Breekbaar bruikbaar. Dit is Design Thinking by Doing Verhaal nummer 753/1.111

6 mei

breekbaarbruikbaar753.001

Gisteren schreef ik wel maar publiceerde ik niet. Ik had namelijk een stuk ingekopieerd van een briljante reactie op het interne HKU artikel “De dynamiek van een maakmodel.” van Nirav Christophe. Ik wilde de briljante reactie graag met jullie delen maar omdat het om een tekst gaat die ik persoonlijk van de schrijver gemaild kreeg, leek het me niet meer dan normaal dat ik daarvoor zijn toestemming zou vragen. Helaas kreeg ik geen antwoord op mijn mail en drie telefoontjes dus hopelijk komt die goedkeuring nog een keer. Het is namelijk echt een heel goed stuk. Jaloers makend goed. Zo goed dat als ik het lees ik moet denken aan mijn opa. Hij was een niet onverdienstelijke Dordtse impressionist maar toen hij het werk van Van Gogh had gezien, schijnt hij gezegd te hebben dat hij wel kon stoppen met schilderen. Wat voegde hij nu nog toe.

Dat gevoel heb ik ook altijd als ik de teksten van de schrijver in kwestie lees. Ik heb nog overwogen om het gewoon te publiceren maar dat zou ook zo maar de reden kunnen zijn voor de schrijver om een eind van zijn leven te maken. En dat wil niet op mijn geweten hebben. Mocht degene dat overwegen dan verneem ik dat graag ruim van te voren zodat ik eea kan filmen. Een idee dat ik overhield aan een uitspraak van Andy Warhol toen hij te horen kreeg dat een van zijn vrienden zelfmoord had gepleegd door uit het raam te springen: “Gosh, why didn’t he call me, I could have filmed it.”

Andy Warhol is eigenlijk wel een heel mooi bruggetje naar waar ik vandaag over wil schrijven. De schrijver in kwestie kreeg namelijk ooit van mij een miniatuur Andy. Gewoon een kadootje. Deze miniatuur Andy staat ook op mijn bureau en helpt me af en toe als ik het echt niet meer weet. Ik vraag Andy dan: “Andy, wat zou jij doen?” Het resultaat is dan meestal dat ik dingen opblaas tot waanzinnige proporties of mijn camera neer en aanzet en maar kijk wat er gebeurt zoals vorige week toen een stokoude gebogen man door mijn beeld liep in Bilbao met het Guggenheim op de achtergrond. Niet gezien? Hier is ie.

Gisteren liep dus allemaal een beetje anders dan verwacht maar daarom niet minder succesvol want het stomme toeval wil dat ik werd geinterviewd door Norman Rosenthal, voormalig secretaris van The Royal Academy of Arts in Londen en onafhankelijk kunsthistoricus en curator. Ik kwam hem tegen in de boekwinkel van het Guggenheim in Bilbao waar ik met het boek van Gilda Williams “How to write about contemporary art.” in mijn handen stond. Het volledige interview houd ik voor de publicatie van mijn boek volgend jaar maar een vraag wil ik jullie toch niet onthouden:

NR

Is kunst een bruikbaar woord voor je? Ik bedoel, tot de Renaissance, noemen wij mensen die de meest bijzondere dingen maakten van waardevolle materialen kunstenaars maar zij zagen zichzelf als ambachtslieden, werkers net zoals de lokale bakker. Maar zij waren de bouwers van cathedralen, pyramiden en dingen als King Tut’s hoofd. Met dat in gedachte, vind je kunst een bruikbaar woord, een bruikbaar idee in je hoofd?

CN

Interessante vraag Norman. Van de week las ik met uitzicht op het Guggenheim en een glas witte wijn het geweldige boek “De architectuur van het geluk” uit van Alain de Botton. Ik maakte een foto want ik voelde dat het een bijzonder moment was. Een geweldig boek over schoonheid, geluk en architectuur en het mooiste gebouw wat ik ooit gezien heb. Het is het enige boek dat ik meenam op deze reis en gaf me het antwoord op je vraag. Dus je zou eigenlijk Alain moeten bedanken. In zijn boek haalt hij de Franse schrijver Stenhal aan. Die schrijft: “Schoonheid is de belofte van geluk.” Ik denk dat kunstenaars mooie dingen willen maken Omdat mooie dingen een belofte voor geluk zijn. Kunstenaars dagen zichzelf uit, worden geduwd door een onzichtbare hand. Kunstenaars willen meer Kennis, willen groeien. Mooie dingen maken die ‘kloppen’. Daar worden kunstenaars gelukkig van. Daarom schrijf ik, kijk ik om me heen en probeer mijn nieuwsgierigheid te verbeelden en te delen met de wereld. Waarom? Om de wereld een beetje mooier te maken. Dat vind ik kunst en dat is bruikbaar voor mij. Of moet ik zeggen breekbaar.

NR.

Breekbaar bruikbaar! Mooi Cor. Mooi.

CN

Dankje Norman

One Response to “Breekbaar bruikbaar. Dit is Design Thinking by Doing Verhaal nummer 753/1.111”

  1. nicolinezemering 8 mei 2015 at 3:39 PM #

    Beetje beperkte kijk op kunstenaars: dat ze mooie dingen willen maken. Het herinnert me aan mijn studie kunstgeschiedenis in Leiden eind 70-ger jaren. Je mocht van alles zeggen over kunst maar niet dat het “mooi” was. Dat was overigens wel de reden dat ik het was gaan studeren: Dat ik kunst vaak zo mooi vond en ontroerend. Verwarrend vond ik dat. Verwarring zaaien is een heel belangrijke bijdrage van kunst en kunstenaars aan het bestaan van ons gewone stervelingen: kunstenaars kunnen je zo geweldig in verwarring brengen dat je soms anders een museum uitkomt dan je er naar binnen ging. Of een theater. Of een……etc.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: