Tag Archives: zen en de kunst van motoronderhoud

Boterkoek

22 sep

BOTERKOEK.001

Dit is weer een moment om mijn technische Kennis toe te lichten. Technische Kennis definieer ik als volgt; De resultante van

  • Wat ik Weet van Autotechniek, keer
  • Wat ik Kan met Autotechniek, keer
  • Wat ik Wil met Autotechniek, keer
  • Wat ik ooit Gedaan heb met Autotechniek

Ik weet dat een auto benzine nodig heeft. Dit had de bus voldoende. Ondanks dat de benzinemeter stuk was hield ik in mijn Busboekje nauwkeurig de kilometerstand bij en het aantal liter dat ik tankte bij elke tankbeurt. Om te weten wanneer ik bij een gemiddelde van 1:7 weer moest tanken. Een blik in mijn Busboekje vertelde me dat ik nog zo’n 140 kilometer te gaan had voor een noodzakelijke tankbeurt. Met zekerheid kon ik concluderen dat het niet een gebrek aan benzine was.

Ik weet dat een auto stroom nodig heeft. Ook dit was het probleem niet. Als ik de bus probeerde te starten draaide de startmotor maar sloeg hij niet aan. Het was niet de accu.

En toen was het boek ‘Cor en de kunst van Autotechniek’ al uit. Conclusie. De bus doet het niet meer en ik wist niet wat er aan de hand was. De bus en ik waren ons letterlijk kapot geschrokken van de rakelings voorbij razende BMW. Ik begon te geloven dat de bus en ik inmiddels zo verbonden zijn dat we één zijn.  Zoals Kevin Kelly verwoordt in zijn boek ‘De wil van technologie’  en hier in gesprek met journalist Frank Mulder:

“Het is een product van ons brein, en daarmee een verlengstuk van de evolutie en van het leven zelf. Ik beschouw technologie in zijn samenhang, als systeem. Voor de productie van je computer of zelfs een broodrooster zijn honderden andere technologieën nodig. Niets staat los, het is een ecosysteem dat maar groeit en groeit. Ik noem dat het technium. Het omvat 170 biljard computerchips en drie miljard telefoons en webcams die één gigantisch computerplatform vormen. Het omvat ook schilderijen, rechtssystemen, broodroosters en snelwegen. Het is in feite een organisme geworden, dat meer meer is dan de som der delen.”

Mijn Kennis is verbonden met alle onderdelen van de bus. Het is een geheel en dat Technium staat nu stil langs de kant van de weg. De bus en ik willen wel maar kunnen niet en daar kan mijn Kennis geen verandering in brengen.

Ik zie een beeld voor me van Bernardo die later vanavond aankomt op het vliegveld van Kaapstad en mij daar niet treft. Ik realiseer me dat hij ook het telefoonnummer van mijn vader niet heeft. Wat zou hij doen? Zou hij wachten of misschien wel een hotel boeken en hoe zou ik daar dan achter komen? Ik probeer mezelf wijs te maken dat ‘alles reg sal kom’ wat me doet denken aan het antwoord wat ik altijd geef aan mensen die me vragen of “alles goed is?”;

Veel wel maar niet alles. Nu dacht ik hetzelfde.

Ik besloot mijn afleiding te zoeken in de padkos die ik van mijn vader had meegekregen; boterkoek. Het is onmogelijk negatieve gedachten te hebben met een stuk boterkoek in je mond en je blik op een babyblauwe T2 uit 1979. Mijn neiging om nog een stuk van de twee overgebleven stukken boterkoek te nemen wordt onderbroken door de gedachte dat ik die wil delen met Bernardo. Mijn hoop straal ik in op de twee stukken boterkoek sluit de deksel en leg het Tupperware trommeltje terug in het handschoenenkastje. Ik sta aan de linkerkant van de bus en zie in mijn rechterooghoek langzaam een vrachtwagen naderen. De vrachtwagen stopt en de chauffeur stapt uit en vraagt me vriendelijk wat er aan de hand is. De opstaande motorklep en de knipperende lichten van de bus hadden hem doen stoppen om ons te helpen. Ik denk dat we nog geen 10 minuten stil gestaan hadden.

Hij kende een sleepbedrijf in Worchester, zo’n 20 kilometer verderop, waar hij me wel naar toe wilde brengen. Ik klom in de vrachtwagen, bedankte hem hartelijk en opende de deksel van het Tupperware trommeltje dat ik snel had meegenomen.

“Stukkie boterkoek?”

Zijn vriendelijke bruine ogen keken me over de rand van zijn bril aan en zijn optrekkende wenkbrauwen namen zijn oogleden mee waardoor zijn ogen nog groter leken. Maar nog niet zo groot als zijn maag daar was zeker nog ruimte voor mijn vader’s boterkoek.

In de buitenspiegel zag ik de bus kleiner en mijn hoop dat ik op tijd Bernardo op het vliegveld zou ophalen, groter worden. Ik steek het laatste stuk boterkoek in mijn mond. Sorry Bernardo.

 

ps

Wil je het hele verhaal van de bus en mij lezen? Download het hier: NOLTEEVWT2

 

 

BMW vs VW

21 sep

bmwvw.001

Na vier dagen met een zestig plusser, twee zeventig plussers, een bijjjjjjjjjna tachtig plusser en een gids rondrijdend in een Toyota Hi-Ace en zelfs zelf een paar keer op mijn knieën foto’s makend van een paar onzichtbare levende steentjes, vertrek ik alleen in de Ford Ranger van Vanrhynsdorp naar het vliegveld in Kaapstad om daar mijn twintig jarige zoon NoaH op te halen. Ja met een H aan het eind want dat vind ik gewoon mooier en het geeft een krachtig onderscheid met het vrouwelijke Noa. Toen NoaH geboren werd, werd kort daarop ook de dochter van Linda de Mol geboren. Resultaat? 87 % van de daarop in Nederland geboren meisjes heetten Noa. Ik geloof dat NoaH nog drie Noa’s in de klas had. Achteraf kijk je een koe in de kont maar die van Linda de Mol had ik niet zien aankomen.

De terugreis in de Ford neem ik de N7. Ik ben vroeg vertrokken om me niet te hoeven haasten. Het doet me denken aan die ene keer in 2004 dat ik me niet haastend met de Volkswagenbus vanuit Calitzdorp mijn vriend Bernardo, die uit Nederland kwam, op ging halen.

Hij zou rond 23.00 aankomen en ik was al aan het eind van de ochtend vertrokken. Ik had twaalf uur de tijd voor een rit van ruim vier uur. Laatst hoorde ik iemand zeggen “it’s about the process not the outcome.” Ik denk dat rijden in de bus precies dat is. Het gaat om het rijden niet om het aankomen. Voordat ik Bernardo op ging halen had ik al aardig wat kilometers gemaakt in de bus en ook aardig wat verbeterd. Nieuwe schokbrekers, banden, accu, hij was verhoogd aan de achterkant en de motor had een revisie ondergaan door de Beetle Doctor in George. Vele duizenden probleemloze kilometers in de Kleine Karoo hadden we (mijn vrouw en onze twee kinderen van 8 en 12) roofvogelspottend en schildpad ontwijkend afgelegd.

Toen mijn vader aanbood om zijn mobiele telefoon mee te nemen kon ik niet bedenken waarom ik die nodig zou hebben. Voor mij was de bus de meest betrouwbare vierwieler die ik ooit gehad had en ik geloof dat dat vertrouwen zeer werd gewaardeerd door de bus die daarvoor nog bejaarden rondreed in Oudtshoorn. De dag dat ik de bus van het bejaardentehuis kocht luidde een nieuw tijdperk in voor de toen vijfentwintig jarige luchtgekoelde 8 zitter. De aandacht en verbeteringen moeten aangevoeld hebben als een tijdelijk verblijf in een wellness oord waar bij het verlaten het verleden werd afgeschud en ruimte werd gemaakt voor zijn nieuw verworven vrijheid.

Het zal duidelijk zijn dat de bus en ik er zin in hadden. Zin om met drieën een week op pad te gaan. Ik was inmiddels een uur onderweg en vloog gekoeld door de lucht over de R60 met Bernardo in een Boeing 747 achter me aan.

Het ontbreken van een radio en vloerbedekking maken het rijden met een achterin door   een tweepersoonsmatras vriendelijk gedempte tweeliter luchtgekoelde boxermotor in het landschap van de Kleine Karoo een meditatieve audiovisuele licht verslavende ervaring. Voeg daar de geur van verbrand stof en zand aan toe en je bent rijp voor een langere periode in een Jellinek kliniek. Ik begin beter te begrijpen waarom de bus het boegbeeld van het Flower Power tijdperk was. Ik schrok me dan ook kapot toen een BMW me met hoge snelheid in een bocht van een afdaling rakelings inhaalde. Was het de luchtverplaatsing die de bus deed bewegen of schrok ook de bus van deze maniakale idioot. Pardon my French. Automatisch had ik mijn voet van het gaspedaal gelicht en mijn hart in mijn keel voorkwam een hartgrondige vloek richting de bestuurder van de  Bayerische Motoren Werke. Toeteren had in dit geval geen effect gehad. Ten eerste vanwege het grote snelheidsverschil maar vooral omdat de claxon het niet deed. Nooit gedaan had. De bus was ermee geslaagd voor zijn Certificate Of Roadworthyness (COR) en het paste ook eigenlijk wel bij hem. Het reageren op asociale weggebruikers heeft waarschijnlijk meer effect op je eigen stressniveau dan op dat van hen. Misschien was ie te laat vertrokken om iemand van het vliegtuig te halen. Ik had nog tien uur voor drie uur en liet mijn voet weer op het gaspedaal zakken. Niets. Geen reactie. De bus was zich letterlijk dood geschrokken. In de afdaling liet ik de bus uitrollen en parkeerde hem aan de kant voor een hek dat de weg scheidde van een eindeloos grote vallei die rondom omsloten werd door bergen. Ik was bijna in Worchester. Zonder telefoon. Achter mij naderde Bernardo me met een snelheid van zo’n 900 kilometer per uur.

Ik stond stil.

ps

Wil je het hele verhaal van de bus en mij lezen? Download het hier: NOLTEEVWT2

 

Good Year

20 sep

goodyear.001

Het is zaterdag 22 juli en mijn vader en ik zijn klaar voor de reis naar Vanrhynsdorp, 357 kilometer van Montagu vandaan. De Ford Ranger wacht geduldig tot we onze spullen hebben geladen. 150 paardenkrachten staan te trappelen op mijn instructies.

Schermafbeelding 2017-09-20 om 06.43.44

De eerste stop maken we bij een voor ons allebei onbekende plek waar we hopen een goede bak koffie te kunnen scoren.

IMG_1149

Ons gesprek over de bijzondere kwaliteiten van de vetplanten in het gebied rondom Vanrhynsdorp hebben ons beide hongerig en dorstig gemaakt. Voor ons rechtoplopende zoogdieren met een betaalkaart en geld op de rekening is het vervullen van die behoefte een simpele taak. Zelfs in Zuid Afrika. Voor een vetplant is voeding en water geen vanzelfsprekendheid en hebben deze kleine overlevers door de jaren heen geweldige methodes ontwikkeld om, als er water is, dit op ingenieuze wijze te bewaren voor later. Zeker gezien het ernstige watertekort in de West Kaap maakt de uitleg van mijn vader me nieuwsgierig naar wat we van vetplanten kunnen leren als het gaat om waterhuishouding.

We laten ons de goede koffie en de fantastische worteltjestaart goed smaken en  vervolgen onze weg. De weg loopt paralel aan de N7. We vermijden de snelweg en rijden een van de mooiste wegen die ik tot dan in Zuid Afrika heb gereden.

IMG_1155

De Ford Ranger Hi-Trail is geen onbekende voor me. De twee-en-halve liter turbodiesel met dubbele cabine is een betrouwbaar werkpaard met meer dan voldoende paardenkrachten om ons comfortabel door de bergen te brengen. De nieuwe schokbrekers en banden dragen duidelijk bij aan het verhoogde comfort en anders dan in de Volkswagenbus is een gesprek gewoon mogelijk op normaal volume. Alles aan de Ford voelt stevig aan. Wat mij elke keer weer het meest opvalt, of moet ik zeggen, bevalt is de diameter en de dikte van het stuur. De diameter zou in mijn ogen passen in de categorie sportauto terwijl de de diameter meer past in de categorie vrachtauto. In combinatie met de hoge zit voel ik me Mad Max zonder opgejaagd te worden door een stelletje op mijn diesel muntende wegpiraten.

Dit zijn de momenten waarop ik me afvraag waarom ik zo graag in de bus rijdt.  De Ford is de betrouwbare goede vriend en de bus het onbereikbare mooiste meisje van de klas waar je je best voor doet maar nooit weet hoe die aandacht uitpakt.

IMG_1153

Ik breng de Ford tot stilstand in de zijkant van de berm van het stofpad. Mijn vader heeft iets gezien.

IMG_1162Ik probeer me in zijn hoofd te verplaatsen en vraag me af wat hem het ‘stop hier eens even’ heeft doen uitspreken. Is het omdat hij hier eerder had willen stoppen, of omdat de vegetatie hem hoopvol stemt op het ontdekken van een nieuwe soort. Als een gecamoufleerde jager gaat mijn vader op jacht en verdwijnt in de natuur.

IMG_1150Ik blijf bij mijn vriend Ford en geef hem een vriendschappelijk schopje tegen zijn nieuwe Good Year. Het is juli 2017. Het is inderdaad een goed jaar.

 

COR KOMT ZO

19 sep

CORKOMTZO.001.jpeg

Meezingend met de muziek uit mijn hoofd begeleid door het piepen en kraken van mijn 38 jarige rij-instrument maak ik meters op het stofpad door de bergen. De andere veren die mijn rechtervoet verbinden met de dubbele carburateurs van de tweeliter luchtgekoelde boxermotor zorgen ervoor dat de bus en ik elkaar nog beter aanvoelen. Voor het eerst in de weken dat ik nu met de bus op pad ben geniet ik met volle teugen. Gretchen Ruben noemt geluk ‘je goed en slecht kunnen voelen maar voelen dat het klopt in een context van groei’. Dit klopt. Mijn droom om weer, net als in 2004, met het gezin naar Addo Ellephant Park te gaan mengt zich met de werkelijkheid en doen mijn mondhoeken nog verder opkrullen.

Eenmaal aangekomen in Montagu rijd ik naar Chris, de monteur die de achterremmen die ik bij Arno van Wijck, de man die de bus gereviseerd heeft, heb gekocht, gaat maken en oliefilter en olie zal vervangen. Voor de laatste keer hoor ik de achtertrommels schrapen, het geluid van ijzer op ijzer. Chris is zichtbaar verbaasd als ik hem de nieuwe remschoenen en cilinders laat zien. Het oliefilter en de 5 liter Shell HEX 3 motorolie maken duidelijk minder indruk op hem. Chris had me na het vaststellen dat de remmen echt vervangen moesten worden, iets dat me gezien het geluid en gevoel dat de remmen maakten me niet verbaasd had, namelijk verteld dat de desbetreffende onderdelen niet meer te krijgen waren. Gelukkig kende Chris een bedrijf die de oude remschoenen kon voorzien van een nieuwe remlaag, iets wat nu dus niet meer nodig was. De verbazing op Chris’s gezicht was, achteraf gezien, wellicht teleurstelling. Een financiële tegenvaller. Hij kon nu namelijk niet verdienen op het materiaal. Ik kende Chris niet goed genoeg om het verschil tussen verbazing en teleurstelling te kunnen onderscheiden. Chris had duidelijk minder moeite met mijn gelaatsuitdrukking en beantwoorde mijn ’trots en blij’ gezicht met een volle lach. Ik vertelde hem dat ik met mijn vader een paar dagen naar Vanrhynsdorp zou gaan om daar een film te gaan schieten en donderdag weer terug zou zijn, precies een week later. “Alles sal reg kom”, dacht ik nu zelf. Ik stapte de garage uit met een goed gevoel.

Ik kijk nog een keer om. Zoals altijd als ik afscheid moeten nemen van de bus. Al was het maar even. Net als dat je je geliefde nog even nazwaait die daar in de deuropening met een lieve glimlach het verlangen naar het samenkomen de tijdelijke scheiding doet verzachten.

Dag bus. Cor komt zo. Over een week.

IMG_1007

Rollin Blues

13 sep

rollingblues.001

Mijn vorige post sloot ik af met:

“Als kwaliteit de reactie van een organisme op zijn omgeving is, wordt deze kwaliteit bepaald door de koppeling van de Kennis van het organisme (wat ie weet X wat ie kan X wat ie wil X wat ie gedaan heeft) aan waar hij in gelooft.”

Maar het lijkt me beter om het als vraag te formuleren:

“Als kwaliteit de reactie van een organisme op zijn omgeving is. Wordt deze kwaliteit dan bepaald door de resultante van de Kennis van het organisme (wat ie weet X wat ie kan X wat ie wil X wat ie gedaan heeft) en zijn  Geloof?

Oftewel:

Kwaliteit = Kennis x Geloof

Als ik dit vertaal naar mijn ervaring met mijn T2 uit 1979 in Zuid Afrika dan zou dat betekenen dat de kwaliteit van de ervaring mijn reactie op de bus is. Hierbij zit ik in de  omgeving. Dat maakt rijden in een auto misschien ook wel zo bijzonder. De kwaliteit van een tafel wordt bepaald door mijn reactie op de tafel. De tafel en ik bevinden zich allebei in een kamer. Deze kamer is mede bepalend voor mijn reactie op de tafel. Bij de bus zit ik in de tafel….zeg maar. Min of meer afgesloten van de omgeving buiten.

Hoewel…….dat is natuurlijk niet waar. Want hoewel ik in de bus zit zie, hoor, ruik en voel ik de omgeving natuurlijk wel maar wel met de bus als ‘filter’. Dat filter is er niet bij de tafel in de kamer. Daar bevinden de tafel en ik ons allebei IN de kamer. Rijdend in de bus in Zuid Afrika bevind ik mij IN de bus IN Zuid Afrika.

Zo denkend en schrijvend begrijp ik ook beter het verschil tussen auto en motorrijden. Je verplaatsend in tijd en ruimte zittende op de motor IN de omgeving met helm, pak en handschoenen als ‘carrosserie’, als filter. In de bus zit ik in de helm.

Ik ben weer ingestapt en vervolg mijn weg naar Montagu waar Frans en Liesbeth wonen en waar ik de remmen van de bus, oliefilter en olie zal laten vervangen bij Chris. Het is donderdag. Ik bel mijn vader om zeker te weten of de afslag die ik genomen heb de juiste is. Ik zit goed en rijd dezelfde weg als een week geleden. Nu zonder mijn vader.

Als ik muziek op zou zetten zou het The Stones zijn. The Rolling Stones om precies te zijn.

Ik maak even in iMovie een filmpje en neem jullie mee. Als je mee wilt althans. Even met mij mee in de bus. Stap je in? Wacht even. Doe ik even de linkerportier open. Ja dat klopt. Het stuur ziet rechts. Ga maar zitten.

“Can’t you hear me knocking on your window?”

Het is Zuid Afrika zeker.

Ik roll verder richting Montagu. De stenen kloppen tegen de onderkant.

Gelukkig niet tegen het raam.