Tag Archives: barrydale

CAREL &COr

21 okt

carelco.001

De terugweg naar Montagu vanuit Hermanus is er een zonder technische problemen. Ik heb een snelheid gevonden waarbij motor en carrosserie een soort tegengeluid produceren zodat het getik onhoorbaar wordt. Ik weet dat het er nog is maar ik heb het auditief weggemoffeld. Als een koffievlek op je nieuwe broek waar je op het moment even niets aan kunt doen en er dus je hand maar oplegt zodat ie niet meer zichtbaar is. Met de hoopvolle onrealistische gedachte dat als je straks je hand weghaalt de vlek weg is. Ik lijk Tommy Cooper wel. Weer een truc mislukt.

De laatste haakse bocht naar links, Swanepoelstreet in Montagu.

Tik, tik, tik, tik……de vlek zit er nog.

Tik, tik, tik, tik, tik, tik…..een vierwielige tijdbom die elke moment kan ontploffen.

Het is zaterdag en laat de bus even voor wat ie is. Ik gedraag me als een kat die zijn baasje negeert nadat ie een paar dagen weg geweest is. De metafoor geeft al aan wie hier de baas is. De rollen lijken omgedraaid. De bus is er niet voor mij, ik ben er voor de bus. Ik lijk wel getikt.

In de avond hoor ik mijn vader met zijn zus (tante Lien) in Nederland Skypen en vraag of ik straks haar man, oom Carel, kan spreken. Met oom Carel heb ik een bijzondere band, een klik. Hij houd net als ik van techniek met een groot verschil dat hij handig is. Echt handig. Hij heeft een achtergrond in de autotechniek en maakte op een gegeven moment een switch richting schade expert. Maar voor die tijd kocht hij in zijn vrije tijd Volkswagen motorblokken en repareerde die in het onderhuis in de Transvaalstraat in Dordrecht. Hij vertelde me dat hij daar een opstelling had gemaakt waar hij de gereviseerde blokken kon testen, lees laten lopen. Met een startmotor op een werkbank startte hij de motor en vulde het onderhuis zich met de uitlaatgassen van het luchtgekoelde motorblok. Niet helemaal Arbo proof vermoed ik zo en ook mijn tante een verdieping hoger zal er zo haar bedenkingen bij gehad hebben. Zeker toen die keer dat de andere zus van mijn vader (tante Nel) bij tante Lien in de woonkamer voor haar wekelijkse kapbeurt onder de droogkap zat en de uitlaatgassen haar neusgaten binnendrongen denkende dat haar haar in de fik stond. Oom Carel was zich van geen kwaad bewust en gaf nog een keer gas waarop tante Nel onder haar droogkap vandaan sprong om tot de conclusie te komen dat het niet haar haar was maar de uitlaatgassen van een gereviseerd 1200 cc Volkswagenblok die zichtbaar tussen de naden van de houten vloer de huiskamer binnendrongen.

Ik weet niet of tante Nel daarna ooit nog onder de droogkap in de Transvaalstraat heeft gezeten. Of dat oom Carel zijn lucratieve VW revisie handel nog heeft voortgezet. Er gebeuren soms vreemde dingen in een familie. Mijn tante Nel is inmiddels in de tachtig. Haar haar zit nog steeds keurig. En mijn oom Carel? Die woont in een mooi huis in Haamstede zonder onderhuis met een verbouwde garage waarin geen auto past maar wel een gereviseerde Wurlitzer. Die produceert hele andere geluiden dan VW blokken. Geluiden die tante Lien ook kan waarderen.

Mijn Skypeconsult met oom Carel bevestigt mijn vermoeden. De linker aandrijfas. Ik duik onder de bus en bekijk de door Andreno vernieuwde aandrijfassen. Ik beweeg ze om te kijken of ze speling hebben en knijp in de rubberen hoezen waarop bij het linker wiel lucht hoorbaar uit de hoes komt. Die is lek. Online zoek ik een instructiefilmpje voor het vervangen van de homokineet, het deel van de aandrijfas dat de as met versnellingsbak en wiel verbindt. Daar leer ik dat de rubber hoes gevuld wordt met vet. Veel vet. Met een lek rubber loopt dat eruit, denk ik zo. Ik besluit maandag vroeg naar Chris te rijden en hem mijn diagnose voor te leggen. Hij bevestigt mijn diagnose en ondanks dat daarmee het euvel nog niet verholpen is voelt dat als een technische doorbraak. In de toekomst kan ik een dit tikkende geluid verklaren. Maken is nog even een stap te ver. Ook voor Chris. Die heeft geen tijd maar geeft me het nummer van een specialist in Worchester. Ik bel hem op en vraag of hij het onderdeel en tijd heeft. Een dubbel Ja doen NoaH en ik in de bus springen om er om 12.10 weer uit te springen. Vier uur later parkeren we zonder getik de bus weer in Montagu.

Bedankt oom Carel, Chris, aandrijfasspecialist in Worchester, Google en Youtube.

De bus klinkt als een klok.

Zonder getik.

Far Far away.

19 okt

farfaraway.001

We laten ons niet gek maken en besluiten het getik van de motor in de gaten te houden en verder te rijden. Als het erger wordt maken we nieuwe plannen. We vervolgen onze weg en starend langs de kustweg houd ik de bus op koers als een zeilschip op volle woeste zee. De harde wind duwt als de pestkop van de klas met onregelmatige intervals de bus naar rechts en dan weer naar links. Het harde werken leidt af van het getik. Langzaam verstijven mijn nekspieren en schouders. Is het van de stress? Van mijn vrouw leerde ik dat er drie soorten stress zijn; emotioneel, lichamelijke en chemische. Ik denk dat ik inmiddels tegen een overdosis stress aanzit met te hoge levels op alle drie de niveaus. Schelpen zoeken met de wind in de haren en de zoute zeelucht in de neus lijkt de beste en dichtstbijzijnde behandeling. Ik neem de afslag richting de oceaan en parkeer de bus op een prachtige plek met uitzicht op de schuimkoppende branding.

IMG_2198.JPG

Tamara en NoaH springen als twee veel te lang in de auto gezeten hebbende puppies de bus uit en spoeden zich richting Schelpenparadijs. De bus houdt mij nog als vastgenageld op de bruine nepleren stoel en ik sluit mijn ogen en focus op mijn ademhaling. Met mijn ogen dicht hoor ik de wind beter en langzaam vult de bus zich met zilte zeelucht die zich mengt met de geur van benzine en biltong. Mijn machinekamer komt langzaam bijna tot stilstand en als ik mijn ogen weer open doe kost het me moeite Tamara en NoaH te ontdekken op het strand tussen de rotsblokken. Ik ontdek Tamara als eerste. Gecamoufleerd tegen de met zeewier bedekte rots zit ze gehurkt haar vondst te inspecteren. NoaH is nergens te zien.

Ik besef me dat de bus het middel is om híer te komen en problemen pas problemen zijn als het problemen zijn.

Achter de wolken schijnt de zon.

IMG_2202

NoaH is als eerste boven en terug bij de bus. Tamara vult haar schatkist nog tot de rand.

“Is het nog ver naar Montagu?” vraagt NoaH.

Far far away. Zo’n 150 kilometer.

GetikT

18 okt

getikt.001

Na twintig lange minuten komt NoaH met de kleine beveiliger in het grote pak in zijn schaduw richting de bus lopen. De uitdrukking op het vriendelijke gezicht van de beveiliger interpreteer ik als ‘alsjeblieft, hier heb je je puppie terug’. Ik vraag hem of hij wat water en wat fruit wil, wat hij dankbaar in ontvangst neemt. We nemen afscheid van hem en ik schaam me dat ik zo achterdochtig ben geweest. De overval heeft mijn vertrouwen in de medemens geen goed gedaan. Daarentegen is het vertrouwen in de bus groter dan ooit. Zonder problemen start ik de bus. Tamara naast me en NoaH in het midden op de voorste achterbank. In de binnenspiegel zie ik zijn nieuwe shirt pas goed. De drie Adidas strepen van zijn nieuwe shirt zitten er op genaaid. Mooi. Ik vertel NoaH het verhaal van de campagne van Adidas waarbij je als fan je naam op het shirt van de captain van de All blacks kon zetten. Online kon je je naam invoeren die vervolgens met nanotechnologie op een draad werden gelaserd waarmee het shirt van de captain werd gemaakt. Impossible is nothing. Wat een geweldige campagne was dat van Adidas.

We rijden met een 38 jarige watergekoelde Duitse Volkswagenbus het vliegveld van Kaapstad uit. Voor het eerst sinds jaren weer met zijn drieën. Volgende week met zijn vieren. Impossible is nothing.

Door het slechte weer besluiten we niet naar de A-frames in Tietiesbaai te gaan maar richting Hermanus om walvissen te spotten.

aframestieitiesbaai

De eerste keer dat we met de bus in Hermanus waren was dat met zijn vijven. In 2004. We hadden Tamara’s moeder opgehaald op het vliegveld en waren direct langs de kust doorgereden naar Hermanus. Ik parkeerde de bus, we stapten uit en liepen de hoek om waardoor we direct zicht op de oceaan hadden. En alsof het afgesproken was sprong er een walvis dichtbij de kust uit het water om met een geweldige plons weer op het water en in het water te verdwijnen. Het was de enige die dag. Nu waren we minder fortuinlijk. In het uit de rotsen gehouwen restaurant met uitzicht over de oceaan turen we om en om door de verrekijker. Ik kan uren turen. Dieren spotten is een vreemd fenomeen. De kans dat je een wild dier ziet bundelt ieder zintuig en brengt me in een meditatieve focus. De geur van mijn burger brengt me terug in het nu. Ik vraag NoaH de hoeveelste burger dit deze vakantie is. Ik vermoed dat het er meer zijn dan de dagen dat hij hier is. Hij ziet me denken en lacht zonder antwoord te geven. “Een Leeuw heeft vlees nodig.” zegt hij. Ik lach. Volgende week wordt hij 21. Kleine leeuwtjes worden groot.

We lopen terug naar de bus en rijden Hermanus uit. Ik twijfel of ik bij de benzinepomp ga tanken en schudt deze twijfel nee schuddend weg. Natuurlijk ga ik tanken. Wie weet wanneer de volgende pomp komt. Ik stap uit, geef de tankdopsleutel aan de pompbediende en check de bandenspanning. Ik peil de olie en controleer of de nieuwe bobine en de kabel goed vast zitten. Alles ziet er goed uit. Ik noteer het aantal liter en de kilometers; 1 ; 6,8

De stevige tegenwind hebben een negatieve invloed op het verbruik. Bedenk ik als reden. We zijn ook met meer mensen en spullen nu, vul ik in gedachten aan. Ik tel 350 (50 liter X (1 op 6)) bij de kilometerstand op en start de bus. Probleemloos. De kilometerapp op Tamara’s telefoon houd me aan de snelheid. Met de oude motor was het makkelijker; gewoon altijd vol gas. Met de nieuwe gereviseerde motor houd ik gas over en is de kilometerapp nauwkeuriger dan de zich als een heen en weer bewegende VU meter gedragende kilometerteller van de bus.

We naderen een kruispunt en sta als eerste stil. Ik trek op met de richtingaanwijzer naar rechts en geef gas. Ik hoor een nieuw geluid in de bus. Een getik. Ik vraag aan Tamara en NoaH of ze het ook horen. Ze horen het ook. Het lijkt harder als ik naar rechts stuur en gas geef. Ik vraag NoaH of hij op de achterste bank wil luisteren waar het geluid vandaan komt. Hij bevestigt wat ik dacht te horen. Linksachter.

We zijn inmiddels op een tweebaans weg beland tussen Hermanus en Gansbaai. Zo’n eindeloos lange rechte weg die kilometers door het glooiende landschap snijdt. Het is grauw en grijs. Het waait hard. Ik zet de bus langs de kant. Ik zie ze niet vliegen maar word wel getikt. Is het een lager? Kunnen we verder?

 

MOTHERFUCKKKKKKKKKKERSSSSSST

17 okt

motherfuckerssssssst.001

Vandaag om 13.00 halen Tamara en ik NoaH op op het vliegveld van Kaapstad. Daar levert hij de huurauto in waarmee hij de afgelopen 9 dagen samen met zijn vriend Brent de Westkaap heeft verkend. Onderweg stop ik voor de derde keer deze maand bij het grote winderige Shell station net buiten Worchester net voor de Huguenottunnel en laat de bus voor de derde keer deze maand “vol asseblief” gooien. Ik noteer het aantal getankte liters en zet bovenaan de streep het aantal gereden kilometers: 1:7,2

Dit zijn van die momenten dat ik me afvraag of ik de bus nu wel of niet naar Nederland mee zal nemen. Toeren in Europa is dan een stuk veiliger maar een grotere aanslag op mijn portemonnee. Nederland is trouwens het duurst met € 1,62. Volgens de ANWB kan ik het best, qua benzineprijs naar Rusland; € 0,58. Ik weet niet of dat nu zo’n goed idee is. Met een Baby Blauwe Flower Power bus door Rusland toeren.

Misschien moet ik de bus toch maar hier laten. Hij heeft genoeg signalen afgegeven dat hij het Afrikaanse continent niet wil verlaten.

We naderen afslag 16 op de N2 en ik voel me een beetje zoals die ene keer dat ik Brainball speelde. Brainball is een spel dat je met zijn tweeën speelt, zittend tegenover elkaar met allebei een hoofdband om die meet hoe relaxed je bent. Het spel begint met het balletje precies in het midden dat van je af beweegt als je relaxter bent dan de ander. Degene die het meest relaxed is wint. Ben je minder relaxed dan de ander, komt het balletje op je af en moet je proberen meer te relaxen, wetende dat als je dat niet doet, je verliest.

Nu zat ik in de bus keihard te proberen relaxed te zijn terwijl ik afslag 16 dichterbij zag komen. Ik minder vaart en draai links de afslag op. In de bocht zeg ik “hier stond NoaH” en 60 meter verderop “en hier stond ik”. De neiging om mijn raam open te draaien, mijn middelvinger uit te steken en keihard MOTHERFUUUUUUUUUUUUUUCKERS te schreeuwen lach ik met een geforceerde glimlach weg en ik pak Tamara’s hand. “Ongelooflijk dat niemand gestopt is”, zegt ze.

Tien minuten later parkeert NoaH zijn huurdatsun naast de bus en omhelzen we elkaar langer dan normaal. Ik ben trots op mijn zoon. Hij is duidelijk blij ons weer te zien. In de familieomhelzing zie ik in mijn ooghoek een man in te groot pak aan komen lopen. Ik herken het GLS logo; een beveiliger. Staand naast NoaH is hij een kop kleiner en hij meldt ons dat we hier niet mogen parkeren. We leggen de situatie uit en hij biedt aan om met NoaH mee te rijden naar het huurauto inlever punt. Dat lijkt ons alle drie een prima idee. NoaH en de man lopen naar de huurauto en Tamara en ik terug richting bus. Onderweg bekruipt me een naar gevoel. Mijn zoon achter het stuur, die man in dat te grote pak, was het wel het echte GLS logo, wat als hij……..

Ik ren terug en open het linkerportier en vraag de man om zijn papieren. Met de vriendelijkste ogen beantwoordt hij mijn vraag met dat hij van de beveiliging is en hij wijst op het GLS logo. Ik kijk NoaH aan die naast de kleine beveiliger een reus lijkt in zijn nieuwe All Black Adidas T-shirt met zwarte strepen. NoaH knikt dat het OK is.

Het balletje is bijna bij me. Ik ga verliezen. Relax Cor.

Alles sal reg kom.

 

Diesel & Creme

16 okt

dieselcreme.001

Tussen Ashton en Montagu vindt groot onderhoud aan de weg plaats. De totale werkzaamheden gaan jaren duren. Het gevolg is dat de tweebaansweg tussen Montagu en Ashton kilometers lang tijdelijk eenbaans is. Daar wil je niet stilstaan. Als leek wordt mijn beperkte technische kennis aangevuld met nieuwe, door Daniel ontdekte, informatie. Een slechte bobinekabel is cruciaal voor een soepel lopende motor. Dat snap ik. Ik besluit op Daniel’s advies de kabel én bobine te vervangen. Eerst maar in Montagu geraken. Hortend en stotend en met het geluid van een duizendklapper komen we in Montagu aan. Het heerlijke brood van Oumeul verzacht de Volkswagen ellende. Een dag later vertrek ik vroeg naar Robertson en koop een nieuwe bobine en kabel en terug in Montagu vervang ik beide. De reparatie is eenvoudig maar voelt voor een leek als ik alsof ik voor het eerst zelfstandig een harttransplantatie doe onder het oog van dokter Barnard zelf. Zijn patient leefde slechts 18 dagen. Het is nu maandag 7 augustus. Als de bus het nog 18 dagen volhoudt ben ik tevreden. 23 augustus vertrek ik weer naar Nederland. Met of zonder bus.

Alle keren dat de bus problemen kreeg, waren na een uur, anderhalf uur rijden. Dus besluit ik een testrit te doen in de buurt van Montagu en vertrek dinsdag met Tamara en mijn vader richting Barrydale. Mijn Pa zetten we af op een plek waar hij op vetplanten gebied nog iets te ontdekken heeft. Tamara en ik rijden nog even door en spreken af bij ons favoriete tentje in Barrydale; Diesel & Creme.

dieselcremediesel-creme

Als de bus er weer mee zou stoppen zou hij geweldig goed passen in de entourage van Diesel &Creme. Maar de vervanging van zijn pacemaker en aorta hebben de bus duidelijk goed gedaan en zowel Tamara als ik zijn ervan overtuigd dat de bus beter rijdt en de bobine en kabel de oorzaak van alle ellende geweest moet zijn. De rekening van Arno van Wijck voor een nieuw contactslot blijft daarmee ongeopend en onbetaald in het dashboard kastje liggen. Na koffie en gebak vertrekken we weer richting Montagu en tank ik voor de zekerheid. ‘Tank ik’ in Zuid Afrika betekent dat je gewoon in je auto blijft zitten, je sleutel afgeeft en zegt “voll asseblief’. Met volle buikjes en een volle tank rijden we met laagstaande zon terug over de R62. De felle zon op de vuile en gekraste ruit belemmert elk zicht en ik moet denken aan de vijf wielrenners die verderop op de R62 in hun voorbereiding op de Cape Argus waren doodgereden door een vrachtwagen waarvan de chauffeur verblind was door de laagstaande zon. Ik stop en maak samen met Tamara de vooruit goed schoon. Nieuwe ruitenwissers zijn ook geen overbodige luxe. Misschien zelfs een nieuwe voorruit? Thuis in Montagu bevestigt ook mijn vader het slagen van de test. Ik probeer alle slechte ervaringen in mijn geheugen te wissen. Iedereen verdient een tweede kans. Of was het de derde? En wie geef ik die kans? Mezelf? De bus? Arno?

Morgen halen we NoaH op van het vliegveld in Kaapstad. Op de N2 afslag 16.

Vandaag ga ik vroeg naar bed.

%d bloggers liken dit: