werken. Dan zou je je al een stuk beter voelen. Helaas daalt de depressie weer op je neer op zondagavond wetende dat je morgen weer naar die baan zonder bestemming moet die zoveel van je kostbare tijd inneemt.

De kunstenaar in je pikt het niet meer en gaat een strijd op leven en dood aan met de loonslaaf en vindt een manier om nog maar 3 dagen per week te ‘werken’. Iets wat 80% van alle kunstenaars die Saltz kent doen. Ze werken in een museum, gallery, voor een kunstenaar, als docent (zoals ik), als een kunstcriticus (zoals Saltz ;-), bij een boekhandel (zoals Levi bij De Bengel), vertaler enz.

En dan is de depressie over. Je hebt meer tijd om je werk te maken. Succesvol te zijn.

En dan?

Aan het werk. Of stoppen met kunstenaar zijn.

 

 

Dank Angelina Reijkers.

3 dec

nrclive_advertentie

Angelina Reijkers bleek mijn blog al jaren te volgen en leek het een goed idee als ik aanstaande donderdag een Design Thinking workshop geef op NRC Live, waar zij marketeer is. Angelina was een (hele goede) student van mij op HKU Kunst en Economie waar ik sinds 2006 part-time werk. Dankjewel Angelina Reijkers!

Bekijk het NRC Live programma hier.

 

 

How to be an artist. Deel 4

2 dec

HOWTOBEANARTIST4.001

De afgelopen dagen schreef ik over de (16 van de 30) lessen van kunstkenner Jerry Saltz. Vandaag deel 4. Hier lees je het origineel.

Les 17. (be)kijk zoveel mogelijk.

Kunstkenners kijken naar en kunstenaars maken met. Kenners kijken door dichtbij te staan, afstand te nemen, bekijken een oeuvre, vergelijken met anderen, bezien de context, de tijd, terugvallen, mislukkingen, gebrek aan originaliteit. En sommige proberen dat dan ook nog eens in begrijpelijke taal te verwoorden. Dat lukt zeker niet iedereen. Mooi geïllustreerd door de cartoon in het boek van Will Gompertz; Dat kan mijn kleine zusje ook. Een archeoloog graaft een hiëroglief op en probeert de tekst te ontcijferen:

Schermafbeelding 2018-12-02 om 11.37.46

 

“De tekst is onbegrijpelijk. Het zal wel een kunstcatalogus zijn.”

Vaak lijkt de tekst naast een kunstwerk eerder een poging om je zo snel mogelijk uit het museum te krijgen in plaats van je te verbinden met het werk. Streng kijkende suppoosten in militaristische outfits dragen niet bij aan het voeden van onze  nieuwsgierigheid. En ook al zeggen ze niets communiceren ze wel degelijk. Soms voel ik me een bezoeker aan een gevangenis waarbij ik niet te dicht bij de raamtjes van de cellen mag komen. Maar ik was toch op bezoek. Jaaaaajaaaa maar liever niet.

Goed naar kunst kijken zou je kunnen uitproberen met een methode genaamd Visual Thinking Routines. Ik volgde ooit een twee daagse training die als volgt was opgebouwd; in de ochtend theorie en oefenen en in de middag naar het museum en zelf aan de slag. Donderdag het Rijks en vrijdag het Stedelijk. En dat werkte uitstekend. En vooral omdat ik me op een gegeven moment een zeer ongeduldige puber voelde op het moment dat we, net voor de pauze, naar een foto moesten kijken:

A View from an Apartment 2004-5 by Jeff Wall born 1946

De foto werd geprojecteerd op de muur.

Mijn eerste reactie was, “ok een foto van een appartement met uitzicht op een haven. Zullen we nu lunchen?”

De gemiddelde kijktijd van 9 seconden die er naar kunst in een museum wordt gekeken, haalde ik niet eens. Bij lange na niet. Na 5 seconden had ik ik het al gezien.

Maar ik kreeg ruim 2 minuten de tijd om te kijken en op te schrijven ‘Wat je zag’. Ik was blij dat mijn mobiel in mijn tas zat want ik voelde een onbeheersbare drang om me online te verbergen. Ik bedacht me dat dit nu precies het gevoel moest zijn van menig museumbezoeker. Een ‘ik ben niet de enige’ gedachte verbond me met de grote groep ‘ongeduldigen’. Ik besloot me over te geven aan de opdracht en op te schrijven wat ik zag.

Vervolgens deelden we onze observaties met elkaar en werden ze centraal op een flip-over gezet. En het mooie was dat ik meer zag door de observaties van de anderen die andere dingen waren opgevallen. We waren inmiddels bijna 10 minuten aan het kijken en delen. Mijn ongeduld was omgezet in een oprechte nieuwsgierigheid naar wat ik allemaal nog meer kon ontdekken en wat de anderen zagen.

In het tweede deel van de Thinking Routine ‘See, Think, Wonder’ neem je een aantal minuten de tijd om na te denken en op te schrijven ‘Waar het over gaat?’ Ook hier weer eerst individueel om e.e.a. vervolgens weer met elkaar te delen. Individueel, samen. Listen, Silent. Eerst het Wat bekijken en dan pas het ‘Waar het over gaat’.

Door ook dit weer na elkaar in alle rust met elkaar te delen, leerde ik dat iedereen andere betekenissen aan de observaties gaf. Wat het kijken een enorme verdieping gaf en me leerde dat je dingen van meerdere kanten kunt bezien en daar dus andere betekenissen aan kunt geven.

De 10 seconden waren inmiddels 15 minuten geworden en ik was benieuwd naar wat de volgende stap zou zijn. De derde stap van deze routine was de vraag ‘Welke vragen zijn er nog overgebleven?’ Zo vroeg een deelnemer zich af of de situatie echt was of in scene gezet. Zo kwamen er meer vragen voorbij waarbij ik dacht “Hoe kom je er op?” of “Wat een goede vraag!”. En steeds weer kijkend naar de foto die inmiddels echt tot leven was gekomen. Het leek of ik in het appartement was en ik als Tita Tovenaar alles en iedereen had stil gezet. Raar maar waar.

Ruim 20 minuten later was ik oprecht teleurgesteld toen de lunch werd aangekondigd.

Mijn ongeduld was omgeduld.

Ik raad iedereen die wil vertragen en (be)vragen van harte de training van Thinking Museum aan.

Met bovenstaande raad ik je  tevens aan niet te proberen alle werken in een museum te bekijken. See think en wonder er maar eens 1 met zijn tweeën. Dan een bakkie koffie en misschien gewoon naar huis……bijkomen.

 

Mijn vrouw adviseert me om nu te stoppen zodat je het allemaal even kan laten bezinken en morgen de volgende les. Goed idee.

Maar ik schrijf toch nog even door.

 

Les 18. Alle kunst is identiteits kunst.

Een slechte vertaling van Saltz’ “All art is identity art. ” Maar het is volgens Saltz zo omdat kunst gemaakt wordt door iemand, een persoon met een identiteit.

Ik voel me hier nu langzaam het graf van onbegrijpelijke taal in getrokken worden om vervolgens te verstenen met een grote groef in mijn voorhoofd en kronkel in mijn hersenen. WTF.

Wat voor mij kijken naar kunst een waardevollere beleving maakt is dat ik los van (samen) kijken graag in het hoofd van een kunstenaar duik. Als je meer weet over de persoon en de context, kijk en ervaar je het eindresultaat ook heel anders. Als je meer weet over het waarom en het hoe, is het wat (het kunstwerk) als een op pauze gezet frame uit het leven van de kunstenaar. Gisteren zag ik de documentaire Jim & Andy.  The Great Beyond. Over de rol van Jim Carrey als Andy Kaufman (1949-1984) in Man on the Moon (1999) aangevuld met behind the scenes materiaal van Andy’s ex vriendin.

Jim Carrey werd Andy Kaufman gedurende de drie maanden durende shoot. Hij zette niet alleen een masker op maar nam de identiteit van Kaufman over. Dit ging zelfs zo ver dat de echte moeder van Kaufman emotionele gesprekken had met haar overleden zoon Andy die tot leven gebracht was door Jim Carrey. In de documentaire lopen realiteit en film door elkaar en ontstonden er situaties waarin zelfs Oscar winnend regisseur Milos Forman (One flew over the Cuckoo’s nest) om hulp vraagt van Jim Carrey aan Jim Carrey.

Les 19. Alle kunst was ooit hedendaags.

En daarmee kan kunst een magische tijdsmachine zijn. Want alle kunst is gemaakt in en een reactie op de tijd waarin de kunstenaars leefden. En dat is natuurlijk niet altijd even makkelijk. We willen wat we zien in een vakje stoppen zodat we het begrijpen. We vinden kunst mooi of lelijk maar kunst vanuit deze bipolariteit ‘bekijken’ is een gemiste kans. Ik moet denken aan mijn, in de afgelopen jaren ontwikkelde strategie, om het afstudeerwerk van de Design Academy te bekijken. Op de eerste dag van de opening koop ik het boek met al het werk en ga naar huis. Ik bekijk verder geen werk. Eenmaal thuis lees ik het boek van voor naar achter en noteer welk werk ik graag in het echt wil zien….of ervaren. Soms zegt een plaatje in een boek met een beschrijving me genoeg. Maar soms wil ik meer weten dan me wordt gegeven of wil ik het werk beleven, als het om een installatie gaat. Het resultaat van mijn voorwerk is dat ik heel doelgericht en voorbereid van de expo kan genieten. Een ander groot voordeel is dat je gespreksmateriaal en wellicht vragen of feedback hebt voor de ontwerpers die veelal naast hun werk staan. Afgelopen editie resulteerde dat in een interessant gesprek over een koffiezet apparaat. Elk jaar zijn er ontwerpen van koffiezetapparaten. Ik denk dat als ik deze op een tijdslijn zet deze een mooie reflectie zijn op de tijd waarin ontworpen zijn.

Tijd voor koffie.

 

 

%d bloggers liken dit: